Persbericht:
Beste geïnteresseerden,
Hard gewerkt met af en toe veel tegenslag (darmparasiet, gebroken arm) maar a.s. zondag wordt mijn nieuwe radio reportage dan eindelijk uitgezonden! Radio 1, Reporter Radio KRO/NCRV. In samenwerking met Sander Bartling.Ben je ook benieuwd naar hoe wij Nederlanders afgeschilderd worden in de Indonesische geschiedenisboekjes en hoe men omgaat met de heldenverering en hoe jonge schrijvers aandacht besteden aan deze periode?
En hoe zit dat met die reenactor-clubjes en de restauratie van een Nederlandse tank? Luister zondagavond tussen 19:30 en 20:00 met ook een live interview.
http://www.radio1.nl/item/299554-De%20Indonesische%20visie%20op%20dekolonialisering.htmlHartelijke groet, Marjolein van Pagee





















































Als U geantwoord hebt op een vraag is dat niet mijn vraag: ik vraag alleen wat de KST tijdens gevechtsacties draagt en ik heb niet de indruk dat U daar bij bent geweest alhoewel U die indruk wel achter wil laten dmv oral history. . Een getrainde onderzoeker let op kleding. Aangezien Mevr. van Pagee van beroep fotografe is, kan ik indenken dat zij daar niet op let, dat is haar vergeven.
Maar het interview keuvelt wel lekker door over die Nederlandse auto. Laten wij zeggen dat is colour locale, op zijn Indonesisch.Zo kun je de dingen ook via de Indonesische kant laten zien, Interessant. Het finale oordeel laten we maar aan de geleerden over of Uw woorden van gelijke strekking.
“Ik zie de analyse van het interview met veel belangstelling tegemoet?” Let niet op bovengenoemde reactie want dat lijkt me een antwoord op een andere, niet door mij gestelde vraag.
In het interview van Mevr. Pagee wordt op een gegeven moment gesproken over “de groene baretten” daarmee bedoelend het Korps Speciale Troepen (KST) van kapitein Westerling. Ik dacht dat tijdens gevechtsacties het KST gewone helmen ipv baretten dragen of kunnen de specialisten zeggen wat het KST in gevechtsacties draagt.
Opmerkelijks is dat Mevr. van Pagee of de Indonesische dorpelingen bij het exces in Prambon Wetan niks zeggen over de kledij van de soldaten. Aangezien de Mariniers in de VS zijn opgeleid, hebben ze Amerikaans kledij itt de andere Nederlandse troepen. Maar welke onderzoeker let op een detail. Het is wel de manier om een verhaal op zijn geloofwaardigheid/waarheid te beoordelen, maar laten we dat over aan de specialisten.
van den Broek zegt:
10 juli 2015 om 12:28
In het interview van Mevr. Pagee wordt op een gegeven moment gesproken over “de groene baretten” daarmee bedoelend het Korps Speciale Troepen (KST) van kapitein Westerling. Ik dacht dat tijdens gevechtsacties het KST gewone helmen ipv baretten dragen of kunnen de specialisten zeggen wat het KST in gevechtsacties draagt.
=========================================================
Het gaat om een interview van een Indonesische journalist(?) met een ooggetuige.
Was op Indonesische TV uitgezonden .
De programma heet Melawan Lupa , Metro TV
Plaats in West Java , dacht in buurt tussen Tjiandjur – Sukabumi , waar veel (thee) plantages zijn .
Gebeurde toen de Siliwangi Divisie hun lange mars had aangevangen( n.a.v Renville ovk) .
Door de afwezigheid van TNI gingen onbekende groepen(men zegt de Darul Islam) de vaak onbeschermde plantages aanvallen (platbranden/rampokken etc ).
Er werd gezegd dat ene kaptein W (?) daar ook actief was , naast of met de Ondernemingswachten .
En het is ook NIET tijdens een gevechtssituatie , maar een gewapende groep Nederlandse soldaten (zelfs Sundanese KNIL militairen ) een groep gevangen genomen “djahats” uit de truk halen.
Zie Java Post.
