Pemuda Hario Kecik vertelt

!


Indonesian veteran Hario Kecik explaining about his experiences of the early days of Revolution, Surabaya 1945.
By Marjolein van Pagee :

Exhausted after interviewing Indonesian veteran Hario Kecik, but happy to finally meet this special man. He had a leading role in the battle of Surabaya in 1945 and was a commander of the student army. He is an intellectual, doctor, painter and writer of many books. As a Sukarno-loyalist, he was put in jail for 4 years during the Suharto-era. With his 93 years old he still speaks Dutch and English fluently.
He said it never was his intention to fight the Dutch. Because of his education many of his childhood friends were Dutch or Indo. But because the Dutch government didn’t respect the Independence at all, he had no choice than fight for the freedom of his country.

First he hesitated to agree with an interview. Some of my questions were maybe too direct or recalling painful memories. But after we meet, he didn’t want to stop talking.
Salut for Bpak Hario! I hope that his books will be translated in Dutch because I think there’s a lot we can learn from this clever man.
“The past is the key to the present” Bpak Hario believes, and I agree with him

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

62 reacties op Pemuda Hario Kecik vertelt

    • P.Lemon zegt:

      Met fragmentarische kennis v bahasa moeilik dese.Misschien is dit wat meer leesbare info over de kleine (Kecik) kwikzilverige generaal:

      * A General of the Sukarno years criticises today’s military*
      by:Muhammad Fauzi

      Hario Kecik is an old soldier who refuses to fade away. At 81 years of age, he remains a fireball of creative energy. He has just published a novel and is just about to publish the third volume of his autobiography. For hobbies, he paints, sings (in six languages, including Chinese), and writes poetry. He is a natural public speaker who, with a vast repertoire of jokes and stories, can keep an audience entertained for hours. When telling stories, he frequently breaks into Javanese and raises the tone of his voice in such a way that one can not help but laugh at his expressiveness. He is like a one-man culture industry where rough East Javanese humour mixes with refined cosmopolitan learning. It is difficult to believe, given the cultural abilities of today’s military officers (just listen to Gen. Wiranto’s CD of his karaoke favorites!), that Hario Kecik was once a Brigadier General in the Army.

      As we sit in his home on the outskirts of Jakarta, he describes the formative event of his youth: the Surabaya uprising of November 1945. It was a popular revolt against the British troops that had just arrived to secure the surrender of the Japanese. The British troops were seen, rightly as it turned out, to be the advance guard of a Dutch attempt to recolonise Indonesia. A guest in Hario’s house is left in no doubt of the importance of the event for him: a massive canvas about it painted by Hario himself hangs in the front room.

      One legacy of those early street fighting years is his name. His full Javanese name, Soehario Padmodiwirio, was hardly suitable as a nom de guerre. It betrayed his aristocratic ancestry. All these years, he has kept the diminutive name that his friends in the struggle gave him: Kecik, meaning small in the East Javanese dialect. Despite his short stature, even by Indonesian standards, he excelled in warfare because he was gutsy, clever, and agile.

      http://www.insideindonesia.org/weekly-articles/not-fade-away

  1. Boeroeng zegt:

    Hoe naïef dacht hij nog voor aug 1945.
    Hij dacht dat Wilhelmina naar Indonesië zou komen en de onafhankelijkheid zou aanbieden.

    • Surya Atmadja zegt:

      Boeroeng, on 15 april 2014 at 01:55 said:
      Hoe naïef dacht hij nog voor aug 1945.
      ———————————————————————
      Ya, die mensen zijn echt naief .

      Zoals Soetardjo, Wiwoho,GAPI en vele anderen die warme” gevoelens hadden voor de Nederlanders en Indische Nederlanders.
      Ze hadden ook samen geleden onder de bezetting van de Japanners.
      Goed dat zulke verhalen( de verhalen van de “andere kant”) verteld worden.

    • Paul Vermaes zegt:

      @Boeroeng: Graag meer verhalen van de andere partij. Opvallend dat de andere partij wel Nederlands spreekt en wij geen Bahasa Indonesia. De rol van de Britse (neem ik aan) RAPWI was tweeslachtig. Het bewapenen van Molukse en Menadonese KNIL-ers die door de Jap niet werden geïnterneerd deden de Britten ook in Batavia.

      • Surya Atmadja zegt:

        Pak Paul
        Er zijn veel verhalen van nog levende oog getuigen / dagboeken , familieverhalen etc .
        Het is kwestie van zoeken.
        En willen vertellen !!.
        Het staat haaks met de gangbare verhalen van uit de Nederlands(Indische) zijde.

        Trouwens zijn verhaal over “gepeupel” (mob) , tukang beca moet men uitbreiden met de “toevallig aanwezige” arek Suroboyo.
        Het feit dat de eerste lichting Pemuda’s / Nationalisten Nederlands spraken werd door hem min of meer uitgelegd , afkomst (“feodale” -Pandji familie ) en Nederlandse scholing .

        Het is een gemiste kans van Nederland door die groepen af te wijzen. Gelukkig maar , anders werd Indonesia niet merdeka.

  2. Boeroeng zegt:

    Hario Kecik vertelde dat Ploegman de Nederlandse vlag hees op het Oranjehotel.
    Maar is dat een versie die Indonesische historici onderschrijven of is het zijn verhaal? In Nederland word Ploegman niet als vlaggenhijser genoemd.
    In een documentaire van Adriaan van Dis vertelt Eddy Samson hoe hij zag dat Ploegman in het gebouw aan de overkant van het hotel was en toen de straat overstak. Volgens een Nederlandse versie werd hij met een pijp neergeslagen en overleed enkele dagen later.
    Zie http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1243382 op 35.00 minuten
    Adriaan van Dis vertelt dat hij de naam Ploegman als kind al kende omdat hij een vriend van zijn ouders was .
    Van Dis raadpleegt een medium die een geest laat spreken.
    http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1243382 op 30.00 minuten
    In dat verhaal is Ploegman neergestoken met een mes door Sidik.
    Direct daarna schoten Nederlandse soldaten Sidik dood.
    Weer…. is dit de versie van Indonesische historici…. of is het een volksverhaal, of maakt het medium het interessanter ?
    En waar kwamen die Nederlandse soldaten ineens vandaan ? De meesten zaten buiten Indië nog.

    • @Boeroeng: Klopt helemaal! Ploegman was idd niet de man die de vlag hees. Dit is oral-history en dus puur Hario’s versie. Een volksverhaal zou ik het niet noemen.

      De naam Ploegman is waarschijnlijk de enige die zo bij hem is blijven hangen, vooral ook omdat hij een jeugdherinnering aan hem heeft.
      En niet alleen hij maar weinig anderen zullen nog precies de namen kunnen noemen van de andere andere Nederlanders of Indo’s die erbij waren. De clue van het verhaal blijft dat het niet echt verstandig was om op dat moment een Nederlandse vlag op het hotel te installeren.

      Ploegman’s naam wordt altijd aan het vlaggenincident gekoppeld omdat hij als meester in de rechten de man met het hoogste aanzien was op dat moment op die plek. Daarnaast werd er over hem gesproken als de mogelijke kandidaat als nieuwe burgemeester van Surabaya. Zijn naam wordt bovendien herinnerd omdat hij degene was die het met zijn leven heeft moeten bekopen. Dat Hario hem in deze video gelijk stelt met de mensen die het initiatief namen is een verwarring die de ouderdom misschien met zich meebrengt en niet een algemeen geaccepteerde versie. Hij is 93 jaar!

      Daarnaast vertelt Hario Kecik een deel van zijn verhaal gebaseerd op wat hem ter ore is gekomen. Zijn hoofdkwartier was enkele minuten van het Oranjehotel af gelegen. En zijn mannen kwamen hem het nieuws vertellen. Toen hij op de bewuste plek arriveerde waren Ploegman en de anderen al in een ambulance weggebracht naar het dichtbij gelegen CBZ ziekenhuis en Hario zag alleen het bloed op de straat.

      Indonesische bronnen en historici spreken niet over Nederlandse militairen in dat stadium. Iedereen weet dat het de Britten waren die eerst kwamen (Hario Kecik Deel II gaat daarover) en men weet ook dat de Nederlandse troepen pas in maart ’46 arriveerden.
      Hario zegt alleen dat de Indo’s en Nederlanders die uit de kampen kwamen bewapend werden of hun oude wapens opgroeven o.i.d.

      Maar bedankt voor het delen!
      Deze video heb ik gemaakt in het kader van mijn project Kembang Kuning – Gele Bloem
      Een oral-history project waarbij ik zowel Nederlandse als Indonesische veteranen interview en portretteer.
      http://www.marjoleinvanpagee.nl/toelichting-kembang-kuning-gele-bloem/

      • Boeroeng zegt:


        Duimpje voor jou, Marjolein. Pukul Terus.

        Wapens in huis hebben was heel normaal toen.
        En die na de oorlog opgraven was ook een noodzaak, met die duizenden fanatieke jongeren met hun bamboesperen.
        Het zal wel zijn dat indojongeren en teruggekeerde burgermannen wapens opgroeven en gingen dragen en inderdaad zijn er ook meer berichten van indojongeren die her en der ook maar hun eigen geweld toepasten. De meeste Nederlandse knil-soldaten waren niet op Java eind september. Wel de inlandse knillers.
        Overigens… de meeste indo’s , hier bedoeld , waren ook Nederlanders.

