Uit het archief



Uit het archief van Jan Somers zijn onderstaande scans.
Jan legt uit wat die papieren betekenen.
Klik op de plaatjes voor een vergroting.

.
Kampcorrespondentie:
Mijn moeder had van mijn broer een correspondentiekaart gekregen vanuit het kamp in Tjimahi. Mijn moeder dacht dat mijn vader bij hem was, maar die was in  krijgsgevangenschap in Singapore. De kaart toont het antwoord van mijn moeder. Geadresseerd naar een code, waar het kamp was wist ze niet.

Pamflet:
Dit is het tweede pamflet dat boven Soerabaja is afgeworpen. Door een laagvliegende Dakota. Het meest bijzondere was wel dat het vliegtuig niet werd beschoten, het einde van de oorlog was toch echt waar. Het pamflet is afkomstig van de NICA bestuurspost Balikpapan. De achterkant is in het Maleis, maar is slecht leesbaar vanwege de pleisters waarmee ik de scheuren had vast geplakt. Als Nederlandse ondertekenaar in Tokio wordt generaal van Oyen genoemd, niet admiraal Helfrich. Verschil moet er zijn! Helfrich was weliswaar Bevelhebber der Zeestrijdkrachten in het Oosten (BSO), aangesteld door de Nederlandse regering, maar viel dus niet onder NICA. Generaal van Oyen had dan wel een lagere functie, maar hij was behalve onderbevelhebber in Australië vooral waarnemend legercommandant van het KNIL. En ressorteerde dus onder NICA.

Informatie Rode Kruis:
Na mijn bevrijding uit de Werfstraatgevangenis ben ik met de Princess Beatrix geëvacueerd naar Batavia. In mijn eerste contact schreef ik mijn vader in Singapore dat ik had gehoord dat mijn moeder en zus uit Soerabaja waren geëvacueerd naar Singapore. Mijn vader seinde terug dat ze niet in Singapore waren aangekomen. Ik ben toen als corveeër van het Rode Kruis teruggegaan naar Soerabaja. Ons huis was leeggeplunderd en van alles was kapot geslagen. Geen spoor van mijn moeder en zus. Mijn vader heeft ze toen in Singapore bij het Nederlands-Indische Rode Kruis in Batavia als vermist opgegeven. En heeft keurig antwoord ontvangen.

IND97:
Mijn moeder en mijn zus waren in november 1945 uit Soerabaja weggevoerd, met onbekende bestemming het binnenland in. In een moeizame trektocht zijn ze ergens in Midden-Java terecht gekomen. In juni 1946 zijn ze door bemiddeling van het Rode Kruis vrijgekomen en naar Semarang gebracht, en vandaar uit naar Batavia. Uit haar bericht aan mijn vader blijkt dat ze niets van mijn broer en mij afweet. Wat ze van mij dacht te weten is dat ik in Soerabaja vermoord zou zijn in de Simpangclub. Interessant is dat het formulier is geadresseerd aan mijn vader in Singapore, maar een lange weg heeft afgelegd via Batavia, Vlissingen, het adres van de broer van mijn vader, naar Vlissingen, het adres van ons in Havendorp, de ons toegewezen noodwoning. Ook interessant is dat het formulier niet afkomstig was van het N.I. Rode Kruis, maar van het Rode Kruis in Genève. Het N.I. Rode Kruis was door de Engelsen ondergebracht bij RAPWI. Dat was niet naar de zin van het centrale Rode Kruis vanwege de ondergeschikte positie waarin het N.I. Rode Kruis zich nu bevond.
Een interessante bijkomstigheid van de formulieren is dat ik door mijn moeder als ‘dood’ was opgegeven bij het Rode kruis, en dat mijn moeder en zus door mijn vader als vermist waren opgegeven, ook bij het Rode Kruis. Dit is nooit gerectificeerd en die lijsten zijn nooit gereviseerd. Dubbeltellingen! Oppassen dus met het bestuderen van die lijsten.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Gast Pikirans. Bookmark de permalink .

13 reacties op Uit het archief

  1. Arthur Olive zegt:

    Het tweede pamphlet was getekent door Lt. Gen. Van Oyen voor Indonesia.
    Het pamphlet was uitgegeven door een Nederlands bestuurspost van de NICA in Balikpapan.
    Vraag me dan wel af waarom van Oyen tekende voor Indonesia en niet Nederlands Indie.
    Zou het kunnen dat het pamphlet een vertaling uit een Australisch pamflet is aangezien de Van in van Oyen met een hoofdletter is?

