Nooit te oud voor de barricades

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

35 reacties op Nooit te oud voor de barricades

  1. Boeroeng zegt:

    Nooit te jong voor de barricades
    deel 1, deel 2 deel 3,

  2. ellen zegt:

    “Molukkers gaan naar de rechtbank met een kort geding.
    Wij als Maluku4Maluku zijn door blijven gaan, wij bestempelen het dossier als zijnde de “Chaos rondom de Backpay”! De staatssecretaris Martin van Rijn, en de ministerie VWS en Sociale Verzekeringsbank kennen onze namen. Beseffen dat wij niet zo maar de handdoek in de ring gooien, en gewoon door blijven strijden voor iedereen Indisch of Moluks. Daarom is de beslissing dat de aanvraagtermijn van de “Backpay” met een jaar is verlengd niet zo vreemd. Er is wel degelijk wat aan de hand binnen de afhandeling van de uitkeringsregel. Er is een budget voor elfhonderd personen, maar nog niet eens de helft zal het uitgekeerd krijgen. “Hoezo verloopt alles soepel?” Maluku4Maluku zal dan ook de Nederlandse Staat gaan ontmoeten in de rechtbank, want wij zijn in volle voorbereiding om in kort geding de “Backpay” aan te vechten. Wij zullen het gevecht ook aangaan voor onze ouderen op Maluku,”
    (Bron: Reawaruw Maluku4Maluku, november 2016)

  3. rob beckman lapre zegt:

    “Backpay”; ook een vorm van (decennia te laat!) “Verontschuldiging” t.a.v.hen die gedurende de oorlog in “het Oosterse deel van het Koninkrijk der Nederlanden” door de vijand of als ambtenaar of als(als beroeps/dienstplichtige/reservist)militair gevangen werden gezet.Daar horen(uiteraard,ZONDER VOORBEHOUD)onze Malukku broeders bij.Vandaag probeer ik in een grote krant een reaktie te plaatsen,hoe “de gemengdbloedigen”(Indo’s)in de 50’er jaren werden tegengewerkt naar Nederland te komen,zelfs AANGERADEN om maar Indonesier te worden(vooruitziende blik t.a.v.”backpay”?),zelfs “al kon men aantonen Nederlander te zijn”(letterlijke tekst uit “In Indie geworteld”).Hoe schril steekt dit af met het hedendaagse “U,verschoppelingen uit alle windstreken,bent WELKOM in het Koninkrijk der Nederlanden”.
    Dat de Indo(toen) ” door een andere bril” werd bezien,veroorzaakte (onderdrukte)” gevoelens van wrok en rancune jegens de NL Overheid,de bekompenheid en DENIGRERENDE houding van de NL bevolking”(letterlijk citaat “Het onbekende Vaderland”.pagina 92).Vermoed dat mijn reaktie in de krant vanwege het “chargerende karakter” zal worden geweigerd.

  4. rob beckman lapre zegt:

    Zoals ik al vermoedde, werd mijn “chargerende”reaktie in een grote NL krant geweigerd.Mogelijk was men oneens met de stelling “dat de “gemengd-bloedigen” werden tegengewerkt Patria(het land van hun voorouders)binnen te geraken”.De redactie was kennelijk van mening dat wij dankbaar moesten zijn naar NL te (mogen)komen.En dat terwijl het beruchte Rapport Werner sprak van(letterlijk citaat “Het onbekende vaderland”pagina 84) “De Oosterse Nederlander(Indo) weinig kansen zou hebben in Nederland,t.w.door hun AFKOMST,AARD(!),AANLEG,en MILIEU”
    Deze houding zou wel eens de grondslag kunnen zijn van de-al in een vroeg stadium (eind 50’er,begin 60’er jaren) uitgewerkt plan de “backpay-kwestie” af te wijzen (“het onbekende vaderland” pagina 87).Met verwijzing naar-te raadplegen- publikaties,kan “discriminatie t.a.v.de Oosterse Nederlanders”(sic!) bewezen worden.