    • Surya Atmadja zegt:

      Boeroeng, on 15 april 2014 at 11:15 said:

      En waar kwamen die Nederlandse soldaten ineens vandaan ? De meesten zaten buiten Indië nog.
      ————————————————————————
      Dat zijn waarschijnlijk de RAPWI mensen , of de voorbode van de NICA’s .
      Zie ook de versie van resident Sudirman , over zijn ontmoeting/ruzie met Ploegman.
      Die resulteerde met de dood van o.a Sidik .

    • Boy Marlisa, Surabaya zegt:

      Beste redactie, alle schermutselen tussen Mr. Ploegman en Soedirman hebben binnen het Oranje gebouw plaats gevonden…Dat Mr. Ploegman op straat neergestoken is een fabeltje en wordt door daadwerkelijke getuigen die in het gebouw aanwezig waren in de jaren ’70 op papier bevestigd hoe het chronologisch heeft plaats gevonden en dat dit een verzonnen verhaal is. Een blanke jongen van 12 jaar die met een klewang op straat liep wordt geloofd tegenover mannen die het van zeer nabij hebben meegemaakt.. Schandalig dat Van Dis dit verzonnen verhaal zo maar heeft overgenomen..Ady Setyawan heeft een boek uitgegeven ( Surabaya di mana kau sembunyikan nyali kepahlawanmu ) met medewerking van Marjolein van Pagee en heeft alle bewijzen uit het archief verzameld in zijn boek en dat Mr. Ploegman na een pistool gericht te hebben op Soedirman overrompeld is en gewurgd door Sidik die later op zijn beurt zijn leven heeft moeten bekopen…Alle verhalen over Mr. Ploeg dat hij op straat is dood gestoken behoort tot de fabeltjes en is geschied vervalsing…

      • Ronny Geenen zegt:

        Daar gaan alle Surabaya kenners. Begin van het einde.

      • Indisch4ever zegt:

        Adriaan van Dis sprak met Eddy Samson die als kind gezien had dat Ploegman de straat overstak naar het Oranjehotel en toen neergeslagen werd .
        Je kunt ook denken dat het verhaal dat Ploegman in het hotel was en een pistool trok ging over iemand anders, of verzonnen was .

        indischhistorisch.nl :
        Eddy Samson vertelt dat de straat intussen was volgelopen met pemoeda’s en andere Indonesiërs, die met genoegen het tafereel meemaakten. Toen gebeurde het snel: Ploegman werd vanuit de massa mensen neergestoken door iemand met een bajonet. Eddy Samson zag hem ineenzijgen. Indische jongens die in De Vriendschap waren, kwamen snel naar buiten en tilden het lichaam van Ploegman op en brachten het naar binnen. Het bleek dat het slachtoffer op dat moment nog leefde, hij ademde zichtbaar. Hij werd per auto getransporteerd naar de Centraal Burgerlijke Ziekeninrichting aan de Jalan Simpang. Mr. Ploegman zou onder zijn verwondingen bezwijken

        ———–
        Willy Meelhuijsen schreef het boek ‘revolutie in soerabaja’. Verschenen in 2000, herdruk in 2015
        Hij brengt verschillende versies wat er gezegd werd over het gebeuren bij het oranjehotel van 19 sept 1945 en over de dood van Ploegman.
        Op pagina 75 komt Willy met een tekst uit het dagboek van A.C. Broeshart . Het is hetzelfde verhaal als wat Eddy Samson vertelt over de dood van Ploegman.

        Een bestorming van het Logegebouw werd door een Indonesische leider voorkomen.
        Mr. Ploegman van het IEV (Indo Europees Verbond) rende toen vanuit het Logegebouw dwars door de menigte op straat naar het Oranje Hotel om de parachutepartij aldaar te verzoeken het Britse hoofdkwartier van dit vlagincident op de hoogte te brengen.
        Midden op de Toendjoengan werd hij echter neergeslagen. Er werd een uitval van Nederlanders uit het Logegebouw gedaan om hem te redden. Zwaargewond werd hij het Logegebouw binnengedragen. Drie dagen later overleed hij

        • Jan A.Somers zegt:

          Dat Ploegman een oud-IEVer was is niet belangrijk. Hij was lid van de op 27 augustus 1945 opgerichte KKS (Komite Kontak Sosial), die op dat moment vergaderde in het Oranjehotel. Dat comité was opgericht door een aantal uit de kampen teruggekeerde Nederlanders, samen met Japanners en Indonesiërs. Ik heb gehoord dat hij had geprobeerd de gemoederen te sussen. Moet je als gewoon burger in die situatie niet proberen. daar was de Kenpeitai voor, die er met een peleton dan ook snel een einde aan had gemaakt. Hario Kecik is daar niet bij geweest. In zijn interview in de Volkskrant vertelt hij: “Toen ik rapport kreeg van het vlagincident ging ik er meteen heen. Toen ik aankwam, was alles al voorbij. Ik zag alleen nog maar bloed op straat.”.

  3. marjoleinvanpagee zegt:

    Ik bedoelde dus dat de persoon Ploegman niet helemaal neutraal was voor de Indonesiërs, vanwege zijn ambitie om burgemeester te worden. En dat hij dus plaatsvervangend ook verantwoordelijk werd gehouden. De Indonesiërs hadden na 17 augustus namelijk al een eigen regering geïnstalleerd en in de loop van het najaar slaagden ze erin om de Japanners te ontwapenen en te verzamelen. Maar deze nog jonge regering werd totaal niet serieus genomen door de geallieerden, daar zit de pijn meer denk ik en dat is één van de redenen waardoor het daarna zo uit de hand liep met de Britten.

    • Boeroeng zegt:

      De Engelsen erkenden wel die regering als leiders van de opstand, En niet als wettige regering, maar hun opdracht was de orde te handhaven en de komst van Nederlandse troepen af te wachten die komen voor de wettige regering…nl Nederland.
      De hele Indonesische nationalistische beweging werd niet serieus genomen door Nederland. Dat was de fout van Nederland.

      Ploegman was een belanda en pro-belanda, daarom werd hij vermoord , daar op straat.
      Voor de radikalen waren alle belanda’s ongewenst, zo gaat dat toch met nationalistische radicalen. Eigen volk eerst.

  4. marjoleinvanpagee zegt:

    @Boeroeng
    Het punt van Hario is denk ik dat hij zegt dat het losgeslagen geweld van de duizenden fanatieke jongeren vóór het vlaggenincident nog niet plaatsvond. Hij beschrijft een situatie dat ze toen vrij door de stad konden fietsen en wandelen, zo ontmoette hij ook zijn oude Nederlandse schoolvrienden van vroeger, zonder dat dat een probleem was.
    Bovendien vielen er bij het vlaggenincident naast de Nederlandse Ploegman vier Indonesische doden: Sidik, Mulyadi, Hariono en Mulyono.

    Officieel moesten de Britten de Republikeinse regering erkennen inderdaad. Ik praat in dit geval uitsluitend over Surabaya, in Jakarta was er veel minder aan de hand en konden ze zonder problemen landen.
    Maar de manier waarop de Britten in Surabaya aan land kwamen is niet bepaald respectvol te noemen naar de overheid van Surabaya toe. Daardoor verschilden de overheid in Surabaya en de landelijke overheid in Jakarta van mening in hoe ze de Britten moesten ontvangen.

    Het boek “Revolutie in Soerabaja” van Willy Meelhuijsen geeft een heel duidelijk inzicht in hoe de communicatie bijvoorbeeld verliep.

    Het gaat niet alleen om een stel losgeslagen Becak-kerels, als je leest op welke manier de jonge regering benaderd werd dan valt die hele aaneenschakeling van gebeurtenissen op z’n plaats.

    Het is gruwelijk wat de Nederlanders en Indo’s is aangedaan, maar het Brits bombardement van 10 november op de stad, met meer dan tienduizenden doden als gevolg, is dat eveneens.

    • bokeller zegt:

      Mss. geeft het boek van de eerste geparachuteerde Brit op
      Java (Batavia) de capt. Soltau meer duidelijkheid.
      Ik had hem en zijn Echtgenote uitgenodigd om naar Holland
      te komen en de verhalen daarover rechtstreeks van hem vernomen.

      Dan over de bewapening .In het kamp”Bangkinang” hadden
      wij (ik) direct na de oorlogsbeëindiging de beschikking over
      enkele Knil karabijnen en wat scherpe patronen.
      De nog aanwezige Japanse wacht schrok zich een hoedje,
      toen ik een pompstok en wat geweerolie probeerde te versieren.
      In Padang aangekomen,na de Olomoorden kreeg ik en enkele
      anderen wat zwaardere vuurwapens .
      siBo

    • Jan A. Somers zegt:

      “dat ze toen vrij door de stad konden fietsen en wandelen” Dat klopt helemaal. De Japanners hadden het in opdracht nog goed in de hand. Alleen in de buitenwijken waren er Indonesische roadblocks, maar die gaven geen problemen zolang je maar gewoon vriendelijk bleef. Een beetje macho-gedrag. Ik ging bijna elke middag op de fiets met mijn melkhandel naar het Rode Kruis tegenover het Oranjehotel om nieuwe informatielijsten in te zien. Op 19 september kwam ik er na het vlagincident, alles was weer rustig. Daar kwam pas een eind aan toen de Japanners door een foutje mochten vertrekken. De politie was niet te zien, en het gemeentebestuur had de situatie niet meer in de hand. De bersiap kon zich ongestoord ontwikelen.