    • Jan A, Somers zegt:

      “een Australisch pamflet” Australië bemoeide zich niet met het civiele bestuur over de bevrijde gebieden, net zo min als voorheen MacArthur van SWPA. NICA was geautoriseerd door generaal Blamey de Nederlands-Indische wetgeving toe te passen. Hiermee werd feitelijk het voormalige patroon van samenwerking met de Amerikanen gecontinueerd: de Amerikanen legden toen het civiel bestuur volledig in handen van NICA. Dit Civil Affairs Agreement met de Amerikanen stond model voor de overeenkomst die op 25 augustus ook voor Java en Sumatra met SEAC werd gesloten. Mountbatten heeft zich er niet aan gehouden, de Australiërs wel.

      • Ron Geenen zegt:

        @Mountbatten heeft zich er niet aan gehouden@
        Daarom waren vooral de Nl gevangenen in de kampen op Sumatra in gevaar. De Jappen kregen opdracht die kampen te bewaken, terwijl de Engelsen bezig waren de Engelse en Australische gevangenen in veiligheid te brengen. Overste Carl Brondgeest en zijn luitenant R Westerling hadden dat op het noordelijke deel van Sumatra door en bestreden de jonge Indonesiërs, die wapens van de Japanse bewakers kregen.

  2. Jan A, Somers zegt:

    “was getekent door Lt. Gen. Van Oyen : Dat was het niet, beter lezen. Er staat dat Van Oyen in Tokio de capitulatievoorwaarden zal tekenen. Helfrich kon hier niet worden genoemd, dat was een Nederlandse functionaris. Net zo min dat Nederland Van Oyen kon noemen, een Nederlands-Indische functionaris. En Indonesia staat er niet voor niets. Het pamflet is een NICA-document. En in die al bevrijde gebieden was NICA al druk begonnen met het overleg met de Nationalistische nationalisten en bestuurders. In de richting die naderhand de geboorte was van de RIS. Alle ogen waren altijd gericht op Java/Sumatra, maar hier werden in Ned.Indisch/Indonesisch overleg knopen doorgehakt. Ging niet altijd vriendelijk, maar het ging zijn gang.

  3. Loekie zegt:

    Gaat erom dat de naam INDONESIA werd gebezigd. Onderhandelingen of niet, dat was toen formeel de juiste benaming?
    En Stalin was premier?

    • Jan A, Somers zegt:

      In informeel overleg, waar je begonnen bent met besprekingen over de structuur van de toekomstige staat, is het handig en nuttig tegenover je gesprekspartners niet moeilijk te doen over benamingen. Het ging uiteindelijk om overeenstemming over de RIS. En zolang het met die S nog niet rond is, en zolang je op die plaats ook niet kunt spreken van de R, dan kan je toch het kind bij de naam noemen: Indonesia! Je weet toch waar het om gaat, nu alleen de vorm nog. Jammer dat ze dat in de RI niet hebben begrepen (overigens ook in Nederland niet). Dat leverde de infiltratie op in Zuid-Celebes en Zuid-Borneo, gelukkig van relatief geringe omvang. En veel bloedvergieten op Java en Sumatra. Denk er wel om dat deze pamfletten afkomstig waren van NICA, en niet van Nederland. En bestemd voor alle inwoners van Indië! Niet alleen Nederlanders! ZOZ! En over Stalin kun je het best bij de Indonesiërs zelf terecht: moordpartijen onder President Soeharto. Maar dan ben je vele, vele jaren verder. Toen bestond de RIS ook al lang niet meer.

      • Loekie zegt:

        Wat Stalin te maken heeft met Soeharto ontgaat mij, maar dat ligt aan mij. Verwonderde mij alleen dat in het pamflet Stalin wordt aangeduid als premier.

        http://www.afscheidvanindie.nl/archieven-onderwerpen-nica.aspx

        • Jan A, Somers zegt:

          Ik denk dat die klerk van NICA weinig staatkundige kennis had. Maar de lezers van het pamflet mest ook niet, was dus geen probleem. Wat (de club van) Stalin met Soeharto te maken had moet u vragen aan de (zeer) vele nabestaanden. Daar was laatst nog een TV- uitzending over.

      • RLMertens zegt:

        @JASomers; ‘de naam Indonesia etc. om overeenstemming over de RIS’- Was er in aug.1945 al sprake over de RIS? Mi. was het vanwege in 1942(nog voor de Japanse inval) door GG bevestiging( voorstel Thamrin); de aanduiding inlander te vervangen door Indonesiër.

