Oproep: Belevenissen op de MS Johan van Oldenbarnevelt.

schip_oldenbarneveltWie weet iets van bijzondere gebeurtenissen op het passagiersschip de MS Johan van Oldenbarnevelt?
Het schip van wereldwijde lijndiensten, cruises, vrachtvervoer, troepenvervoer én van de migratie van veel (Indische) Nederlanders.
Ik ben geïnteresseerd in bijzondere belevenissen. Verhalen die misschien al heel lang in uw familie de ronde doen.

Alle onderwerpen zijn welkom, over passagiers, bemanning, beroemdheden, politiek, handel, vertrek, tussenstops, aankomsten, stormen, ruzies, zoekgeraakte spullen, feesten, artiesten, vracht, ziekte, sterfgevallen, verstekelingen, bijzondere acties, enz. enz.
Gebeurtenissen groot en klein zijn welkom als het maar iets bijzonders heeft.
Heeft u zo’n verhaal? Dan wil ik dat graag ontvangen.
Als er genoeg inzendingen zijn kan er misschien een verhalenbundel uit voortvloeien.
Reacties kunnen gestuurd worden naar:  dit adres .

Ferry Geuther

Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

165 reacties op Oproep: Belevenissen op de MS Johan van Oldenbarnevelt.

  1. hansvschaik zegt:

    Op internet staan een paar reizen van de Johan van Oldenbarnevelt met passagierslijsten (1952 – 1954), zie: http://www.geneaknowhow.net/script/algemeen-nl.html

    • Ferry Geuther zegt:

      Bedankt Hans, die kunnen nog wel van pas komen.

      • Roy Colman zegt:

        Hallo Hans, ik ben in 1957 met de Johan van Oldebarnevelt gekomen. Bestaan hiervan ook zulke lijsten.?

        • hansvschaik zegt:

          Helaas heb ik de passagierslijst van 1957 JVO nog niet gevonden…

        • P.Lemon zegt:

          Misschien contact opnemen met …?
          Ruud Yap : “Een mooie ontdekking deed ik in een particulier archief dat door het Nationaal Archief is verworven. Daar vond ik een passagierslijst van de m.s. ‘Johan van Oldenbarnevelt’ van de Stoomvaart Maatschappij Nederland uit 1957. Daaruit blijkt dat mijn oma, mijn vader, ooms en tante in december vertrokken uit de haven van Tanjung Priok richting Amsterdam. Ik weet in welke hut zij zaten, wie hun buren waren en hoeveel de overtocht heeft gekost (adoe duur!). En dat mijn oma had gewerkt als modiste. Kleine beetjes informatie over het leven van mijn vader. Die ik kan delen via archieven.”

          http://23xyap.blogspot.nl/2010/04/zoals-ik-het-zie-zijn-archieven-een.html

        • Jane Hofmeister zegt:

          Wij zijn op 6 april 1957 vertrokken uit Surabaya met de JvOldenbarneveldt. ergens heb ik nog de passagierslijst die toen werd uitgereikt. Idd Suez kanaal gesloten, in Kaapstad gepassagierd (veel foto’s) alsook inn Las Palmas. Ik was 5 toen wij vertrokken en vierde mijn 6e verjaardag tijdens deze overtocht naar Holland. Bezit nog allerlei rekeningen die hiervoor betaald moesten worden, de aan te schaffen dikke, ruwe, warme kleding die later werd uitgereikt et cetera. Ben zelf bezig hierover te verhalen/illustreren; de gedwongen overtocht van ons gezin van zeven.

    • NOBEL STREVEN :
      Wel degelijk als je berekent, dat zo`n 100 passagiersschepen a 3 / 4.000 Nederlanders & Nazaten, directe afstammelingen, ” de Indo ” – Europeanen onder meer, sinds 1946 – 1962, de Organisaties actief waren geweest, om ons via Port Saïd naar Amsterdam veilig op de plaats van bestemming te brengen.
      Kolossaal wat zich destijds de revue passeerde om maar even de indruk te wekken, als je je huis en haard, hebben en houwen en de grond, de wortels waarop je geboren en getogen was, plotseling min of meer (moest verlaten) verliet.

      Wij kwamen na – hevige stormen – op zee met een duur van 6 weken in maart 1956 in “Holland ” aan. M`n goudvissen zojuist gekocht , toch in Buitenzorg met verdriet moeten achtergelaten.
      Enfin direct na aankomst in Valkenburg Limburg bij het Hotel van Espen was er heel veel sneeuw en we hadden direct de volle pret met daarnaast hagel gladheid en onze ijs-slede.

  2. Ferry Geuther zegt:

    Boeroeng, mooie poëzie in beeld. Ik heb het boek van Wim Grund. Een geweldig document.

  3. H.H. Boldingh zegt:

    Komt er ook nog wat van andere boten?

      • RONALD K WILLEMSEN zegt:

        WIJ ZIJN OOK MET DE JVO NAAR HOLLAND TOE GEKOMEN IN DE HERFST VAN 1956, MIJN OUDSTE ZUS, IRENE, HAAR MAN JOOP JACQUART, EX ANDJING NICA SERGEANT(INMIDDELS BEIDE RECENT OVERLEDEN IN AMERIKA), MIJN JONGERE ZUS DOROTHY EN ONS NICHTJE JENNY JACQUART (OOK INMIDDELS OVERLEDEN AAN KANKER!). DE REIS GING VIA ADEN EN TOEN WERD ER BEKEND GEMAAKT, DAT DE ENGELSEN HET SUEZ KANAAL AAN HET BOMBARDEREN WAREN, DUS WE GINGEN KAAP DE GOEDE HOOP, DDDOR, HEBBEN NOG IN KAAPSTAD ROND KUNNEN LOPEN, HEB ER OOK NOG WAT FOTO,S VAN. AAN BOORD WAREN O.A OOK SI :”FIGHTING JACKSON”EEN OUDE EX-ANDJING NICA KAMERAAD VAN MIJN ZWAGER, DIE MET FIGHINH MIEK HEEFT GESPARD IN BANDUNG BIJ HET:”HEALTH AND STRENGTH”CENTRUM, VALAK BIJ DE MULO OP JALAN AMBON, WAAR IK NAAR SCHOOL GING!!
        DUS EEN BIJZONDERE REIS VOOR ALLEN, NET ALS DE ORIGINELE SCHEPEN, DIE VNAUIT HOLLAND NAAR DE ARCHIPEL REISDEN…

        SINJO RONNIE

        • Ferry Geuther zegt:

          Ronald, dank voor je bijzondere belevenis over Kaap de Goede Hoop! Graag je e-mailadres via de link onder de oproep bij .

        • RONALD K WILLEMSEN zegt:

          OKAY1 ALS JE MIJN E-MAIL ADRES NODIG HEBT, HIER IS HET:

          r.willemsen18@upcmail.nl

          SINJO RONNIE

        • bokeller zegt:

          .Sinjo Ronnie schreef oa fighting Miek
          Ik had hem gekend niet als Bokser maar
          als ”slapie in kamp Tjililitan1949”
          Hier dan de wederwaardigheden van Java’s bokskampioen
          het verhaal ,dat ik ergens had opgedoken

          Niemand wist eind jaren dertig hoe de kampioen van Java in het zwaargewicht boksen ‘Fighting Mieck’ precies heette. De meesten kon het ook niet veel schelen. Zij bewonderden hem vanwege zijn mooie stijl en zijn vechtlust.
          Vooral in het Bandoengse, waar Mieck woonde bij zijn Javaanse moeder aan de rand van de kampong, werd hij op handen gedragen. Een toenmalige vriend van hem vertelde mij laatst dat het vooral heel gemakkelijk was Mieck te kennen bij het wekelijks terugkerende gevecht op zondag aan de kassa om bioscoopkaartjes te bemachtigen. Iedereen deinsde terug als Mieck binnenkwam en tien kaartjes opeiste voor zijn vrienden.
          Niemand wist veel over de achtergrond van Mieck behalve dat zijn vader sergeant was geweest in het KNIL en vrij kort na de geboorte van Mieck was overleden. Hoe Mieck van zijn achternaam heette wisten weinigen tot hij in mei 1940 werd gearresteerd. Hij bleek Duits staatsburger te zijn en droeg de indrukwekkende naam Freiherr Hugomieck von Rosenthal bis und zum Rosenthal.
          Zijn vader, zo bleek, had eind 19de eeuw nog deel uitgemaakt van een zogeheten doodskopeenheid die tegen de Fransen had gevochten. Daarna was hij naar Indië vertrokken om er een Javaanse te trouwen, een kind te krijgen en de rest van zijn leven als KNIL-sergeant door het leven te gaan. Bewust of onbewust had Mieck’s vader nooit afstand gedaan van zijn Duitse nationaliteit. Dus was Fighting Mieck, die dat vermoedelijk zelf niet eens wist, ook Duitser en werd als staatsgevaarlijk individu geïnterneerd.
          Een paar Duitsers in het detentiecentrum waar Mieck was opgesloten meenden beledigende opmerkingen te kunnen maken aan het adres van Mieck, omdat zijn uiterlijk verraadde dat Mieck geen ariër was. De betekenis van dat woord ontging Mieck, ook verstond hij geen woord Duits, maar de beledigende toon waarmee Mieck zich voelde bejegend deden zijn vuisten jeuken. Kortom, er vielen zeer rake klappen. Fighting Mieck werd afgevoerd naar een strafgevangenis op het eiland Onrust. Het nieuws over de arrestatie van Mieck en de heldhaftige manier waarop hij een aantal Duitsers had toegetakeld verspreidde zich snel. Er werd een campagne op touw gezet om hem vrij te krijgen. De Indische autoriteiten zagen in dat langer vasthouden van Mieck vrij belachelijk was en lieten hem vrij onder voorwaarde dat hij zich onmiddellijk vrijwillig zou melden voor dienstnemening bij het KNIL.
          Anderhalf jaar later, na de nederlaag in de oorlog met Japan, kwam ook Mieck terecht in een krijgsgevangenkamp. Hij ontsnapte al snel en dook aanvankelijk onder in de kampong. Kort daarna sloot hij zich aan bij de nationalistische beweging van Soekarno en verleende hand- en spandiensten aan de Japanse bezetter. Na de Japanse kapitulatie in 1945 sloot Mieck zich met zijn Indonesische vrienden aan bij het bevrijdingsleger. Zijn KNIL-kapitein van voor de oorlog kwam ter ore dat Mieck aan gene zijde ook werd ingeschakeld om zijn fysieke krachten aan te wenden tijdens verhoren van Nederlanders en Indonesiërs die ervan werden verdacht voor de Nederlandse kant te spioneren. Ook verrichtte Mieck in de buurt van Bandoeng regelmatig wachtdiensten.Op een avond is de KNIL-kapitein de demarcatielijn overgestoken en verscheen plotseling in het nachtelijk duister voor de op wacht staande Mieck. Hij beval Mieck onmiddellijk mee te komen. Hij zat aan de verkeerde kant. Mieck ging zonder veel moeite mee en was naar een onderbreking van vier jaar weer terug in het KNIL, waar hij, tot hij later naar Nederland repatrieerde, nog menig demonstratief bokspartijtje ten beste gaf. In Nederland veranderde hij zijn naam in Hugo Miek (zonder c). Hij is inmiddels overleden.
          siBo

        • Pierre de la Croix zegt:

          Prachtig verhaal, Bo.