    • Jan A. Somers zegt:

      Probleem dat ik dit niet kan plaatsen. Nog maar eens proberen:
      “dat ze toen vrij door de stad konden fietsen en wandelen” Dat klopt helemaal. De Japanners hadden het in opdracht nog goed in de hand. Alleen in de buitenwijken waren er Indonesische roadblocks, maar die gaven geen problemen zolang je maar gewoon vriendelijk bleef. Een beetje macho-gedrag. Ik ging bijna elke middag op de fiets met mijn melkhandel naar het Rode Kruis tegenover het Oranjehotel om nieuwe informatielijsten in te zien. Op 19 september kwam ik er na het vlagincident, alles was weer rustig. Daar kwam pas een eind aan toen de Japanners door een foutje mochten vertrekken. De politie was niet te zien, en het gemeentebestuur had de situatie niet meer in de hand. De bersiap kon zich ongestoord ontwikelen.

      • Paul Vermaes zegt:

        @Jan A. Somers: “Op 19 september kwam ik er na het vlagincident, alles was weer rustig. Daar kwam pas een eind aan toen de Japanners door een foutje mochten vertrekken. De politie was niet te zien, en het gemeentebestuur had de situatie niet meer in de hand. De bersiap kon zich ongestoord ontwikelen.”

        “een foutje” Bedoelt u misschien het besluit van Admiraal Helfrich dat de Jappen in Soerabaja ontwapend moesten worden? Deze heldhaftige opdracht had hij voor zijn statuur nodig om enkele dagen later, 2 september 1945 de capitulatie-oorkonde op de Missouri in de baai van Tokio mede te mogen ondertekenen.

        • Jan A. Somers zegt:

          Dit gebeurde allemaal na 2 september! Op 23 september arriveerde kapitein-ter-zee P.J.G Huyer met een kleine staf in Soerabaja als geallieerde vertegenwoordiger van Patterson/Christison, (niet van Nederland!). Helfrich had van SEAC geen toestemming gekregen Nederlandse marineschepen naar Soerabaja te sturen; Huyer had van Patterson wel opdracht gekregen de havens van Soerabaja te inspecteren. Nog dezelfde avond diende schout-bij-nacht Shibata bij Huyer een verzoek aan Patterson in om een deel van de Japanse troepen over te brengen naar een reeds in gereedheid gebracht concentratiepunt in Poedjon, een bergdorp nabij Malang. Het is niet duidelijk of Huyer een goed inzicht had in de revolutionaire situatie en de plaats van de Japanners daarin; hij gaf Shibata toestemming voor de gevraagde evacuatie waarna een groot deel van de Japanse manschappen naar Poedjon vertrok.
          Na het uitbrengen in Batavia van zijn rapportage, kwam Huyer op 29 september in Soerabaja terug met de opdracht van Patterson de overname van Soerabaja door de Britten voor te bereiden. Shibata kreeg van hem de opdracht voorbereidingen te treffen voor de komst van de geallieerde troepenmacht. Shibata riep direct 3000 man terug uit Poedjon, zij werden echter bij aankomst op het station door pemoeda’s gevangen genomen. Nog dezelfde avond werd door een groep voormalige Peta, Heiho en Seinendan-soldaten een actieplan opgesteld: het mobiliseren van het (kampong)volk met de kreet siááááp, het gevangen nemen en ontwapenen van Japanse militairen en het bezetten van de telefoon- en telegraafkantoren. Het eerste doel voor de massale acties was het Japanse centrale wapenmagazijn voor Oost-Java in Don Bosco, voorheen een groot katholiek weeshuis met scholen, sportterreinen, werkplaatsen, een kliniek, een kapel en kloostergebouwen. Na onderhandelingen onder druk van de snel aangroeiende volksmassa moest de Japanse commandant het complex overdragen, waarbij hij een ontvangstbrief kreeg met de vermelding dat de wapens waren overgedragen aan het Indonesische bestuur. Hierop pleegde hij zelfmoord. Daarna werden nog grote wapenvoorraden buitgemaakt in een Japanse garnizoenskazerne en in een groot gebouwencomplex waar voorheen de handelsfirma Lindeteves Stokvis was gevestigd. Met hun overgave hebben schout-bij-nacht Shibata en generaal-majoor Iwabe voorkomen dat er een bloedbad werd aangericht onder de belegeraars gevolgd door wraakacties tegen andere Japanners en Nederlanders. Overal wapperde de rood-witte vlag, op muren en trams waren leuzen gekalkt. Overal stonden pemoeda’s op wacht, gewapend met een Japans samoeraizwaard, een geweer of een pistool. Pemoeda’s denderden in auto’s, vrachtwagens en pantserwagens door de stad. Gepeupel ging zich te buiten aan moord en plundering.
          Nadat de Indonesiërs de wapendepots hadden buitgemaakt werd de situatie steeds grimmiger. Shibata was niet meer bereid (en ook niet in staat) de opstand neer te slaan en droeg zijn commandanten op wapengebruik te vermijden. In de nacht van 30 september verloor Shibata het contact met zijn troepen doordat de telefoonlijnen waren doorgesneden. Japanners werden gevangen genomen, hun wapens en voertuigen in beslag genomen. Het vliegveld en de luchtmachtbasis werden door de opstandelingen bezet. Op 1 oktober gaf Iwabe zich over met de in zijn hoofdkwartier aanwezige wapens. Daarna werd het hoofdkwartier van de Kenpeitai bestormd en na een bloedig gevecht veroverd. Dit gebouw had een grote symbolische betekenis als zetel van de voormalige Raad van Justitie en centrum van de wreedheden van de Kenpeitai. Op 2 oktober drong een grote massa Indonesiërs het hoofdkwartier van de marine binnen, waar Shibata zich bevond. Voorts werd de Japanse bewaking van het Oranjehotel overgenomen door de pemoeda’s.
          Op 3 oktober eiste Huyer namens de geallieerden de overgave van de Japanse strijdkrachten, waaraan door generaal-majoor Iwabe en schout-bij-nacht Shibata werd voldaan. Waarschijnlijk als gevolg van de verstoorde verbindingen werden alsnog de munitiedepots en de pyrotechnische werkplaatsen op Madoera opgeblazen waarna de verantwoordelijke Japanse officieren zelfmoord pleegden. De explosies en de vuurzee zorgden in Soerabaja uiteraard voor een toenemende nervositeit. Huyer legde nu de volle verantwoordelijkheid voor de orde en veiligheid bij resident Soedirman. De Japanners dienden te worden beschouwd als krijgsgevangenen en aan de geallieerden worden overgedragen. De Japanse mijnenvegers dienden de hun opgedragen taken voort te zetten en de Japanse piloten dienden de luchtverbindingen te herstellen. Uiteraard was Soedirman niet in staat deze bevelen op te volgen, voorzover hij daartoe genegen mocht zijn. Zowel Christison, Mountbatten, als het Japanse hoofdkwartier hebben naderhand Huyer verantwoordelijk gesteld voor deze ontwikkelingen. Hij zou met de overgave van de Japanse troepen de verantwoordelijkheid voor rust en orde hebben overgenomen zonder zelf over een militaire macht te beschikken. Hij werd de zondebok voor de Britten en het excuus voor de Japanners.
          Op 4 oktober werd het hoofdkwartier van de PRI (Pemoeda Repoeblik Indonesia) gevestigd in de Simpang Sociëteit ofwel Simpangclub. Een grote menigte protesteerde op 6 oktober daar tegen de bescherming door de PRI van de gevangen Japanners in de Boeboetangevangenis. Het gepeupel wist daarna in die gevangenis een aantal Japanners te vermoorden. Enz. enz.
          Sorry Boeroeng voor de lengte.

        • Paul Vermaes zegt:

          @Jan A. Somers: Terima kasih banyak!

  5. Boeroeng zegt:

    Kijk… dat wist ik weer niet .. van die vier Indonesische doden.
    L de Jong schreef daar niks over. Wel over een ambonees die 2 dagen later door fanatieke jongeren gelyncht werd, omdat hij hun kritisch aansprak.
    Dat is tekenend voor de opgefokte stemming van die dagen.
    De ontsporing later is niet de schuld van de vlaghijser of van Ploegman.

  6. Surya Atmadja zegt:

    Een versie van een Katanya verhaal of kabar angin ?.

    Salah satunya diimplementasikan dengan mengibarkan bendera Belanda di Hotel Yamato (Belanda mengenalnya sebagai Hotel Oranje, kini Hotel Majapahit), salah satu landmark Surabaya saat itu. Pengibarnya adalah Pratu Landsdorp dan J.L. Boer, dua tentara Belanda anak buah Pluegman.
    (Dat zijn de 2 personen die de Rood Wit Blauw hadden gehesen )

    Werd ook gesproken over de rol de groep Mastiff Carbolic Party , georganiseerd door Anglo Dutch County Section (ADCS) ,lichting 136.

    Ik lees ook de naam van Edy Samson .

    Bron :http://lombasma-89.blogspot.nl/2009/11/huru-hara-10-november-1945.html

    Een schone taak om verder te reconstrueren of het een omong kosong verhaal is of niet.
    Omdat het al zo lang geleden is , moeten we wel rekening houden dat bepaalde zaken mss anders gebeurden.

