NH Nieuws : De vader van Iwan Faiman (plaatje) zat in het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij liet onder andere Joden onderduiken en hield zich bezig met spionage. Voor hem en voor andere Indonesische verzetsstrijders wordt er voor het eerst sinds 1953 weer een krans gelegd tijdens de Nationale Dodenherdenking op de Dam.

Iwan zet zich al jaren in om ervoor te zorgen dat de Indonesische verzetsstrijders ook weer een plekje krijgen tijdens de herdenking op 4 mei. Dat de Indonesische mensen in het verzet niet zijn herdacht sinds 1953 heeft te maken met de nasleep van de onafhankelijkheidsoorlog in Indonesië.” Als ze onafhankelijkheid wilden in Indonesië, moesten ze ervoor zorgen dat Nederland niet fascistisch werd”
In dat jaar werden door Nederland, zo vertelt Iwan, Indonesiërs die zich hadden ingezet voor Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog uitgezet naar Indonesië. “Dat was het moment voor de Indonesiërs om te zeggen: als Nederland dat kan doen, dan kunnen we niet meer samen herdenken. Maar nu er onder andere excuses is aangeboden voor het koloniale verleden, heerst het gevoel dat het wel weer kan.”






















































Het meest bizarre en onbekend verhaal over het Verzet in Nederlands-Indië/Indonesië betreft de opmerkelijke carrière van Iswahyudi.
Voor de oorlog werd Iswahyudi, als lid van een vooraanstaand aristocratisch Javaans geslacht, toegelaten tot de STOVIA: School Tot Opleiding Van Inlandsche Artsen. Bij de dreigende Japanse bezetting diende hij in het Vrijwilligers Vlieger Korps (VVK) en klom op tot de rang van luitenant-vlieger.
In 1942, toen het KNIL capituleerde, slaagde hij erin naar Australië te vluchten. Daar werd hij getraind als geheim agent en als onderdeel vanéén van de Tiger Parties keerde hij met de Nederlandse onderzeeboot K XII terug op Java om informatie te verzamelen over Japanse troepen. Kort na aankomst op de Zuid-Oostkust van Java (Jolo Soetro) arresteerden de Japanners hem. Hij slaagde erin zijn executie te ontlopen
Na zijn vrijlating werd hij PETA-soldaat. Pembela Tanah Air (PETA) was het Indonesische vrijwilligersleger dat op 3 oktober 1943 door de Japanse bezetter werd opgericht.
Tijdens de woelige gebeurtenissen aan het begin van de Indonesische Revolutie, in Nederland bekend als Bersiap, werd Iswahyudi in Soerabaja opgepakt door Pemoeda’s op verdenking van spionageactiviteiten voor het Nederlands Gouvernement. Door tussenkomst van een bevriende en invloedrijke Pemoeda kon hij weer aan zijn executie ontsnappen.
Hij werkte daarna op het bureau van de Indonesische Gouverneur van Oost-Java.
Het bovenstaande relaas is afkomstig uit het boek “Revolution in the City of Heroes – A memoir of the Battle that Sparked Indonesia’s National Revolution”, geschreven door Hario Kecik alias voor Suhario Padmodiwiryo.
Het boek “Memoar Hario Kecik, Autobiografi seorang mahasiswa prajurit” had in Nederland ongetwijfeld meer erkenning verworven indien historica Marjolein van Pagee zich voorafgaand aan het interview met Hario Kecik enigszins in de materie had verdiept. Haar nalatig- i.c. onnadenkendheid in de voorbereiding resulteerde in een gemiste kans, zoals het spreekwoord treffend verwoordt: if you fail to prepare, prepare to fail. https://indisch4ever.nu/2014/04/14/pemuda-hario-kecik-vertelt/
Niet alleen zij ging de mist in.