          Fighting Mieck, Freiherr von und zu Habenichts. Nog zo’n schilderachtig figuur uit een voorbije tijd in een voorbij land.

          Dat hij leve!

          Pak Pierre

        • Jane Hofmeister zegt:

          Wij, familie Hofmeister, hebben de fam. Jacquart nog gekend toen ze in Tanjung/Murung Pudak (Borneo) woonden. Jenny was van ongeveer mijn leeftijd. Ik weet dat ze in Boston zijn gaan wonen.

    • Jan A. Somers zegt:

      Ik ben met de Sloterdijk naar Nederland gekomen. Geen hutten, maar ruimen met vijf slaapplaatsen boven elkaar. Er werd veel op de dekken geslapen vanwege de hitte. Eén feest, passeren van de evenaar. Heb er zelfs nog aan verdiend: corveeër van het Rode Kruis, ƒ100,00. Veel geld in die tijd voor een jonge jongen, wel hard werken. Wel problemen met grote gezinnen. Er was een gezin bij met meer dan tien kinderen. Aan de eettafel was er altijd wel een kind zoek. Pa kende, geloof ik, de namen niet zo goed, hij telde alleen. Wie is er weg? Geen antwoord! Wij dus zoeken. Er was ook een meisje dat met elke hand een sjekkie wist te draaien, twee tegelijk dus, heel knap. Voor het legen van de vuilnisbakken vonden we het sjouwen naar het achterschip vaak te ver, deden dat dus halverwege. Ruzie met de bemanning, die hadden in hun patrijspoorten windvangers gemonteerd vanwege de hitte.

      • Jan A. Somers zegt:

        Ik lees hier met grote ogen over al die gebeurtenissen op die schepen. Ik heb kennelijk wat gemist.

        • Pierre de la Croix zegt:

          Ach ja … u hebt zo veel andere dingen beleefd. Een mens kan niet alles tegelijk hebben!

          Pak Pierre

        • eppeson marawasin zegt:

          ‘@Ik heb kennelijk wat gemist.@

          –Die ene ‘hutkoffer’ toch ook van die aardige meprou …

          e.m.

        • Jan A. Somers zegt:

          “Een mens kan niet alles tegelijk hebben!” Ik ben toch wel een tevreden mens geworden.

        • Pierre de la Croix zegt:

          Om tevreden te zijn hoeft men gelukkig niet alles tegelijk te hebben. Helaas beseft niet iedereen dat. Ontevredenheid lijkt de norm te zijn geworden.

          Pak Pierre

      • RONALD K WILLEMSEN zegt:

        SELAMAT SORE, JANE!!

        NET JOUW BERICHT OVER DE FAMILIE JACQUART GELEZEN, ZOALS IK AL ZEI ZIT NU DE HELE FAMILIE HELAAS VAN BOVEN MEE TE KIJKEN..!!
        JENNY WAS MIJN LIEVELING NICHTJE, WIJ ZIJN SAMEN EIGENLIJK OPGERGROEID, VAN BOSTON ZIJN ZE NAAR MISSOURI VERHUISD, JENNY WAS MET EEN AMERIKAANSE PROFESSOR GETROUWD, EEN ZOON, CHAD, LATER GESCHIEDEN EN HEEFT NOG HAAR EIGEN BUSINESS GEHAD,EEN SOORT KINDER TEHUIS

        • Anoniem zegt:

          Dank je Ronald Willemsen voor de aanvullende informatie oer je lievelingsnichtje Jenny!

  4. Willy Muller zegt:

    Als jongetje van 9 jaar de overtocht gemaakt van Jakarta naar Amsterdam op de MS Johan van Oldenbarnevelt. Vader, moeder en zeven kinderen (waarvan ik de oudste). Normaal ging de overtocht via het Suezkanaal, maar in verband met ‘oorlogsperikelen’, werd het een omweg via ‘Kaap de Goede Hoop’. Een hele belevenis de reis. Bijna een maand onderweg om in Amsterdam te komen, waarbij mijn wijlen lieve moeder de hele reis zeeziek was. Met een escorte van vliegende vissen op de Indische Oceaan, tot passagieren in Kaapstad en Las Palmas. Naast leuke en indrukwekkende belevenissen aan boord, welke nog een beetje in mijn geheugen zijn blijven hangen, ook mindere zoals o.a. overlijdens ceremonieën (zeemansgraf) meegemaakt.
    Na een hevige stormachtige ‘kennismaking’ met de Golf van Biskaje, arriveerden wij op een koude winterse december-dag via de sluizen van IJmuiden in Amsterdam. Vandaar uit naar een contract-pension in Scheveningen met de vooruitziende naam ‘Cresendo’…….

    • Ferry Geuther zegt:

      Beste Willy, Dank voor je reactie. Graag je e-mailadres via de link na de laatste zin van de oproep [ dit adres ]. Dat komt later misschien van pas.

    • Willy Muller zegt:

      Oh ja, was ik mijn stukje te vermelden de aankomst in Amsterdam, eind december 1956…..!

    • Wesley Dijkstra zegt:

      Uw verhaal klinkt erg bekend: Mijn oma Leentje de Ruiter is met dit schip naar Nederland (Amsterdam) gekomen met als aankomst dag 29-11-1954.

      Ik kan me nog twee dingen goed herinneren die ze me ooit tezamen met verhalen over Indië heeft verteld.

      Ze waren een schroef verloren tijdens wilde zee ergens bij de golf van biskaje, en ze hebben een dode van boort gelaten bij Egypte. Ik weet niet of deze persoon te water is gelaten of van
      dat deze overledene in egypte (maar hierover kan ik me vergissen)van boord is gebracht.

      Mischien heeft iemand haar of haar moeder Emi (Loentra-) de Ruiter tijdens de reis wel ontmoet.

      • Ferry Geuther zegt:

        Beste Wesley, dank voor uw reactie. Ik ben met dezelfde reis gekomen als uw oma maar was te jong om mensen te herinneren. Hopelijk weet iemand anders meer van haar.
        Via de link “dit adres” onderaan de oproep kunt u mij rechtstreeks mailen.

        • ludopaf zegt:

          Beste Ferry ik zag je oproep nu pas.Neem met een pm contact p met een oud bemannings lid van de JVO.Ik heb mooie verhalen er over schreef het in mijn boek email me lowy Cremers.senior@gmal.com man 76 jaar woond nu in Thailand
          mvg Lowy

  5. Lilian Ashof zegt:

    Mijn zeereis met de Johan van Oldenbarneveldt

    Vierenzestig jaar geleden toen wij nog in Semarang woonden, had mijn stiefvader al plannen om naar Holland te gaan.

    Het heeft heel wat voeten in de aarde gehad, eer hij die plannen verwezenlijkt kon zien, maar tenslotte kwam alles toch voor elkaar en de 10e februari 1951 stapten wij (stiefvader, moeder, broer, zus en ik) in Tandjong Priok aan boord van het m.s. “Johan van Oldenbarneveldt”. Het was toen half 12 en pas om 5 uur in de middag lichtte het schip het anker en voer de haven uit.

    Eerst dachten wij allemaal dat Sabang onze eerste aanleghaven zou zijn en dat het schip verder de gewone route langs Singapore en Ceylon zou volgen, maar hierin werden wij teleurgesteld, want het schip zette rechtstreeks koers naar Aden. Elf dagen en nachten dobberden wij toen over de Indische Oceaan en zagen niets dan lucht en water. Ofschoon het traject wel erg eentonig was, genoten wij toch volop, want wij troffen het met het weer. Wel was ik even zeeziek, maar ik het me er gauw over heen gezet; veel frisse lucht en flink eten was het beste middel ertegen.

    Het was gezellig op de boot met al die vriendinnen die ik leerde kennen en natuurlijk deed ik ook mee aan de sweep stake, die gedurende de hele reis werd gehouden. Je moest dan het laatste getal raden van het aantal mijlen dat het schip op die dag had afgelegd en voor elk nummer spendeerde je een gulden, waarvoor je ƒ 9.00 terugkreeg, als je gewonnen had. Ik won verscheidene keren, maar verloor even zo vele keren, zodat ik niet rijker ben geworden.

    Filmvoorstellingen werden ook gegeven om de passagiers wat afleiding te bezorgen en ook werden races gehouden met houten paarden. Overdag hadden wij genoeg afleiding met langs de dekken te wandelen en het was een leuk gezicht om hele scholen vliegende vissen uit het water te zien schieten of de grote bruinvissen, met hun glanzende lijven, te zien springen.

    Het eerste schip dat wij tegenkwamen was de “Sibajak” en later in de Golf van Aden zagen wij in de avond als een drijvend zeekasteel met talloze lichtjes de “Oranje” passeren. Beide keren wuifden en lachten en schreeuwden de passagiers van de passerende boten naar elkaar.

    De 21ste februari om half 5 ’s middags legden we te Aden aan. Wat waren wij opgewonden eindelijk eens land te zien en hoe mooi lag het kleurige Aden, Engelse sleutelpositie van de Rode Zee, tegen de kale grijsgrauwe rotswanden. Wie er zin in had kon toen aan wal gaan, terwijl het schip olie laadde. Om halfzeven echter, vertrokken wij al weer.

    We zagen de volgende dag heel in de verte Kaap Gardafui. Wij voeren door straat Bab el Mandel (Poort der tranen, omdat hier vroeger vele schepen verongelukten) naar Suez dat wij na 5 dagen bereikten. Toen ging het door het Suez-kanaal. Dit vond ik nog wel het leukste traject, en het schip moest hier heel langzaam varen. Maar dit was juist goed, want zo konden we volop genieten van het kleurige veel afwisseling biedende landschap links en rechts van het schip. We hoopten alleen straks in Port Said aan wal te kunnen gaan, maar helaas was het 9 uur ’s avonds toen wij er aan kwamen en kwam er niets van passagieren. De drijvende winkeltjes (in prauwen) zoals we die in Aden ook zagen, kwamen ook hier naar ons schip toe en de Arabieren boden ons hun koopwaar aan. Later kwamen ze aan boord en mijn moeder kocht een zeemleren boodschappentas en een heel mooi kleedje.
    Natuurlijk ontbrak de goochelaar niet, die ons werkelijk in verrukking en verbazing bracht door zijn goochelkunsten. Die avond kreeg ik de griep te pakken en toen wij de volgende dag in de Middellandse Zee waren, voelde ik mij zo ziek als een (kat) hond. Voorbij ’t eiland Malta kregen we bovendien nog storm ook en toen was het grootste aantal passagiers natuurlijk zeeziek. Op één van de dagen in de Middellandse Zee was het dat er een passagier stierf, die een hartkwaal had. Hij werd in zee begraven.

    Intussen werd het hoe langer hoe kouder. Bij de rots van Gibraltar was ik gelukkig weer opgeknapt en kon ik heerlijk genieten van ’t mooie zicht dat de Spaanse kust bood, maar het was erg koud aan dek en de passagiers hadden allemaal al hun warme jassen of mantels aan. In de Golf van Biskaje werden velen weer zeeziek, omdat er zware deining was; gelukkig geen storm. We begonnen allemaal al erg naar het einde van de reis te verlangen, we begaven ons ook niet meer aan dek, omdat het er te koud en te guur voor was. Van onze vaart door de Noordzee zagen en merkten we dus ook niet veel.

    In de ochtend van de 6e maart 1951, het was nog donker, zagen we de lichtjes van IJmuiden. De douane kwam hier aan boord. Toen, langzaam door een dichte mist, voeren we door het Noordzeekanaal en bereikten zo Amsterdam. Een prettige zeereis was het geweest, maar we waren toch blij eindelijk eens voet op Hollandse bodem te kunnen zetten.