  7. Jan A. Somers zegt:

    Het eerste RAPWI-team (18 september 1945) bestond uit drie Nederlandse en vier Britse militairen. Zij landden op het vliegveld Darmo per parachute omdat geen contact kon worden gemaakt met de Japanse luchtverkeersleiding. Zij werden door de Japanners ondergebracht in het Oranjehotel. Zij hebben er ook voor gezorgd dat dat vliegveld weer open ging. Het vlagincident vond plaats op 19 september. Op 21 september arriveerde het tweede RAPWI-team, ook weer in het Oranjehotel ondergebracht. De samenstelling daarvan ken ik niet. Op 23 september arriveerde kolonel Asjes als hoofd van het RAPWI-kantoor Soerabaja. Ook arriveerde toen kapitein-ter-zee P.J.G Huyer met een kleine staf als geallieerde vertegenwoordiger van Patterson/Christison, (niet van Nederland!) om de havens te inspecteren.
    Over de samenstelling van de leiding van het tegenover het Oranjehotel gelegen Rode Kruis weet ik niets. Er werkten wel veel Nederlands/Indische dames. Er werd hard en nuttig gewerkt, zonder duidelijk zichtbare leiding.
    Er zong ook een andere versie van het vlagincident rond. Er was een kleine vlag gehesen, zoals gedacht werd dat het hoorde op een Nederlands gebouw. De dames van het Rode Kruis waren in een bevrijdingsroes! Een van hen had nog een grote Nederlandse vlag in huis, afgeleverd bij het Oranjehotel, de rest volgt vanzelf. Er was geen sprake van Nederlanders/Engelsen met een militaire opdracht. Ook is er nooit sprake geweest van de NICA, ook later niet. Na de komst van Van Mook in Batavia was de NICA ook uitgespeeld. Er wordt wel een zekere heer Boer genoemd, maar daar heb ik zo mijn twijfels over. Dat Ploegman jurist was is natuurlijk niet relevant.
    Toen ik op het eind van de middag bij het Rode Kruis kwam (zoals bijna dagelijks om informatie te verzamelen over familie en bekenden) was er niets meer aan de hand bij het Oranjehotel. Daar hadden de Japanners voor gezorgd. Ik kon er gewoon zoals altijd op mijn gammele fiets met mijn melkhandel komen.
    “Maar deze nog jonge regering werd totaal niet serieus genomen door de geallieerden” Het RAPWI-team had bijna dagelijks contact met het gemeentebestuur, zij liepen zelfs zonder beveiliging naar het gouverneurskantoor. Dat het gemeentebestuur geen gezag had over de opstand (en de politie liet zich niet zien) kan toch de RAPWI niet worden verweten. Huyer liet zich rijden met een Japans escorte.
    “Maar de manier waarop de Britten in Surabaya aan land kwamen is niet bepaald respectvol te noemen naar de overheid van Surabaya toe.” De Brits-Indische 49e Brigade landde pas op 25 oktober in Soerabaja, ruim een maand na het vlag-incident. Met instemming van de Indonesische autoriteiten zowel in Batavia als in Soerabaja. Zij kwamen gewoon met hun schepen aan in de haven die in handen was van de Indonesiërs. Zij konden zich aanvankelijk voor hun werk ook vrij verspreiden over de stad hetgeen hun later niet goed is bekomen.. Hun taak was de ondersteunig van de RAPWI (die toen al gevangen was gezet bij ons in de Werfstraatgevangenis) bij het opvangen en evacueren van krijgsgevangenen, geïnterneerden en gevaarlopende burgers. Ook hebben de Engelsen Soekarno en Hatta naar Soerabaja gebracht om een wapenstilstand te bereiken. Maar ook hun gezag faalde.

    • Paul Vermaes zegt:

      @Jan A. Somers: Dank voor dit historisch verhaal dat mij een beter inzicht in de RAPWI gaf.
      Ik probeer de gebeurtenissen van de Bersiap op een tijdlijn te zetten: de komst van Van Mook naar Batavia vond plaats op 2 oktober 1945. Hij kwam aan op het vliegveld Kemajoran, dat bewaakt werd door militairen van het KNIL, waarvan enkele compagnieën waren aangevoerd of uit plaatselijk aangetroffen ex-krijgsgevangenen gevormd.
      De luitenant-GG betrok het landvoogdelijk paleis op het Koningsplein en liet meteen de Nederlandse vlag hijsen op het erf.

      Een goed Nederlands gebruik om je territorium te claimen; Geen vlagincident in Batavia…

    • Peter van den Broek zegt:

      Het eerste RAPWI team kwam op 18 volgens mijn informatie op 19 September 1945 op Darmo aan. De Indonesiers werden wat wantrouwig want er was wel een buurtkamp maar geen krijgsgevangenkamp of burgerinterneringskamp in velden of wegen te bekennen. Daar is wat voor te zeggen als RAPWI.

      Ik vind het wel wat huichelachtig om de landing van de Britten niet respectvol te noemen. Uit mijn bron The British Occupation of Indonesia 1945-1946 van Richard Macmillan, wordt een totaal ander beeld geschetst..
      Daarnaast wil ik toch wel vermelden dat Nederlanders elk contact met Indonesische autoriteiten vermeden om de staat Indonesie niet feitelijk te erkennen. Dat is dus wel respectvol te noemen.volgens U.

      En die Marinekapitein Huyer was volgens de Britten wel het ei van Columbus. Hij liet volgens zijn zeggen op gezag van Lord Mountbatten de Japanse Generaal Nagamo en zijn brigade of zo iets ontwapenen. De Indonesische Nationalisten pakten op hun beurt alle wapens van deze Huyer (hij kan niet met veel man zijn) en plotseling waren de Indonesiers de best bewapende groep in Surabaya geworden Dat hebben de Britten en hun ik weet niet hoeveel doden wel geweten.

      Dat idee om de Japanners te ontwapenen was eigenlijk van VADM Helfrich en de KNIL Generaal van Oyen om het prestige van de Nederlanders t.o de Indonesiers op te krikken. VADM Helfrich ging een paar dagen later naar Tokyo om de overgave van Japan formeel te acceoteren.

  8. marjoleinvanpagee zegt:

    @Jan A. Somers: bedankt voor uw reactie!
    Allereerst ik ben geen expert, maar deel puur mijn indruk op basis van de verhalen die mij ter ore komen en de boeken die ik lees. Juist het combineren van zowel Nederlandse als Indonesische bronnen levert heel veel op. Niet eens zozeer dat de bronnen elkaar tegen spreken overigens.

    Mijn interviewproject richt zich eigenlijk meer op de periode na 1946 toen de Nederlandse militairen arriveerden, dus daar weet ik meer vanaf.

    Maar uiteraard kan ik niet om de slag om Surabaya heen als ik de Indonesische veteranen interview, voor hen begon het daar allemaal.
    En toen ik in 2010 op mijn eerste reis nog onbevangen in Surabaya aankwam, begon ik pas te begrijpen hoe groot de impact van o.a. het bombardement bijvoorbeeld was, tienduizenden mensen!! Iets wat in Nederlandse bronnen nu niet bepaald de meeste aandacht krijgt.

    Dat het RAPWI-team dagelijks contact had met het Indonesische bestuur zegt niks over de manier waarop.

    Dit weet ik toevallig van de aankomst van luitenant kolonel Roelofsen op 29 september: De Indonesische resident Soedirman stuurt een delegatie naar het Oranjehotel om met de RAPWI vertegenwoordigers te praten. Roelofsen behandelt deze delegatie zeer vernederend en schrijft in een rapport: “het gezag van de stad was in handen van een groep die zich leiders noemden maar verward waren in hun denken en een grote mond hadden. Zij vertegenwoordigen slechts het laagste van het laagste inheemse volk uit de koloniale tijd.” Roelofsen weigert de delegatie een hand te schudden.

    Maar.. de Britten erkenden het Indonesische gezag niet! De eerste Britse troepen landen al op 29 september in Jakarta met als opdracht de Japanners over te nemen tot het moment de Nederlands-Indische regering weer in functie zou treden. Zij moeten de krijgsgevangenen + geïnterneerden bevrijden en de Japanners ontwapenen. (In Surabaya was men inmiddels al begonnen met het ontwapenen van de Japanners)
    De Britten maakten duidelijk dat ze de regering van Soekarno niet erkenden. Wel dringen ze er bij de Nederlandse regering op aan om met Soekarno te gaan praten.

    Bovendien hebben de Engelsen Soekarno en Hatta niet naar Surabaya ‘gebracht’ maar hen om hulp gevraagd om in Surabaya te onderhandelen. (Wordt door hen zelf zo geformuleerd in het geschiedenisboek van de 23e Indian Division)
    De Britten zaten in de knel en blijkbaar erkenden ze Soekarno en Hatta nu ineens wel als leiders.

    @Surya Atmadja:
    Meneer Samson ken ik persoonlijk en heb hem al verschillende keren gesproken over die tijd, hij is net als meneer Hario Kecik een interessante getuige. Maar het blijven twee verschillende dingen: ‘Oral history’ en ‘written history’. Het eerste is meer een belangrijke aanvulling op het tweede en geeft het geschrevene kleur en emotie.

    Het verhaal over de 4 Indonesische doden is geen ‘kabar angin’ van één iemand, wordt in diverse geschiedenisboeken en door diverse mensen zo beschreven en is dus verifieerbaar. Het probleem met Nederlandse bronnen is dat men het in het algemeen niet noemenswaardig vind om dat er ook bij te vermelden.

    • P.Lemon zegt:

      @ marjoleinvanpagee “De eerste Britse troepen landen al op 29 september in Jakarta met als opdracht de Japanners over te nemen tot het moment de Nederlands-Indische regering weer in functie zou treden.”

      Een andere versie: 29 september, 25 oktober of 17 oktober.?

