Banda

De Banda Eilanden vormen een onderdeel van de Zuid-Molukken in Indonesië.
In de 17e eeuw heeft de Verenigde Oost-Indische Compagnie(V.O.C.) deze eilanden veroverd om daar een handelsmonopolie op de nootmuskaat te verkrijgen.
In die tijd was de nootmuskaat van Banda namelijk de beste ter wereld. Het veroveren van deze eilanden ging bepaald niet zachtzinnig.
Jan Pieterszoon Coen gaf in 1621 opdracht de dorpshoofden te onthoofden en de eilandbewoners uit te moorden
De Bandanezen weigerden namelijk een Nederlands monopolie op de nootmuskaathandel.
Van de bevolking van 15000 Bandanezen bleven naar schatting slechts 1000 mensen in leven.
Daarna zijn op deze eilanden nootmuskaatperken door de VOC in beheer gegeven aan Nederlanders vanaf 1627.
Deze plantagehouders werden ‘perkeniers’ genoemd. De familie Van den Broeke behoort tot de oudste perkeniersgeslachten van Banda.  Deze website geeft meer informatie over de geschiedenis van deze bijzondere eilanden en de herkomst van de perkeniersfamilie Van den Broeke.      Bron: rvdbroeke.nl

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

26 reacties op Banda

  1. George zegt:

    He, Jan Pieterszoon Poen, thought all men mortal, but himself.

  2. . zegt:

    Wal Suparmo, zegt. PIETER VAN DE BROEKE had kasteel BATAVIA tevergeefst verdedigd tegen de Engelsen .Hij zou eigenlijk J.P.COEN vervolgen als Gouverneur Generaal. Met die reden is het hij noot GG geworden.

    • Jan A. Somers zegt:

      Het was toch een beetje anders, had u in mijn dissertatie kunnen lezen. Samengevat:
      Op 30 december verscheen de Engelse vloot bij Jakatra. Op 31 december begonnen schermutselingen die voortduurden tot 3 januari, maar onbeslist bleven. Mede vanwege gebrek aan munitie werd besloten Coen in de Molukken de hoofdmacht van de Nederlandse vloot op te laten halen, en met de oostmoesson terug te komen. Door Bantam werd een leger naar Jakatra gestuurd om zowel Jakatra, de Engelsen als de Nederlanders te onderwerpen. De Nederlanders wisten het fort te versterken met een vierde bastion vanwaar Jakatra kon worden beschoten. De regent zag geen kans meer het fort te overmeesteren en nam het initiatief tot onderhandelingen, die ondanks Engelse tegenwerking resulteerden in een op 19 januari gesloten verdrag . Drie dagen later was Van den Broecke zo onvoorzichtig in te gaan op een uitnodiging voor een feest bij de regent, waar ook de Engelse admiraal Thomas Dale aanwezig was, en waar hij met zijn delegatie gevangen werd genomen. Pieter van Raey nam de leiding over, maar dacht het niet lang te kunnen uithouden. De Engelsen wilden echter het fort onbeschadigd in handen krijgen waarop de regent de onderhandelingen heropende, mede over een losprijs voor Van den Broecke. De Nederlanders gingen niet in op de voorwaarden van de vorst waarop Thomas Dale het heft in handen nam. De Nederlandse bezetting zag geen uitweg en ging accoord met een overgave die tevens een vrijgeleide onder Engelse bescherming zou inhouden .
      De vorst van Bantam zag zich de buit ontgaan en stuurde een leger naar Jakatra, waardoor het de Engelsen niet lukte de Nederlanders uit het fort te evacueren. De Bantamse commandant nam Jakatra voor Bantam in bezit; Van den Broecke met de zijnen werden door de legeroverste naar Bantam gebracht. De Engelsen zochten nu steun bij de Nederlanders in het fort. Dezen wensten echter, gezien hun zwakke positie, nog steeds Jakatra te verlaten onder Engelse bescherming, conform het contract van 1 februari 1619. De Engelsen vreesden hierdoor de gunst van de vorst van Bantam te verliezen, braken het beleg op, en scheepten zich op hun vloot in.
      Inmiddels was op 14 februari de Engelse vloot van de rede van Jakatra vertrokken.
      Op 9 mei kwam het bericht dat Coen met een vloot onderweg was, en op 27 mei bracht een jacht de opdracht van Coen, dat de vorst van Bantam moest worden gelast zich afzijdig te houden. De vloot verscheen echter al de volgende dag voor Jakatra; de Bantamse vorst vreesde dat ook Bantam zou worden aangevallen en trok zijn krijgsvolk uit Jakatra terug.
      Tijdens het begin van de landing op 29 mei, om het fort te ontzetten, werd in een vergadering van Coen en Raden besloten in Jakatra het zo lang gewenste rendez-vous te stichten. Hierbij had waarschijnlijk de gedachte meegespeeld dat zo’n vestiging, waar dan ook, zonder veroveringsoorlog nooit mogelijk zou zijn. Op 30 mei werd de aanval op Jakatra uitgevoerd waarbij nauwelijks weerstand werd ondervonden. Op 31 mei ging men voort de desa verder te verwoesten en de bolwerken te slechten, waarmee Jakatra ophield te bestaan. Coen kon aan de bewindhebbers melden :
      “In deser vougen hebben wy die van Bantam uut Jacatra geslagen, voet en dominie in ’t landt van Java becomen. (…) Het fondament van soo lange gewenste rendevouz is nu geleyt (…). Siet ende considereert doch, wat een goede corragie vermach”.
      Op de rede van Bantam wist Coen de gevangen Nederlanders vrij te krijgen: “De pangoran sprack seer schoon, zeyde niet anders dan vrede ende vrientschap met ons te begeeren.” Maar op 22 januari 1620 schreef Coen dat deze “nae der Mooren aert, gestadich practiserende hoe my best van cant soud mogen helpen (…) heeft de coninck van Jacatra (…) ontboden, dat hy de generael Coen soud doen ombrengen, hem belovende (…).”
      Op 29 maart 1620 werd de tijding ontvangen dat in Londen beide Compagnieën hun geschillen hadden bijgelegd. De op 19 april in Straat Soenda gesignaleerde Engelse vloot werd door Coen tegemoet gevaren, om met saluutschoten de vrede te bezegelen. Direct daarna diende hij een verzoek tot ontslag in.