De publicatie van dit boek werpt vanuit Indonesisch perspectief een helder licht op de historische rol die Indonesische nationalisten speelden tijdens de gebeurtenissen in november in Soerabaja.
De term “Heroes” verwijst naar 10 november 1945, de dag die het begin markeerde van de Slag om Soerabaja. Indonesiërs eren deze gedenkwaardige datum als Heroes’ Day, ofwel Hari Pahlawan.
Met een uitzonderlijk inlevingsvermogen is dit verhaal vertaald door de Australische journalist Francis Palmos. Hijzelf schreef als dissertaat “Sacred Territory – Revolutionary Surabaya as the birthplace of Indonesian Independence”
Beide boeken zijn absolute aanraders voor Nederlanders die een multiperspectief en inzicht willen verwerven in de Indonesische vrijheidsstrijd in Soerabaja, anders dan de platgetreden paden in Nederland
https://www.universiteitleiden.nl/nieuws/2025/04/verzet-tegen-de-nederlandse-en-de-duitse-bezetter-indonesische-studenten-in-leiden

@Boeroeng; ‘ verzet etc.’- Dankzij de Max.tv.doc. Vergeten Helden zijn nu ook deze helden in de herdenking opgenomen. Eindelijk na 80 jaar! Indonesiër Faiman overleefde de nazi tijd als invalide. Hij ( van origine communist) ontving geen(!) verzet pensioen!- Mijn ode geldt het frêle 25 jarige Indisch meisje Anda Kerkhoven. Verzet strijdster in Groningen, Katjang genoemd, die uiteindelijk gevangen werd; brut gemarteld en uiteindelijk in een bosgebied geëxecuteerd. Eenzaam liep zij het bospad af met achter haar 4 bewakers, met geweer in aanslag. Wat ging in haar om in dat laatste moment? Haar ouders/familie op Java?- Een Heldin!
Het artikel van NH nieuws vermeldt niet dat er één krans wordt gelegd voor herdenking van de Indonesische en Indische Nederlandse verzetstrijders tegen de nazi-bezetters.
Bron
De opa van Melanie Webb, Indische jongen, werd in 1944 geëxecuteerd. Hij was een verzetskameraad van de vader van Ernst Jansz.
De vader van Winka Djojoadhiningrat was met andere Indonesische studenten ook in het verzet.
Rutger John Felix Webb
—
Abdulmadjid Djojoadhiningrat
Dhr. Mertens maakt een punt.
Honderd van de in totaal honderdvijftig Indonesische studenten afkomstig uit de Indonesische elite, waren betrokken bij het Verzet in Nederland tegen de Nazis. Maar ook Nederlandse studenten waren bij het Verzet betrokken, als ik de film Soldaat van Oranje mag geloven.
Als het Indonesische verzet in Nederland vergeleken wordt met dat in Nederlands-Indië, dan mogen vooral historici, en met name de specialist op het gebied van Indonesisch Verzet Herman Keppy, zich toch afvragen waarom Indonesische studenten niet in grote getalen in het verzet kwamen tegen de Japanse en fascistische bezetter, of zie ik iets over het hoofd?
N.B. In een voorgaande bijdrage is aangegeven dat in Tasikmalaya op West-Java in februari 1944 een leider van een godsdienstschool in opstand kwam. Uit nader onderzoek blijkt dat de godsdienstleraar Zainal Mustafa heette.
De aanleiding was drieledig:
a) vergaande Japanse bemoeienis met islamitische aangelegenheden
b) gedwongen rijstleveranties en als resultaat hongernood voor de locale bevolking
c) ronselen van romusha’s, ook door indonesiers.
Hierop riep de islamitische geleerde Zainal Mustafa op tot verzet en tot de verdrijving van de Japanners.
Op 25 februari ontstonden er gevechten tussen zwaar bewapende Japanse militairen en honderden aanhangers van Mustafa die bewapend waren met keien, bamboesperen en messen. De uitkomst liet zich raden!