      “Vanaf 17 oktober gingen de Britten tot actie over. Deze was eerst en vooral bedoeld om de positie van de geïnterneerden veilig te stellen. Deze actie richtte zich met name op drie gebieden. Allereerst Bandoeng, waar men na het gewelddadig ingrijpen van de troepen van generaal Mabuchi een betrekkelijk rustige situatie aantrof. Op de tweede plaats Semarang, welke stad men eveneens op 17 oktober bezette. Van daaruit rukte men met een bataljon op naar de vrouwen- en kinderkampen in Ambarawa en Magelang. Tenslotte kwam Soerabaja aan de beurt, waar op 25 oktober 4000 man Brits-Indische troepen landden onder leiding van brigade-generaal A.W.S. Mallaby.Pal na de landing rukten Mallaby’s troepen meteen dwars door de stad heen op naar de interneringskampen, met name naar het Darmo-kamp, waarbij zij zich door de gehele stad verspreidden. Na een Britse blunder (Britse vliegtuigen wierpen pamfletten uit, waarbij de republikeinen werden gemaand hun wapens over te geven), braken er overal in de stad hevige gevechten uit. De positie van de Britse troepen was precair. Zij waren weliswaar goed bewapend, maar hun troepen waren over de hele stad verspreid.
      Zo’n 120.0000 gewapende Indonesiërs vielen de Britse posities aan. De gevechten droegen een hevig karakter. Vele Indonesiërs streden met niets anders dan met messen of gepunte bamboesperen. Een kern beschikte echter over allerlei wapens en materieel, die de Japanners eerder die maand hadden overhandigd.
      http://www.dekolonisatie.com/trilogie/politiek/britse%20inmenging.htm

      • marjoleinvanpagee zegt:

        Volgens mij 29 september allereerste Britten in Jakarta, 17 oktober eerste acties, 25 oktober was Surabaya aan de beurt

        • P.Lemon zegt:

          Nog exacter :

          “Overigens bezetten de Britten al op 3 september een stukje Nederlands-Indisch grondgebied, namelijk het ten noorden van Atjeh gelegen eiland met de haven van Sabang. Dat gebeurde echter niet in het kader van de herbezetting van Indonesië, maar in de herbezetting van Malakka en Singapore. Wel werd hier terstond de Nederlandse vlag gehesen.
          De eerste geallieerde landing op Java vond op 28 en 29 september plaats, toen een uit Schotten bestaand bataljon van achthonderd man ontscheept werd in de haven van Batavia. Ook mocht een honderdtal Nederlandse mariniers dat zich aan boord van de kruiser ‘Tromp’ bevond nu aan wal gaan om aan de bezetting deel te nemen. De geallieerde militairen werden door de inheemse bevolking zwijgend ontvangen. Het Schotse bataljon vormde slechts een voorhoede; het hoofdbestanddeel van de bezettingsmacht voor Batavia werd gevormd door twee voornamelijk uit Indiërs bestaande brigades. waarvan de eerste enkele dagen later aankwamen….
          In Batavia arriveerden bovendien in de eerste helft van oktober verscheidene Nederlandse legereenheden, deels per vliegtuig, deels per schip ( KNIL compagnieén van elk ongeveer honderd man vnl Ambonezen, Menadonezen en Surinamers en ex krijgsgevangenen uit Singapore)

          http://books.google.nl/books?id=sXphAAAAQBAJ&pg=PA397&lpg=PA397&dq=britse+landing+soerabaja&source=bl&ots=nCs1CQb5SP&sig=ASanzvx49PozPZIsyHTD-_tExTs&hl=nl&sa=X&ei=v3NNU6jNIcjuOrv0gcAH&ved=0CGIQ6AEwCA#v=onepage&q=britse%20landing%20soerabaja&f=false

      • Wal Suparmo zegt:

        Op opdracht van de Engelse commandant .De Japanse troepen van DE KIDO Butai van Jatingaleh.Had mijn ouderlijk huis in Pandean Lamper Lor Semarang , op 5 Desember 1942, de hele kampong verbrant en de vluchtende bevolking beschoten met doden natuurlijk.

    • Surya Atmadja zegt:

      marjoleinvanpagee, on 15 april 2014 at 18:46 said:

      Meneer Samson ken ik persoonlijk en heb hem al verschillende keren gesproken over die tijd, hij is net als meneer Hario Kecik een interessante getuige.
      ———————————————————————-
      @ marjolein
      Beiden waren getuigen , zoals ook Pak Jan Somers.
      En mss zijn er vele anderen die hier hun ervaringen niet willen of kunnen vertellen.
      Hun verhalen van bijna 68 jr geleden kunnen elkaar aanvullen/bevestigen of tegenspreken.
      Ik zelf ben nog niet geboren dus moet wel zwaar leunen op Indonesische bronnen zoals de weinige verhalen van mijn ouders i.h.b de omstandigheden in West Java en Jakarta .
      Van Surabaya weet ik heel weinig , beperkt zich tot wat ik gelezen en geleerd heb tijdens mijn middelbare schooltijd in Jakarta .
      Eerlijk gezegd gebruik ik Nederlandse bronnen die beschikbaar zijn als basis , aangevuld met Indonesische bronnen .

      Het verhaal van Majoor Generaal b.d Soehario .K. . Padmodiwirio is een belangrijke bijdrage .
      Hij bevestigd de verhalen van Nederlanders (zie o.a Java Post) dat in het begin er GEEN of weinig vijandelijkheden waren tegen de Nederlanders, in het bijzonder de Indische Nederlanders.
      Er waren toen bijna 200.000 t/m 220.000 buitenkampers .

      Zie de biografie en staats van dienst van May.Gen Pur. Soehario K Padmodiwirio .
      http://www.hariokecik.com/BIOGRAPHY

      In de posting van Pak Lemon las ik :
      ” It betrayed his aristocratic ancestry. All these years, he has kept the diminutive name that his friends in the struggle gave him: ”

      Veel van de 1ste lichting nationalisten en legerleiding waren afkomstig uit goede huizen.
      Zelfs die groep tegen Nazi Duitsland in Nederland
      Soms gebruiken ze hun schuil of strijdnamen zoals
      Henk van de Bevrijding , was de zoon van Pangeran Raden Adipati Ario Soejono
      Zie ook Raden Mas Setyadjit Soegondo (pseudoniem: Sweers) en Raden Mas Djojowirono Soenito (Frits de Bruin).)

      • bokeller zegt:

        Veel van de 1ste lichting nationalisten en legerleiding waren afkomstig uit goede huizen.

        Nmi. lukte deze ”kern ?” niet om één afschuwelijke verkrachtings-
        slachtpartij op weerloze mensen te voorkomen.
        Wat is de reden om de vele ”buitenkampers” velen vrouwen en
        kinderen niet aan de Engelsen af te geven, die op enkele
        kilometers aanwezig waren.
        Maar wel dagenlang gezeuld om deze weerloze personen naar
        het binnenland te verslepen.
        Dat hoor ik niet van deze Elite.
        siBo

        • sIL. zegt:

          Mijnheer Bo Keller, u vervalt nu in algemeenheden.
          In oinderhavig geval graag vermelden: aard van de gebeurtenis, de locatie, datum, tijdstip, de betrokken partijen.
          Het verplaatsen van die vrouwen en kinderen zou toch ook onder toeziend oog van de Britten hebben plaatsgevonden.

          Wat u verder doet is de bersiap, want daarover heft u het nu, associeren met een gigantische verkrachtings- en slachtpartij een genocide, terwijl zij slecht s een onderdeel uitmaakt van een lang proces: het onafhankelijkheidstreven van de Indonesiërs, dat voor menig indo blijkbaar nog steeds een doorn in het oog is

    • Jan A. Somers zegt:

      “Maar.. de Britten erkenden het Indonesische gezag niet!” Dat was ook helemaal niet de bedoeling. De overwinnaars, Engelsen en Amerikanen, hadden het tijdelijke militair gezag aan zich getrokken in naam van de vooroorlogse bestuurders. Dat liep natuurlijk fout, maar het was niet anders.
      “Bovendien hebben de Engelsen Soekarno en Hatta niet naar Surabaya ‘gebracht’ maar hen om hulp gevraagd om in Surabaya te onderhandelen.” Als je om hulp vraagt, en een militair vliegtuig ter beschikking stelt, breng je hun er toch heen? Hun ‘hulp’ was wel een teken dat de Indonesische regering geen gezag had.
      “vliegveld Kemajoran, dat bewaakt werd door militairen van het KNIL,” Mountbatten had zelf te weing mankracht en maakte dankbaar gebruik van beschikbare KNIL-eenheden, zo nam het KNIL in de Grote Oost het gezag over van de Australiërs. Ook in Batavia maakte hij gebruik van ca. 1000 KNILlers. Dat was hard nodig. Tussen 12 en 25 oktober vonden vanuit het Zuiden hevige aanvallen plaats. Tegenover tienduizenden Indonesiërs konden daar gelegerde KNIL-militairen slechts ten koste van zware verliezen die aanvallen stuiten. Misschien is het hierdoor dat Batavia relatief weinig van de bersiap heeft gemerkt. (toch met medeleven van de toch gevallen slachtoffers!)

  9. Surya Atmadja zegt:

    P.Lemon, on 15 april 2014 at 20:29 said:
    Nog exacter :
    “Overigens bezetten de Britten al op 3 september een stukje Nederlands-Indisch grondgebied, namelijk het ten noorden van Atjeh gelegen eiland met de haven van Sabang.
    ———————————————————————————
    Volgens een Indonesische site ( uit Nederlandse bronnen ?)

    De komst van Nederlandse troepen op Sumatra.

    * 27 Agustus 1945, Luit. C.A.M. Brondgeest van de Ned. Marine lande te Pangkalanbrandan met 11 man .
    Hij rekruteerde ex KNIL militairen uit Medan e.o .