  6. Ferry Geuther zegt:

    Beste Lilian, Heel goed dat u dat toen zo uitgebreid hebt opgeschreven. Dat doen mensen veel te weinig. Met dank en een fijn weekend!

    • George zegt:

      Mijn naam staat niet op de passagierslijst van de Johan van Oldebarnevelt , misschien omdat ik een deportatie order op zak had in 1949, en niet de Nederlandse nationaliteit had.

      • P.Lemon zegt:

        De lijst in nog incompleet…

        “Herman van Oosten : “Op dit moment ben ik bezig om de personen die op passagierslijsten voorkomen, hier in de website in te brengen. Van de ongeveer 300.000 personen die naar Nederland zijn gekomen, heb ik er nu ongeveer 24.000 ingevoerd. Het kan dus zijn als u naar een bepaalde naam zoekt, deze niet kunt vinden. Ik adviseer u dan, mij een email te sturen. …”

        • Boeroeng zegt:

          P.Lemon, die tekst van Herman van Oosten staat er al 9 jaar. Hij heeft het nooit afgemaakt.
          Het is ook een vreselijk hap werk.

        • bokeller zegt:

          Zeker nooit het IHC museum te Bronbeek bezocht,
          waar passagiers lijsten als behangselpapier aan de wanden
          zijn aangeplakt
          Wel op de tafels en kasten klimmen om je naam/schip
          eventueel op te sporen.
          Ik had ‘ns een briefje van 20€ gevonden onder het ”klimwerk”
          .Er vallen weer meer dingen bij het klimmen.
          sibo

        • P.Lemon zegt:

          @Boeroeng. “Het is ook een vreselijk hap werk.”
          Dat handmatig inkloppen van zoveel namen etc in je uppie moet je overlaten aan een OCR-leesmachine. Die grafische tekst dmv scanners digitaliseert. Zo vertaalt Pak Google hele bibliotheekcollecties onder de glasplaat in enen en nullen.

          Kon trouwens in 2012 na een mailtje bij Herman v O nog tegen kopiekosten een lijst bestellen van onze Sibajak reis in 1955.

        • Pierre de la Croix zegt:

          Tja … vroeger had je nog monniken om het monnikenwerk te verrichten.

          Pak Pierre

  7. P.Lemon zegt:

    Heb de indruk dat deze film ( op DVD? ) te bestellen is….

    Amateurfilm van D.W.F. Pronk over een reis met het schip ‘Johan van Oldenbarnevelt’ van Sabang (op Sumatra) naar Genua.
    Beschrijving SHOTS: kustlijn van een tropische baai, omzoomd met bossen; palmbomen; blik op de haven van Sabang, vanuit een rijdende auto; de werven en pakhuizen aan de kade; aan boord van de Johan van Oldenbarnevelt; op zee: boeggolven, zware deining; vulkaaneiland Stromboli (Italië); haven van Genua; zonsondergang; pan van de stad, vanaf het schip gezien; kinderen in een steegje; man met twee kannen (water?) gaat een woning binnen; pan van Genua, vanuit de heuvels gezien; haven met kranen en schepen; rek uit de haven; rotseiland.

    http://zoeken.beeldengeluid.nl/internet/index.aspx?chapterid=1164&filterid=974&contentid=7&searchID=5204476&columnorderid=-1&orderby=1&itemsOnPage=10&defsortcol=12&defsortby=2&pvname=personen&pis=expressies;selecties&startrow=1&resultitemid=1&nrofresults=1&verityID=/37232/37712/39132/81660@expressies

    • P.Lemon zegt:

      Hierbij nog een direct te openen korte film .

      http://www.npogeschiedenis.nl/speler.WO_NTR_047291.html

      Kleurenfilm Nederlandse stoomvaart maatschappij, 1938
      Luxueuze boottocht naar het voormalig Indië

      De kleurenfilm uit 1938 die gemaakt is door de bekende filmmaker Hustinx. Hij maakte in opdracht van de Nederlandse stoomvaart maatschappij een promotiefilm over de luxueuze boottocht naar het voormalig Indië aan boord van de M.S Johan van Oldenbarnevelt.
      De film is gemaakt in de periode dat er een moordende concurrentiestrijd gaande was onder de rederijen die naar Indië voeren. Dit kwam mede door de KLM, die in 1924 een lijnvlucht had geopend op Batavia. Ook door de crisis was de concurrentie toegenomen. Er werd daarom alles aan gedaan om mensen enthousiast te maken voor de overtocht.

      De kleurenfilm was het modernste wapen in de strijd om de bootpassagiers. Toch zijn de beelden niet representatief voor de overtocht zoals de meeste mensen die ondernamen. Er was namelijk ook een 2e en 3e klasse waar het duidelijk minder luxueus was. Die krijgen we niet te zien. De beelden geven echter wel een mooi inkijkje in de verschillende manieren waarop men kon genieten van het mondaine leven aan boord van een schip. U kunt zien hoe de lange overtocht zo aangenaam mogelijk werd gemaakt met zwemmen, midgetgolf, cocktails drinken en met veel rijk gedekte tafels. Een opvallend detail is dat het bediend personeel allemaal van Indische/Indonesische afkomst is. Het maakt duidelijk dat er nog volop sprake was van een standenmaatschappij.

      • Ferry Geuther zegt:

        Mooi filmdocument! Jammer dat het zo kort is. Bedankt voor de link.

      • Pierre de la Croix zegt:

        “Een opvallend detail is dat het bediend personeel allemaal van Indische/Indonesische afkomst is”.

        Volgens mij was dat standaard op alle passagiersschepen op de Indië-lijnen, dus ook Stoomvaart Maatschappij Nederland (en niet “Nederlandse Stoomvaart Mij”, zoals een paar keer geschreven), Rotterdamsche Lloyd (later Koninklijjk geworden) en de meer op Azië gerichte lijnen als KPM en KJCPL (Koninklijke Java-China Paketvaart Lijnen, later RIL, van “Royal Interocean Lines”).

        De Indonesische “Civiele Dienst” bleef tot diep in de vijftiger jaren op Nederlandse passagiersschepen werken. Op mijn overtocht naar NL met de “Zuiderkruis”, niet bepaald een luxe liner, werden wij in de eetzaal ook bediend door Indonesiërs, in dat geval Madoerezen, aangedreven door hun eigen “Mandor”. De hutbediendes waren eveneens Madoerees.

        Ik herinner mij ergens verder in de vijftiger jaren een staking van Indonesisch personeel in Rotterdam op een bepaald passagiersschip, dat toen binnen de kortste keren werd vervangen door studenten, die de reis van hun leven maakten. Een vriendje van mij, nu ook zeventiger, heeft het er nu nog over.

        Van de in bovenstaand stuk genoemde boordspelletjes om de overtocht te veraangenamen mag het “Paardenrennen” aan dek niet worden vergeten.

        Pak Pierre

      • Pierre de la Croix zegt:

        Pee-Es: Misschien moge ik, wellicht ten overvloede, benadrukken dat het standaard ging om Indonesische, niet om Indische bemanning van de “civiele dienst”. Voor de oorlog had de “djongos kapal” een blangkon op de kepala, na de oorlog de kopiah of koeploek of pietjies.

        Die Indonesische bemanningsleden waren n.m.m. geen uitvloeisel van een standen of klassenmaatschappij zoals ook in bovenstaand stuk gesuggereerd. Ze waren simpelweg goedkoper (en misschien ook veel beter) dan de witneuzen.

        In de zestiger jaren v.d.v.e., ver na het koloniale tijdperk, voer ik op een zogenaamde “Chinezenboot” van de Shell. Alles was Chinees, dekdienst, machinekamerdienst en civiele dienst, behalve de “état major” van 15 officieren uit Nederland, inclusief 1 Indo.

        Nu vaart geen enkel Nederlands schip zonder Philippino, Bengali, Oekraïner, noem maar op. De “vervreemding” begon al in mijn tijd. Gewoon vanwege de centjes en later ook door het verminderde animo onder de Hollandse ferme jongens, stoere knapen om te gaan varen. Zij stonden liever suffig “daar”, d.w.z. dicht bij moeder’s pappot ofwel “lekker achter Kaap Kont”, zoals de echte Hollandse zeebonken het suffe leven aan wal betitelden.

        Pak Pierre

  8. tonnie zegt:

    Heeft u ook wat gegevens over de laatste reis van de Grote Beer ms, hier zijn mijn schoonouders mee naar Nederland gekomen in 1956, het was zijn laatste reis.

    • P.Lemon zegt:

      Wel deze leesbare info over de ss Groote Beer…

      “s.s. Groote Beer van de “Holland America Line”. Het was een zogenaamd Victoryship, gebouwd tijdens de Tweede Wereldoorlog. Toch wordt ook wel eens abusievelijk vermeld dat het een Libertyship was.

      Beide type schepen werden gebouwd door een van de ondernemingen van Henry J. Kaiser, een onorthodoxe zakenman die later bekend werd door de Kaiser Fraser automobielen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog begon hij met de bouw van de schepen die zeer snel geassembleerd konden worden wat nodig was om na verlies de vloot snel weer aan te kunnen vullen.

      http://www.soundfountain.info/time/timeline5beer.html

      http://vrijdagj.home.xs4all.nl/grootebeer.htm

      • Pierre de la Croix zegt:

        Ergens in ’t wilde westen
        Woonde eens een Grote Beer
        Een Indiaan, een hele beste
        Want op zijn hoofd droeg hij een veer

        ’s Avonds als die mane licht kwam
        Dan keek’ie uren naar die maan
        Tot zijn vrouw riep, uit de wigwam
        Dat’ie van haar d’r heen kon gaan

        (Cocktail Trio)

        Er waren geloof ik 3 Victory’s omgebouwd tot troepentransportschip en later geschikt gemaakt voor normaal passagiersvervoer, met name “repatrianten” uit Indië en emigranten naar Australië en Canada. Dat werden de “Grote Beer”, “Waterman” en “Zuiderkruis”. Ik ben met laatst genoemde boot naar NL gekomen, in 1952.

        Volgens mij werden de schepen gereed door de SMN (Stoomvaart Maatschappij Nederland), niet door de HAL.

        Grote Beer …… Oe-A-A ….

        Pak Pierre

        • eppeson marawasin zegt:

          @Ik ben met laatst genoemde boot naar NL gekomen, in 1952.@

          –What ’s in a name !

          e.m.

        • eppeson marawasin zegt:

          @Cocktail Trio@

          “Waterman”, mijn teken en talisman,
          van nu af aan hoor jij bij mij.

          (Indo Campur Trio)*


          *Bianca, Stella en Patricia Maessen

          e.m.

        • Pierre de la Croix zegt:

          eppeson marawasin zegt klokslag 1100:

          –What ‘s in a name !

          Never thought of that. Pak Somers zou zeggen: Zuiderkruisridder.

          Pak Pierre

      • Jan A. Somers zegt:

        Ik dacht dat de Sloterdijk ook een Victoryschip was. Voer onder de vlag van de Rotterdamse Lloyd.

        • Pierre de la Croix zegt:

          Dijk-schepen behoorden tot de vloot van de HAL.

          De Sloterdijk kwam in 1939 als vracht/passagiersschip in de vaart voor de HAL. Was dus geen “Victory”.