Als Indonesische studenten worden herdacht op vijf mei, dan dienen ook Indonesische verzetsstrijders in Nederlands-Indië te worden herdacht. Dat lijkt me uit oogpunt van gezamenlijke en koloniale geschiedenis niet alleen logisch, maar ook gerechtvaardigd
Volgens deze verklaring van het Nationale 4 en 5 mei comité worden Indonesische verzetstrijders te Indië impliciet herdacht.
Althans, diegenen die gevangen en gedood werden.
Zo is de tekst te interpreteren.
https://www.4en5mei.nl/herdenken/voor-wie-worden-er-kransen-gelegd
Of de tekst als zodanig te interpreteren is , is maar de vraag?
Iwan Faiman zette zich niet voor niks al jaren in om ervoor te zorgen dat zijn vader en andere Indonesische verzetsstrijders ook weer een plekje krijgen tijdens de herdenking op 4 mei.
Fauman heeft oplettend gelezen en goed begrepen dat het
Nationaal Comité 4 en 5 mei terloops een onderscheid maakt tussen “mensen” en “burgers in Nederlands-Indïe” . Het Comité zegt weliswaar in haar verklaring dat een krans wordt gelegd voor “MENSEN” die gevangen werden genomen en vermoord omdat zij in verzet kwamen en opstonden voor de rechten van anderen. Maar verder oplettend en begrijpend lezend dient deze zin wel in verband worden gebracht met een ander zin: “een krans voor alle “BURGERS” die zijn omgebracht of omgekomen in Azïe als gevolg van verzet”.
Faiman had goed door dat in Nederlands-Indie juridisch (Indische Staatsinrichting IS) een onderscheid werd gemaakt tussen Europeanen= burgers en niet-Europeanen= onderdanen= Indonesiers, afgezien van christelijke Molukkers , Menadonezen en Timorezen.
Op basis daarvan verzoekt Faiman om Expliciete erkenning voor Indonesische verzetsstrijders=0nderdanen.
Voor een evenwichtige beoordeling dient hij wel erkenning te vragen voor zowel Indonesische Verzetsstrijders in Nederland als in het voormalig Nederlands-Indie. Anders waar hebben we het dan over?
Het verhaal over het verzet van onder meer godsdienstleraar Zainal Mustafa uit de regio Tasikmalaya is ontleend aan het boek “Merdeka” van de gerenommeerde historici Henk Schulte Nordholte en Harry Poeze. Een Engelse editie van het boek is recent verschenen.
Dit boek werpt een nieuw licht op de Indonesische Revolusi van 1945 tot 1949.
Op basis van dit werk kan een duidelijke vergelijking worden gemaakt tussen het Indonesische verzet in Nederland en dat in het voormalige Nederlands-Indië.
Het Indonesische verzet in Nederland richtte zich primair tegen de Duitse bezetter, een principiële keuze tegen het Fascisme, waarbij de onafhankelijkheidsstrijd op een laag pitje werd gezet. Of was het meer Indisch dubbel bewijzen. Wie zal het zeggen?
In Nederlands-Indië daarentegen lag de prioriteit anders. Daar was het hoofddoel van de nationalistische beweging de onafhankelijkheidsstrijd tegen een eveneens fascistische bezetter, het Nederlands-Indisch Gouvernement, dat duidelijke sympathieën koesterde voor de NSBer Mussert.
Een pragmatische samenwerking met de eveneens fascistische Japanse bezetter werd door de Indonesische Nationalisten in de persoon van Soekarno hierbij niet geschuwd, integendeel. De latere minister van Buitenlandse Zaken Abdoelgani beschreef deze opportunistische coöperatie als “Accommoderen”, een manoeuvre waarmee de latere president Soekarno vanwege zijn “collaboratie met de Jappen” mee weg kon komen, althans geen gezichtsverlies leed.