      • . zegt:

        Wal Suparmo,zegt; AAN DHR SOMERS:

        BELEGERING VAN HET FORT TE JACATRA
        Het fort was onderhoede van Pieter van den Broecke.Deze had zich in Arabie,Perzie ern Voor- Indie zeer verdienstelijk gemaakt.Reden waarom COEN grote verwachtingen koesterde van beleid en moed van deze achtergebeven commandant.Doch hij werd hieronder deelijk teleugesteld en spoedig zou het blijken , dat van den Broecke de raadgevingen van Coen in de wind sloeg en bij tgenspoed alle moed liet zinken.
        De sterkte van de beszetting bestond uit ongeveer 150 offiercieren, mindern en amb achtslieden, benevens 27 Japanners, 16 Chinezen, 70 inlanders en een totaal van 80 slaven.
        Van voedzel geen gebrek maar d kruitvooraad was gering.Coen schijftde aan zijn superieuren:” Ik zweer U bij de Allerhoogste dat de Generale Compagnie geen vyanden di haar hinder en schade doen, dan de ongewetenheid en onbedachtheid, houdt het mij tenbeste, die onder UEd, regneert ende vestandingen overstemt!”
        De goedgelovige van den Broecke nam- niettegenstaande Coen’s waarschuwingen – de voorestellen om met de Regent van Bantam te onderhandelingen dat bracht van den Broecke in de gevangenschap terecht.De nieuwe commandant Pieter van Raey zich overtegeven dat het personeel als gevangene van de Engelsen daarbij de goederen in handen van de Regent kwamen.
        Begin met 1619 lande Coen mmet 1000 soldaten in 16 schepen aan de monding an de TJILIWOENG.Nu was het pleit spodig beslist en achtervolgens wet met de verschillende tegenstranders afgerekend.Op dertig Mei deed Coen een aanvel of Jacatrta, waadoor Jacatra had opgehoudenm te bestaan.En de schepen onder commando van de Engelsman DALE werden verbrand en de bemanning omgebracht.

    • Loekie zegt:

      De geschiedenis is ook na te lezen in o.a. “De Geschiedenis van Indonesië” (1949), door dr. H.J. de Graaf, blz. 195 e.v.