          Zij werd in de oorlog gevorderd door de Amerikaanse regering voor troepentransporten en direct na de oorlog door de Nederlandse regering om troepen naar Indië te vervoeren en “repatrianten” op de terugreis. Mogelijk dat het Nederlandse gouvernement het operationele management van het schip uitbesteedde aan de Rotterdamsche Lloyd.

          Ik meen dat de “Sloterdijk” in 1948 aan de HAL werd teruggegeven om haar oorspronkelijke bestemming te volgen. Hopelijk leefde ze nog lang en gelukkig.

          Pak Pierre

      • Pierre de la Croix zegt:

        Ik heb nu pas gekeken naar de 2 links waarnaar Pak Lemon verwees in zijn stuk van 18 februari 2015 om 00:31. Had ik natuurlijk eerst moeten doen en niet meteen uit mijn blote kepala mijn wijsneuzerijen over de “Grote Beer” spuien. Allemaal waar, doch overbodig.

        De laatste link moge ik aanbevelen aan wie een glimp wil opvangen van het marconistenleven aan boord van Nederlandse koopvaardijschepen in de vijftiger en zestiger jaren v.d.v.e., ook mijn tijd.

        http://vrijdagj.home.xs4all.nl/grootebeer.htm

        Men vindt er snelle doorkijkjes op de belevenissen van deze “Sparks” op de diverse schepen waar hij de seinsleutel mocht bedienen.

        Ik moge in het bijzonder verwijzen naar het korte verslag van zijn reis met de “Riouw”, waarin ook hij schrijft over een “Indische” bemanning. Enige zinnen later blijkt die toch puur Javaans te zijn.

        Pak Pierre

  9. bokeller zegt:

    Waterman”, toen noemden we het een
    Troepen Transport Schip
    Na het heftig verzet van ons (Indo Militairen)
    gingen we in 1950 met ±2000 man /vrouws – kinderen-
    geiten-kippen en hand-en kapwerktuigen aan boord,
    richting Tanah Papoea.
    Tsja, dat waren tijden om ff op terug te kijken.
    siBo

  10. Arthur Olive zegt:

    Wij zijn twee keer naar Nederland gereisd, in 1946 vanuit Priok en in 1954 vanuit Nieuw Guinea.
    De eerste keer gingen we met de Klipfontein, het was een troepentransport en als kleuter kan ik me nog goed herinneren dat alle wc’s op een rijtje naast elkaar stonden, dus zonder privacy. Dat was de eerste keer dat ik kennis maakte met wc papier, werd ons verteld om het nat te maken.
    De douches waren ook in een rij naast elkaar. Mijn moeder ging dan al om 4 uur in de ochtend een douch nemen voordat het vol werd.
    Op een dag waren wij kleuters spoorloos verdwenen. Mijn moeder in paniek natuurlijk, eerst haar man door de Jap vermoord en nu haar twee kinderen spoorloos.
    Wij werden al tamelijk vlug gevonden, de Tamil bemanning had ons naar hun afdeling gebracht waar ze onze krullende haren met geitevet insmeerden.
    Ik ben er nooit achter gekomen waarom ze dat deden maar de officier die ons vond vertelde mijn moeder dat we gelukkig vlug waren gevonden want deze mensen waren niet te vertrouwen.
    In Aden, voordat we het Suez kanaal ingingen kwamen er allerlei kleine bootjes om hun waar te verkopen Daar waren ook mannen bij die zich bloot lieten zien, als kind blijft je zoiets bij.

    • Arthur Olive zegt:

      Sorry, een beetje in de war hier.
      Het geval in Aden gebeurde op de terugreis naar Indie in1948

      • Ferry Geuther zegt:

        Beste Arthur, Dank voor je verhaal. Misschien weet een van de lezers waarom jullie haar met geitevet werd ingesmeerd. Ik ben benieuwd. S.v.p. je e-mailadres via de link na de laatste zin van de oproep [ dit adres ]. Dan kan ik je op de hoogte houden van het vervolg op deze JvO oproep.

    • Tiek Spronck-Janssen zegt:

      Ook wij, vader,moeder en 4 kinderen zijn met de Klipfontein in 1946 naar Nederland gekomen. In 1948 zijn we weer terug gegaan naar Indonesië met de Johan van Oldenbarneveldt en in 1950 weer naar Nederland met de somersetshire. Dat laatste schip was een Engels schip en ik weet niet of ik de naam goed geschreven heb.
      De Klipfontein was een groot schip. We sliepen in ruimen en mannen en vrouwen gescheiden. De reis ging samen met de Bloemfontein. Het gevaar van mijnen in zee was groot. Daarom moesten we altijd een zwemvest dragen.
      Op dat schip heb ik voor het eerst Coca-Cola en een marsreep gekregen.
      Bij de maaltijd kregen we om de dag een sinaasappel en een appel. We kregen een plaats aangewezen waar je moest gaan staan als het alarm ging. Geregeld was er een proefalarm, maar dat verliep nogal chaotisch. Ik was van mijn familie meestal de enige die op zijn plaats stond. De rest kwam niet opdagen!
      In Nederland werden we verdeeld over familie. Ik was dus blij toen we weer terug gingen naar Indie, zoals het toen nog heette.

  11. Ferry Geuther zegt:

    “Fighting Mieck”. Bokeller: mooi verhaal! Boeiend figuur die Fighting Mieck. Zou een film van gemaakt moeten worden.

    • Anoniem zegt:

      APA KABAR, FERRY!! I FULLY GAREE! MAAR, WIE S ER HIER IN NEGERI KODOK NOU NOG GEINTERESSEERD IN ZULKE VERHALEN?? HIJ WAS VOOR ONS, JONGE JONGENS IN BANDUNG GEWOON EEN LEGENDE EN WIJ LEEFDEN (OF PROBEERDEN TENMINSTE) ZIJN UITZICHT OP HET LEVEN NA TE VOLGEN, WIE WEET?? MISSCHIEN IS ER ONDER DE LEZERS NOG ERGENS SSEN INDO MET WAT WARE GAVEN, OM DIT DOOR TE ZETTEN???
      SAMPEI JUMPS!

      SINJO RONNIE(DARI TJIMAHI!)

  12. PLemon zegt:

    @Pak P De la X Ook ik kwam niet meer op de site. Mysterie…was zeker niet bestemd om gevonden te worden en van schrik getutupt.
    Als troost deze met hier en daar ook van die lange.
    http://www.ernieramaker.nl/raar.php?t=achternamen

    • Pierre de la Croix zegt:

      Dank u. Ik ben een namen gek. Wil altijd weten waar een bepaalde naam vandaan komt. Een naam kan een hele interessante geschiedenis weerspiegelen. Dus sprong ik op de link naar lange achternamen. Wah djangkrik … tjilaka … isterrr niet.

      Maar er zijn belangrijker dingen in het leven. Tidoeren bij voorbeeld. Om de volgende dag weer gezond op te kunnen.

      Pak Pierre

    • eppeson marawasin zegt:

      Tegenstelling:
      Rudolf met De Korte achternaam en Lang Lang …

      e.m.

  13. Willy Muller zegt:

    Wat een mooie en leuke ‘Promo-film’ over de m.s. Johan van Oldenbarnevelt ! Ik kan mij de prachtige salons, zwembad en dekaktiviteiten nog heel goed herinneren. Ik wil niet negatief of kritisch overkomen, maar op het promo-filmpje is de JVO maar een klein schip. In mijn belevenis toentertijd (als negen-jarig jochie), was de JVO een enorme schip, ter grootte van een flatgebouw van vier a vijf etage’s hoog en een meter of vijftig lang. Niet te vergelijken overigens met de huidige (cruise) schepen……

    • Pierre de la Croix zegt:

      Met -. als ik mij goed herinner – zo’n 19.000 ton, was de JvO wat kleiner dan de “Oranje” en de “Ruys”, maar voor haar tijd een reus. Zeker toen ze in de vaart kwam, ergens in de dertiger jaren, samen met zusterschip de “Marnix” (van St. Aldegonde). Slechts de “Nieuw Amsterdam” van de HAL stak er met haar (pak ‘m beet) 40.000 ton dubbel en dwars boven uit.

      De Huidige passagiersschepen, allemaal voor de pleziervaart (cruises), schurken tegen de 100.000 ton aan, maar lijken in de verste verte niet meer op een schip. Het zijn varende Bijlmers geworden. Mooi is anders ……

      Pak Pierre

  14. Noor zegt:

    nu ik toch aan het schrijven ben… Ik heb twee keer met de Joh. v. Oldenbarnevelt gereisd, in 1946, heen (toen nog in hangmatten) en in 1947 terug iets luxer. Mijn vader is eerder terug gegaan i.v.m. de politionele acties, met het vliegtuig. In het boekje “Anak beruntung” heb ik nog een stukje opgenomen over de eerste reis, waar ik op het dek rond liep als peuter en door iemand (hofmeester?) werd aangehouden met de vraag wat ik alleen op dat dek deed. Ik werd verondersteld in een kinderopvang of i.d. te zitten. Op de vraag waar mijn moeder was heb ik geantwoord: ze is op zee aan het wandelen. Grote paniek aan boord, de machines gingen langzamer draaien (verhaal volgens mijn moeder dus hè?) en ik heb ongelooflijk op mijn donder gekregen, dát heb ik zelf onthouden…

  15. Bo Keller zegt:

    Mss draagt dit bij tot ”historie” van ss Johan van Oldenbarnevelt tot een één klasse
    op onderstaande is het terug te vinden.
    Mvg Bo

    http://ndsm-museum.nl/de-werven/adm/

  16. ellen zegt:

    Naar aanleiding van Zwarte Sinterklaas (5 december 1957) werd mijn vader staatsgevaarlijk verklaard en werd hij gesommeerd het land Indonesie te verlaten. Daartoe werd hij in mijn bijzijn thuis door de Indonesische militaire politie gearresteerd op beschuldiging van zogenaamde spionage en een paar dagen later weer vrijgelaten. Hij had een kwetsbare baan als diensthoofd bij de technische dienst van het militaire vliegveld Andir bij Bandoeng. Wij moesten heel veel papierwerk regelen. Daarbij moesten wij ook voor de laatste keer familiebegraafplaatsen bezoeken. En afscheid nemen van familieleden. De broer van mijn moeder bleef achter, omdat hij getrouwd was met een Chinese vrouw. Wij hadden geen tijd om vendutie te houden, de openbare verkoop van inboedel en huisraad. Alle bezittingen hebben wij achter moeten laten (een item voor claim 7 van Tfir). De huisdieren, een hond en twee witte kaketoes gaven wij weg aan Indonesische collega’s van mijn vader. Wij mochten elk een koffer of tasje met een enkel bezit meenemen, zoals wat kleren, foto-albums en dergelijke. Ik nam mijn poppen, enkele jurken en wat snoep mee. Het was een spannende tijd. In mei 1958 (?) gingen wij op de boot naar Nederland. Met de Johan van Oldenbarnevelt. De eerste dagen van de zeereis vertoefden wij met ons vijven (mijn ouders en drie kinderen) in het ruim, in een enorme slaapzaal met stapelbedden. Er was constant veel lawaai, van bootmotor tot aan het gekwebbel van de mensen, soms tot in de nacht. Dat beviel mijn vader helemaal niet. Snel heeft hij – in overleg met het management of de kapitein – voor zijn gezin een eigen 4-persoons hut geregeld. Hijzelf bleef met anderen slapen in de slaapzaal. De zeereis was daarna een waar plezier om mee te maken. Ik was toentertijd elf jaar oud, maar zou in 1959 twaalf jaar worden. Daarom gaf ik aan de dekleiding door, dat ik al twaalf jaar was (mijn ouders waren medegezworenen), zodat ik niet naar het kinderdek hoefde. Op het kinderdek was er een soort van creche waar jonge kinderen bezig werden gehouden. Met kinderen van mijn leeftijd en ouder heb ik het hele schip rondgezworven. Wij kwamen overal, in de filmzaal, in het doolhof van de gangen, op alle verdiepingen. De maaltijden kregen wij gezamenlijk in een enorme eetzaal geserveerd. Ik was een jong meisje tussen kind en puber in. Als ik wilde douchen, zag ik de veel oudere Indische meisjes in de gangen flirten met de matrozen. Wij vonden zulke meisjes maar “anstiel” (behaagziek, aanstellerig). Er waren tennisbanen, zwembaden. Er was genoeg te doen en te ontdekken. En als je moe was, kon je bij je ouders heerlijk op het dek in een ligstoel liggen, met een besteld drankje. Het was net een luxe zeecruise. In Egypte kwamen wij aan in de haven van Aden, waar het op zee krioelde van de bootjes met Arabieren die allerlei koopwaar kwamen aanbieden. Er kwam een goochelaar aan boord voor de kinderen, die kuikentjes tevoorschijn toverde vanuit je oren en vanachter je rug. Eigenlijk is het het verhaal van andere lezers. Ook ik heb enkele begrafenissen meegemaakt, waarbij de overledene met veel eerbied in het zeewater werd gelaten. In de Golf van Biskaje kwamen wij in een storm terecht, en werd ik voor de eerste keer zeeziek. Het zeewater probeerde door de patrijspoorten huizenhoog naar binnen te golven. Wij kwamen in Nederland aan in juni of eind van het jaar 1958. In IJmuiden of Amsterdam vaarden wij de Nederlandse haven binnen. Omdat ik het niet meer precies weet, heb ik de hulp van Herman van Oosten gevraagd voor wat betreft de passagierslijsten. Warme kleren kregen wij niet op de boot maar in Nederland uitgereikt – dacht ik. Bij het verlaten van de boot werd ik meteen aangesproken door enkele Nederlandse kruiers die aan mij vroegen waar mijn ouders waren, en dat zij er waren om koffers te dragen. Mijn vader heeft hen – “die Hollandse profiteurs” – direct weer weggestuurd. Ondanks deze kennismaking, hebben wij de bootreis en ons verblijf in Nederland als positief ervaren. Mijn vader was blij, dat hij erin geslaagd was zijn gezin in veiligheid te brengen, weg van de – toenmalige – min of meer vijandige omgeving van de jonge republiek.

    • Boeroeng zegt:

      ahhh… prachtig verhaal, Ellen.

    • Ferry Geuther zegt:

      Ellen, uitgebreid en mooi verhaal! Dank voor je inzending. Wil je je e-mailadres via de link na de laatste zin van de oproep bij [ dit adres ] doorgeven? Dan kan ik je op de hoogte houden van het vervolg op deze JvO oproep.

      • Pierre de la Croix zegt:

        Excuses meneer Geuther, wanneer ik even vreemd ga (“off topic” gaan heet dat hier) n.a.v. het verhaal van Ellen.

        Wat mij bijzonder trof was haar zinnetje over de achtergelaten dieren, in haar geval de hond en de kaketoes. Die boften in zekere zin. Hoeveel honden van families die al waren vertrokken bleven gewoon zwervend achter en zag ik op een gegeven moment in de hondenkar, op weg naar “Kabloek”, het Semarangse slachthuis waar ook zwerfhonden werden afgemaakt. De weg naar Kabloek liep langs mijn huis. Iedere dag kwam de hondenkar voorbij, beladen met de vangst van de dag.

        Ikzelf liet hanen en kippen achter. Het waren mijn kinderen. Ik verzorgde ze, ze hadden allemaal namen, ze mochten niet worden geslacht. Het was een prettig idee dat ik ze achterliet bij mijn moeder, die nog niet weg kon, omdat mijn stiefvader nog niet weg mocht. Maar toen ook zij het huis uit moesten omdat een TNI-officier er in wilde, zal de menage wel zijn opgedoekt. Ik heb nooit aan mijn moeder durven vragen – ik was al 48 toen zij stierf – wat er met mijn beesten is gebeurd. Zij zweeg er over, mij de illusie latend van een happy end.

        Mijn tante had een menage van 13 honden en 7 katten toen ze hals-over-kop weg moest. De honden bracht haar man zelf naar “Kabloek” om hun een leven als zwerfhond te besparen. Tante overleed meer dan 100 jaar oud, maar in een helder moment sprak zij over haar honden en noemde ze hen bij naam, met tranen in de ogen.

        Nu nog, als ik beelden zie van plat gebombardeerde steden en dorpen en mensen die moeten vluchten, denk ik aan de dieren die zij moeten achterlaten. Bedolven onder
        puin doch nog in leven en anders ineens veroordeeld tot het harde zwerversbestaan, in een dier onvriendelijke omgeving waar voor mensen ook 3 x niets is.

        Het verhaal van mijn bootreis naar Nederland (met de “Zuiderkruis”) is gelijk aan het verhaal van Ellen. Eén groot heerlijk avontuur, 4 weken lang. Ik reisde met mijn oudere zuster van 17, zij in een achtpersoons vrouwenhut, ik in een andere hut met 7 volwassen mannen. Onze hutten bevonden zich net boven de waterlijn, de patrijspoorten mochten nooit open, ook niet bij kalme zee.

        Onder mij sliep “de oude heer” Schmidt. Op een avond toen wij allebei te kooi lagen en de rest nog ergens in een salon rondhing vertrouwde hij mij, 14 jarige, toe dat zijn zoon tijdens de bersiap was vermist, nooit gevonden. Pas veel later drong de “impact” van zijn verhaal tot mij door. Wat het voor hem moet zijn geweest om voor goed de grond te verlaten, waar zijn zoon nog ergens moest zijn. Dood, of misschien toch nog in leven?

        Als ik aan de achter gelaten huisdieren denk, dan moet ik ook denken – ooh kritische lezertjes, vergeef mij de associatie – aan al die trouwe huisbedienden die achtergelaten werden. Er moet zich in die vijftiger jaren v.d.v.e. een andere sociale ramp hebben voltrokken, die van de tienduizenden soepirs, kebons, djongossen, baboes, kokkie’s, gendoeks (die kleine manusjes van alles) die door het vertrek van hun njonja’s en toeans brodeloos naar hun kampongs terug moesten. Geen WW-uitkering, geen pensioen. De Boeng zal zich ook niet om hun lot hebben bekommerd. Collateral damage in zijn strijd tegen de gehate Belanda.

        Wat is er bekend van die sociale ramp en haar gevolgen, heeft iemand er iets over geschreven?

        Nog lang nadat ze in Nederland waren gearriveerd gingen postwisseltjes van mijn moeder en tante naar hun getrouwen en later naar enkele van hun kinderen. Druppeltjes op een gloeiende plaat.

        Pak Pierre

        • Ferry Geuther zegt:

          Beste Pierre, Dit off topic verhaal verdient hier zeker een plek. Achterlaten van alles wat je lief is, is vreselijk, voor vertrekkers en achterblijvers. Mijn ouders hebben dat ook meegemaakt, ik was te jong om het te beseffen. In de laatste twee afleveringen van mijn VerreWonderingen speelt afscheid nemen ook een belangrijke rol. En zeg maar gewoon Ferry, ik denk dat ik eerder Meneer De la Croix hoor te zeggen. Met vriendelijke groet, Ferry.

        • Pierre de la Croix zegt:

          Okee, Ferry dan. Ondanks mijn intense omgang met Angelsaksen in mijn latere beroepsleven ben ik in Nederlandse omgeving terughoudend met tutoyeren t.a.v. mensen die ik niet ken. Maar ik sta zelf niet op mijn strepen, ook niet die van mijn senioriteit.

          Tja … afscheid. Als ik “iets” raars van Indië heb overgehouden, dan is het wel mijn aversie tegen afscheid nemen. Toen ik nog zeevarende was nam ik nooit afscheid van mijn moeder. Als ik wist dat ik op dag X moest vertrekken – als regel ook voor langere tijd – dan zei ik tegen mijn moeder dat ik op Dag X + 1 weg moest en dat ik op Dag X nog langs zou komen om te groeten.

          Bij mijn naar Australië en de VS uitgeweken (stief)familie was ik berucht om mijn smoes dat ik op de dag van hun vertrek naar Schiphol zou komen om afscheid te nemen en het vervolgens niet deed.

          Tja … ieder mens heeft recht op z’n eigen defect.

          Nu we elkaar toch tutoyeren: Mag ik vragen of je in Jakarta als consultant werkte onder de vlag van KPN? In je verhalen klinkt iets bekends door.

          Succes verder. Enne …. schrijf dat boek toch maar. Zeker als Noor het zegt. Enne ….. als je boek af is loop je de kans om bij Eva Jinek op schoot te komen. Toch ook nooit weg.

          Pak Pierre

        • Ferry Geuther zegt:

          Beste Pierre,
          Mensen netjes met twee woorden aanspreken en U zeggen is er bij mij ook ingehamerd. Maar The Times They Are a Changin’ en op deze site klinkt Meneer wel een beetje afstandelijk. Van Noor hoorde ik dat je in dezelfde plaats woont als ik, dus kennismaken kan snel. Graag je e-mailadres via [ dit adres ] zie boven. Dan kan ik je ook wat meer vertellen over mijn loopbaan.
          Een kleine correctie op mijn eerdere commentaar: alleen de laatste VerreWondering gaat over het onderwerp keuze en afscheid nemen.
          En v.w.b. op schoot bij mevrouw Jinek, dat zie ik meer als een straf 😉

        • Pierre de la Croix zegt:

          Noor werkt voor de NSA. Weet alles.

          Wat het meisje Jinek betreft: Toch leuker met je boek bij haar op schoot dan bij Pauw of Andries K.?

          Sorry … alweer off topic. Té errrrech.

          Ik begrijp dat we helemaal naar Javapost moeten voor een heus en spannend bootverhaal. Kèn toh niet? Wie kwam hier met de setoomboot en heeft zijn verhaal nog niet hoogst persoonlijk op I4E verteld?

          Ik heb pre-nataal ook de reis in omgekeerde richting gemaakt. Met de “Christiaan Huygens”. Geconcipieerd tijdens het jaar “Europees verlof” van mijn papa. Ergens in een verlofgangers pension in Den Haag of een hotel in Brussel of Parijs. Heel romantisch.

          Van de reis naar Indië herinner ik mij niets. Drie maanden na terugkeer van ma en pa in Semarang zag ik het levenslicht. Felle tropenzon.

          Pak Pierre

        • Ferry Geuther zegt:

          NSA betekent volgens mij Noor Schrijft Autobiografie.
          Je vader heeft zich blijkbaar niet aan de verlofrichtlijnen gehouden: ontspanning en rustig aan doen. Gelukkig maar.
          Er komt nog een verhaal over mijn bootreis geschreven door mijn vader meer dan 10 jaar geleden. Dat verhaal komt na de VerreWonderingen. Even geduld nog.

        • Pierre de la Croix zegt:

          “Europees verlof” na 10 jaar tropendienst.

