De Indo Kebaya

Brains en Branie:
De Indo-Europese kebaya, ook wel Kebaya Belanda genoemd, is een soort blouse die door Indo-Europese- en Europese vrouwen gedragen werd. De katoenen kebaya liep tot op de heup met aan de randen Nederlands of Belgisch kant. De kebaya werd aan de voorkant met een gesp en gouden of ander ketting vast gemaakt.
Overdag droegen de vrouwen een witte kebaya en in de avond een zwarte variant van zijde.

Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

27 reacties op De Indo Kebaya

  1. Mas Rob zegt:

    “In het jaar 1920 werd het verboden voor Europeanen om sarong en kebaya te dragen in het openbaar, het gebruik werd echter in stand gehouden binnenshuis.”

    Was er inderdaad een wettelijk verbod in 1920? Ik had altijd gedacht dat door de instroom van Nederlandse vrouwen vanaf het begin van de twintigste eeuw de culturele oriëntatie van de koloniale bovenlaag veranderde. Was het eerst normaal om lokale gebruiken (deels) over te nemen, vanaf die tijd werd de Europese cultuur de norm waar men zich naar richtte.

    In 1920 kwam een einde aan de gewoonte om in sommige arbeidscontracten een trouwverbod van enkele jaren op te leggen. Ook dit zal een verdere “Europeanisering” in de hand hebben gewerkt.

    Werd deze culturele heroriëntatie bestendigd door wettelijke dwang?

    • Jos Crawfurd zegt:

      Ik wist niet beter,mijn Oma van Moederskant droeg altijd een kabaja met gouden spelden in plaats van knopen. ZE was te oud om nog naar buiten te gaan en zat elke morgen buiten te wachten op de tukang Soto en ik de bestelling mag doen.Leuke taferelen die nooit meer terug gehaald kunnen worden,wel heel jammer.
      Mvg Jos Crawfurd.

    • Jan A. Somers zegt:

      Ik weet niets van een verbod! Enkele tantes van mij liepen in de jaren dertig in sarong kabaai. De Indische cultuur veranderde na de eerste wereldoorlog. In Indië kwam veel werkgelegenheid met een grote aantrekkingskracht op totoks. Vanuit Delft en Leiden gingen veel afgestudeerden en gepromoveerden naar Indië. Van belang voor de veranderingen was dat deze mannen meestal al getrouwd waren of alsnog met de handschoen trouwden, waardoor die vrouwen hebben bijgedragenn aan de vernederlandsing van de Indische samenleving.

    • Pierre de la Croix zegt:

      1. Ik heb veel foto’s gezien van voor de oorlog, doch na 1920, van Indische dames, ook dames die vanwege hun lichte kleurtje voor totok konden doorgaan, in sarong en kabaja. Na de oorlog heb ik zulke dames ook in werkelijkheid zo zien rondlopen, zij het thuis.

      Van een verbod op S & K in het openbaar heb ik – als jongen, maar met grote oren – nooit gehoord. Ik zou mij kunnen voorstellen dat de dames zelf de S & K buitenshuis, voor de gang naar de pasar bijvoorbeeld, te onpractisch vonden. Klim als vrouw met sarong maar eens in een Dokkar of Deleman …….

      2. Mijn inwonende grootmoeder van moeder’s zijde heb ik niet anders gekend dan in S & K. Maar zij was “zuiver” Javaans-Sumatraans met in de verte een vleugje Tjina. Voor haar wekelijkse gang naar haar man op het kerkop met de bètjak droeg zij een lange, donkere hoog gesloten jurk die tot haar enkels reikte.

      Ik heb als poesaka nog één gouden kabajaspeld van haar gekregen – via mijn overleden zuster – met een mooi steentje erin. De andere gouden spelden die zij voor de oorlog van haar weduwenpensioen bij elkaar had gesprokkeld hebben wij als buitenkampers “opgegeten”. De “bevrijding” kwam net op tijd om die ene speld te sparen.

      3. Ik heb begin zeventiger jaren v.d.v.e. op het hoofdkantoor van de ABN, erfopvolgster van de Nederlandsche Handelmaatschappij alias “De Pactorij” in Batavia, nog na-oorlogse contracten gezien van jonge boedjangs die voor het eerst naar (toen nog) Indië werden uitgezonden. Daarin stond dat zij in de eerste term van 3 jaar niet mochten huwen.