Het is allemaal leuk en aardig wat hierboven geschreven wordt maar hoe dien ik -paradigma-dominante cluster van ideeën-waardevrij-methodologie-kritisch historische benadering etc te begrijpen, het is allemaal te theoretisch, teveel discours de philosophique … Ik ben op zoek naar Einbildungskraft…iets concreets
Luister eens naar het “goede verhaal” van Mevr. van Pagee, want daar begint het artikel mee en laat dan eens dat begrippenapparaat op los, het gaat om de toepassing of niet. Natuurlijk komen zij danwel haar respondenten op de boeman Westerling, de zwarte Piet waar iedereen mee zwaait, maar ik heb de indruk dat Westerling misbruikt wordt door beiden dus Nederlandse en indonesische zijde om de aandacht op iets anders te richten, de zgn koloniale benadering oftewel het duopolie Nederland-Indonesie , waarbij Nederland aan de verkeerde kant van de Geschiedenis staat (dat zijn niet mijn woorden). Het klinkt klinkt mij allemaal te stereotype, te dogmatisch modisch, Zeitgeist, main-stream. Tuh-Tuh
Wat is in het interview het paradigma, de methodologie en de historisch-kritische benadering eigenlijk?? Ikzelf kan daar wel wat over zeggen, vooral methodologisch en paradigma, maar dan word ik weer beschuldigd, dat het mijn hobby wordt Mevr. van Pagee af te branden. Ik wil vooropstellen dat dat mijn bedoeling niet is alhoewel er veel brandhout wordt aangedragen om het vuur op te rakelen: let eens op de structuur/proces van de vraagstelling en de wijze waarop de vragen worden gesteld!!!!).
Ik zie de analyse van het interview met veel belangstelling tegemoet.
van den Broek zegt:
9 juli 2015 om 11:15
Luister eens naar het “goede verhaal” van Mevr. van Pagee, want daar begint het artikel mee en laat dan eens dat begrippenapparaat op los, het gaat om de toepassing of niet. Natuurlijk komen zij danwel haar respondenten op de boeman Westerling, de zwarte Piet waar iedereen mee zwaait,
============================================================
De verhalen van MvP voor zo ver ik begrepen heb zijn gebaseerd op eigen onderzoek , met eventuele ooggetuigen of direct betrokkenen die nu nog leven .Aangevuld met de ondersteuning van boeken of artikelen.
Voor de gewone lezer is het voldoende (in ieder geval voor mij) , het is de taak van de geleerde dames/heren om uit te maken of het verhaal wel klopt of niet .
Al dan niet met eigen onderzoek , en niet steeds wachten op subsidies of de schuld geven aan de Indonesiers omdat ze niet mee willen werken.
De grote kambing hitam ( letterlijk vertaald zwarte geit) is Westerling , maar als men verder gaat zoeken komen er nieuwe namen /groepen te voorschijn.
@: Het is niet makkelijk om “waardevrij” wetenschap te beoefenen. Geschiedenis vak is geen exacte vak ,en dat maakt het moeilijker.”:
Met belangstelling heb ik de vele en zeer uitgebreide verhandelingen over het hoe en wat van geschiedenis hierboven gelezen.
Voor mij is 1 ding zeker in geschiedschrijving: zij wordt gedaan door de overwinnaar/machthebber.
Gevolg: in de historie is vele malen hetzelfde feit “anders belicht” (m.a.w.: herschreven naar de wil van de machthebber).
Geschiedenis wetenschap wordt bekostigd door de machthebber(s) dus ben je als wetenschapper nooit vrij om de zaak objectief neer te zetten. In sommige regio’s in de wereld was dat, en nog steeds, zelfs levensgevaarlijk!
Nederlandse geschiedschrijvers, en ook Indonesische, zijn geen uitzondering hier op; ook zij leven van wat de machthebbers hun gunnen. Dus: wiens brood men eet, diens woord men schrijft. Zo simpel is het.
Voorbeeld?: we spreken graag over onze “VOC mentaliteit”. Wel, ik ben blij dat ik die mentaliteit niet bezit! Handel drijven en mateloze zelfverrijking over de ruggen van anderen! Maar zo lees je dat niet in onze geschiedenisboeken.
Nog een voorbeeld?: Waarom weten Nederlandse scholieren zo weinig c.q. helemaal niets over de verschrikkelijke Japanse bezetting in Nederlands-Indië en de daaropvolgende Bersiap tijd?
