Het vergeten verhaal van de Belgen in Nederlands Oost-Indië : Een in België vergeten groep van duizenden Vlamingen en Walen dienden tussen 1816 en 1930 in de rangen van het Koloniaal Nederlands-Indisch Leger, het KNIL. De Belgen vormden na de Nederlanders de grootste groep.
In 1911 was de grootste archipel ter wereld, de huidige republiek Indonesië, onder Nederlands gezag gebracht en stopte men met de aanwerving van buitenlanders. Veel tastbaars is er van de Belgen die gediend hebben in het KNIL niet overgebleven.
In eigen land zijn ze al lang vergeten! De families die nog iets weten van een oud familielid die ooit naar Nederlands-Indië vertrok, zijn gerust op één hand te tellen. Nochtans waren ze met veel meer dan een handjevol.
Ongeveer 23400 man, en daar weet men in België niets meer van..
Op donderdag 28 mei 2026 presenteert Herman Keppy zijn boek Kapal 7: Marine, matrozen en de muiterij van 1933 bij Boekhandel De Vries Van Stockum in Den Haag (Passage 11).
Kapal 7 :
4 februari 1933 Begin 1933 demonstreren Indonesische schepelingen van de Koninklijke Marine in Soerabaja tegen een onrechtvaardige salariskorting. Ze worden allemaal gevangengezet op Madoera. Op dat moment bevindt het pantserschip De Zeven Provinciën zich bij Sumatra. Uit solidariteit met hun collega’s op Madoera besluiten de Indonesiërs aan boord spontaan om het schip te kapen. Op 4 februari nemen ze Kapal 7, zoals zij het schip noemen, in handen zonder iemand een haar te krenken. De gebeurtenis haalt wereldwijd de pers, terwijl in Nederland en Nederlands-Indië grote paniek uitbreekt. Aan de hand van verhoren, ooggetuigenverslagen en dagbladreportages vertelt Herman Keppy over de mensen achter de muiters, hun beweegredenen en wat hun daad teweegbracht. Toon minder
Walburgpers: Lizzy van Leeuwen
Indehoy. Geschiedenis van seks in Indië, 1602-1942
‘Indehoy’ is een modern Indonesisch woord en betekent vrijen, de liefde bedrijven. Het komt oorspronkelijk uit het Nederlands: de reis naar Indië werd niet alleen uit winstoogmerk ondernomen maar ook uit vleselijke begeerte.
Aan de hand van deze rode draad onderzoekt Lizzy van Leeuwen de rol van seks in het koloniale project, die misschien wel belangrijker was dan die van geweld. Al vanaf de voc-tijd werd getracht door seksuele machtspolitiek winsten veilig te stellen, orde te handhaven, terrein te winnen en conflicten te beslechten. Dat ging niet vanzelf. De protestantse Hollandse moraal botste hard met de eigenzinnige vrije zeden van de Oost.























































