Een Steurtje vertelt: deel 4 – Meehelpen.

Een Steurtje vertelt: deel 4 – Meehelpen.
Frits Geuther, 2004.

Eetzaal schoonmaken
De eetzaal werd iedere week schoongemaakt door de grote jongens. Het zag er altijd smerig uit. De jongens gooiden het eten dat ze niet op konden op tafel of op de grond en nooit in de vuilnisbakken die er voor bestemd waren. Bij de schoonmaak van de eetzaal moesten de zitbanken, schragen en tafelbladen de eetzaal uit om buiten de eetzaal schoon geschrobd te worden. De andere jongens die de tafels niet hoefden te doen stelden zich in de eetzaal naast elkaar op, gewapend met een korte harde sapoe lidi (bezem gemaakt van de nerven van de bladeren van de kokosplant) in de hand.
Water werd over de vloer gegooid, de ruggen werden gekromd, de bezem tegen de vloer en daar ging het schrobben: bezem van links naar rechts, weer naar links, rechts, links, rechts een stapje voorwaarts, links, rechts, links, rechts, stapje voorwaarts, links, rechts, links, rechts, links, rechts, stapje voorwaarts, weer links, rechts, links, rechts, voorwaarts. Zo ging het al maar door tot de eetzaal helemaal geschrobd was.
Het schrobwater werd weggeveegd en weer gingen een paar emmers water over de vloer en weer werd het water weggeveegd. Dit werd een keer of drie herhaald. Tenslotte werd de vloer met lange bezems droog geveegd. Dit gebeurde ook zo’n keer of vier. Als de vloer schoon was dan was de middag ook voorbij.

Wandluizen bestrijden
De schoolvakantie was een mooie tijd om de bedden van wandluizen te bevrijden. Het bed was van ijzer en was een soort krib waartussen een soort brancard hing. De brancard bestond uit zeil met twee ijzeren draagstaven. Alle bedden werden van de bedzeilen ontdaan waarna ze naar buiten gedragen werden.

De zeilen werden in de douche/badruimte grondig met water en zeep en een harde borstel van de wandluizen en de eieren ontdaan. Er was ook kokend water voor. Buiten op het terrein waar de ijzeren bedden stonden werden alle plekken waar wandluizen en eieren zich bevonden met vlammen van kaarsen of van een oliepitje of van een lucifer bestookt. De verbrande luizen en eieren verspreidden een akelige lucht. Deze wandluizen heten in het Indonesisch koetoe boesoek wat ‘rotte luis’ betekent. Dat is zo. Als je een luis dooddrukte kreeg je de doordringende lucht van een rottend dier te ruiken.

Tuinonderhoud
De zorg voor de tuin moest ook wekelijks door de grote jongens worden gedaan. De zorg voor de tuin kon een hele middag duren. Het werk bestond uit onkruid wieden, grond omspitten, cassave en zoete aardappel planten. Als ze rijp waren werden de cassave en zoete aardappelen geoogst. Die oogst ging naar de keuken waar een heerlijke stoofschotel van bereid werd.

Voorlezen
Ook moest ik bij toerbeurt meedoen met het voorlezen in de kerk van het door Pa geschreven kerkblaadje. De eerste keer dat ik het moest lezen, was ik op van de zenuwen. Ik had het kerkblaadje wel een aantal malen gelezen en van vele accent-tekens en komma’s voorzien. In de kerk zaten niet alleen de jongens en meisjes van Pa maar ook mensen van buiten. Ik moest me niet laten kennen en hield me zenuwachtig groot.

bron: “Belevenissen uit mijn jeugd in Nederlands-Indië” © 2004, auteur J.F. Geuther.
Volgende keer: Jagertjes

Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

3 reacties op Een Steurtje vertelt: deel 4 – Meehelpen.

  1. kembang merah zegt:

    Ik heb ook in een internaat gezeten….het boenen, schoonmaken enz,enz, kwamen de
    herinneringen bij weer naar boven….maar onderling hebben we ook best lol gehad 😁😂😀😀

  2. koppieop zegt:

    Onderhoudend verteld, zoals deze kroniek is begonnen, maar…
    Hoezo, voedsel weggooien? Vooral voor een internaat vind ik dat vreemd; het is iets waar ik me mateloos aan erger, waar dan ook. Zelfs in de oorlogstijd heeft ons gezin (buiten het kamp gebleven).gelukkig geen dag gebrek gehad aan eten. Toch vonden wij de instructie van onze ouders “je ogen mogen niet groter zijn dan je maag” heel normaal. Tezelfdertijd heb ik geleerd om steeds goed te beseffen wat “honger” inhoudt, en – dus – dat woord alleen te gebruiken waar het van toepassing is. Wie in onze welvarende samenleving zegt dat hij ‘honger’ heeft, probeer ik altijd voor te houden dat, volgens mij, het juiste woord “trek” is,
    Daarom plaats ik grote vraagtekens bij het zinnetje …..De jongens gooiden het eten dat ze niet op konden, op tafel of op de grond…. ???
    .-

    • Ferry zegt:

      U heeft gelijk, voedsel weggooien is ondenkbaar, in deel 3 stond een veelzeggende zinsnede “Als er te weinig vlees was kreeg de ene helft van ons rijst met een stukje gebakken spek of vlees en de andere helft rijst met de jus van het gebakken vlees.”.
      Mijn vader bedoelde natuurlijk etensresten zoals pitten, vruchtenschillen, (kippen)botjes, graten, enz. maar het waren jongetjes dus er zal wel eens iets wat een belhamel niet lustte weggegooid zijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.