      Die boedjangs van toen trof ik – in die zeventiger jaren – in levenden lijve op het hoofdkantoor in Amsterdam in hoge of hogere posities. De meesten waren gehuwd met Indische vrouwen. Of ze geduldig 3 jaar hadden gewacht tot “het” mocht heb ik ze toen, als beginnende ongeschoolde krullenjongen, niet durven vragen.

      Pak Pierre

    • P.Lemon zegt:

      @MasRob “Was er inderdaad een wettelijk verbod in 1920? Ik had altijd gedacht dat door de instroom van Nederlandse vrouwen vanaf het begin van de twintigste eeuw de culturele oriëntatie van de koloniale bovenlaag veranderd”.

      Correct volgens de ethische cultuur ….deze terugblik:

      “Europese Vrouwen en Indische kleding”

      In Nederlands-Indië was kleding, net als in Europa een verlengstuk van de sociale klasse waarin men zich begaf. Daarnaast was het voor Europeanen vanaf 1920 vooral zaak om niet te ‘verindischen’. / Typisch Indonesische kleding zoals de sarong en de kebaya worden vóór 1920 ook door Nederlanders gedragen. Indonesische of Indo-Europese vrouwen kunnen zich zonder probleem voortbewegen in deze kleding, die overigens in die tijd werd vormgegeven met Europese patronen en ontwerpen. Buiten Java werden de sarong en kebaya door Indo-Europese vrouwen tot 1930 gedragen, maar dan alleen in en rondom het huis. Ondanks het praktische gemak van deze kleding in het tropische klimaat en de kenmerkende schoonheid en verfijning, komt door de Ethische politiek de focus volledig te liggen op de westerse cultuur. Elk zichtbaar verband met de Indonesische cultuur moest worden vermeden. Vanaf 1920 raakte de sarong dan ook volledig uit de gratie. De kleding van de vrouw was gericht op het leven in en rondom het huis en sociale gebeurtenissen die gerelateerd waren aan de sociale positie van de man. Kleding had namelijk de functie van sociale barometer
      http://www.vijfeeuwenmigratie.nl/europese-vrouwen-en-indische-kleding

      • bokeller zegt:

        Wat hier niet ter sprake komt is ,dacht ik was de invloed van de
        Amerikaanse films en in het bijzonder de danspartijen.
        Deze films waren tot in de kleinste plaatsen te bewonderen
        en de Indo families dansten er lustig op los zonder sarong/kabaya.
        maar in de toen hippe kostuumpjes.
        siBo

        • Mas Rob zegt:

          Ik denk dat dit inderdaad een goed punt is, niet alleen “Nederlandse” culturele waarden, maar ook wat overwoei vanuit Amerika vond in die laatste twee decennia voor de oorlog weerklank.

          Wat mee altijd weer opvalt aan die tijd in Nederlands-Indië is het verlangen naar moderniteit en vernieuwing. Ook dat zal hebben meegespeeld: sarong en kabaya waren niet alleen verbonden aan een inferieur geachte cultuur, maar daarnaast ook nog eens hopeloos ouderwets.

  2. CJ Lentze zegt:

    Weet iemand misschien wat de titel en schilder zijn van dat schilderij van het meisje met vlecht in kebaja dat op de pagina te zien is in zwartwit? Ik heb het op een forum elders ook al gezien (in kleur), weet niet waar het vandaan komt.

    • H.Boers zegt:

      Is een aangehuwde oudtante van me.
      Wilhelmina Margaretha Marterus.
      Schilderij is gemaakt door Raden Saleh.
      Totaal 3 schilderijen gemaakt.

      • H.Boers zegt:

        Achternaam is ver-Nederlandsd.
        Juist is Marthirus. (Uit Persisch/ Julpha/ Armenia vandaan.)

        • Anoniem zegt:

          De Armeense spelling was Marter(o)osian. De vernederlandse spelling is Martherus. Ik weet dit omdat ik een directe nazaat ben van de Marterosian die vanuit Isfahan naar Nederlands Indie is gekomen.

      • CJ Lentze zegt:

        Dank voor de informatie (wat een eer om aangetrouwde familie vereeuwigd te hebben, NB door Raden Saleh).