    • rob beckman lapre zegt:

      Mooi stukje Peggy.Het “los de” Indische kwestie” op,sprak mij(ons) bijzonder aan.Helaas mevrouw, kost dat heel veel geld.Geld wat ons land binnenkort (opnieuw) aan de burocraten van “Brussel” moeten afdragen,want ons land deed het de laatste tijd toch zo goed”?.Als ik dan het 24/10/2014 artikel in de Financial Times “Why is Brussels demanding EU budget backpayments?” lees, waar deze tekst mij(u ook mevrouw?)verontruste ” The Netherlands will see their GNi rise…….and therefore will have another RISE in (…….)EU contributions”.En leg dat naast de(vele)honderden miljoenen (tax money)what voor het COA moet worden gereserveerd,en……”De Indische Kwestie” zal -tenzij ik mij,wantrouwig(geworden)Indo- of op de (erg)lange baan,of in de bekende (Staats)prullebak belanden.Mijn,n.m.m.ijzersterke (en te onderbouwen)motto “Don’t trust politicians”( or, you’ll get burned).

  5. rob beckman lapre zegt:

    Iemand bekend met deze tekst “Een dwaas is hij die zijn eigen geschiedenis versmaafdt”.Hoop u z.s.m.met tot nu toe onbekende(?)geschiedenis “niet blij te maken”.De reden; het blijkt-zonder dat iemand daar enig vermoeden van had-dat onze regering in ballingschap( in Londen)ook namens de Gouverneur-Generaal in Batavia,op 08/12/1941 de oorlog aan Japan verklaarde,en niet zoals wij meenden dat Japan ons de oorlog verklaarde.Japan had uitsluitend belangstelling in de olie,rubber,alluminium van Ned.Indie.Frankrijk speelde het slim,liet Japan Vietnam binnen in 1941,en het Franse koloniale leger en ambtenarenkorps functioneerde tot begin 1945.Niemand stierf in krijgsgevangenschap of in gevecht met Japan.Na de oorlog werd de Fransen,door de Geallieerden “alles vergeven”.Nu wil de regering dat “backpay”maar bij Indonesie wordt gehaald.Begrijpt iemand het?

    • bo keller zegt:

      ###Frankrijk speelde het slim,liet Japan Vietnam binnen in 1941,en het Franse koloniale leger en ambtenarenkorps functioneerde tot begin 1945.Niemand stierf in krijgsgevangenschap of in gevecht met Japan.####

      En daarna redden de Knil ex-krijgsgevangenen ettelijke
      Franse ingezeten van de Vietcong.
      Er zijn nu nog in leven zijnde ex militairen ,die voorheen
      door de Indische Archipel werden gesleept door Oom Nippon,
      tot in Frans -Indo China toe.
      Zo slim waren de Fransen toch niet !!
      siBo

  6. Jan A. Somers zegt:

    “dat onze regering in ballingschap ook namens de GG in Batavia de oorlog aan Japan verklaarde” Waar kan ik vinden dat die regering en die GG oorlog mochten verklaren? Waar kan ik vinden dat die oorlog is verklaard? En Frans Indo-China stond rechtstreeks onder de Vichy-regering. Collaboratie met Duitsland, vriend van Japan. Collaboratie zowel in het moederland, als in de kolonie.

    • Pierre de la Croix zegt:

      En in Điện Biên Phủ, hun laatste bolwerk, vochten ze tot de laatste Duitser.

      Pak Pierre

    • PLemon zegt:

      @Hr J.S.” Waar kan ik vinden dat die oorlog is verklaard”

      De postings hierover in de JavaPost maar even terughalen?

      *** Peter van den Broek zegt:
      10 december 2014 om 4:48 pm

      @ dhr J.A. Somers……..De Ned. gezant in Tokyo de Generaal Pabst kon de Nederlandse oorlogsverklaring pas op 10 december overhandigen aan de Japanse onderminister van Buitenlandse zaken – de Minister had in eerste instantie geweigerd hem te ontvangen omdat hij vond dat Japan in oorlog was met de VS en Engeland en niet met Nederland (of Ned. Indie) Dr L. de Jong deel 11a 2e helft p. 732.
      Dus van een Nederlandse oorlogsverklaring was wel degelijk sprake

      Jan A. Somers zegt:
      11 december 2014 om 11:58 am
      Vreemd, dat aan een Japans verhaal meer gewicht wordt toegekend dan aan een volkenrechtelijk Nederlandse correcte tekst. Laat maar lekker zitten. Heel lang geleden.
      enz enz.
      https://javapost.nl/2014/12/06/moed-beleid-en-trouw/

      • rob beckman lapre zegt:

