Sla eens een oud boek open

Het boek ‘Beknopte klankleer met Methodisch gerangschikte gehoor-, uitspraak- en leesoefeningen voor de Indische scholen’ van de onderwijzer H.A.J. van Waesberge, gedrukt in 1909 gaat over de achterstand van Indo-europese kinderen in de Nederlandse taal.
Toen Henri Anton Jacq van Waesberge onderwijzer werd te Makassar in 1889 ( geboren en getogen daar in 1865 van Hollandse ouders) spraken vele indo-europese kinderen het Nederlands niet goed uit of kenden het nauwelijks.
Later na 1900 werd dat verbeterd, door meer gericht onderwijs.
Fragment uit het boek:

Het is van algemene bekendheid, dat èn de leerlingen èn veel onderwijzers op verkeerde wijze spreken en dat bovendien het Indische kind zeer veel klanken bijzonder slecht hoort en nazegt. We willen hiervan slechts enkele voorbeelden aanhalen, maar merken daarbij op, dat zijn klinkers bijna niet weer te geven zijn door een onzer klanken, het zijn meest alle tonen, liggende tusschen aa en a, ee en e, ie en i, enz.

Misschien is het boek nog te bestellen of lees alleen deze korte recensie.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

12 reacties op Sla eens een oud boek open

  1. Loekie zegt:

    “En het is te hopen dat iemand de moeite neemt om de resten van het Indisch Nederlands op te tekenen, nu het nog kan. Over een paar jaar is er niets meer van over en zullen we het moeten doen met de koloniale ideeën van de Beknopte klankleer.”
    De auteur van het artikel in Onze Taal had blijkbaar de boeken van Tjalie Robinson niet gelezen.

  2. Jan A. Somers zegt:

    Ga eens in Leiden luisteren naar die 2800 uren interview van de Stichting Mondelinge Geschiedenis Indonesië. Daar hoor je vaak ons taaltje. Gewoon thuis gesproken, niet in een linguïstisch laboratorium. Je bent wel een paar jaar bezig hoor.

    • Loekie zegt:

      Dat is het gesproken woord, met Indische tongval. Wat Tjalie Robinson deed, was wat anders. En hij had het niet over ons TAALTJE

    • P.Lemon zegt:

      @..hij had het niet over ons TAALTJE….

      ***Van Tjalie kennen we een paar leuke. Zoals ‘Rotland Holland: ister niet klapper, isternietmeer tanden. Maar doormaardoor klappertanden.’ Of ‘Houdt u van lectuur mevrouw?’ ‘Deze nog nooit gegeten.’ Tjalies two-liners zijn voornamelijk te vinden in de bundels Je-lah-je-rot en Je-lah-je-kripoet. Het zijn bundelingen van humor uit Tong Tong, maar de niet-ondertekende stukjes zijn, gezien de stijl, volgens mij van Tjalies hand.

      Uit het fascinerende ultieme verzamelde werk van Tjalie, zijn tijdschrift Tong Tong, dat volgens Nelien Drewes te lezen is als de kroniek van Tjalies leven,lees je met stijgende ontzetting hoe Tjalie het lachen vergaat.
      Hij was geen boekenmaker meer, maar ondernemer. Zijn leven in Nederland bestond uit het op de kaart zetten van de groep waarvan hij deel uitmaakt en hij zette zijn schrijverschap daar voor in. Niet zijn te vroege dood is het ergste, maar dat hij uiteindelijk zijn humor verloor, dat grijpt je naar de keel. Lees de teksten van zijn hand in Tong Tong, kijk naar de keuze die hij maakte uit de enorme aanbod aan kopij waar hij tot zijn dood over kon beschikken en constateer wat er vanaf pakweg 1963 ontbreekt in de kolommen van het blad. Alles over de snel om zich heengrijpende jeugdcultuur, alles over moderne literatuur, politiek, maatschappijkritische, anti-autoritaire, vrouwen-, homo- en andere emancipatiebewegingen, kortom het leven in Nederland vanaf begin jaren zestig. Het is een legitieme reden voor iemand als Kees van Kooten om Tjalie niet te kennen, het was een reden voor nagenoeg de hele Indische tweede generatie. Maar het is niet de ware reden. Lilian Ducelle schreef over de American Tong Tong dat het blad tjemplang was sinds Tjalie weg was. Bladerend door de latere jaargangen van Tjalies eigen Tong Tong moet je constateren dat dit al tjemplang is vóór Tjalie voor eeuwig wegging. Omdat zijn humor eerder dood was dan hij, en zijn schrijverschap niet werkt zonder humor.