        Sommige online bronnen schrijven het schilderij toe aan Jan Daniël Beynon?

        • P.Lemon zegt:

          Tja toch eerder Beynon dan Raden Saleh ?
          schilderde nl portretten en stillevens

          *Jan Daniël Beynon (1830-1877)

          Over de kunstenaar
          Born in Jakarta in 1830, pupil of the ´Koninklijke Academie´ in Amsterdam. Worked between 1855 and 1877. Painter of landscapes, portraits and still lifes.

          http://www.1st-art-gallery.com/jan-daniel-beynon/my-companion.html

          en Saleh meer dramatische werken

          * Zelfportret Raden Saleh smaakt naar meer

          Op de wand ernaast lees ik dat Saleh in 1829 naar Nederland kwam, toen hij 18 was, om zijn talent te ontwikkelen. Toen hij in 1851 weer wegging, kreeg hij de titel ‘Schilder des Konings’ mee. In Den Haag schilderde hij veel oriëntaalse jachtpartijen en dramatische composities
          http://www.indisch3.nl/oosterse-taferelen-westerse-stijl/

        • H.Boers zegt:

          @CJ Lentze en P. Lemon.Dank voor uw beider antwoord en info.

          Het zou best kunnen dat u gelijk heeft, wat betreft wie de werkelijke schilder was. Ik heb mijn info verkregen uit de geërfde (familie)-historische documentatie van de Armeense familie tak.

          Wat ik wel zeker weet, is het feit dat Raden Saleh ook een andere gerelateerde Armeense oudtante van me heeft geschilderd (statie portret) en dat was mevr. Mary (Mariam) Arathoon-Manuk (Manukharian 1777-1864) en (gehuwd met Jacob Arathoon 1768-1844) te Batavia. Zij was de zuster van Regina (Takoohi/Taguhi) Manuk (Manukharian)1784-1856 en (oude spinster gebleven) en hun beider enorme erf-vermogen werd geheel aan de (Armeense) gemeenschap te Batavia geschonken.(Kerk Gang Scott en scholengemeenschap opgericht 1855 en gesloten 1878, omdat het Nederlandse Willem III gymnasium leerlingen aan-wegtrok en de Armeniërs zich al hadden vermengd en behoefte was aan puur Nederlands onderwijs).

          Het statie portret van Mariam schijnt in het Louvre te hangen. Ik ben er nooit naar wezen kijken.

  3. Surya Atmadja zegt:

    Als ik me niet vergis heb je op Java verschillende soorten kebaja en sarong , die in verschillende gelegenheden werden gebruikt.
    Conform de adat en de maatschappelijke stand van de gebruikster of van haar man en in welke gelegenheid.
    In de koloniale en feodale samenleving in N.O.I was de kledingvoorschrift echt bindend.
    De vrouw van een tani of buruh(“koeli”) zal andere soort kebaja en sarong, vandaar die import van goedkope batik (Vlisco)
    Het is belangrijk waar en in welke situatie men het gebruikt, thuis situatie , informele bijeenkomst (familie en vrienden) en formele bijeenkomst.
    Sarung en kebaja was eigenlijk een casual kleding, om te relaxen.

    De vrouw van de “rijke hadji” droeg andere outfit dan de vrouw van een handelaar of de njai van een Chinees ( Kebaja / batik tjina) of Arabier of Nederlander/Europeaan (kebaja en batik tulis Belanda.).
    Bij de adel was het duidelijk afgebakend , van af een eenvoudige Tumenggung , Wedana , Bupathi/Regent met de titel Ario en de naam Ningrat t/m de hof.

    Dezelfde zal gelden voor de Indo/Indische Nederlanders.
    Daar heb je ook verschillen .
    En o wee als men de ongeschreven regels overtreed .

    Ik dacht dat Raffles niet zo gecharmeerd was van die “luie” , sirih pruimende Indische dames in sarong en kebaja. .
    Hij pleitte voor het gebruikt van meer Europese kleren.
    Eerlijk gezegd kan ik me niet voorstellen als de dames of njonja besar van de assistent controleur of resident in het openbaar in sarong en kebaja vertoonde.
    Zelfs Inlandse vrouwen die een beetje deftig er uit willen zien ( zie diverse foto genomen in foto studio’s met achtergrond van Eifeltoren gaan gekleed in Europese kleren ,compleet met sepatu (aduh, letjet dese) , sokken en jurkje .