    14 sept 1945 lande reserve 2 luit RPP Westerling te Medan , met zijn kleine groep sgt B. de Leeuw, J. Quinten, Engelse kapitein Turkhaud en soldaat Sariwating.
    Om de groep Brongeest te versterken, met een lading wapen voor 175 personen.

    *Oost Indonesie (Australiers en Nica ) veroverden
    Kupang op 11 September,, Bandjarmasin 17-09, Makasar 21-09,
    Ambon 22-09, Manado 02-10, Pontianak 16-10.
    Overgedragen aan Nederland- NICA op 15 -07-1946

    De Engelsen hadden dat gedaan in November 1946.
    Nederland kreeg de zware wapens( was het waar ?) , en rekruteerde 60.000 “pribumi’s” als KNIL militairen ( waarvan 5000 “Ambonese ” soldaten)
    Buiten de vers aangekomen KL soldaten uit Nederland .
    Bron: http://www.10november1945.blogspot.nl/
    Of het waar is kan men altijd na lezen.

  10. bokeller zegt:

    Ik kijk soms wel naar de volle maan stand en het is nu
    volle maan.
    siBo

  11. Huib zegt:

    Tja….Ik hoor de wolven al huilen in het bos.

  12. RLMertens zegt:

    Het is toch opvallend hoe vele Indon.veteranen (vooral zij met een Ned.opleiding) terug kijken op die roerige tijd met in hun belevenis van toen; de hoop/vertrouwen dat Ned.(kon.Wilhelmina) hen de onafhankelijkheid zal schenken. En dat, zeker na een wereldoorlog. Echter de Ned.politici van het Londen kabinet dachten er anders over. Zelfs na de ondertekening van het Atlantisch Handvest, bleef men aan een soort koloniale periode (zelfstandigheid binnen het Rijk) aanhouden tot nog ca.25-30 jaar. Min.Soejono pleitte tevergeefs om zelfbeschikking in de HM 7 dec.rede 1942 op te nemen. Hier ligt de kern van ons Indië drama. Een politieke misser van jewelste die tot konsekwenties heeft geleid; bersiap-moord en doodslag voor beide kampen. Een Ned.bestuur, die daarna hautain/provocerend(Hollandse vlag in top bij Van Mook’s paleis en het Oranje hotel te Soerabaja) de Republiek tegemoet trad en dus geen ruimte liet om tot dialoog te komen.(men wilde helemaal niet met een Republiek praten). En de chaos werd ontketend.
    Politieke beslissingen met verstrekkende gevolgen!
    We zaten aan de verkeerde kant van de geschiedenis.
    Het wordt de hoogste tijd, de goede kant van de geschiedenis op te zoeken; Ons koninklijk paar moet op 17 aug.in Djakarta aanwezig zijn!

    • P.Lemon zegt:

      @Hr Mertens In grote lijnen weten we ‘hoe het allemaal zo is gekomen’ dat we als kleine bevolkingsgroep ons geboorteland vol trauma’s en berooid hebben moeten verlaten. Dat sloeg diepe en vaak niet te helen wonden in de ziel en soms zelfs tot verloochening van het deel van onze meegekregen aziatische genen.
      Hoewel we, nadat de politieke rook vwb de schuldvraag is opgetrokken en eveneens het koloniaal bestel als pervers systeem is ontmaskerd, heeft de ex-kolonisator na enige aarzeling ons toch binnen zijn grenzen toegelaten en kansen geboden iets vh leven te maken.
      Tijd heelt vaak de wonden bij de één eerder dan de ander en zal het niet eenvoudig zijn in het reine te komen met onze aziatische roots, terwijl het europese deel zich hier geestelijk en materieel hebben versterkt.
      .
      En iedereen leeft in zijn eigen werkelijkheid zoals in een andere topic al is aangehaald die is vertekend doordat geschiedschrijvers zelfs in het beste geval de beschreven gebeurtenissen aan den lijve en voor een deel hebben meegemaakt, meestal moeten afgaan op …

      “De historicus maakt een keuze uit het tot zijn beschikking staande materiaal, ook en vooral om niet de zogeheten omgevallen kaartenbak te publiceren, een oeverloos geheel zonder enige structurering. Een zekere mate van subjectiviteit is onvermijdelijk, omdat de geschiedschrijver de materie vanuit zijn eigen wereld, vanuit zijn eigen opvattingen en zijn eigen maatschappelijke situatie benadert.”

      De tweestrijd tussen het hoofd en het hart zal voorlopig wel blijven.

      • Mas Rob zegt:

        Terwijl ik denk dat voor beide een plaats is. Het hoofd is eerst aan zet, maar wie zich daartoe beperkt, produceert steriele geschiedschrijving – een film zonder kleuren.

        Maar zoals gezegd, het hoofd is als eerste aan zet. Je moet afstand kunnen nemen, wie te dicht op het onderwerp staat ziet veel detail, maar niet het breder beeld. In de Nederlandse historiografie ken ik slechts één geslaagd voorbeeld van geschiedschrijving waar emotie en persoonlijke betrokkenheid zo dicht onder de oppervlakte liggen dat die bij tijden er boven uitsteken: “Ondergang” van J. Presser. “Dit boek behelst de geschiedenis van een moord. Een moord, tevens massamoord, op nimmer gekende schaal, met voorbedachten rade en in koelen bloede gepleegd.”, zo begint het boek over de Nederlandse Jodenvervolging en – vernietiging in de tweede wereldoorlog – de toon is in de eerste zin gezet.

        Wat ik mis in de geschiedschrijving over Indië is een mentaliteitsgeschiedenis of breder een cultureel antropologische benadering van het verleden. Hoe dachten mensen daar eigenlijk over zichzelf, elkaar en de omringende wereld? Wat vond met belangrijk? Hoe dacht men over carriére, gezin en opvoeding? Hoe werkte de koloniale scheiding van bevolkingsgroepen door in de persoonlijke levens of familiegeschiedenissen? Vak blijven dit soort onderwerpen hangen in algemeenheden en/of vaagheden in boeken over Indië.

        Politieke geschiedenis heeft nog steeds het primaat in de geschiedschrijving.

        • Surya Atmadja zegt:

          Mas Rob, on 20 april 2014 at 07:00 said:

          Wat ik mis in de geschiedschrijving over Indië is een mentaliteitsgeschiedenis of breder een cultureel antropologische benadering van het verleden.
          —————————————————————–
          Hoe de meesten denken is duidelijk beschreven in diverse bronnen tientallen boeken/artikelen al dan niet wetenschappelijk beantwoord.
          Alleen zijn ze verspreid .
          Word tijd om al die verhalen in een soort canon bij elkaar te brengen , reconstrueren en zaken die niet waar zijn te benoemen.

          Ik heb bewondering hoe een meisje ( Robin ?) voor haar VWO werkstuk een indrukwekkende stuk had geschreven .
          Waarom kunnen de Nederlandse of Indische orang pinter dat niet doen, of willen ze dat niet ?

      • Paul Vermaes zegt:

        @P.Lemon: “Hoewel we, nadat de politieke rook vwb de schuldvraag is opgetrokken en eveneens het koloniaal bestel als pervers systeem is ontmaskerd, heeft de ex-kolonisator na enige aarzeling ons toch binnen zijn grenzen toegelaten en kansen geboden iets vh leven te maken.”

        Uw hele reactie getuigd van een grote verbeeldingskracht een filosoof waardig, maar bovenstaande alinea slaat de spijker voor mij op de kop. Daar spreekt toch dankbaarheid uit ten opzichte van ons Vaderland.

        • P.Lemon zegt:

          @Hr Vermaes. Terima kasih vd woorden. Dankbaarheid in zekere zin, want we waren door een keerpunt in de geschiedenis plotseling politieke drenkelingen geworden. Door Nippon, Holland en Indonesië tegelijk in een diepe slokan geduwd. Hoe dankbaar ben je dan als 1 van die 3 je toch weer uit die sloot trekt en van droge schone kleren voorziet….een restje wrok en achterdocht zal wel blijven.

        • Boeroeng zegt:

          Het was natuurlijk simpelweg je recht als Nederlander om in Nederland te wonen.
          Er is geen reden tot dankbaarheid. Temeer dat men tot op regeringsniveau al die bruine mensen liever niet wilden.

        • P.Lemon zegt:

          Maar dat recht werd in eerste aanleg soms velen ontzegd maar hield gelukkig later geen stand.

          * *Van een soepele naar een strenge toets van Nederlanderschap: de Paspoortkwestie.**
          Inzet van regering en Tweede Kamer was dus dat de Indische Nederlanders voor 27 december 1951 ( einde optieperiode) uit vrije wil zouden kiezen voor de Indonesische nationaliteit. Daar bleef het niet bij, want vanaf 1951 maakte een ruime ‘toets’om te bepalen of iemand Nederlands staatsburger was plaats voor een restrictieve interpretatie: de documenten die de Nederlandse nationaliteit moesten staven werden onder een vergrootglas gelegd. Een generaties lang ervaren Nederlanderschap kon opeens blijken formeel niet te bestaan.