        Correct; Japan verklaarde “wij zijn niet met Nederland(N.I.)in oorlog, alleen met Engeland en de VS…”Onbevestigd was deze verklaring(na de oorlog) van Japan ” Als de NL oorlogsverklaring (08/12/41)was uitgebleven,hadden de Japanse strijdkrachten Ned.indie niet aangevallen…..” (Japan was uitsluitend op de grondstoffen uit!).
        Terwijl de Koninksrijkregering(in ballingschap in Londen)namens “het oostelijk deel v/h Koninkrijk der Nederlanden”(lees Ned.Indie) de oorlog aan Japan verklaarde,was men NA de oorlog er snel bij om te verklaren “ga je gemiste soldij/salaris gedurende krijgsgevangenschap gemist maar bij de Republik Indonesia halen”.Hoop dat lezers begrijpen dat er hier sprake WAS,is en blijft van discriminatie van de totok en Indo ambtenaren en militairen van het KNILWaarom gebruikten onze advocaten niet deze informatie?

        • PLemon zegt:

          @Hr Beckmansingel “ga je gemiste soldij/salaris gedurende krijgsgevangenschap gemist maar bij de Republik Indonesia halen”.

          Aanbevolen ter info:

          *** Het recht op backpay werd door het gouvernement echter bestreden. Als argumentatie werd aangevoerd dat Indië in staatsrechtelijk opzicht financieel autonoom was. Dit gegeven was feitelijk juist: Indië was sinds 1864 financieel onafhankelijk, maar wel voor zover het moederland haar goedkeuring aan het financiële beleid verleende. Om uit deze impasse te komen, werd in 1946 een ‘backpay-commissie’ ingesteld die de kwestie diende te onderzoeken.
          Rehabilitatie-uitkering
          De commissie kon echter geen overeenstemming bereiken over de juridische vraag of er recht op backpay bestond en over de hoogte van een eventuele uitkering. Aangezien een groot deel van de bevolking in Nederlands-Indië steeds meer problemen kreeg om in de eerste levensbehoeften te kunnen voorzien, werd eind 1946 een pre-advies geformuleerd, dat na vele herzieningen in september 1947 als besluit werd vastgesteld. Dit ‘besluit inzake de initiële rehabilitatie-uitkering’ voorzag in een uitkering van minimaal drie en maximaal vijf maanden achterstallig loon of pensioen. Het bedrijfsleven werd eveneens verplicht tot een uitbetaling van maximaal vijf maanden achterstallig loon. De hoogte van deze eenmalige uitkering was afhankelijk van de grootte van de gezinssamenstelling. De uitkering diende niet gezien te worden als een betaling van niet-uitgekeerd salaris, maar als een rehabilitatie-bedrag waarmee alle oorlogsgetroffenen, ongeacht de landsaard, in staat werden geacht een nieuw bestaan op te bouwen op een niveau van de toen passende omstandigheden. De term backpay werd angstvallig vermeden. De regeling leidde tot veel verontwaardiging en onrust bij betrokkenen en de organisatiesdie hun belangen behartigden, zoals de Nederlands-Indische Bond van Ex-Krijgsgevangenen en Geïnterneerden(NIBEG) en de Indische Pensioenbond.

          In de jaren 1947-1949 vond een tripartiete-beraad plaats, dat moest leiden tot de definitieve afhandeling van het rehabilitatievraagstuk. Het beraad vond plaats tussen het Indische departement van Sociale Zaken, werkgevers en werknemers en belangenorganisaties. Een tussentijds akkoord in mei 1948 kreeg echter geen politieke goedkeuring. De uitgaven die voor de slotuitkering waren begroot, vormden een te grote last voor de Indische begroting en politiek Den Haag was niet bereid financieel tegemoet te komen. Het Indische ministerie van Financiën ging over tot verdere bezuinigingen op het voorstel. In februari 1949 werd de opzet van de slotrehabilitatie gepresenteerd. Afhankelijk van de gezinssamenstelling kregen overheidsdienaren een uitkering van vier tot twaalf maanden salaris, met een maximum van duizend gulden per maand. Particuliere werknemers in dienst bij het bedrijfsleven kregen – ook afhankelijk van de gezinssituatie – twee tot zes maanden salaris van hun werkgever. Pensioenvoorzieningen van werknemers uit het bedrijfsleven en zelfstandigen werden veiliggesteld. De regeling die werd gepresenteerd was al in de loop van de onderhandelingen uitgekleed. Echter, het feit dat gemaakte delegatieschulden ten tijde van de Japanse bezetting met de uitkering werden verrekend leidde er toe dat er netto alsnog weinig te besteden viel. De plannen brachten veel morele verontwaardiging en commotie teweeg.
          http://www.oorlogsgetroffenen.nl/thema/rechtsherstel/10_Backpay_kwestie

        • PLemon zegt:

          Typo @Htr Beckmansingel….. pardon ….autocorrect in de fout , natuurlijk
          @Hr Beckman Lapre

        • Jan A. Somers zegt:

          U bent wel de rechtszaken vergeten die aan die achterstallige salarissen zijn gewijd. En toen werd het (heel erg) stil.