“Zo simpel is het.”
Nee zo simpel is het niet. Het is niet dat de winnaar historici onder de knoet heeft, maar dat de sociale, economische en politieke paradigma’s van de overwinnaar een bepalende rol krijgen in het maatschappelijke leven en daarmee ook het werk van historici kleuren. Ook krijgt werk dat ingaat tegen de dominante cluster van ideeën – vaak aangeduid met ‘tijdsgeest’ – minder waardering dan dat wat mensen bevestigd in hun eigen ideeënwereld.
Maar dat wil niet zeggen dat historici geen werk leveren dat lijnrecht ingaat tegen wat de politieke elite graag zou lezen – of dat regeringen, in westerse samenlevingen althans, veel directe invloed hebben op wat een historicus schrijft.
Integendeel zou ik haast zeggen.
masrob zegt:
Het is een misvatting om te denken dat nationaliteit een geschiedbeeld bepaalt of hoort te bepalen.
Kortom, een historicus is niet als vanzelfsprekend te reduceren tot zijn afkomst of nationaliteit.
===================================================================
Nee , dat mag ook niet .
Maar toch gebeurd het vaak dat afkomst/nationaliteit , hun uni (school) zelfs de opdrachtgever(s) invloed kan uitoefenen .
Het is niet makkelijk om “waardevrij” wetenschap te beoefenen.
Geschiedenis vak is geen exacte vak ,en dat maakt het moeilijker.
Ik denk bijvoorbeeld aan het totstandkoming van de Nederlandse Canon .
In Indonesia zie je soms een verschil tussen de UI of UGM benadering de twee dominante universiteiten.
Of de kritiek aan L de Jong toen hij iets schreef die bepaalde groepen niet leuk vinden.
Als ik iets lees waarvan ik denk (als een simpel persoon) , iets klopt niet (met wat ik vroeger op school geleerd heb) , dan ga ik verder inlezen en uiteraard probeer ik te achterhalen waar die persoon vandaan kwam, welke universiteit (binnen of buitenland) had gedaan.
Merk je ook verschil van werken of denken.
Verschil van nu en de “middeleeuwen” is dat bijna iedereen ook leken , de “weinig geschoolden” OOK toegang hebben bij de bronnen.
En de beweringen van de geleerde dames en heren kunnen nachecken .
Vroeger geloof men onvoorwaardelijk wat de meneer pastoor vertelde , ze kunnen toch geen Latijn(?) .
Tegenwoordig kan je de bijbel lezen in je eigen taal , zelfs Jip en Janneke taal.
In Bhs Melajoe:
Wasijat Jang Baroe Ija-Itoe Segala Kitab Perdjandjian Baroe Atawa Indjil Toehan Kita Jesoes Kristoes (1896)
citaat:
1.Men pleit voor een wijziging , een historiografie die Indonesisch centrisch (sejarah nasional) , die de belangen van Indonesia dient
2.metodologisch
3.kritisch historisch benadering.
Dus Geschiedenis wordt ondergeschikt aan de belangen van Indonesie – methodlogisch – kritische benadering…..waarvan ik als leek/ongeschoold zeg “dat klopt niet” .
Of het is een innerlijke tegenstrijdigheid (contradictio….) of je wordt om de Indonesische tropentuin geleid waar je bij staat. Indonesische Geschiedenis als sprookje (oral en soms history) vind ik wel een volledig nieuwe en histo-kritische benadering. Let wel , bovenstaande zijn mijn woorden niet, ik heb ze gewoon in verband gebracht.
“Indonesische Geschiedenis als sprookje (oral en soms history) vind ik wel een volledig nieuwe en histo-kritische benadering. Let wel , bovenstaande zijn mijn woorden niet, ik heb ze gewoon in verband gebracht.”
===========================================================
Kritische lezers kunnen altijd door nieuwe mogelijkheden (o.a aanboren van oude/nieuwe bronnen) afvragen en indien nodig veranderingen verwerken.
De Indonesiche historici hebben diverse keren (7 of 8 keren) hun seminars gehouden.
Voorbeeld : Een Nederlandse historicus schreef in zijn boek (1954 ?)dat er weinig bekend was tot omstreek 1025-1050 van het Sundanese koninkrijken in vergelijking met de Javaanse koninkrijken . Logisch de VOC heeft veel bemoeienissen gehad .