          De Amerikanen noem(d)en zoiets “R & R (Rest and Recuperation) Leave”, speciaal ook voor militairen.

          Die maakten er al gauw “I & I (Intercourse and Intoxication) Leave” van.

          Pak Pierre

  17. Huib zegt:

    Uit bovenstaand verhaal van o.a. Iboe Ellen en eerder van Pak Lemon dringt zich bij mij de vraag op of er een passagierslijst te vinden is waarin de naam van mijn moeder met haar 3 jongste kinderen op voorkomt die ook dank zij Zwarte Sinterklaas de Zwarte Piet van de Grote Boeng toegeschoven kreeg en ook hals over kop het land dat ze lief had moest verlaten met achterlating van nagenoeg alles wat ze bezat.

    Zoals ik eerder meldde stuurde mijn moeder me in 1950 mee met een vriendin, ook een oorlogsweduwe en haar gezin op de Willem Ruys zgn voor mijn schoolopleiding maar kwam er wel achter dat het meer voor mijn veiligheid was. Ik was toe nog geen 12 jaar oud.

    Je sliep in het ruim in stapelbedden of hangmatten, weet het niet zeker meer en alles was een avontuur. Singapore toen nog een rommelige Aziatische metropool. Bangkok idem dito. Aden of Suez al die Egyptenaren in hun bootjes met rode Fez met kwastje op die hun waren probeerden te slijten en rijpen : “Kijken, kijken en nie kopen”. Je keek als kind je ogen uit.

    Southampton , een ware cultuurchoc,…. blanke arbeiders en sjouwers met een pet op en die waren er natuurlijk ook in Rotterdam. Zoals ze toen de binnenkomers controleerden en fouilleerden kunnen ze nu nog wat van leren.

    Maar het eten en het vertier aan boord was uit de kunst in vergelijking met de armoe in de Jappen- en Bersiaptijd met nauwelijks iets fatsoenlijks te eten.
    Huib

  18. bokeller zegt:

    Pak Pierre
    In het boek” Nw. Guinea ‘
    ‘ door Jhr mr. J.LR.Huydecoper van Nigtevecht
    (Wat een naam) is in hfst. de Uittocht”
    wat terug te vinden
    siBo

    • Pierre de la Croix zegt:

      Bedankt voor de tip, Pak Bo.

      Pak Pierre

    • eppeson marawasin zegt:

      VERVOLG van (5. De Uittocht) ^^^

      @/…/ Later bleek mij, dat in de voorgaande maanden contact had plaatsgevonden met de ICEM, de Organisatie voor Europese Migratie in Genève, die multilaterale hulp verleende, voornamelijk bij de emigratie van Europeanen naar andere werelddelen.@

      Mede dankzij dit vooroverleg kon Den Haag ons dan ook al een paar dagen na de Indonesische beslissing de Nederlanders uit te wijzen een lijst seinen van schepen, die in de loop van de daaropvolgende twee tot drie maanden gecharterd konden worden voor het vervoer van grote aantallen landgenoten. Met tussenpozen van soms één of twee dagen, ja soms zelfs met meerdere schepen op één dag, zouden aantallen van driehonderd tot duizend personen tegelijk kunnen worden afgevoerd. Ons werd gevraagd welke van die schepen wij wilden dat gecharterd werden en waar in Indonesië op de aangegeven dagen wij over die schepen wensten te beschikken. Op dat moment, dat wil zeggen zo’n drie dagen na de fatale vijfde december, hadden wij nog één verzoek om passage van Nederlanders ontvangen. Het eerste schip zou enkele dagen later kunnen aankomen. Niettemin meenden wij dat wij niet het risico mochten lopen dat landgenoten die weg moesten en weg wilden zonder passage zouden komen te zitten. Wij aanvaardden dus de totale lijst.

      Juist op dat moment ontstond een soort paniek onder de Nederlanders. Daardoor vertrokken niet alleen de eerste paar schepen stampvol, maar ook het grootste deel van de rest van de lijst werd snel volgeboekt. Pas tegen eind januari vertrokken er weer enkele schepen met nog een paar lege hutten. Sommige schepen werden ingezet voor een pendeldienst tussen Djakarta en Singapore, om zo de afvoer sneller te laten verlopen. Vanaf Singapore gingen de Nederlanders dan per vliegtuig naar Nederland. Op Djakarta mocht de KLM toen namelijk niet meer vliegen. Het betrokken schip keerde dan naar Djakarta terug voor een volgende ronde. Erg comfortabel was zo’n reis niet en vooral over het onderdak en de duur van het oponthoud in Singapore bereikten ons weldra klachten. Maar aan de post Singapore kon dat niet verweten worden, want die was totaal onvoorbereid op deze plotselinge stortvloed van landgenoten die moest worden opgevangen. Men spande zich daar enorm in, maar de problemen waren soms aanmerkelijk groter, dan te voorzien was geweest. ***

      ^^^ Nieuw-Guinea [het einde van een koloniaal beleid] – Jhr.mr. J.L.R. Huydecoper van Nigtevecht ISBN 90-12-06857-6 – ©SDU uitgeverij, ’s-Gravenhage 1990 – http://www.antiqbook.com €10,00

      ***voor eerste drie alinea’s zie:
      https://indisch4ever.nu/2015/02/25/stichting-help-de-indischen-in-indonesia-nieuws/#comment-166802 @eppeson marawasin zegt: 26 februari 2015 om 21.32@

      Met dank aan meneer G.W. Keller (siBo)

      e.m.

  19. Huib zegt:

    Sorry , de naam van mijn moeder was J.G. Otto-Winsser oftewel Jenny Georgine.

    We hadden een Chinese overbuurvrouw in de Poetrilaan die haar altijd Sjors of George noemde. Wat zal er van haar en haar gezin (de Chinese buurvrouw) geworden zijn. Ik weet haar naam niet eens meer.
    Huib

  20. Noor zegt:

    Wat een prachtige verhalen breng deze topic met zich mee. Misschien wil Ferry Geuther wel een boek schrijven over álle tochten met de diverse boten, en de verhalen die dit losmaakt wanneer je er een topic op I4E over maakt. Een bestseller wordt ‘t, I’ll tell you….

    • Ferry Geuther zegt:

      Ik sta inderdaad versteld van al deze reacties maar een boek over alle tochten van diverse boten ….
      In elk geval dank voor het vertrouwen!

  21. Huib zegt:

    Over huisdieren gesproken Pak Pierre.

    Ik had totdat ik in 1950 naar Nederland gestuurd werd op een gegeven moment ook kippen, duiven en konijnen.
    Maar als het er teveel waren moest ik er geheid een paar slachten van mijn moeder. En dat vond ik toen heel normaal al liet het me niet geheel onberoerd. Maar we hadden wat lekkers te smikkelen. Zoals in de Jappentijd toen ik al jong leerde een kippetje in de kampong te verschalken.

    Later toen ik mijn vrouw leerde kennen bleek mijn schoonvader konijnen te houden om ze met de kerst te kunnen slachten. Hij kwam uit Middelharnis met zijn ouders naar Ouderkerk a/d Amstel en trouwde met een Amsterdamse. Ze hebben de hongerwinter moeten zien door te komen door de boeren af te gaan en zien wat eetbaars op de kop te tikken..

    Ze hadden het bovendien ook niet breed in de 50-er jaren dus hield hij konijnen voor de kerst.

    Verder heeft schoonpa heel hard gewerkt aan de wederopbouw en gigantische uitbreiding van Amsterdam, de Bijlmer en de Amsterdamse tuinsteden als Slotervaart, Geuzenveld, Osdorp, etc
    ( toen echte Indische wijken en nu dus moslimwijken) en het nieuwe Schiphol en ging altijd voor dag en dauw naar zijn werk. Land opspuiten voor de bouw van woningen om de onverwachte bevolkingsgroei te kunnen opvangen. Ook Almere is mede dankzij zijn werk gerealiseerd.

    Hij moest al vanaf zijn 9e jaar werken. Hij is toch nog 85 jaar geworden.
    Heb altijd veel respect voor die hard werkende man gehad. Een vader die ik zelf helaas nauwelijks gekend heb.
    Huib

    • Pierre de la Croix zegt:

      Tja Pak Huib … de dualist in mij bloot gelegd. In Indië kon ik geïnteresseerd toekijken hoe de kebon een kip slachtte. Maar het was niet mijn kip, doch eentje vers van de pasar. Child of a lesser God.

      Ik katapulde ook wel eens een vogeltje uit de boom. Later deed ik idem met de windbuks. Aan de andere kant verzorgde ik jonge glatiks en kocht ik van mijn weinige geld op de pasar een perkoetoet die ik na een paar dagen vrij liet …….

      Mijn stiefvader was een hartstochtelijk jager en ik mocht vanaf mijn 12de (de minimum leeftijd door mijn moeder bedongen) wel eens mee. Dan kon ik met droge ogen aanzien hoe een aangeschoten tjèlèng het genadeschot kreeg en hoe een mooie, sierlijke kidang zijn laatste adem uitblies.

      Maar nu zijn we wel erg afgedwaald van onze reisverhalen. Het valt mij op hoeveel van die meisjes en jongens die op een schoen en een slof en argeloos op de boot naar NL stapten zo goed zijn terecht gekomen, against many odds …….

      Zou het liggen aan hun jeugd, die niet geheel “pampered” was?

      Pak Pierre

      • Huib zegt:

        Ach ja Pak Pierre,
        Ben een aantal keren als jongen meegegaan met een Indo buurman die een fervent tjeleng jager was uit diezelfde Poetrilaan in Bandoeng.. Moch met een aantal buurjongens/mannen met zo veel mogelijk kabaal de tjelengs uit de bush bush jagen in de richting van zijn senapan. Op zijn Hollands snaphaan.
        Nadat hij twee of meer tjelengs had neergelegd kwamen we triomfantelijk terug in de straat. Buurman sneed dan voor iedereen een brok van de tjeleng af die je mee naar huis bracht en de kokkie of je moeder wist er wel iets lekkers van te bereiden.
        Smullen geblazen in de Poetrilaan..
        Een katapult had ik wel, want het was onder ons brandals een sport om een mooie tjaggak te snijden. Maar kan met niet herinneren er echt op vogels mee geschoten te hebben. Wel op kalongs en katjongs die me te na kwamen in grombolans.
        Huib

        • Pierre de la Croix zegt:

          Ik heb ook wel eens op een paman saté geschoten. Met een kleibal weliswaar, maar toch …. moet pedes hebben aangevoeld.

          God vergeve mij de daad. Ik was jong en wist niet beter en moeder kon niet op alles letten.

          Pak Pierre

  22. Boeroeng zegt:

    Als iemand zijn verhaal wilt vertellen over een ander boot.
    Kèn hoor !!!
    Niet te malu ya?
    Zend maar in voor een gastpikirans
    Mail naar: indisch4ever@gmail.com

  23. Arthur Olive zegt:

    Zie hier ook van Java Post
    “Alleen de wind is als vroeger”

    http://javapost.nl/2013/09/07/alleen-de-wind-is-van-vroeger/

      • Arthur Olive zegt:

        Bedankt pak Marawasin.

      • Pierre de la Croix zegt:

        En toch ging er een andere wind waaien. Maar dat wisten die evacués van het eerste uur nog niet.

        Pak Pierre

        • Jan A. Somers zegt:

          Klopt. Ik heb geen auto en weet dat je op de fiets altijd tegenwind hebt.