          De lotgevallen van de Indische intellectueel Guus Cleintuar ( door hem zelf beschreven) illustreren tot wat merkwaardige situaties de restrictieve uitleg van het Nederlandse staatsburgerschap kon leiden…

          http://books.google.nl/books?id=NBvuR3-UH5MC&pg=PA149&lpg=PA149&dq=repatriant+bewijs+van+nederlanderschap&source=bl&ots=LU34ZUeMdD&sig=pkkxvcjhdkb7AS0u_cBtrWubCCA&hl=nl&sa=X&ei=uLtTU9i3N4nDO-TzgcAP&ved=0CEgQ6AEwAw#v=onepage&q=repatriant%20bewijs%20van%20nederlanderschap&f=false

  13. Roel Struyve zegt:

    Hoi iedereen
    Per toeval hier terechtgekomen omdat ik op zoek ben naar meer informatie over ene Lt. Christiaan Gregorius Antonissen. ° Teteringen 1919 + Sassenheim 1976. Van hem bestaat een certificaat waarin hij op 04 april 1946 door de Britten wegens verdienste vernoemd werd op het dagorder. Niet onmiddellijk iets speciaals, het wordt pas interessant als blijkt dat zijn naam opduikt in de National Archives in Kew tussen een lijst dossiers die verzegeld blijven tot 2031, tussen allemaal mensen behorende tot de SOE (Special Operations Executive, spionnen zeg maar)
    Helemaal onderaan geef ik (de Engelse vertaling) van zijn dienststaat in het Nederlandse leger waaruit blijkt dat hij bij de Anglo Dutch Section te Ceylon geplaatst werd en later ook in Indonesië arriveerde.
    Alles in acht genomen vermoed ik dus heel sterk betrokkenheid met ‘Korps Insulinde’ en/of Force 136 en/of RAPWI. Overigens wordt hier http://supartobrata.com/?p=692 een Lt. Antonissen genoemd als leider van de missie Mastiff Carbolic, geparachuteerd op Gunungsari in Surabaya en dus betrokken bij de gebeurtenissen op 19 september. Toeval of dezelfde persoon?
    Wie meer weet, kan bevestigen of ontkennen:. bedankt voor elke aanvulling
    Salaam hangat dari Vlaanderen
    Roel
    – 1939, Jan 1st (starting) : Drafted in the army
    – Final exemption, based on Art. 15, 1, e. of the Draft Legislation has ceased to be valid. (Decision Minister of Defense, March 27th ’39, Sect VII. nr. 457 V)
    – As of 1939, March 27th on strength of 6th Inf. Rgt. On leave.
    – As of 1939, April 11th : In actual service ‘till 1st exercise
    – As of 1939, April 18th : On leave awaiting dismissal due to defaults.
    – As of 1939, April 23rd: dismissed due to defaults.
    – As of 1945, March 20th: enrolled in the Dutch Forces in England as Draft 1945, based on London Decrees.
    – As of 1945, May 10th: Transferred to the Royal Dutch Indies Army
    – Temporary commissioned as Second Lieutenant (Res.) in the Royal Dutch Indies Army infantry with stipulation: a) this temporary commission is valid for the duration of the special training and execution of the assignments. B) that this commission is considered to have started May 10th 1945. C) that he will be put at the disposal of the Anglo Dutch Section in Ceylon (Decision Minister of War May 22nd 1945 nr 486/020116)
    – 1945, May 23rd: to Ceylon by airplane
    – 1945, May 27th: arrival Colombo
    – 1945, November 19th: departure to Dutch East-Indies and taken on strength of 1st Depot Bn. in Batavia.
    – 1946, July 14th: departure for the Netherlands by M.S. Klipfontein.
    – 1946, July 26th: passed Capricorn
    – 1946, August 7th: arrival the Netherlands
    – As of August 22nd 1946: honorable discharge. Reverted to on leave. (Decision Minister of War 1946, Aug 27th 446/020116)
    – 1954, October 1st: discharged due to termination of period of service
    – Based on Royal Decree N° 50 of October 4th 1946 the period from March 20nd 1945 until May 4th 1945 may be counted double.

    • Jan A. Somers zegt:

      Uw verhaal, dat een complement is van mijn ervaring, strandt op “1945, November 19th: departure to Dutch East-Indies and taken on strength of 1st Depot Bn. in Batavia.” De gebeurtenissen in Soerabaja vonden vóór die datum plaats. De hulpverlening door de RAPWI begon na 28 augustus met het afwerpen van pamfletten waarin de Japanners werd bevolen hulp te verlenen en de gevangenen werd gevraagd in de kampen de komst van de geallieerden af te wachten. Voorkomen moest worden dat de gevangenen het recht in eigen hand namen of gingen rondzwerven. Reeds in de bezette gebieden aanwezige geheime groepen van de E-group en Force 136 moesten contact zoeken met de gevangenen. In de operatie Mastiff werden kleine groepen contactteams geparachuteerd nabij bekende interneringskampen als kwartiermakers voor de RAPWI-teams. Begin september werden vijf KDP/LOC-teams geformeerd, een voor Sumatra, drie voor Java en een voor Borneo en de Grote Oost; deze teams werden door Van Mook gesteld onder Britse RAPWI-leiding, met uitzondering van laatstgenoemde groep. Al deze groepen werden ingezet in gebieden die zij niet kenden, zonder voorkennis van wat hun te wachten stond en zonder uitzicht op directe militaire steun.
      Op 18 september werd in Soerabaja op het vliegveld Goenoengsari het eerste RAPWI-team geparachuteerd, bestaande uit drie Nederlandse en vier Britse militairen. Zij werden door de Japanners ondergebracht in het Oranjehotel aan de winkelstraat Toendjoengan, tegenover de Vrijmetselaarsloge waar het Nederlandsch-Indische Rode Kruis onderdak had gevonden. Dat parachuteren was nodig omdat geen radiocontact kon worden gelegd met de Japanse verkeersleiding, en de banen waren geblokkeerd. Na die eerste dropping konden de vliegtuigen normaal landen na melding bij de Japanse verkeersleiding. Op 21 september werd een tweede RAPWI-team eveneens in het Oranjehotel ondergebracht. Op 23 september arriveerde kolonel D.L. Asjes als hoofd van het RAPWI-kantoor Soerabaja begeleid door een Japans ere-escorte in het Oranjehotel.

      • Roel Struyve zegt:

        Beste heer Somers,
        Hartelijk dank voor uw reactie. De data zijn inderdaad een struikelblok.
        Hoewel me wel is opgevallen dat er weinig info wordt gegeven over de tijd in Ceylon en in Nederlands Indië. Waar meestal in de Britse service records bij een verplaatsing nauwkeurig de datum van vertrek, van aankomst, en de manier van reizen vermeld staat, is dat ook hier het geval voor de reis van de UK naar Ceylon en van Indonesië naar Nederland, maar niet voor de reis van Ceylon naar Batavia. Bovendien zijn er ook geen verdere gegevens over de effectieve eenheid van betrokkene in Indonesië. Hij zal waarschijnlijk wel niet bij het depot gebleven zijn in Batavia waar hij geregistreerd werd? Daarenboven weten we uit zijn dossier met zekerheid dat hij in Ceylon bij de Anglo Dutch Section zat, dus zitten we wel degelijk in SOE/FORCE136 (bevestigd door de vermelding van zijn SOE dossier in Kew, gesloten tot 2034)
        Met die achtergrond is de website met de vermelding van ene Lt. Antonissen bij Mastiff/Carbolic te Surabaya toch wel héél toevallig? Jammer genoeg vind ik geen bronvermelding terug voor de info op de site maar het lijkt me sterk dat net die naam en graad zomaar uit de duim gezogen werd?
        Zoals elk goede puzzel altijd meer vragen dan antwoorden natuurlijk. 🙂 We zoeken verder!
        Nog een keertje bedankt voor elke reactie.
        Mvg
        Roel
        PS: in de National Archives lijkt er wel een toegankelijke dossier te zijn over (onder andere) de missie Mastiff/Carbolic maar helaas alleen ter plaatse te raadplegen of tegen betaling te kopiëren. Heel misschien zijn daar de namen in vermeld van de deelnemers.

        • Jan A. Somers zegt:

          De naam Antonissen (en vele anderen uit die tijd) komt voor in het boek Revolutie in Soerabaja van Willy Meelhuijsen. Voor mij het meest gedetailleerde boek met een enorm aantal Indonesische, Engelse en Nederlandse namen met hun activiteiten. Maar pas op, heel gedetailleerd en daardoor: Opgeschreven chaos blijft chaos. Daardoor een goede beschrijving van de chaos. citaat: Het team bestond uit luitenant Antonissen, vaandrig J. Lansdorp, sergeant W. Bals en vier Britse militairen.
          Voor de liefhebbers, er worden voor Soerabaja ruim 50 Indonesische strijdgroepen (tegenwoordig milities) genoemd met naam strijdmacht, aantal manschappen, wapens, hoofdkwartier en bevelhebber. En daarnaast nog een groot aantal groepen die van elders kwamen. Bij Walburg Pers twijfelde men sterk aan het al dan niet uitgeven van dat boek. Chaos! Mijn opmerking daarover: Als je chaos leesbaar opschrijft heb je de gebeurtenissen niet goed beschreven.