Terwijl de Sundanezen al kleine koninkrijkjes hebben van af de 1ste/2de eeuw NC.
Een “gat” van bijna 7 of 8 eeuwen.
Er werd geleerd dat de Nederlanders de irrigatie introduceerde (mss heb ik verkeerd gelezen ) op Java .
Terwijl Java (ook Bali ) een oude rijstcultuur hebben, niet voor niks staat Java bekend als Jawadwipa.
Er zijn zoveel voorbeelden die door buitenlandse en Indonesische historici/orang pinter geschreven werden waar je terecht kan afvragen, Apa benar , is het waar ?
En niet zo maar als zoete kue talam ( zoet en glibberig) slikken.
“Een Nederlandse historicus schreef in zijn boek (1954 ?)dat er weinig bekend was tot omstreek 1025-1050 van het Sundanese koninkrijken in vergelijking met de Javaanse koninkrijken . Logisch de VOC heeft veel bemoeienissen gehad.”
Dat snap ik niet. Wat heeft de VOC te maken met Sundase en Javaanse koninkrijken uit de elfde eeuw? Daarbij, het is gewoonweg waar dat we niet al te veel weten van de rijken en rijkjes in de archipel van voor de zestiende eeuw. Dit komt doordat het beschikbare bronnenmateriaal beperkt is.
masrob zegt:
8 juli 2015 om 17:02
“Een Nederlandse historicus schreef in zijn boek (1954 ?)dat er weinig bekend was tot omstreek 1025-1050 etc
Dit komt doordat het beschikbare bronnenmateriaal beperkt is.
===================================================
Het zou kunnen dat hij geen toegang of onvoldoende ingelezen heeft .
Tegenwoordig lees je zoveel over nieuwe opgravingen/theorieen , die je als leek niet meer kan bijbenen.
Stel eens voor dat de Indonesische historici in het verleden te veel leunden bij de Nederlandse collega’s( hun eigen leermeesters ) , wat dan ?
Gelukkig nemen Indonesiers die niet per se als historicus waren gevormd bepaalde initiatieven genomen .
Die later door hun jongere collega’s die in het vak waren gevormd werden bekritiseerd zoals te veel de nadruk leggen op national building, heeft bijgedragen aan mythevorming etc .
Ik hoop dat de jonge generatie Nederlandse historici niet te veel leunen aan die generatie en ook durven kritiek te geven aan de “gevestigde orde”.
Maar ja, het waren niet de Indonesiërs die de resten van Prambanan en Boroboedoer vonden, en voor veel geld restaureerden. Idem Singosari.
“Er werd geleerd dat de Nederlanders de irrigatie introduceerde (mss heb ik verkeerd gelezen ) op Java.”
Dat lijkt me niet juist. De koloniale geschiedschrijvers maakten al de link tussen de opkomst van hiërarchische samenlevingen die het dorp overstijgen en de geïrrigeerde rijstbouw.
Waarschijnlijk een samensmelting van twee systemen die voor verwarring zorgt. Zelf had ik in Delft nog het verplichte vak irrigatie, waar de sawah-systemen alleen in de inleiding werden genoemd.
Bij de sawahs wordt de bovenloop van de rivier afgetapt waardoor er een soort parallelle rivier over de sawahs ontstaat. Dit werkte eigenlijk alleen in de Westmoesson, waardoor er hoogstens twee rijstoogsten per jaar mogelijk waren, en in de droge tijd omgezet in een ladang.. In de jaren dertig werd in die bovenloop een watervang (kleine dam) aangelegd waar ook wat water kon worden opgeslagen voor de Oostmoesson. Daarmee werden drie rijstoogsten mogelijk. Plus de ‘vierde ‘oogst, ikan terih. Het is een soort verticaal systeem.