        • Pierre de la Croix zegt:

          Gelukkig alleen maar op de fiets.

          Pak Pierre

        • eppeson marawasin zegt:

          Hoe sterk is de eenzame fietser
          Die kromgebogen over z’n stuur tegen de wind
          Zichzelf een weg baant

          BOUDEWIJN DE GROOT (Batavia, 20-05-1944)

        • Bo Keller zegt:

          kentut

          @ en toch ging er een andere wind waaien @
          Pak Pierre,
          Dat betwijfel ik.
          siBo

        • Pierre de la Croix zegt:

          Knibbel, knabbel, knuisje
          Wie knabbelt aan mijn huisje?

          Het is de wind, het is de wind
          Die het huisje zo lekker vindt

          Was dat niet uit “Hans en Grietje”?

          Kabar angin ……

          Het mooiste over de wind vind ik nog steeds vervat in een – in het Engels vertaalde – Japanse uitspraak, gevonden in het boek “The wind cannot read”, pocket uitgave, als ik mij goed herinner van James Michener:

          Though on the sign it is written
          “Don’t pluck these blossoms”
          It is ueseless against the wind
          which cannot read

          Oefffff …. wat een diep inzicht schuilt achter die woorden.

          Pak Pierre

        • eppeson marawasin zegt:

          Dag meneer De la Croix, als het dezelfde schrijver is van het boek ‘The world of Suzie Wong’ dan bedoelt u Richard Mason …

          1958: The Movie – starring Yoko Tani & Derek Jules Gaspard Ulric Niven van den Bogaerde …esquecer as legendas em Português
          http://www.youtube.com/watch?v=TCmNvNLRWrc

          e.m.

          P.S.
          Die orkestleider … familie ?

  24. ellen zegt:

    Pak Pierre, Via via kwam ik een verhaal tegen van ene Oscar de la Croix, die op 17 mei 1958, als – Indische – verstekeling (samen met nog 68 andere personen) aan boord waren van de M.S. Johan van Oldenbarnevelt. Dezelfde boot, waarop – zo blijkt uit het ontvangen stukje passagierslijst – mijn ouders en hun drie kinderen de overtocht maakten van Indonesie naar Nederland. Wij kwamen op 11 juni 1958 aan in de haven van Amsterdam. Als u wilt kan ik u het hele artikel opsturen (via Boeroeng), maar misschien bent u reeds daarvan op de hoogte. Ik weet niet of Oscar de la Croix familie van u is.

    “Aan boord komen als verstekeling
    Via Johnny E. kwam Oscar in contact met een tussenpersoon, die hem aan boord zou brengen. Deze persoon was werkzaam in de haven. De afspraak was dat hij om zes uur ‘s morgens in de haven zijn waar het schip de Johan van Oldenbarnevelt aan de kade lag. Die dag zou het 17 mei 1958 zijn. De Indonesische wacht die de toegang tot het schip bewaakte zou dan zijn omgekocht zodat een vrije toegang mogelijk was. De tussenpersoon liep mee de loopbrug op naar het dek. Daar moesten ze snel en zonder woorden van elkaar scheiden. Oscar had niets bij zich, geen extra kleren, geen geld (had hij aan zijn achtergebleven broers gegeven) omdat roepiahs’s nutteloos waren in Nederland en op het schip. Niemand wist van zijn vertrek.
    Eenmaal aan boord viel er een last van hem af, hij voelde zich enorm bevrijd. Maar in feite was hij illegaal aan boord, zonder geldige persoonsdocumenten of een ticket. “

  25. Pierre de la Croix zegt:

    Ik zie dat ik 2 mij sympathieke lezertjes van I4E nog een antwoord op hun vragen schuldig ben (eppeson marawasin 24 feb 2015 13:00 uur en Ellen 24 feb 2015 12:16 uur).

    Ik hoop dat de webmaster het mij vergunt mijn schuld te delgen en dat hij mijn antwoord dus niet pardoes met de scherpe schaar van de censuur zal treffen.

    PAK EPPESON: Wah kebatjoet deze – salah wèssel ….. u hebt gelijk. Het is alweer zo lang geleden dat ik die boeken ergens in een ver buitenland in pocketformaat kocht en las. Maar ik heb ze teruggevonden op de plank uit de fifties. Eén boek tot mijn schrik al aangevreten door de zilver- of papiervisjes, de rajaps van Noord-Europa.

    “Suzy Wong” en “The wind cannot read” zijn beide inderdaad van Richard Mason. James Michener schreef “Sayonara” (which means “goodbeye”).

    “The wind cannot read” en “Sayonara” spelen zich beiden in na-oorlogs Japan af en zo verwarde mijn blote kepala het één met het ander.

    Over de familierelatie van de orkestleider kan ik u geen uitsluitsel geven.

    ELLEN: Alle Indische De la Croix’ zijn verwant aan elkaar. Het nog steeds niet helemaal bewezen verhaal gaat dat ergens in de 18de eeuw 2 broers De la X uit A’dam met de VOC naar Azië vertrokken en al dan niet na een verblijf van een of twee generaties op Ceylon de Indische archipel zijn binnen gezeild. Aldaar moeten zij – die eerste De la X-en in Azië – zich roekeloos hebben vermengd met alles wat zich daar aanbood (in de meest gunstige zin bedoeld).

    Zo u meer wilt weten, ook over Oscar, dan bent u welkom via mijn email adres: kandjeng@planet.nl

    Pak Pierre

  26. Huib zegt:

    Mijn jongere broer Gijs is ook kort voor 1958 als verstekeling gekomen. Hij werd betrapt en moest in Marseille van bood. Ga hem toch eens vragen zijn verhaal t vertellen. Hij moet toen 15 of 16 jaar zijn geweest. Door al die toestanden over N. Guinea kon mijn moeder blijkbaar geen bootreis meer bekostigen.
    Huib

  27. eppeson marawasin zegt:

    Ik werd getroffen door deze recensie van een zekere OlgaE uit Zwitserland:

    [CITAAT] 20 april 2014
    Dit boek heeft veel bij mij los gemaakt. Ik ben de dochter van een vrouw geboren in Indonesië en met de boot naar Nederland gekomen. Dit boek lezende zag ik mijn moeder en haar broers en zussen, vrienden en familieleden tijdens hun reis naar Nederland. Ik raad alle Indo’s en hun kinderen aan dit boek te lezen. Heel leuk verhaal en vast herkenbaar voor zij die dit hebben meegemaakt. Mooi aanknopingspunt voor familie verhalen.
    [EINDE citaat]

    Het ging om het boek ‘De Kattentafel’ van de Canadees/Sri Lankaanse(Burgher) auteur Michael Ondaatje*** – ISBN 9789044617962 – Bol.com € 5,00

    Samenvatting: ‘In het begin van de jaren vijftig van de vorige eeuw stapt een elfjarige jongen in Sri Lanka aan boord van een schip naar Engeland. Tijdens de maaltijden zit hij niet aan de kapiteinstafel, maar aan de kattentafel, samen met een groepje volwassenen en twee andere jongens van zijn leeftijd. De drie jongens raken al snel bevriend, en wat eerst een saaie eindeloze reis leek te worden, wordt een groot avontuur en een rite de passage.’

    ***auteur van The English patient (1992) – Oscarwinnend verfilmd

    e.m.

  28. Piet Zwart zegt:

    De Stoomvaart Maatschappij Nederland, “de Nederland” zoals ze genoemd werd voer bijna alleen op Nederlandsch Indië.
    Van deze maatschappij heb ik veel ansichtkaarten, foto’s en andere zaken verzameld de afgelopen jaren.
    Deze heb ik allemaal op mijn site http://www.stoomvaartmaatschappijnederland.nl gezet zodat anderen er van mee kunnen genieten.
    Bezoek mijn site eens en kijk of u dingen herkent.

    Piet Zwart
    piet.zwart1947@gmail.com

  29. Patrick zegt:

    Goedemiddag,

    Mijn vader was een van de verstekelingen aan boord van dit schip en heeft ook veel meegemaakt ik sta u graag te woord om deze gebeurtenissen met u te delen.

    • Ferry Geuther zegt:

      Beste Patrick, dank voor uw reactie. Graag een e-mailbericht via de link bovenin dit topic na mijn oproep: . We kunnen elkaar dan rechtstreeks mailen.
      Met vriendelijke groet,

  30. Wesley Dijkstra zegt:

    Mijn oma Leentje de Ruiter is met dit schip naar Nederland (Amsterdam) gekomen met als aankomst dag 29-11-1954.

    Ik kan me nog twee dingen goed herinneren die ze me ooit tezamen met verhalen over Indië heeft verteld.

    Ze waren een schroef verloren tijdens wilde zee ergens bij de golf van biskaje, en ze hebben een dode van boort gelaten bij Egypte. Ik weet niet of deze persoon te water is gelaten of van
    dat deze overledene in egypte van boord is gebracht.

    Mischien heeft iemand haar of haar moeder Emi (Loentra-) de Ruiter tijdens de reis wel ontmoet.

  31. Dennis zegt:

    Nog steeds opzoek? Ik heb een boek over de zes levens van het schip gekregen toen mijn actief opa stierf. Hij is een periode bemanningslid geweest. Het boek ligt er maar wat, hoop dat hier iemand een mooiere plek weet waar het boek beter tot zijn recht komt

    • Ferry Geuther zegt:

      Beste Dennis, dank voor uw melding. Ik vermoed dat u het boek van Wim Grund bedoelt, een prachtig boek dat ik reeds bezit. Er zijn vast wel gegadigden voor te vinden via deze site of via Marktplaats.
      M.v.g.

  32. clary verbunt zegt:

    Mijn man Jan en mij zelf Clary Verbunt vertrokken op 9 Januari 1958 per Johan uit Amsterdam met slecht weer. Zo gauw wij door de sluizen van IJmuiden waren ging het schip aan de dool. Het stormde en mijn man ging meteen in de kooi.
    Pas na Gibralta werd het normaal varen en hadden ’n voorspoedige reis. Het was zeer aangenaam en genoten van onze huwelijks reis. Wij waren onderweg naar Melbourne. Hier arriveerde wij op 11 Februari 1958 aldaar.

  33. Anoniem zegt:

    Wie kan mij vertellen waar ik de passagier lijst vd JvO 1957 vinden kan.
    Hartelijk dank.

  34. J.D.Landman zegt:

    weet iemand wie de “spijtoptanten “waren die met de MS Tawali vanaf Belawan naar Amsterdam zijn gekomen , ik denk in 1957/58, een stel leuke jonge vrouwen , die wel belangstelling kregen !

  35. Dick Korfage zegt:

    Het is wel toevallig dat ik in deze website terecht ben gekomen omdat ik op zoek was naar foto’s en of verhalen van een van schepen waarop ik heb gevaren in de jaren ’57 tot ’60.
    Want ook wij zijn met de JVO vanuit Batavia vertrokken op 13-01-1946. Wij, mijn moeder, zusje en ik, hadden het Jappenkamp overleefd en na de bevrijding herenigd met mijn vader . De JVO was het tweede schip dat repatrianten uit Indië naar Nederland voer. Ook ik lag, naast mijn vader, ergens in een van de ruimen, in een hangmat. Een van de vele herinnering van deze reis was de ontvangst in het tentendorp bij Attaka, waar we van top tot teen in de nieuwe kleren werden gezet. Ik, die gewend was om in een korte broek en op blote kakkies rond te lopen, vroeg toen aan mijn moeder of ik al die kleren elke dag weer opnieuw aan moest trekken. Na de ” aankleding” werden we in een grote ruimte losgelaten waar we ons tegoed mochten doen aan allerlei lekkernijen. Onze ouders hadden ons gewaarschuwd om niet teveel eten of snoepen ivm onze nog wat zwakke magen. Daar zaten we dan, temidden van alles wat maar lekker was, ieder met een gevulde koek. Andere herinneringen waren bijv. elke dag weer 3 maaltijden en vooral witte brood met echte boter. Ik kan me die smaak nog steeds in mijn herinnering terug halen. De aankomst in IJmuiden was een feest met vele tientallen mensen die op de sluismuren naar ons wuifden. Het was ook nog bitter koud, die winter van ’46. Dat was effe wennen!
    Ik ben overigens in het bezit van de complete passagierslijst van die reis!!