      • Jan A. Somers zegt:

        “De Ned. gezant in Tokyo de Generaal Pabst kon de Nederlandse oorlogsverklaring pas op 10 december overhandigen” Dat de Nederlandse regering het land in staat van oorlog achtte. Zie ook IS 1925, art, 33, Ter handhaving van de uit- of inwendige veiligheid kan door of vanwege den Gouverneur-Generaal elk gedeelte van Nederlandsch-Indië in staat van oorlog of in staat van beleg worden verklaard. (…).
        “hadden de Japanse strijdkrachten Ned.indie niet aangevallen…..” (Japan was uitsluitend op de grondstoffen uit!).” Na Brits-Australisch-Nederlandse besprekingen in Singapore over het wederzijds gebruik van vliegvelden in geval van oorlog, vonden begin 1941 in Washington besprekingen plaats tussen de Verenigde Staten en Groot Brittannië over de te volgen strategie in een oorlog met Japan. Tegelijkertijd vonden in Batavia militaire stafbesprekingen plaats over wederzijdse hulp en dislocatie van de krijgsmachten, de Maleise barrière: de Engelsen in Straat Malakka en de Zuidchinese Zee, de Nederlanders in de Indische wateren en de Australiërs op Timor en in de Arafoerazee. Op 29 juli werd de militaire noodtoestand afgekondigd; op 1 augustus verzekerde het Britse ministerie van buitenlandse zaken Nederland van ondersteuning bij een Japanse aanval, waarna op 15 augustus de Nederlandse regering besloot deel te nemen aan een oorlog indien Engeland of Amerika zou worden aangevallen. Op 5 december 1941 stelde de Britse regering Nederland voor te komen tot een overeenkomst tot wederzijdse samenwerking in geval van oorlog. Is nu weer actueel m.b.t. de NAVO!
        In de Japanse plannen voor de Nanyo, de expansie in zuidelijk Azië, was er sprake van een blijvende bezetting en japanisering van Nederlands-Indië dat, bevrijd van het westerse kolonialisme, deel diende te nemen aan de Japanse oorlogsinspanning om de eindoverwinning mogelijk te maken. Dit hield in de levering van arbeid, landbouwproducten en mijnbouwproducten. Borneo, Celebes, de Molukken, Nieuw-Guinea en de Kleine Soenda-eilanden, onder bestuur van de Keizerlijke Marine, zouden direct bij het Japanse keizerrijk moeten worden ingelijfd; over de status van Java en Sumatra, bestuurd door het leger, zou binnen de Nieuwe Orde, de Gemeenschappelijke Welvaartssfeer in Groot-Oost-Azië, in een later stadium worden beslist. In afwachting van een definitieve verwijdering uit de Aziatische samenleving werden niet alleen de Nederlandse bestuursambtenaren en militairen geïnterneerd, maar werden ook Nederlandse burgers in kampen ondergebracht, als consequentie van de bevrijding van het westerse kolonialisme.

        • Jan A. Somers zegt:

          Aanvulling:
          Na het verklaren van de staat van beleg op 10 mei 1940 werd het Binnenlands Bestuur ook ingeschakeld bij specifieke defensietaken. Zo werden sinologisch/japanologisch geschoolde bestuursambtenaren ingezet bij de contraspionage.
          Het aan grondstoffen arme Japan dreef voor zijn militaire expansie bijna volledig op de import. Na de op 9 april 1937 met Nederland gesloten overeenkomst inzake de economische betrekkingen verzocht op 16 mei 1940 Japan om nieuwe handelsbesprekingen, herhaald op 20 mei op veel scherpere toon. Op 12 september arriveerde een Japanse handelsdelegatie onder Kobayashi in Batavia voor onderhandelingen over leveranties van voor de oorlog belangrijke grondstoffen aan Japan. Aan de Indische kant werden de onderhandelingen op bekwame manier geleid door Van Mook.Ten behoeve van de 4000 Japanse vissers met 500 schepen (meest illegaal) in Indië zouden 65 visserijstations moeten worden opgericht; deze vissers werden echter beschouwd als spionnen gezien hun activiteiten nabij strategisch belangrijke punten. De Japanners wensten ook de oprichting van exclusief Japanse landbouw-, bosbouw- en mijnbouwmaatschappijen. Yoshizawa, vanaf 28 december leider van de Japanse onderhandelingsdelegatie, stelde op 16 januari 1941 bovendien de eis dat Nederlands-Indië zich zou aansluiten bij de gemeenschappelijke welvaartssfeer van Oost-Azië onder Japanse leiding. Japanse militairen die met de handelsmissie waren meegekomen zwermden over Java uit en bezochten kustplaatsen waar naderhand landingen zouden plaatsvinden. Zij hadden een diplomatieke status zodat nauwelijks tegen deze agenten kon worden opgetreden. Op 17 juni werden de onderhandelingen afgebroken en op 27 juni keerde Yoshizawa naar Japan terug. Op 25 juli verwierp Japan het daags tevoren door president Roosevelt van de Verenigde Staten gedane voorstel Indo-China te neutraliseren, waarop op 26 juli de Verenigde Staten de handel met Japan stil legde, hierin op 29 juli gevolgd door Nederlands-Indië. Tevens werden de Japanse saldi in Indië geblokkeerd. Zeker driekwart van de Japanse buitenlandse handel kwam stil te liggen waaronder vijf miljoen ton aardolie(producten), voor een groot deel afkomstig uit Indië. Tegelijkertijd werd in Indië de militaire noodtoestand uitgeroepen. Op 6 september 1941 besloot de Japanse Kroonraad tot oorlog met de Verenigde Staten, Nederlands-Indië en Groot-Brittannië indien de onderhandelingen vóór 10 oktober niet naar tevredenheid van Japan zouden zijn afgerond, een datum die naderhand werd verschoven naar 25 november. Op 19 november 1941 begonnen Nomara en Koeroesoe namens Japan nieuwe besprekingen met de Verenigde Staten waarbij Amerika de ontruiming van Frans Indo-China en de door Japan bezette delen van China eiste. Inmiddels waren Japanse vlooteenheden al uitgevaren, op weg naar een ontmoetingspunt nabij de Koerillen en op 29 november besloot in Tokio een conferentie van ministers en militaire bevelhebbers tot oorlog. Op 8 december 1941 (7 december in Nederland) vonden de Japanse luchtaanval op Pearl Harbor en troepenlandingen op de landengte van Kra (Siam) en bij Kotabaroe in Malakka plaats.
          Daarnaast had ook de Gouvernements Marine met het Japanse opdringen te maken. Vanaf 1930 moesten personen die bij de GM in dienst traden een (vrijwillige!?!?) verklaring afleggen waarin zij zich verbonden in oorlogstijd militaire diensten te verrichten. Vijf schepen werden aangewezen deel te nemen aan oefeningen van de KM, en in 1933 en 1934 werden voor de GM-officieren militarisatiecursussen gegeven. Halverwege de jaren dertig werd de GM steeds meer belast met militaire zaken: een mijnenlegger, groepen mijnenvegers, politiekruisers die oorspronkelijk waren bedoeld voor de bestrijding van smokkel, maar vooral werden ingezet voor de bewaking van de noordkust van Nieuw-Guinea waar veel Japanse vissers(?)boten infiltreerden.
          Met het uitbreken van de oorlog in Europa op 1 september 1939 werd de Gouvernements Marine gemilitariseerd. De dienst kwam onder bevel van de commandant der zeemacht, de schepen, nu met voorvoegsel Hr.Ms., werden in de marinegrijze kleur geschilderd en de rangen van het personeel gelijk getrokken met die van de Koninklijke Marine. Mijn vader, Gezaghebber Gouvernements Marine, werd van de ene dag op de andere luitenant-ter-zee der eerste klasse. Met een pistool, waar hij niet zo gelukkig mee was.
          De snelle Japanse vissers (?) waren moeilijk te grijpen. Feitelijk waren alleen beide snelle opiumjagers Valk en Arend bruikbaar, wel weinig voor een zeegebied zo groot als Europa. Zij kregen een watervliegtuig aan boord voor patrouillediensten tot in de verste uithoeken. Een hele klus dat op/aftakelen van die vliegtuigen. Daarnaast fungeerden GM-schepen als moederschip voor vliegboten in afgelegen delen van de archipel waar het niet mogelijk was een basis aan te leggen. Vanwege de overgang van communicatie via zeekabels naar draadloze verbindingen kon de kabellegger Zuiderkruis (met mijn vader als gezaghebber) worden omgebouwd tot bevoorradingsschip voor onderzeeboten en Dornier vliegboten. Zij kreeg ook snelle motortorpedoboten (ontdaan van hun lanceerinstallaties) aan boord voor de jacht op Japanse vissers(?) die steeds vaker illegaal in de Indische wateren verschenen. Ook kreeg de Zuiderkruis, net als de Arend en de Valk een sinologisch/japanologisch geschoolde ambtenaar aan boord.
          N.B. De titels voor de gemilitariseerde GM-ambtenaren waren slechts titulair. Bij de demilitarisatie van de GM, gelijktijdig met de capitulatie ven het KNIL, werden het weer gewone Indisch ambtenaren, die zoals u weet nog steeds op hun salaris zitten (meest liggen) te wachten.