Er wordt veel over het Indonesisch Verzet in Nederland gepubliceerd! Waarom toch, wat bezield Nederlandse historici en wat willen ze daarme bewijzen?
Maar hoe zat het met het Indonesische Verzet tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indie? Wat zeggen diezelfde Nederlandse historici ervan?
Daarover is hoegenaamd weinig tot niets bekend. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat er geen sprake was van Indonesisch Verzet. Hoe worden deze Verzetsdaden in de Indonesische geschiedschrijving beschreven?
Afgezien van het overbekende voorbeeld van de revolte in Blitar (Pemberontakan PETA di Blitar) op 14 February 1945 door een PETA battaljon tegen het schandalige Japanse gedrag tegenover Indonesische vrouwen (troostmeisjes) en de slechte behandeling van Romusha’s, gebeurde er wel wat meer tijdens de Bezetting.
“In Atjeh (Noord-Sumatra) werd een opstand van een jonge moslimleider hard de kop ingedrukt , waarbij honderd doden vielen”. In november 1944 kwamen in Atjeh twee peletons LaskarcRakjat in verzet tegen Japanse officieren en in juli 1945 gebeurde hetzelfde in Pematang Siantar”.
“Op West-Java vond in de eerste helft van 1944 een serie opstanden plaats. In Tasikmalaja in februari 1944 kwam een leider van een godsdienstschool in verzet tegen gedwongen rijstleveranties.Het militaire bestuur greep hard in. Er vielen tientallen doden en zevenhonderd mensen werden opgepakt”.
“In Indramaju was de oogst gedeeltelijk mislukt maar werden toch heffingen van 70% van de oogst opgelegd. Ook hier werd met harde Japanse hand een eind eaan gemaak”.
“In Zuid- en West-Kalimantan (Borneo) leek er sprake te zijn van grootschalig verzet. In de tweede helft van 1943 werden er in Bandjarmasin door de Tokeitai (Marine Militaire Politie) massaal arrestaties verricht en elfhonderd mensen geexecuteerd!!!!! Tussen oktober 1943 en januari 1944 werden in Pontianak de sultansfamilie en de aristocratie vrijwel geheel uitgemoord door de Jappen. Eind 1944 vielen er vele slachtoffers onder de chinese elite van Pontianak en Sinkwawang. In totaal werden er vijtienhonderd mensen (sic) vermoord onder wie twaalf sultans”.
@PetervandenBroek; ‘Indonesisch verzet tegen Japan etc.’- Japan introduceerde zich eerstens als vriend; Azië voor de Aziaten! De rood/witte vlag en het Indonesia Raya werd getolereerd. Echter, na een periode verboden! Naarmate de tijd vorderde werd het de Indonesiër duidelijk, dat Japan de baas was en zelfs een brute bezetter was. Elke foutieve handeling in hun ogen werd in het openbaar met meppen/ klappen in het gezicht gecorrigeerd! Zoiets overkwam mijn tante toen zij met mijn neefje de straat overstak, voor een marcherende Heiho troep. Er werd plots voor ons; halt gecommandeerd. De leider trad op mijn tante toe en gaf haar 2 gezicht meppen en wij huilen. Achteraf bleek, dat zij de onbeschoft had… om vóór de keizerlijke groep over te steken. Zij had moeten wachten tot de troep gepasseerd was.
Ik schreef eerder over deze verzetsman:
Volgens een artikel in…
https://www.kompasiana.com/miryanti/54f76c43a333119c348b477d/pejuang-indonesia-melawan-fasisme-jerman-di-belanda
… waren er ongeveer 100 Indonesiërs die werden vermist of stierven tijdens de Duitse fascistische bezetting in Nederland. Op dat moment was het aantal Indonesische burgers in Nederland ongeveer 800 personen.
Slamet Faiman is linksonder, naast hem ziet u Hatta.
@BernadetteS; ‘Duitse fascistische bezetting etc.’- Terwijl dat nb. ook voor Ned.Indië gold!!