      • Jan A. Somers zegt:

        Ik heb in mijn dissertatie de volkenrechtelijke aspecten behandeld aan de hand van de contracten. Die heb ik in mijn bovenstaand stukje eruit gelaten, daar heeft niemand interesse voor, veel te veel tekst. Het was een heel gedoe tussen de vorsten van Bantam en Jacatra, de Engelsen en de ‘Nederlanders’. Met het zoeken tussen de regels van de verslagen door of er überhaupt nog wel iemand was achtergebleven in Jacatra. In mijn stellige overtuiging was er niemand meer, maar dat was volkenrechtelijk niet bruikbaar. Coen moest soevereiniteit verwerven voor de Staten-Generaal, daar was conquest (verovering) voor nodig, en daar is strijd voor nodig. Volgens de mythen en legenden was er nog één Jacatraan vergeten te vluchten (de dorpsgek?), daar kon dus strijd tegen worden geleverd en zo kreeg de Staten-Generaal de soevereiniteit. Maar we drijven steeds verder af van de Banda-eilanden.

  3. HES zegt:

    Eindelijk zie ik het eiland waar mijn vader was geboren, Banda-Neira, zijn vader (Opa) was geboren in Bohemia nu Czech Republic, zijn moeder (Oma), een Portugese geboren op E. Timor.
    Opa had denderende ruzie met zijn vader, heeft zijn geboorte plaats verlaten en naar Holland gegaan, met de VOC naar Indië, eerst Aceh dan W. Timor waar hij Oma ontmoete tot chagrin van Oma’s ouders die Portugal hebben verlaten om de Spaanse inquisition te ontlopen, Opa was Rooms Katholiek. Men weet hoe de jeugd is, Oma werdt zwanger en dus moisten zij wel trouwen tot grote woede van haar vader. Alemaal maar goed ook anders was ik nooit geboren, andere familie misschien ? Mijn Moedrr’s Mam (Oma Musch) was Sophia Grandrpre-Moliere, haar man Otto Musch. Dat is wat mij altijd verteld is geworden, nu heeft een vere familie lid mij verteld dat Sophia was a Musch en niet Grandpre-Moliere, zo mijn moeder’s ouders waren neef en nicht.
    “Frankly my dear ….. !” a la Rhett Butler in “Pergi bersama Angin”. Mijn Moeder is niet een Musch maar een Granpre-Moliere, hoe dat deze ?

  4. Arthur Olive zegt:

    Zo mijn moeders ouders waren neef en nicht……….., hoe dat deze?

    Kwam wel eens vaker voor in Indie vandaar het oud Nederlandse gezegde “Neef en nicht vrijen licht”.
    Hier in Amerika heet dat “Kissing Cousins” en komt vaker voor in de South. Er is zelfs een musical met Elvis Presley by that name.

  5. Arthur Olive zegt:

    Een van de Banda eilanden is het eiland Run
    Volgens Giles Milton in zijn boek, “Nathaniel’s Nutmeg”, werden Nathaniel Courthope en zijn 30 hongerlijdende mannen belegerd door honderedmaal zoveel Hollanders voor 5 jaar.
    Hun heldenmoed zette paradoxaal genoeg de gebeurtenissen in gang die leidden tot de stichting van de belangrijkste stad op aarde, New York.
    De Engelsen kwamen met het schip, “Swan”, op 23 December 1616 In Run.
    Het eiland Run had de meeste notemuskaat en je kunt het eiland eerder ruiken dan zien. Op meer dan een mijl uit de kust hangt er al een verukkelijke geur in de lucht, en lang voor de bolhoedvorm van de vulkaan aan de einder opduikt, weet je al dat je het land nadert.
    Nathaniel had instructies gekregen om zich hoffelijk en minzaam te gedragen tegenover het volk want het was een weerbarstig, verdorven, schuw en verradelijk volk, dat aan het minste of geringste aanstoot neemt. (Het waren ook kannibalen en koppensnellers)
    In tegenstelling met de Portugezen en de Hollanders slaagden de Engelse zeelieden er in om vrijwel meteen een blijvende vriendschap met de inheemse stamhoofden te sluiten.
    Nathaniel schrijft dat nog voor het zeezout in hun haar was opgedroogd , dronken ze elkaar toe met de locale palmwijn.

    • . zegt:

      Wal Suparmo,zeg: Het eiland RUN is toch verruilt met de Engelsen voor NEW YORK?

      • Arthur Olive zegt:

        De Hollanders betaalden twee keer voor Manhattan omdat ze de eerste keer door de Indianen voor de gek werden gehouden.
        In 1667 ruilden de Hollanders Manhattan voor Run, de eerste Engelse kolonie, wat geen goeie ruil was want de Engelsen brachten later de notemuskaat planten naar andere plantages.