        • Anoniem zegt:

          Dank voor deze interessante bijdragen, meneer Somers.

          Pak Pierre

  7. bo keller zegt:

    Tsja, ook werd door het knil een wapenshow gehouden
    voor deze Japanse delegatie.
    Waarbij de eerst lopende/rijdende afdelingen zich
    weer achter de laatste troepen aansloten.
    Zodat voor de toeschouwers het Knil verdubbeld leek.
    siBo

  8. rob beckman lapre zegt:

    De zin “Indie sinds 1864 financieel onafhankelijk,maar wel voorzover het moederland haar goedkeuring aan het financiele beleid verleende….” houdt- m.i.- in zich de mogelijkheid dat de NL regering in ballingschap “goedkeuring verleende” fondsen (tonnen goud afkomstig van b.v.de Javasche Bank,in opslag bij de US Federal Reserve)vrij te maken om de betaling van het nieuwe KNIL bataljon (zomer 1944)in Australie mogelijk te maken.Gelijktijdig maakte (kennelijk)de regering in ballingschap GEEN fondsen vrij voor de geinterneerde N.I.ambtenaren en KNIL krijgsgevangenen, en verwees hen na 08/1945 naar de R.I. Hoe noemen juristen dit?

  9. RLMertens zegt:

    Oorlogen, met oorlogsverklaring(!), worden alleen tussen soevereine(!) staten gevoerd, zegt men. – Was Japan toen in oorlog met Nederlands Indië of met Nederland?
    – Was de Republiek in opstand tegen Nederlands Indië of tegen Nederland?

    • P.Lemon zegt:

      Hr Mertens, de vraag stellen is tevens die beantwoorden…

      ***Nederlands-Indië was krachtens de Nederlandse Grondwet een “autonoom georganiseerde rechtsgemeenschap”, waarbij het hoogste gezag was toegekend aan de Kroon en de Staten-Generaal, waarbij de Kroon het opperbestuur en beiden gezamenlijk de opperwetgeving voor Nederlands-Indië uitoefenden.

      https://nl.wikipedia.org/wiki/Gouverneur-generaal_van_Nederlands-Indi%C3%AB

      • Pierre de la Croix zegt:

        Dus in moderne bedrijfstaal “een BV onder volledig voogdijschap van het moederbedrijf”. Gaat de BV over de kop, dan blijft het moederbedrijf overeind terwijl het niet aansprakelijk is voor de schulden van de BV, dus ook niet voor de schulden aan het personeel van de BV, bij voorbeeld in de vorm van niet uitbetaald loon. Iedere tegemoetkoming aan het personeel van de BV door het moederbedrijf is “ex gratia”. Een gunst, geen recht.

        Pak Pierre

        • Surya Atmadja zegt:

          Pierre de la Croix zegt:
          29 december 2016 om 11:48
          Dus in moderne bedrijfstaal “een BV onder volledig voogdijschap van het moederbedrijf”.
          ====================================
          VOC is ook een soort BUMN(Indonesisch voor Badan Usaha Milik Negara) , toen VOC failliet ging in 1799 werd de bezittingen overgenomen door Nederland .
          Een wingewest met bijna onmetelijke rijkdomme aan , grondstoffen , goedkope slaven , grote afzetmarkt , werkgelegenheid etc .