    Wat grappig is dat in het huidige Indonesia nog bepaalde ongeschreven regels gelden.
    De vrouw van een aankomende kepala moet niet beter gekleed zijn dan de vrouw van de kepala of de DirJen( Direktur Jendral) of van de Menteri(Minister).

    • Mas Rob zegt:

      Helemaal waar. De koloniale samenleving hing van ongeschreven regels aan elkaar. Iedereen hoorde zijn plaats te weten en zich te conformeren aan de heersende mores.

      Maar het is goed om die koloniale cultuur te beschouwen als een dynamisch geheel. Wie foto’s van een stad als Batavia of Surabaia uit, zeg, 1900 en 1930 naast elkaar legt, ziet onmiddellijk de grote veranderingen die in een relatief kort tijdsbestek plaatsvonden. Ook de regeltjes en regels, de aannames, de voorkeuren, verwachtingen en inzichten van de koloniale bovenlaag waren aan verandering onderhevig.

  4. Jan A. Somers zegt:

    “Wat grappig is dat in het huidige Indonesia nog bepaalde ongeschreven regels gelden” In Nederland ook!! Toen ik in Delft aan het afstuderen was kreeg ik al diverse aanbiedingen. Op een van die aanbiedingen, bij PW in Zeeland, moest ik volgens mijn vader (kenner!) niet ingaan. Op vrijdagmiddag kwamen de ingenieurs bij elkaar in café A op de markt, de HTS-ers in café B ook op de markt. Eénmaal per maand ook de dames. De heren mochten in hun dagelijks kloffie, voor de dames gold de (niet beschreven, maar wel bekende) dress-code. Bij mijn promotie golden voor de mannelijke promovendus en paranimfen een rok. Voor de vrouwen geen voorschrift (maar die bestond ongeschreven wel!).

  5. Boeroeng zegt:

    Jan Daniël Beijnon was de achterkleinzoon van Elias Jacob Beijnon (1706-1777)

    Elias Jacob Beynon werd op 7 febr.1706 in Frankfurt gedoopt.Zoon van Elias Jacob en Johanna Kunigunde Catharina Jung.Huwde in 1737 in Amsterdam met Johanna Kleinpenning do. v Johannes en Lucretia Bidding.Aldaar 7 kinderen geboren waarvan het 2e kind jong overleed en in A.dam begraven werd op 20-4 1745.Het echtpaar woonde toen op de Fluwelenburgwal.Beynon ging in 1752 in dienst van de VOC als onderkoopman en ging aan boord van de Admiraal de Ruyter met zijn hele gezin naar voormalig Ned.Indie.Kort na aankomst werd het 8e kind in Batavia gedoopt.Daar o.a opperhoofd geweest in Timor (1754-1758)Hoofdadministrateur in Makassar (1761-1766)Op eigen verzoek in dezelfde functie overgepl. naar Banda (1766-1769)en tot slot opperhoofd en secunde in Ternate.Werd daar in 1770 ernstig ziek en liet zijn VOC testament opmaken.Overleed op 29 juni 1773 in Ternate.Liet 3 zonen en 2 dochters achter en zijn enige nog in leven zijnde zuster in Amsterdam (Eleonora Elisabeth)Andere zus van hem,Maria Magdalena in 1757 overleden en gehuwd met de theoloog Johannes Hoff,was eerste lerares van Johann Wolfgang von Goethe en zijn zusje. Beynon is een verbastering van Benonius en de fam.komt ws v oorsprong uit het gebied aan de voet van de Zwitserse Jura omgeving Biel .Was eenfamilie van pfarrers.

    http://www.maritiemdigitaal.nl/index.cfm?event=search.getdetail&id=120083484

  6. bokeller zegt:

    Misschien, dat bij de hoger opgeleide Indo (stand !) de sarong/kabaya
    uit de kleerkast(en) zijn verdwenen maar in m’n familie niet.
    In ± 1939 bij een Pinkster gemeente manifestatie te Padang
    liepen vele Indo dames in Sarong/Kabaya en de heren witte
    broek (hoogwater) en jas toetoep.
    Ik weet dan het ook nog geurde naar de7 wortelkruiden en
    de boengga² Tjempaka en de nep kondé van eigen haar.
    Tjsa ook dat was onze eigen Indo geschiedenis
    siBo

    • Mas Rob zegt:

      Dat is interessant… Zou Padang anders zijn geweest dan Java?