        • Jan A. Somers zegt:

          “de aanduiding inlander te vervangen door Indonesiër.” Dat kon helemaal niet. Daar is een grondwetswijziging voor nodig. In 1942 was dat niet mogelijk aangezien toen de regering in ballingschap een oorlogsregering was zonder parlement. Dat is er met de grondwetswijziging van 1948 wel gekomen, Nederlandsch-Indië werd toen Indonesië. Gezien de lange duur van zo’n wijziging waren ze er volgens mij in 1946 al aan begonnen. Een van de onderwerpen van de Commissie van 1940 was overigens: “(…) mede te betrekken de mogelijkheid en consequenties van de instelling van een Indisch burgerschap en van een vervanging van de benamingen “Inlander” en “Inlandsch” door andere termen in de wetgeving.” Let wel, de Inlander met grote I is wat anders dan de inlander met kleine i zoals u dat schrijft, en met u ook zeer veel Indische mensen: het waren toch maar inlanders!
          “Was er in aug.1945 al sprake over de RIS? ” De laatste inspanning was: In november 1941 werd door Idenburg (directeur van het kabinet van de gouverneur-generaal) aan luitenant-gouverneur-generaal van Mook een schema voor staatkundige hervormingen toegezonden. Na een drukke wisseling van telegrammen, volgend op het begin van de oorlog met Japan op 7 december, seinde de minister dat koninklijke machtiging was verleend om deelnemers aan te wijzen. De ontwikkeling van de oorlog in Indië was inmiddels zover gevorderd dat de buitengewesten voor een deel al in Japanse handen waren, de verbindingen waren verstoord en voor een belangrijk deel al niet meer bestaand. Hierdoor was ook het aantal deelnemers aan de vergaderingen van de Volksraad in belangrijke mate verminderd. De gouverneur-generaal achtte het niet raadzaam nu tot aanwijzing van deelnemers aan de rijksconferentie over te gaan, dit zou onder de huidige omstandigheden niet representatief zijn. U ziet, het werken aan Indië > Indonesië was al aan de gang. U moet natuurlijk ook weten dat de bevrijding van de latere ‘Malino’-gebieden al vóór 15 augustus 1945 aan de gang was, en de gesprekken tussen NICA-functionarissen met bestuurders en nationalistische leiders op kleine schaal al waren begonnen. U kunt zich wel voorstellen dat die bestuurders en leiders het hebben over ‘Indonesië’. Dat handjevol NICA-mensen had het al lang begrepen dat ze daarin mee moesten gaan. Bovendien zou dat toch het eindproduct worden voor al dat overleg. En wetend hoe men in de maag zat met het overheersingsstreven vanuit Java, dan is de gedachte aan deelstaten in een RIS snel manifest. U weet toch dat er in de Malino-gebieden een heel andere sfeer heerste dan op Java/Sumatra? Pas toen de RI bij Linggadjati akkoord ging met RIS, gingen de Malino-gebieden verder samen met de RI.
          U weet overigens ook dat vóór de oorlog een overplaatsing vanuit Java naar de buitengewesten een degradatie betekende. Dat superioriteitsgevoel vanuit Java leefde ook bij de (Indische) Nederlanders.

        • R.L. Mertens zegt:

          @JASomers; ‘dat kon helemaal niet’ – Al op 6 nov.1945(!) werd de inhoud van de 7 dec.1942 rede, ook in het behasa weer gegeven; oa.een Rijksverband, waarin Nederland, Indonesië(!), Suriname etc . Dus niet(!) de originele tekst; Nederlands Indië, Suriname etc. Conform de goedkeuring van de GG in 1942 nav de motie Thamrin..- Bron; Indonesisch toekomst; Indonesia de kemoedian hari! Uitgave Regerings Voorlichtingsdienst, Batavia!

  4. Barbara Zuidema zegt:

    Wat bijzonder dat deze pamfletten bewaard zijn gebleven (ondanks oorlog, de chaotische periode daarna, een tocht naar de andere kant van de wereld en de tijd) Heel interessant om ze te kunnen bekijken en het daarbij behorende, indringende verhaal te lezen over familieleden die elkaar kwijt zijn geraakt. Wat vreselijk moet dat geweest zijn.

  5. Henk Harcksen zegt:

    Geachte heer Somers, Zou graag nog meer verhalen van u lezen, ik kijk er naar uit. Groeten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s