
door Peter van den Broek.
De film “Jaar 2602” is op de ondertiteling van het affiche aangekondigd als ‘kinderverhalen uit het jappenkamp’en is eigenlijk verkeerd want het zijn verhalen van vnl totoks, die hun kindertijd verhalen uit de jappenkampen. Het wordt zonder dat de filmakers het zelf bemerken, een weinig doordachte film door de koloniale bril gezien, de totoks, de heersende klasse, mogen hun zegje doen en verder niets.
De volgende vraag wordt handig in de reactie van de Stichting die de film heeft uitgebracht, omzeild maar is wel cruxiaal voor de discussie
Waarom werd er geen historisch beeld gegeven van de Indo-Europese Nederlanders, als Indokind in de kampen terwijl die wel als geinterviewden in de film voorkomen?.
De Stichting schrijft: “Vanwege de etnische indeling van de
Japanners was het overgrote deel Europese Nederlanders. Dus een Nederlandse ”minderheid” wordt daarom niet getoond. Ik vind dat wel een hele opmerkelijke en moderne opvatting van geschiedschrijving die volgens de stichting één is van de meerderheid, zij noemt dat de historisch context. Om het in Nederlandse verhoudingen te zeggen is de geschiedenis van Nederland in WOII te beschrijven en de Joden , als minderheid weg te laten. Het gaat mij niet om de vergelijking, maar op het punt dat een gedeelte van de geschiedenis wordt weggelaten.
Over de “overgrote” meerderheid en de etnische indeling van de Japanners het volgende. Naar de kampen gingen (de opsomming is niet volledig maar heeft op de meerderheid):
• Europese Nederlanders
• Militairen onafhankelijk van de kleur, zoals mijn Opa, indo en KNIL-militair, hij bleef in het kamp
• Hun gezin, zoals mijn moeder en haar 2 broertjes en haar zusje, daarentegen mocht mijn oma, Inlandse, kiezen binnen of buiten het kamp. Ze bleef bij haar kinderen.
• Indo-Europese Nederlanders met een lichte huidskleur, het schizofrene in families deed zich voor dat ene helft naar het kamp ging en de andere helft thuis bleef, voor de oorlog was het zaak zo licht mogelijk te zijn en tijdens de oorlog was het zaak zo donker mogelijk te zijn.
• Volwassen Europeanen ongeacht de huidskleur geraakten ook in de kamp, mijn vader (Indo) kreeg op een gegeven moment de leeftijd om naar zo’n kamp te gaan en is toen voor lange tijd ondergedoken. Zijn broer werd tewerk gesteld in Birma en heeft het geschonden overleeft.
Dus het etnisch beleid van de Japanners was wat willekeurig, maar beredeneerd en om dan te zeggen dat de overgrote meerderheid der Europese Nederlanders in de kampen geraakten, lijkt gezien het willekeurig toelatingsbeleid der Japanners niet onderbouwd, terwijl statistieken ontbreken, calculated guess zeker en zeer historisch.
Bovenstaande geeft alleen maar aan dat de Stichting noch de makers zich verdiept hebben in de geschiedenis van Nederlands Indie, er zijn toch genoeg boeken daarover gepubliceerd . Zij hebben willens en wetens gekozen om alleen de geschiedenis van de Europese Nederlanders, de heersende koloniale elite, te tonen.
Ik denk dat de stichting maar ook de makers bewust of onbewust een beeld van de kampen en impliciet van Nederlands Indie geven waar geen onderscheid werd gemaakt, het wordt door de koloniale bril gezien. Ik weet zelfs beter want mijn Oma of moeder zei dat de koloniale verhouding 1 op 1 werden overgebracht naar de kampen, de kampen waren een afspiegeling van de koloniale Indische maatschappij en dat lijkt me logisch, mensen veranderen niet zo snel hun gedrag, een anecdote het verhaal gaat rond dat de vrouw van de laatste GG niets kon of wilde in het kamp. Zij werd daarom bijgestaan door hofdames, dit is niet te filmen. Ik moet dat bij oude foto’s verifieren of bruin bij bruin en wit bij wit zaen in het kamp Ik vind het meer dan pijnlijk, cynisch dat die ervaren (sic) filmmakers, niet de moeite nemen om zich in de Ned.Indische geschiedenis te verdiepen, de film laat hierover geen diepe sporen achter en zich bewust of onbewust laten manipuleren, een beheerder van een pasfoto-automaat doet het beter.
Dan past ook de zinssnede “de krijgsgevangenenkampen alle etnische gradaties van Nederlanders”, daarover geen misverstand, je hoort ze knorren van zelfgenoegzaamheid. In het koloniale iddilische, welhaast racistisch plaatje te plaatsen.
Lees verder →