Vierde ‘Indische Letteren-lezing’, 25 september 2020
Olf Praamstra, emeritus hoogleraar ‘Koloniale en postkoloniale letterkunde’ Universiteit Leiden Een rusteloos leven na de dood. Pieter Erberveld in Indië, Japan, Indonesië en Zuid-Afrika.
Op een muur in Batavia stond vanaf 1722 een afschrikwekkende tekst over Pieter Erberveld, die daar gewoond had, met daarboven een met een pijl doorboord hoofd, al even afschrikwekkend.
Lange tijd werd alleen het verhaal van Valentijn – die het had vernomen van een vriend – voor waar aangenomen: De mesties Erberveld, bekeerd tot de Islam, leidde een samenzwering samen met 16 Inlanders om alle Christenen om te brengen. Met hulp van imams zouden wel 17.000 Inlanders op de been kunnen worden gebracht. Het werd ontdekt en samen met de Javaan Cartadria werd hij gruwelijk gemarteld en gefolterd. Zijn huis werd gesloopt en daar mocht nooit meer worden gebouwd.
In 1840 was er het verhaal van Ritter, die er wat aan toevoegde: o.a. dat Erberveld een Islamitische Staat wilde vestigen en dat zijn slaaf de (afgeluisterde) plannen aan de Gouverneur zou hebben doorgebriefd.
In de archieven van de VOC kan geen bewijs worden gevonden: Erberveld werd opgepakt op basis van geruchten en bekende op de pijnbank! Gouverneur-Generaal Hendrick Zwaardecroon (in het toch al graaiende wereldje bekend als zeer grote graaier) zou een stuk land van Erberveld willen verkrijgen dat hij echter niet van Erberveld mocht kopen. Hij verspreidde de geruchten en Erberveld was geen landverrader. Het verhaal van Ritter bleef echter overeind.
In 1889 verscheen het verhaal in het Maleis, alsook in 1924 van de hand van Tio Ie Soei op basis van het verhaal van Ritter. De nadruk verschoof naar het opstandige tegenover het koloniale gezag. Juist in die tijd kwam ook het Indonesisch nationalisme op.
Nadien werd dit verhaal ook in Japan verspreid door toedoen van de grote groep Japanse expats in Nederlands-Indië. Passend in het antiwesters gezinde Japan waar een Pan Aziatische ideologie groeide. Tijdens de Japanse bezetting was respect voor Erberveld kennelijk vergeten.
Ook zijn gedenkteken viel ten prooi aan de opdracht om alle sporen van de Nederlandse koloniale tijd – ook de monumenten – te verwijderen!
Na de Onafhankelijkheid plaatste de Indonesische Regering (Suharto) in 1970 een replica van het monument. Op basis van het verhaal van Tio Ie Soei bracht Erberveld het bijna tot de status van Nationale Held! In 1986 moest de replica toch verdwijnen, oh ironie, ten behoeve van de bouw (dus toch!) van een Toyota vestiging! Het werd verplaatst naar de erebegraafplaats Tanah Abang.
De Zuid-Afrikaanse scheepsarts Leipoldt raakte begin 20ste eeuw geïnteresseerd in het verhaal na lezing in een boek van de Brit Barrington uit 1864 (het verhaal van Ritter).
Vreemd genoeg ging hij ervan uit dat Indo-Europeanen niet gelijkgesteld waren aan de volbloed Nederlanders. Dat was voor hen met een Nederlands paspoort (door de Nederlandse vader erkend of geadopteerd) echter wel degelijk het geval. Mogelijk had hij tijdens zijn reizen gezien dat in de praktijk van enige achterstelling sprake was.
Hij veronderstelde dat Erberveld daarom in opstand was gekomen en vond dat ook in Zuid-Afrika de kleurlingen gelijkgesteld zouden moeten worden.
In zijn boek uit 1932 liet hij echter 3 hoofdstukken uit het manuscript weg, hij durfde het niet aan.
In 1980, op het hoogtepunt van de Apartheidspolitiek, was er een hoorspel op de radio. Ook daarin werd het te beladen geachte thema versluierd.
Elsa Joubert liet in 1997 een reisverhaal verschijnen (Gordel van Smarag) waarin zij stelde dat Leipoldt in ieder geval geen Multatuli was.
Voor Praamstra is het opmerkelijk dat deze in Nederland vergeten geschiedenis zo rond kon gaan in verschillende culturen met een grotere of kleinere Nederlandse inslag.
Een voorbeeld van het verbinden van deze culturen dat niet vergeten mag worden