      Samenvattend kunnen we zeggen dat, als we Tjalies humor langs de meetlat leggen van Kees van Kooten, Nederlandse humorist bij uitstek van de laatste drie decennia, Tjalie de toets der kritiek ruimschoots kan doorstaan. Hij is natuurleuk, burgerleuk, geniet van per ongeleuk, kan wonderleuk mooi schrijven en – maar dat weet Van Kooten al helemaal niet – hij heeft begin jaren vijftig al een duister vermoeden van en bijpassende hekel aan het afschuweleuke van het moderne leven. ‘

      http://www.dbnl.org/tekst/_ind004199901_01/_ind004199901_01_0032.php

      • Jan A. Somers zegt:

        Inderdaad gebruikt Tjalie ons taaltje niet, dat is een cabaretier, moet overdrijven om zijn geld te verdienen. Net als Tante Lien. Vinden we prachtig, maar dat hoorde je in Indië niet. Daar was dat not done. Ons taaltje zijn de verborgen accenten en zinswendingen die je meteen een schok van herkenning geven. Tante Lien niet, die is alleen lachen geblazen, daar hebben we voor betaald, en ze doet het goed. Ons taaltje hoor je bij tante Toetie bij de thee.

  3. Indorein zegt:

    “Ons taaltje hoor je bij tante Toetie bij de thee”:
    Inderdaad hoorde ik vroeger ons taaltje bij tante Toetie, maar dan dronken mijn ouders altijd kopie toebroek. Ik mocht mijn eerste kopie toebroek pas drinken toen ik al zo’n jaar of 16 was en dan met mate.

    • Jan A. Somers zegt:

      “met mate” Dat is nou net het sleutelwoord voor een lang en lollig leven! Genieten zonder ladderzat in de gracht te rollen! Alhoewel, wat is voor een zatlap mooier dan in een poel jenever te verzuipen?

    • bokeller zegt:

      Zevendronk
      Heb je al gehoord van de Zeven, de Zeven
      Heb je al gehoord van de Zevendronk
      Ze zeggen dat hij niet zoep’n kan,
      maar hij kan zoep’n als een echte man
      siBo

  4. bokeller zegt:

    ## Inderdaad gebruikt Tjalie ons taaltje niet##

    Tjalie ,had in 1947 rubriek in het legermagazine uitgegeven
    tbv. oa.voorlichting aan de Hollandse soldaten
    onder si Jan en si Piet.
    Om de toen bestaande onkunde over ons Indo
    voor siJan (Hollands militair) duidelijk te maken.
    Mss. is dat ook bewaard gebleven.
    siBo

  5. Jeroen zegt:

    Recentie Onze Taal:

    Indische kinderen zijn Indonesische kinderen??

    “de manier waarop Nederlandse kolonialen gedacht hebben over de oren van Indonesiërs”
    “Volgens de inleiding van de Beknopte klankleer verwisselden Indonesiërs ook de ie en de i”
    “en zo te zien werden die door de Indonesiërs op min of meer dezelfde manier behandeld als door de Hagenaars”.
    “Het Indonesische kind had dus ongeveer hetzelfde probleem als veel Nederlandstaligen hebben met Duitse naamvallen”.

    Ik kan me voorstellen dat een deel van de Indische kinderen Zuid- en Noord-Hollandse vaders en opa’s hadden. En dat het Nederlands in Nederlands-Indië niet altijd ABN was. Indië was immers al gekoloniseerd toen de taal nog Nederdiets werd genoemd. Én men ging op Perlof naar Nederland.

    De vooronderstelling dat vrijwel geen enkel Indisch kind Haags heeft gehoord klopt niet lijkt me:
    “Overigens hadden de meeste Indische kinderen waarschijnlijk nog nooit een Hagenaar gehoord.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.