Irrigatie is meer het slim omgaan met een soort horizontaal systeem. Heel uitgebreid toegepast in Oost-Java, een relatief droog gebied met bijvoorbeeld veel suikerriet. In het meest ideale systeem, zoals bijvoorbeeld de Kali Kontohwerken bij Poedjon, werd in de bovenloop van de Kali Kontoh een stuwmeer (Soeloredjo??? is nu een heel groot stuwmeer) aangelegd. Via grote buizen werd het water door de waterkrachtturbines gestuurd voor elektriciteit voor Soerabaja. Daarna kwam het eigenlijke irrigatiesysteem, een enorm kanalensysteem met heel kleine vervallen waardoor het water (tamelijk horizontaal) heel ver kon worden gedistribueerd. Met veel aftakkingen, schuiven, meetinrichtingen e.d. In dat verdeelsysteem kregen alle gebruikers om de beurt hun deel. Op de meeste plaatsen overigens zonder waterkracht als eerste stap. Is bij de sawahs de organisatie tamelijk kleinschalig, plaatselijk, bij irrigatie gaat het over enorme gebieden met een organisatie die een beetje lijkt op de Nederlandse waterschappen.
Een goed verhaal van Marjolein. Je voelt haar worsteling. Hoe de geschiedenis te beschouwen..
Nog te beluisteren op: http://www.radio1.nl/item/299554-De%20Indonesische%20visie%20op%20dekolonialisering.html
Ergens in het interview heeft men het over de mening van Gert Oostindië
Dat is dit artikel in de NRC van 23 juni:
—————–
——————–
Speelt ook mee het soedhah-la-mar- principe ?
Snel willen vergeten wat fout ging, niet meer wrokken en naar morgen kijken?
Waaruit volgt dat de Indonesische cultuur minder geneigd is de geschiedenis op te schrijven en te onderzoeken dan in Nederland. ?
Doet me denken aan minister Mahendra 10 jaar geleden. Niet vrij van belandahaat riep hij het een en ander en verweet Nedeland dat het nooit serieus de Sulawesi-massacres onderzocht..
Dit is waar….. maar dat is toch in de eerste plaats de taak van Indonesië zelf.?
Historici journalisten en de politiek. Die hebben dat ook nooit gedaan… of die verslagen heeft Nederland nooit bereikt
De rawagedeprocessen hadden in Indonesië ineens een onverwacht bij-effect.
Mensen gingen roepen dat Indonesië ook de schuld moet erkennen voor de moorden van 65-70.
En dat….. is nog minder politiek gewenst. Net zo min als een minder nationalistisch heropvoering en doorvertellen van de geschiedenis van 45-50.
Gert Oostindie. 23 juni 2015
Over Indonesische “tegenwerking” .
Het klinkt misschien gek, maar juist Jakarta geeft telkens aan dat we vooruit moeten kijken.
Lijkt grootmoedig, maar dat is het niet: er werd niet alleen een dekolonisatieoorlog uitgevochten, er was tevens een revolutie gaande waarin allerlei Indonesische groeperingen elkaar met grof geweld bestreden.
==============================================================
Als Meneer Gert moeite neemt om de Sejarah Nasional Indonesia (ooit standaardwerk uitgave 1974) en diverse Sejarah Daerah(Streek Geschiedenis) boeken even door te bladeren , dan zou hij zelf kunnen lezen dat er gevochten werd tussen de Indonesiers onderling .
Tussen de TNI ,Djakarta aan de ene kant en aan de andere kant de groepen die een hekel of benadeeld voelden door Djakarta(de regering).
Ex ontslagen laskars, barisan etc die niet opgenomen waren bij de nieuwe TNI (als gevolg van de ReRa operatie van Kabinet Hatta/Kol.A.H Nasoetion van de TNI plus de volgelingen van PKI (ex Komintern groep) , de volgelingen van Darul Islam
Leider was Sekarmadji Maridjan Kartosoewirjo, via Jong Java en Jong Islamieten Bond was hij betrokken bij de 2de congres in Batavia (de Sumpah Pemuda ).
Begonnen bij de Ongko Loro School, via H.I.S later naar de ELS , ging naar de NIAS (Inlandse Artsenschool Surabaja) waar hij verwijderd werd wegens zijn radicale gedachten.
Dat zijn openbare bronnen, officiele geschiedenisboeken , dus elke Indonesier die ooit op de schoolbanken hadden gezeten zullen die boeken ook moeten lezen , proefwerk en of examen moeten doen.
Mss te leen bij KITLV leiden , Nat.Archief of KB ?