        • Roel Struyve zegt:

          Beste hr. Somers
          Hartelijk dank voor het citaat! Weer een stukje in de puzzel! Over welk team hebben we het hier precies? Onder de noemer Mastiff/Carbolic of als RAPWI?
          Ondertussen vond ik ook een artikel terug van de hand van drs. W.G.J.Remmelink “The emergence of the new situation. The Japanese army on Java after the surrender.” Dat lijkt de originele bron te zijn geweest voor de info op de gemelde Indonesische website. In tegenstelling met die website echter vermeld hij wel een tweede luitenant Antonissen waarmee hij heel precies dezelfde rang aangeeft van Christiaan G. Antonissen (in tegenstelling met de website die van een luitenant spreekt). Ik weet het, nog steeds geen sluitend bewijs dat het over dezelfde persoon gaat.
          Heel interessant lijkt een vermelding te zijn die ik vond in de index van het boek “Opdracht Sumatra: het Korps Insulinde, 1942-1946” van J. Th. A. de Man. Daar zou op pg 147 de vermelding staan van ene Antonissen, C.G. Gezien de initialen zeker de juiste persoon, maar het is nog maar de vraag of het over een vermelding gaat met betrekking tot Surabaya. Als de titel van het boek de lading dekt zou het eerder over Sumatra moeten gaan.
          Weet niet of iemand de beschikking heeft over dit boek en eventjes zou willen piepen op pg 147? Woon in België en kan het hier niet in de bibliotheek nakijken. Boek zelf lijkt tweedehands niet meteen zo duur te zijn om op de kop te tikken maar logischerwijze alleen te vinden in Nl. en met de verzendkosten die ze me aanrekenen naar België….
          Groetjes
          Roel
          PS: overigens staat er in de dienststaat van de man nog een eigenaardigheid. De dubbel gerekende periode van 20 maart 1945 tot 04 mei 1945. Waarom mocht deze dubbel gerekend worden? Tijd in de tropen? Maar die komen niet overeen met zijn effectieve tijd in Ceylon en Indonesië?

        • eppeson marawasin zegt:

          Tweede gedeelte van pagina 147 uit ‘Opdracht Sumatra [Het Korps Insulinde 1942-1946] – J.Th.A. de Man

          [CITAAT]
          “Carbolic
          Op 18 september 1945 arriveerde Carbolic op het vliegveld Darmo van Soerabaja. De groep kreeg een buitengewoon goede ontvangst van de Japanners en de plaatselijke bevolking en werd door de Japanners naar het Oranje Hotel gebracht, dat voor de ontvangst van de geallieerde troepen in gereedheid was gebracht. Behalve de leider van Carbolic, 2de luitenant C.G. Antonissen, waren bij deze groep de Britse captain A.I.D. Prentice, de liaisonofficier captain A. Mirehouse, vaandri J.R. Lansdorp (telegrafist), de sergeanten A.D. Bals en Frich en Corporaal Croome.
          Lansdorp en Frich beleefden een apart avontuur. Op 28 september reisden zij per trein van Batavia naar Soerabaja. Vroeg in de morgen van de volgende dag werden zij door Indonesische politiemannen uit de trein gehaald en naar het Indonesische hoofdkwartier van de PID gebracht. Daar kwam een politie-inspecteur tot de ontdekking dat zij bij vergissing voor Hollandse MP-ers gehouden waren, die van hun post in Bandoeng waren weggelopen. Hij maakte het tweetal zijn excuses en bracht hen naar captein Grey in Hotel Preanger; Grey was belast met Rapwi-werk in Bandoeng. Van 1 tot 10 oktober trachtten zij van Batavia, waar ze intussen weer teruggekomen waren, naar hun groep in Soerabaja te komen, maar ze slaagden daar pas later in.
          Een dag later vond een vlagincident plaats. De Nederlandse vlag was door nationalisten van het Oranje Hotel afgehaald; Antonissen liet daarop een veel grotere Nederlandse vlag hijsen. Tegenover het hotel was het gebouw van de Partai Rakjat Indonesia (Indonesische Volkspartij) waar men dit met lede ogen zag gebeuren. Een botsing was onvermijdelijk …”
          [EINDE citaat]

          e.m.

        • Roel Struyve zegt:

          Dank u wel! Waarmee “bewezen” is dat het over dezelfde Antonissen zou gaan en zijn dienststaat dus met een korrel zout genomen mag worden.

        • Jan A. Somers zegt:

          “Onder de noemer Mastiff/Carbolic of als RAPWI?” Zoveel heb ik me er niet in verdiept. Ik weet alleen dat het een RAPWI-team zou zijn geweest met een legitimatie als RAPWI. Maar let wel op dat de RAPWI-teams ad hoc werden samengesteld, mensen die toevallig beschikbaar waren en per parachute konden aankomen. Ik heb begrepen dat de heer E.M. veel dieper erin is gedoken dan ik.

  14. Surya Atmadja zegt:

    Jan A. Somers zegt:
    4 september 2015 om 11:22
    Voor de liefhebbers, er worden voor Soerabaja ruim 50 Indonesische strijdgroepen (tegenwoordig milities) genoemd met naam strijdmacht, aantal manschappen, wapens, hoofdkwartier en bevelhebber. En daarnaast nog een groot aantal groepen die van elders kwamen.
    ————————————————————-
    Die genoemde strijdgroepen zijn relatief bekend, hun achtergrond etc.
    Wat moeilijker is, de toegestroomde sukarelawan ( vrijwilligers), de opgeroepen Moslim groepen en de hele regio .
    Om een Jihadstrijd te leveren tegen de Engelsen. Opgeroepen door leiders van Nahdatul Ulama / cq Masjumi( ?).

  15. Peter van den Broek van een andere generatie zegt:

    In gedachtenis aan Suray Admadja

    Vlagincident Surabaya

    De biografie van Hario Kecik “Student Soldiers a memoir that Sparked Indonesia’s National Revolution” is een door Francis Palmos in het Engels vertaald verhaal. Hario Kecik is een belangrijke ooggetuige en kenner bij uitstek van de gebeurtenissen in Surabaya van vlak na de einde van WO2.
    Het is een imposante bijdrage aan de gezamelijke geschiedenis geschreven door een insider.

    Het boek is gratis te lezen op het internet met de beperking dat voor een bepaald IP-nummer alleen maar een gedeelte van het boek te lezen is. Deze beperking wordt omzeild door het volledige boek te lezen via verschillende IP-numers, dwz computer, Ipad, Iphone.

    Ik citeer letterlijk enkele relevante delen. De weinig opmerkingen tussen haakjes () zijn mijn commentaar.

    Hfdstk 2 tearing of the Tricolour

    blz 33:
    …..many of Dr. Mustopo’s students were trained in espionage and at a crucial time placed as spies inthe Yamato Hotel (the former Oranje luxery Hotel, now the Majapahit ) where they learned to tap telephones and following the drift for whispering conversations in Dutch and English……….

    ……..Dr.Mustopo’s intelligence operators were stationed in this famous foyer and in the famous dining rooms waiting the arrival of Dutch, British and European (swiss?) officials whose central duties were to organize the release and care of civilians imprisoned by the japanese (RAPWI) ……..

    … At the Oranje, the staff included those dentistry students , posing as menial hotel staff and diningroom waiters , whose duties were to listen in on cpnversation and tap the telephones of the japanes eand European officers, especially the Dutchmen who seemed tob e preparing for a Dutch return.

    Blz 41
    The tearing of the Dutch Flag
    On Wednesday 19 September 1945 , as I was seated confortably in the Kaliasin Security Headquarters chatting with Ronokusomo and Cak Dul Arnowo in the heigh ceiling room, a group of younger boys came dashing in, telling us that an important Dutchman had been killed at the Oranje Hotel….

    ……The dental students had overheard the Dutch in Room 33 , planning to raise the Dutch flag as gesture of confidance , the first opened decleration of a call to arms for he thousands of Dutch civilians and soldiers from Japanese prison camps . They would stage a march auround the CBD as a show of anti-republican strenght……

    Blz 42.
    …….But after the flag has been raised , the youth outside who had been forewarned , helped a highschool student named Kusno shinny up the flagpole and tear the Dutch flag down. Once down he and the otherstore the blue section from the Dutch tricor, raising it again as the red and white indonesian flag. The crowd growing by the minute, wildly aplauded Kusno’s feat and called for Dutch blood. Several boys went into the lobby and confronmted the Dutch group, headed by a former prominent Mster of la wand business man a W. V.Ch. Ploegmanwho during his anti-Republican outburst was killed after firing sevarl shots i9n the ceiling. A fight ensued , involving pistols, knives, swords and clubs and a bicycle swung as a weapon. ….

    …..We (Kecik e.o. ) dashed over there …..the tearing of the flag has turned into a savage affair…….

    ——-After the killings there was a stand-off and tempers cooled.
    The foreign guests including Red Cross staff and British officers sent to supervise the release and welfare of the internese, were bystanders and their neutrality probably saved the hotel lobby from further destruction. Not a single Dutchman ventured out from the Hotel or the Hellendoorn restaurant next door where other foreign guests were gathered. I noted that none of the Japanese guards whose duties it was to keep the Oranje secure dare to intervene………

    ……….The following day, Thursday, 20 September, Ruslan Abdulgani, on orders from the leaders of the Independance Movement in Surabaya, went to room 33 in the Oranje (Hotel). Standing in the doorway and speaking fluent Dutch, he told the CONSPIRATORS their lives would be at risk if they dared anything as stupid as raising a Dutch flag in Surabaya, ever again………

    ……Some days after the flag tearing we had the confirmation that the Dutchhad planned their show of strenght on that day as balance to amassive successful meeting called by our national leader Sukarno , who addresses several hundred thousand loyal followers in jakart’s Medan Gambir (now Merdeka Square) in defiance of a Japanese ban on public mettings. Japanese guards were posted aroudn the huge audiance but were not neeeded.. Sukarno’s speech was a demonstration of his popularity. The speech contained no threats , but revealòed tot he japanese, the Britisch and the Dutch who controlled the city, and that s Sukarno’s authority was absolute……..

    ….. The Oranje Hotel was a serious top-level attempt to reinstate the Dutch and the men involved had the power to raise a small army……….

  16. Wal Suparmo zegt:

    Boek al in het Hollands vertaald?Ik hou mij aanbevolen met een Editor natuurlijk.!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.