          Welke accountant had de faillissement begeleidt ?

        • Pierre de la Croix zegt:

          Tja …. Pak Surya, ik was er nog niet toen de VOC eind 18de eeuw failleerde. Weet dus niet of er onder de toen geldende wetten van de Republiek een curator heeft gezorgd voor een richtige afwikkeling van het faillissement en zo ja welke curator.

          Feit is dat de Republiek en later haar rechtsopvolger het Koninkrijk der Nederlanden de failliete boedel heeft overgenomen en voor een heel succesvolle doorstart onder de naam NOI heeft gezorgd (om in de termen van het moderne bedrijfsleven te blijven).

          Pak Pierre

        • Jan A. Somers zegt:

          “Welke accountant enz.” Twee pagina’s in mijn boek. Zal onze kepala kampong niet leuk vinden. Denk er wel om dat de VOC is gebaseerd op een octrooi dat verleend is door de Staten-Generaal. En die Staten-Generaal bestonden niet meer, het was nu de Bataafsche Republiek met allemaal andere lui!

        • e.m. zegt:

          @/…en voor een heel succesvolle doorstart onder de naam NOI heeft gezorgd /…/@

          — Overigens mijn beste wensen voor Pak Ahok en President Jokowidodo; eigenlijk voor alle ‘bruggenbouwers’ in Indonesië, zeg maar . . .

      • Jan A. Somers zegt:

        Dat opperbestuur en hoogste gezag moet u wel in het juiste perspectief zien. Zelfstandigheid in bestuur is zelfstandigheid in bestuur, Maar: Indië was ook één van de vier gebiedsdelen van het koninkrijk. Wanneer zo’n gebiedsdeel rare fratsen uithaalt kan dat nadelig zijn voor de andere gebiedsdelen of het koninkrijk in zijn geheel. Twee historische feiten:
        (1) ” (…) Dit overzicht met betrekking tot decentralisatie in de vorm van gemeentelijke en gewestelijke organen, alsmede de instelling van een koloniale raad begint met een advies van de Raad van Nederlandsch-Indië van 12 mei 1854 waarin gepleit werd voor gemeentelijke instellingen ‘op den voet der Nederlandsche’ (…)” Gemeenten in Nederland zijn ook zelfstandige rechtspersonen met eigen financiële zelfstandigheid.
        (2) “De minister zette door en schreef op 15 december 1904 aan gouverneur-generaal Van Heutsz: ‘Op den duur kan mijns inziens de geheel afhankelijke positie waarin Indië verkeert niet behouden blijven en zal het, met name op geldelijk gebied, meer zelfstandigheid moeten erlangen. (…) Ik beschouw dus het volledig opmaken van de Begrooting daar te lande, mede als een middel tot voorbereiding van meer financieele zelfstandigheid van Indië.’” (…) “En op 19 januari 1906 schreef minister van koloniën Fock aan Van Heutsz over voorgenomen wijzigingen in de comptabiliteitswet met betrekking tot de rechtspersoonlijkheid en grotere financiële zelfstandigheid van Indië, alsmede de vaststelling van de Indische begroting in Indië. Staatsrechtelijk was toekenning van rechtspersoonlijkheid alleen mogelijk met gelijktijdige toekenning van zelfstandigheid; dat controle van een hogere macht beperkt zou moeten blijven tot het tegengaan van zodanige maatregelen, handelingen of verzuimen, welke de instandhouding van het geheel of van het rijksbelang zouden kunnen schaden. De vaststelling van de begroting zou dan ook moeten worden opgedragen aan de Indische regering.”
        Een vergelijking met de positie van de gemeente en provincie in Nederland, beide zelfstandige gebieden: Als een gemeente de uitgaven niet in de hand heeft gehouden (Delft!!), moeten ze dit zelf repareren. Als dat leidt tot ontslagen, dan is dat jammer voor die ambtenaren, maar de rijksregering geeft niet thuis. Gemeenteambtenaren hebben een andere CAO dan de rijksambtenaren.(backpay????)

        • e.m. zegt:

          Wel de helm ophouden hoor, meneer Somers. Maar wat goed dat u bij tijd en wijle vanuit het schuttersputje ruim boven het maaiveld uitsteekt !