  6. rob beckman lapre zegt:

    Historisch,en zeker,gevoelsmatig ben ik verbonden met Banda(Malukku); Pa werd op 15/04/1902 in Neira geboren, en stierf,slechts 41 jaar oud-19 maanden na opkomst als reservist KNIL-als krijgsgevangene van de Jap,op 06/10/1943.Hij rust met velen,op het erekerkhof op Ambon.Salute!

    • . zegt:

      Wal Suparmo,zegt; Mijn oom is geboren in Ungaran op 29 December 1902 en gestorven in het Japanse kamp in Kario HAROEKOE eiland, op 12 Mei 1942. En begraven op het ereveld Tantoei in AMBON.VaK 5,RIj D, Nummer 4 met een stenen monument waarop staat: ” DE GEEST OBERWINT”.Nooit heeft zijn ervgenamen en nu ik als eenige ervgenaam , zijn rechten(salaris enz als KNIL millitair) van de Ned .Reg. ontangen en mijn vordering is verleden jaar door de SVB afgewezen met de reden dat hij in 2015 niet meerleeft ( sic!). Plus de onnoozele uitdaging dat ik er een rechtzaak kan magen voor het gerecht in Den Haag als ik mij niet lekker vindt. Ik heb de Advocate Mevr ZEGVELD 3 brieven geschreeven maar helaas geen antwoordt.

  7. Jan A. Somers zegt:

    “heeft de Verenigde Oost-Indische Compagnie(V.O.C.) deze eilanden veroverd om daar een handelsmonopolie op de nootmuskaat te verkrijgen.” “opdracht de dorpshoofden te onthoofden en de eilandbewoners uit te moorden” “weigerden namelijk een Nederlands monopolie op de nootmuskaathandel” “de bevolking van 15000 Bandanezen bleven naar schatting slechts 1000 mensen in leven.” Een samenvatting die toch wel een beetje ruig is om uit te nodigen tot verder lezen.

    • P.Lemon zegt:

      @Hr JS “een beetje ruig is om uit te nodigen tot verder lezen.”

      Het waren andere tijden… wie niet horen wil

      ***Pogingen om via het sluiten van exclusieve leverantiecontracten met de bevolking een monopolie op de uitvoer van deze producten te vestigen liepen op niets uit, omdat de Bandanezen zich op handelsgebied niet de wet wilden laten voorschrijven door de Nederlanders. De VOC was dan ook spoedig bereid haar monopoliestreven met het eventueel gebruik van militaire middelen kracht bij te zetten. Wat er nog van de goede relaties over was, werd volledig bedorven toen Bandanezen in 1609 tijdens onderhandelingen admiraal Pieter Verhoef vermoordden. In datzelfde jaar bezette de VOC het centrale eiland, Neira. In 1616 werd het eiland Ai veroverd en werd de bevolking daar weggejaagd. De grote slag volgde in 1621, toen een speciale expeditiemacht onder leiding van gouverneur-generaal Jan Pietersz Coen het grootste eiland, Lontor, veroverde. Voorzover de bevolking niet gesneuveld was of van honger omgekomen, vluchtte zij naar elders of werd zij gevangen genomen. Het aantal slachtoffers liep in de vele duizenden. De gevangenen zouden worden verbannen naar Batavia. Een deel van de gevangen leiders werd echter alsnog geëxecuteerd op verdenking van betrokkenheid bij een complot tegen de zegevierende Nederlanders. Ook de resterende eilanden werden nu bezet; hun belang voor de specerijcultuur was echter nihil.

      http://www.voc-kenniscentrum.nl/gewest-banda.htm

      • Jan A. Somers zegt:

        “liepen op niets uit” Van de vele verdragen die op Banda zijn gesloten heb ik er 15 in mijn dissertatie gebruikt! U kunt ze vinden zowel in den haag als in Jakarta.
        “Het aantal slachtoffers liep in de vele duizenden” Niemand weet precies hoeveel slachtoffers In mijn dissertatie heb ik geprobeerd voor Lontor te schatten hoeveel inwoners dat eiland heeft kunnen hebben waaruit het maximale aantal mogelijke slachtoffers kan worden gegokt:
        De zes Banda-eilanden zijn samen 44 km2, ca. 13.000 inwoners (1975)). Het gaat hier om het eiland Lontor, ongeveer 10 bij 2 = 20 km2. Ter vergelijking in Nederland het Waddeneiland Vlieland. Twee keer zo groot, 40,2 km2, met een bevolking van 1107 mensen (bevolkingsregister 1995). Het agrarisch gebruik van Lontor zal intensiever zijn geweest dan op Vlieland, met een daaraan gekoppelde grotere bevolking. 4000? 5000 mensen? Vast niet meer, er moest toch ook nog ruimte overblijven voor de nootmuskaatplantages.
        Na de moord in 1605 op ca. 20 mensen van de twee vestigingen, en op de onderhandelingsdelegatie van admiraal Verhoeff, 26 mensen, op 22 mei 1608, werd op 11/12 maart 1621 de plaats Lontor veroverd. Velen vluchtten naar Goenoeng Api, Poelau Ai en Poelau Roen. Denkend aan een overval werd op 21 april de aanval hervat. Vele Bandanezen sneuvelden of waren naar de heuvels gevlucht en omgekomen door honger en ziekten. Velen wisten te vluchten naar de hiervoor genoemde eilanden, naar Makassar, Ceram, en de Kei- en Aroe-eilanden. Op Poelau Ai en Poelau Roen kwamen ongeveer duizend mensen onder Engelse bescherming. 45 Orang Kaja (de rapporten verschillen tussen 40 en 44) werden berecht en geëxecuteerd. De berechting was op grond van crimen laesae majestatis, hoogverraad, aangezien zij krachtens contract LXIX aangemerkt werden als onderdanen. 789 Mannen, vrouwen en kinderen werden naar Batavia overgebracht. Elk slachtoffer is er een te veel, maar het totale aantal, (gesneuveld of omgekomen door ziekte of honger) kan niet meer hebben bedragen dan een paar duizend. Mac Leod, I, (1927) is volgens mij met 2500 slachtoffers dicht in de buurt, wellicht een bovengrens.
        Slachtoffers op Lontor volgens J. van Goor in zijn recente J.P.Coen-biografie. Aan de moord op Banda een heel hoofdstuk gewijd! Aantal inwoners op Lontor 4500-5000; aantal slachtoffers van de militaire actie 50-100; aantal slachtoffers onder de naar de bergen gevluchte inwoners (honger en ziekte) 2500.

        • rob beckman lapre zegt:

          Dank dat u dit met ons wil delen.Het geeft wat meer inzicht wat wat zich,;lang geleden (hoe ging het alweer; “history, it might set you free….from yr ignorance”)op de eilanden ten Z.O.van Ambon afspeelde.

        • Jan A. Somers zegt:

          Het is overal in de wereld niet altijd zo netjes gegaan. Maar daar komt het nut van geschiedenis als wetenschap vandaan: Weten hoe of het eigenlijk niet moet, en nadenken of wij het nu wel goed doen. Weten onze kinderen weer hoe of het eigenlijk niet moet. Zo herhaalt de geschiedenis zich.

        • Pierre de la Croix zegt:

          Tja … ook Coen was een man van zijn tijd. Ik moet denken aan Columbus die op het Caribische eiland Hispaniola (nu domicilie van de Dominicaanse Republiek en Haïti), waarvan hij eerst moet hebben gedacht dat het Indië was, een deel van de oorspronkelijke bevolking moet hebben uitgemoord, 100 jaar eerder dan Coen op de Molukken.

          Nochtans wordt Columbus in de hele westelijke wereld geëerd als koene zeevaarder en ontdekker van een nieuwe wereld voor de Europeanen. Hij heeft – dacht ik – meerdere praalgraven, benevens vele standbeelden, voor zover ik weet zonder bijschrift dat licht werpt op zijn wandaden.

          Waarmee ik de boze daden van Coen niet goed wil praten, maar zo waren de zeden in die tijd. Bist Du nicht willig, so brauch’ ich Gewalt …….

          Pak Pierre

  8. RLMertens zegt:

    Vandaag 25/3 om 16oo/17.30- vrij entree in OBA Amsterdam+ opera/ vertelling; de Parelduiker van Slauerhof over JPCoen. Een kritisch kijk op ons koloniaal verleden.In 1961 verboden opvoering ivm. het conflict Nw.Guinea.

  9. . zegt:

    Wal Suparmo, zegt:Jammer dat mijn Engels erg slecht is maar ik beschouw Uw reactie als en pluimje.Bedankt!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s