    • Surya Atmadja zegt:

      Het verdwijnen van s.k is ook te wijten aan minstens 3 redenen :
      1.de “echte” is altijd duur , vooral de batik en kebaja Belanda .
      Omdat het tulis is en veel kantwerk.
      Niet iedereen kon het kopen.
      2.de nieuwe aanvoer van “vers bloed” uit Nederland .
      3. de opmars van housecoat , de voorloper van de huidige huispakken.
      De iets jongere en moderne Indische tantes gebruiken vaak housecoats.

  7. Mas Rob zegt:

    De Indo-Europese schrijver Hans van der Wall (Victor Ido) hield in de dertiger jaren radiovoordrachten voor de NIROM over Indië in “den goeden ouden tijd” die later in twee delen gebundeld werden. Een voordracht ging over de huisvrouw in Indië in de negentiende eeuw. Een gedeelte is aardig om te citeren:

    “We zijn genaderd tot het laatste decennium der negentiende eeuw. Nog altijd blijft de sarong-kabaai in eere naast de japon met de tournure oftewel queue de Paris; nog altijd wint de Indische rijsttafel het van de Hollandsche pot. Eerst in de twintigste eeuw zou dit alles veranderen. In het verschiet gloorde reeds de dageraad van het Europeanisme, dat in deze landen meer dan ooit de Nederlandsche cultuur wil doen handhaven en bevorderen. (…) Het vasthouden aan Indische tradities, waar dit niet of niet meer noodig is, belemmert een zuiver Nederlandse cultuur. En toch MOET het daarheen.. Wij moesten eigenlijk niet meer spreken van “Indisch” als onderscheidingsterm tegenover “Hollandsch”. Wij zijn allen Hollanders, of we nu dáár of hiergeboren zijn. De aanvaarding van de Nederlandsche cultuur in haar geheel alléén kan elke scheidingsmuur doen wegvallen, welke een volkomen waardeering daarvan in de vorige eeuw nog in de weg stond.”

    Met andere woorden: het compleet aanvaarden van de Nederlandse cultuur werd ook gezien als noodzakelijk in het kader van de emancipatie van de Indo-Europeaan.

  8. Lance zegt:

    Wij moesten eigenlijk niet meer spreken van “Indisch” als onderscheidingsterm tegenover “Hollandsch”. Wij zijn allen Hollanders, of we nu dáár of hiergeboren zijn. De aanvaarding van de Nederlandsche cultuur in haar geheel alléén kan elke scheidingsmuur doen wegvallen, welke een volkomen waardeering daarvan in de vorige eeuw nog in de weg stond.”

    Met andere woorden: het compleet aanvaarden van de Nederlandse cultuur werd ook gezien als noodzakelijk in het kader van de emancipatie van de Indo-Europeaan.

    Helder en duidelijk, @Mas Rob, wij zijn allen Nederlanders. Hollanders gaat mij iets te ver

    • Jos Crawfurd zegt:

      Heren Lance&MasRob,sorry maar dit is niet een stelling waar ik achter sta.Wij Indo’s zijn wel enigszins ruimdenkend,maar de Nederlandse bevolking heeft een andere mening,gezien het in hokjes plaatsen van:Autochtonen en Allochtonen en wanneer ze je aanspreken of over de geschiedenis hebben. Ik vind en dat is mijn eigen mening en gevoel:ik heb er in het geheel geen zin om net als de Hollanders te gedragen en te leven.Ik heb me eruit geworsteld uit het z.g.Assimileren,Inburgeren etcetera etcetera na het Contract Pension mentaliteit,trouwens dat zal ik mijn Moeder zaliger verloochenen. De stelling van mijn Ouders:blijf en ben je zelf;Be Proud,maar niet neerkijken op je medemens.
      Mvg Jos Crawfurd.

      • Mas Rob zegt:

        Het was ook niet mijn stelling, Jos. Het was hoe de schrijver Victor Ivo er in de jaren dertig er tegen aan keek. Ik plaatste het om te laten zien dat het streven naar emancipatie voor althans een deel van de indo’s reden was om zich zo Hollands mogelijk voor te doen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.