Het valt me wel vaker op hoe Pak Surya met dedain spreekt over Nederlandse historici die iets zeggen over de Indonesische geschiedschrijving. Ondertussen snapt hij weinig van het vak. Het gaat niet om het noemen van feiten en feitjes, maar om hoe die zijn geordend in een betoog. Welk kader houdt een geschiedschrijving aan en hoe worden gebeurtenissen geïnterpreteerd?
Het zijn niet alleen de buitenlandse historici, maar Indonesische historici zelf die aangeven dat de historiografie van Indonesië niet waardevrij is geweest. De geschiedschrijving had een plaats en functie in een nationalistische visie op Indonesië en haar relatie met het buitenland. Werd in de geschiedschrijving voor de onafhankelijkheid vooral de Nederlandse koloniale actoren beschreven, in de jonge Republiek draaide het om de Indonesische strijd tegen het kolonialisme, waarbij een goed/fout schema leidend was. Daarbij waren de concepten, aannames en kaders van de Indonesische geschiedschrijving beïnvloed, of sterker bepaald, door de politieke agenda van degenen aan de macht tijdens Geleid Democratie en, vooral, de Nieuwe Orde.
Net na de val van Soeharto kwamen Indonesische historici in Jakarta bij elkaar om te spreken over de geschiedschrijving van het land. Wat ik hierboven aangaf, werd onderkend. (zie: http://kyotoreview.org/issue-3-nations-and-stories/an-introduction-to-indonesian-historiography/) .
Sindsdien is er meer ruimte gekomen voor een meerdere opvattingen en zienswijzen binnen het Indonesische geschiedbeeld en een begin gemaakt met een pluralistische benadering van de eigen geschiedenis. Elkaar de oren wassen met “officiële geschiedenisboeken” (het is zo, want zo staat het erin) is een gepasseerd station.
masrob zegt:
7 juli 2015 om 08:21
Het zijn niet alleen de buitenlandse historici, maar Indonesische historici zelf die aangeven dat de historiografie van Indonesië niet waardevrij is geweest.
=================================================
Klopt dat kritische Indonesiche historici , die mening hadden.
Zoals de vele historici zeggen dat de Indonesische historiografie koloniaal centrisch (Nederlands) beinvloed is . De juiste text en welke gelegenheid moet ik even opzoeken.
Het klopt ook dat ik weinig weet van het vak (feit), ben tenslotte geen Sarjana Sejarah/historicus.
Het gaat niet om elkaar de oren wassen , maar om een uitlating van een geschoolde persoon waarvan ik als leek/ongeschoold zeg “iets klopt niet” .
En voor de goede orde wil ik benadrukken dat ik in deze topic niet spreek over Nederlandse(!) historici.
Het is een opmerking , niks dedain of zoiets(zou niet durven )
In de huidige Indonesia zijn er n stemmen om de invloed van koloniale historiografie te vervangen door moderne historiografie.
1.Men pleit voor een wijziging , een historiografie die Indonesisch centrisch (sejarah nasional) , die de belangen van Indonesia diende .
De oude koloniale historiografie radicaal te veranderen en verbeteren (“merombak dan merevisi” ) .
2.metodologisch
3.kritisch historisch benadering.
Vroeger leerden we op school over die 40.000 Celebes slachtoffers, terwijl het al tig jaren bekend was (in Indonesia )dat het aantal niet klopte.
Kritische Indonesiers en historici proberen al lang foute delen te veranderen of op zijn minst er over te praten.
Soms kan je bepaalde delen als aangedikte verhaal zien, en soms als mythe die je zo kan doorprikken.
Vele Nederlanders houden bijvoorbeeld aan hun eigen historiografie mbt NOI/Indonesia
De daar werd wat groots verricht gedachte , koloniale oorlog is nog steeds politionele acties etc .
Terwijl er een andere kant van de medaille te vinden is die soms onbewust werd niet vermeld ?
“Vele Nederlanders houden bijvoorbeeld aan hun eigen historiografie mbt NOI/Indonesia
De daar werd wat groots verricht gedachte , koloniale oorlog is nog steeds politionele acties etc .Terwijl er een andere kant van de medaille te vinden is die soms onbewust werd niet vermeld?”