    • Jan A. Somers zegt:

      Zeer herkenbare euforie! Prachtig toch, zo’n herinnering? Ik heb me laten vertellen dat die uitdeeldames in Ataka werkzaam waren bij modehuizen als Gerzon e.d. Ze keken naar je en pakten meteen de (meestal) goede maat. Zij leerden me ook de stropdas te strikken, met een dubbele knoop. En het ritueel met de knopen van je jasje. Mannen laten het onderste knoopje open, vrouwen het bovenste.

      • Ron Geenen zegt:

        @Ze keken naar je en pakten meteen de (meestal) goede maat. @

        Knap hoor van die dames van Gerzon. Meteen weten hoe het zit met de Amerikaanse maten in inches. Wij Indo’s hier in de States moesten het toch wel eerst een beetje leren. B.v. schoenmaat 40 is hier wel 7.0 tot 7.5!

        • Jan A.Somers zegt:

          Die dames waren gehaaid hoor. In de rekken was, zoals gewoon is, maar één maatsysteem. Keken naar je postuur, en pakten meteen de (meestal) goede maat. Datzelfde heb ik kort geleden weer meegemaakt bij C&A. Je kreeg er ook een grote plunjezak bij om de spullen op te bergen.Met een treintje vanaf de boot. Ik heb de fotoserie van Ataka nog, was een groot feest. Voor het eerst sinds lange tijd echt getrakteerd! Het hoort bij de grootse momenten uit mijn leven. Maar als je het niet hebt meegemaakt, kan je alleen geloven in Indische mythen en legenden. Ook leuk! Ik kan die foto’s uit mezelf hier niet plaatsen.
          “Ergens anders las ik dat” Waarschijnlijk weer één van de beroemde Indische complottheorieën. Mooi, nieuw spul, maar zoals altijd niet naar Indische tevredenheid.
          “Heeft u die rekening ook bewaard?” Een rekening heb ik nooit gekregen, en mijn ouders waren toen buiten zicht. Ik ben gratis, als corveeër van het Rode Kruis naar Nederland gekomen. Met honderd gulden toe. Ik had uiteraard ook geen paspoort, wel een laissez-passer.

        • Ron Geenen zegt:

          @Die dames waren gehaaid hoor. In de rekken was, zoals gewoon is, maar één maatsysteem. @

          En dat is het hem juist. Bij het kopen van een pantalon of spijkerbroek staat er aan de binnenzijde van de riem twee maten; een voor de maat van iemand zijn middel en de ander geeft de lengte aan. Je kan dus niet zomaar iets uit een rek pakken. B.v. voor de maat 36 zijn er lengte maten vanaf 29 en oplopend tot zeker 38. U verteld sprookjes!

        • Jan A.Somers zegt:

          “U verteld sprookjes!” U heeft het over 2018, ik over 1946. Vroeger had ik maat 48 sadja, maar dat kon van fabriek tot fabriek iets verschillen. Toen ik wat dikker werd 49. Maar dat hoef ik niet zelf te bestuderen. Rond die maat 48-50 zijn er nu meerdere nader gedetailleerde maten, maar daarover hoef ik niet zelf na te denken. Doordat ik vanwege leeftijd gekrompen ben, heb ik weer een andere maat Ik roep er gewoon een verkoper/verkoopster bij, die kijkt naar mij, en pakt de juiste maat. Alleen bij schoenen klopt het niet altijd, dezelfde maat wordt door verschillende fabrieken in hun eigen leest gemaakt. Die moet je altijd passen, en rekening houden met inlopen.
          “heeft jaren in het modevak hier gewerkt en die had er een beter oog voor.” Daar heb ik het nou steeds over! Die dames zijn gepokt en gemazeld in het vak. Als je een keus hebt gemaakt, moet je verder niet moeilijk zoeken naar maten. Daar zijn die dames en heren voor, worden daarvoor betaald.

    • Ron Geenen zegt:

      @Een van de vele herinnering van deze reis was de ontvangst in het tentendorp bij Attaka, waar we van top tot teen in de nieuwe kleren werden gezet. @

      Waren het nieuwe kleren? Ergens anders las ik dat het verzamelde en gedoneerde kleren van de Amerikanen waren. Het hindert niet, want het waren goede kleren die uw ouders in rekening werden gebracht door de Nederlandse staat. Heeft u die rekening ook bewaard? Of wist u dat niet? Anders moet u het maar vragen aan de heer Somers. Ben trouwens ook wel benieuwd wat dat per persoon heeft gekost.

      • bokeller zegt:

        De Amerikaanse fouriers in Camp Drake, waren
        ”meesters” in alleen op het oog passen van
        uniformen toen ik in Japan weer mijn uitrusting
        kon aanvullen .
        Alleen met onze(mijn) sawah trappers zaten
        ze ernaast.
        siBo

        • Ron Geenen zegt:

          Maar die Amerikaanse fouriers dealen iedere dag met die Amerikaanse maten en hebben er jaren ervaring mee. Weet uit ervaring, dat het voor mij persoonlijk een tijd heeft geduurd voordat ik precies wist wat mijn Amerikaanse maten waren. Mijn vrouw heeft jaren in het modevak hier gewerkt en die had er een beter oog voor.

        • Jan A.Somers zegt:

          De foerier in Bergen op Zoom precies zo. Alleen de laarzen passen.

        • Ron Geenen zegt:

          @De foerier in Bergen op Zoom precies zo. @

          Ook met ASA in plaats met SI maten? Kan u net zo vlug met feet en inches, enz werken als met het metrische?

        • Jan A.Somers zegt:

          “Ook met ASA in plaats met SI maten? “Gelukkig hoef ik me in Nederland daar niet druk over te maken. Ik vraag het gewoon even en het komt gewoon goed. Of niet als ze net mijn maat niet hebben.

        • Ron Geenen zegt:

          @“Gelukkig hoef ik me in Nederland daar niet druk over te maken. Ik vraag het gewoon even en het komt gewoon goed. @

          ING bank heeft zich anders in het verleden wel druk over gemaakt. Ik moest wel eens een papier, die ze via het internet verstuurden, wel eens ondertekenen en terugsturen. Ze wisten niet dat een A4 in Nederland smaller en langer is dan de Amerikaanse A4. Heb toen hun maar geadviseerd mij dat document maar per email te sturen en daarbij vooral ook een envelope mee te sturen. Want de Amerikaanse maten verschillen ook met de Europese enveloppen. Toch wel vreemd dat de bankmensen van Ing het niet wisten. Ben erg benieuwd aan wie u het dan gewoon even vraagt?

        • Jan A. Somers zegt:

          “Ze wisten niet dat een A4 in Nederland smaller en langer is” Het ging wel niet over kleding, maar in Nederland is A4 (net als de daarnaast gelegen A3 en A5) vastgelegd in ons NEN-blad (en in de EU-norm), daar hebben wij mee te maken. En hoef er ook niet naar te vragen. Bij twijfel, de norm erbij halen. Klaar. Ik dacht(!?) dat de Amerikanen nog afmetingen kennen die hier folio-formaat heet, en hier al lang niet meer in gebruik is. Maar dat hoeven wij niet te weten. Ik dacht overigens dat ING ook in Amerika is gevestigd. Kunt u daar klagen. Ik kreeg eens een klein Amerikaans erfenisje. Aangezien het Amerikaanse erfrecht wellicht iets anders was dan hier stuurde ik een e-mail naar de betrokken Amerikaanse notaris. En kreeg een keurig mailtje terug, dat ik niets hoefde te doen, alles hadden zij al geregeld. Hulde!

        • Ron Geenen zegt:

          Ik geloof dat U een beetje achter loopt wat enkele Amerikaanse systemen betreft. Net zo goed als U daar werkt met A4, A3, enz volgens het NEN methode werken we hier met A4, enz volgens het ASA methode. Alleen de maten verschillen. Een Amerikaanse A4 kan dus niet in een Europese standaard enveloppe. Uw folio bestaat hier gewoon niet.
          De bank ING is al zeker een 10 jaren niet meer in de USA. Het grootste gedeelte is toen verkocht aan Capital One. Heb nog steeds een rekening bij ING. Gewoon goedkoper om onze pensioenen op een rekening bij Ing te laten storten en eens per jaar of eenmaal per 2 jaar een flink bedrag naar Amerika te laten overmaken. Heb trouwens nog steeds een investering bij Capital One lopen.
          Een notaris in Nl, heb ik begrepen, staat op het niveau van een Nl advocaat. Hier is iemand een Notaris als hij een klein examen van ongeveer 100 vragen heeft beantwoord. Daarna krijgt hij zijn eigen notariële boek en stempel. Ben het ook geweest toen ik als makelaar werkzaam was. Een contract kon ik dan sneller afwikkelen. Moet ongeveer eenmaal per jaar melden dat ik nog in leven bent. Heb een vriendin in de makelaardij die het dan voor mij mijn handtekening waarmerkt. Kost me niets.

    • Ferry Geuther zegt:

      Beste Dick, hartelijk dank voor uw persoonlijke verhaal over deze reis in 1946. Voor zover mij bekend behoorden de vrouwen die toen de kleding verstrekten tot het VVHK (vrijwillige vrouwen hulpkorps) en de Engelse NAAFI. U kunt me rechtstreeks e-mailen via de link bovenin deze oproep. Met vriendelijke groet.

  36. bokeller zegt:

    6 juli 2018 om 11:1
    De foerier in Bergen op Zoom precies zo. Alleen de laarzen passen

    Tja ,het oude natte vingerwerk.
    (1) Één altijd passende Nederlandse kledingmaat
    voor militairen te GROOT of te KLEIN.
    siBo

    • Ron Geenen zegt:

      @Tja ,het oude natte vingerwerk.@

      Ja, dat geloof ik ook eerder. En alles is toch ook volgens het Europese metrische sijsteem, niet?

    • Arthur Olive zegt:

      @Een altijd passende Nederlandse kledingmaat voor militairen te GROOT of te KLEIN.@

      De shirts voor Indonesische militairen en politie lijken mij ook te klein en dat in dat warme klimaat.

  37. Henry bouwens 06011941geb zegt:

    Vertrokken van soerabaia nov 1954 aankomst Amsterdam 20 dec 1954.onderweg was er een geestelijk gestoorde oudere man ,die graag bij zijn dochters wou zijn de zieken afd ontvlucht daar de toegangs deur van het slot was ontvlucht.deze man was nooit meer terug gevonden.zeer waarschijnlijk overboord geraakt ,het schip was nog terug gevaren maar helaas niet meer gevonden.Ook nog een zee begrafenis met een loden kist meegemaakt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.