        • Loekie zegt:

          “In 1800 wordt de VOC opgeheven; de Staten-Generaal willen het octrooi niet meer verlengen. De Nederlandse staat stelt zich verantwoordelijk voor de enorme schuld van 219 miljoen gulden, eenderde van de totale staatsschuld. `De belastingbetaler draait er uiteindelijk voor op,’ zegt Gaastra. `Dat is een van de redenen dat de Belgen bij de aansluiting in 1815 zo tegensputteren. De schulden van de VOC blijven tot diep in de negentiende eeuw een zware last voor het Koninkrijk.”
          https://www.historischnieuwsblad.nl/nl/artikel/5748/het-faillissement-van-s-werelds-eerste-multinational.html

        • Jan A. Somers zegt:

          In 1800 waren er geen Staten-Generaal meer, en geen Republiek der Verenigde Nederlanden. Het was de Bataafsche republiek. Faillissement was feitelijk niet mogelijk, alle bezittingen in Kaap de Goede Hoop, Ceylon, Indische Archipel (enz.) waren door de Engelsen veroverd. Alle bezittingen van de onderneming werden (in theorie!) tot eigendom van de staat verklaard onder toezicht van het ‘Committé tot de zaken van den Oost-Indischen handel en bezittingen’ waarmee het bestuur overzee een staatsaangelegenheid werd. De gouverneur-generaal zou worden benoemd door de Nationale Vergadering, op voordracht van het Committé. Deze handeling had veel weg van nationalisatie, onteigening zonder schadeloosstelling, maar was feitelijk het in privaatrechtelijke zin tot zich nemen van het hebben en houden van de debiteur om te zien wat men er als crediteur nog uit kon halen. Pas naderhand, in 1797, herinnerde men zich dat alle door de Compagnie krachtens het octrooi verkregen rechten op naam van de staat waren verkregen. Krachtens de Staatsregeling van 1798 was inmiddels de VOC ontbonden en werd het monopolie met ingang van 1 januari 1800 beëindigd. Bepaald werd dat het oude Compagniesstelsel zou blijven bestaan met enkele wijzigingen die de staatscommissie van 1790 had voorgesteld. Tevens werd bepaald dat de Bataafsche Republiek, als rechtsopvolger van de VOC, alle bezittingen, schulden en baten zou overnemen; het opperbestuur over de bezittingen overzee werd opgedragen aan het ‘Uitvoerend Bewind’ van de Republiek. Met de instelling van de ‘Raad van Aziatische bezittingen en etablissementen’ kwam op 1 mei 1800 formeel een eind aan de voormalige verhoudingen met de bezittingen in Indië en werd de nieuwe, nu koloniale relatie een feit. Indië was een kolonie geworden. Ze konden goed vooruitdenken en zagen al het tractaat van 1814 voor zich. Ik duik weer even weg!

        • e.m. zegt:

          @Dhr. J.A. Somers zegt: 30 december 2016 om 16:32 /…/Ik duik weer even weg!@

          — Ja, rond deze tijd heb je altijd wat meer zuurwerk in wijken van het gewone volk, winkelstraten en uitgaansgelegenheden.

        • eppeson marawasin zegt:

          Jeemig, “Eet meer Freud mensuh!” zou Toon Hermans zeggen. Vuurwerk, natuurlijk.

          Typo: zuurwerk=vuurwerk. Maáf yah . . .

          e.m.

    • Jan A. Somers zegt:

      Zowel het koninkrijk als Indië hebben de staat van oorlog uitgeroepen. Voor Indië had de GG die plicht krachtens IS25, art. 33. Het koninkrijk had die plicht aangezien de veiligheid van een van de gebiedsdelen gevaar liep, en daarmee het koninkrijk zelf. Denk er ook om dat de KM een koninkrijksaangelegenheid was.
      De revolutie had als doel Nederlandsch-Indië los te maken uit het koninkrijksverband, een koninkrijksaangelegenheid dus. Maar de revolutie bracht ook het voortbestaan van Nederlandsch-Indië zelf in gevaar, een akkefietje dus voor de regering van dat gebiedsdeel. Maar dat had u kunnen lezen onder de punten g en h van de petitie Soetardjo: de staat van zelfstandigheid toe te kennen binnen de grenzen van artikel 1 van de Grondwet.
      Waarom eigenlijk deze vragen waarvan u het antwoord allang weet? Misschien onder de indrukken van het uitbuiken na uw kerstdiner?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s