Ik denk dat twee dingen moeten worden onderscheiden, namelijk hoe Nederlandse historici tegen de koloniale geschiedenis aankijken en hoe die geschiedenis wordt gezien door een wijder publiek. Om met het laatste te beginnen: het lijkt erop dat er vooral desinteresse is, met aan de randen van het Nederlandse politieke spectrum een invulling die gebaseerd is op het eigen ideologische wereldbeeld. VOC-mentaliteit versus slachter Coen. Maar zoals gezegd halen de meeste Nederlanders hun schouders op: al zo lang geleden.
Wat betreft de historici: er is sprake van een diffuus beeld. Er is pluralisme: verschillende invalshoeken, interessegebieden en opvattingen bestaan naast elkaar. Dat de ene historicus het rechtsstatelijke proces tot de onafhankelijkheid van de Republiek benadrukt en de ander die vooral ziet als uitkomst van tegenstelling en strijd op het politieke en militaire vlak is niet verkeerd. Sterker, juist het bestaan van meerdere geschiedbeelden naast elkaar verdiept de kennis en inzicht in historische gebeurtenissen en processen.
Het is een misvatting om te denken dat nationaliteit een geschiedbeeld bepaalt of hoort te bepalen. Dat was misschien het geval in de negentiende eeuw toen geschiedkundigen zich inspanden om een nationaal geschiedkundig narratief te scheppen. De geschiedschrijving lag toen op het vlak van de staatskunde, van politieke en militaire veranderingen. Sociale, culturele en economische invalshoeken kwamen later. De geschiedschrijving werd in de twintigste eeuw breder en rijker, maar ook meer bewust van de eigen methodologische vraagstukken. Om een historicus en zijn werk te plaatsen is belangrijk te weten wat zijn specialisatie is, hoe hij zijn vakgebied ziet en, lange tijd, hoe zijn geschiedbeeld resoneert met bestaande politieke en maatschappelijke inzichten. Kortom, een historicus is niet als vanzelfsprekend te reduceren tot zijn afkomst of nationaliteit.
@masrob ” een historicus is niet als vanzelfsprekend te reduceren tot zijn afkomst en nationaliteit”.
Helemaal reduceren niet natuurlijk…maar
historiografie
De studie en het schrijven van geschiedenis gebaseerd op het kritisch bestuderen van bronnen, de selectie van bijzonderheden uit authentiek materiaal en de synthese hiervan in een lopend verhaal dat de toetsing van kritische methoden kan doorstaan.
****Deze omschrijving laat al zien hoe bij een terugblik op het verleden men volkomen auteur en cultureel gebonden de feiten en feitjes selecteert , rangschikt en er tenslotte een verhaal van maakt. Ook bij wetenschappelijke toetsing zijn promotor (s) en manuscriptcie leden daarin beperkt door hun eigen denkraam. Zoals je met photoshoppen beeldmateriaal kunt beïnvloeden zal de menselijke geest het niet (kunnen) laten om met het geschreven en gesproken woord de werkelijkheid van het heden en verleden naar eigen inzicht te manipuleren.
“Deze omschrijving laat al zien hoe bij een terugblik op het verleden men volkomen auteur en cultureel gebonden de feiten en feitjes selecteert , rangschikt en er tenslotte een verhaal van maakt.”
Ja. de achtergrond en tijd waarin een historicus leeft, kleurt zijn werk. Maar dat wil niet zeggen dat de waarde of waardering van een geschiedkundige studie is af te meten aan de nationaliteit of politieke overtuiging van de historicus.
Een schaap is een dier, maar dat wil niet zeggen dat elk dier een schaap is.
@masrob “Een schaap is een dier, maar dat wil niet zeggen dat elk dier een schaap is.”
ah…de rethorica truc. “Behalve voor de wolf op jacht ..in schaapskleren 🙂 “
Geen retorica, maar logica.
OK. Point taken. Want zonder logica geen retorica.
“De taak van de retorica is het uitwerken van een goed taalgebruik; dat wil zeggen een taalgebruik dat geschikt is voor het overtuigen van een publiek. Men overtuigt het publiek van een zogenaamde quaestio: een onderwerp of een geschilpunt.
Men definieert de retorica dan ook als de kunst van het spreken over iedere willekeurige quaestio om een publiek te overtuigen; of als de kunst in iedere willekeurige quaestio de aspecten te onderscheiden die overredingskracht hebben.
http://www.let.leidenuniv.nl/Dutch/Renaissance/SyllabusRetorica.html