IndonesieNU, zie de video:Slechts weinig mensen kennen Cornelis Chastelein. Hij was een belangrijk VOC-man wiens gedrag en handelen ver af stonden van het negatieve beeld van de Nederlandse kolonisator. Chastelein gaf zijn slaven de vrijheid. En dat niet alleen. Ook gaf hij hen een groot stuk land dat de oorsprong vormde van Depok, een stadje aan de rand van Jakarta. Indonesiënu bezocht enkele afstammelingen van de slaven van Chastelein, en maakt de volgende korte documentaire: ‘Vader der Slaven’.
Doopinschrijving Cornelis Chastelein, 15 augustus 1657, Zuiderkerk te Amsterdam
Het monument mag blijven staan, zegt men in de video.




















































De laaste vertaling van een boek over CC is SPOREN VAN HET VERLEDEN VAN DEPOK door J.K Kwisthout( grootmoeder Laurens uit Depok). Heb ik 200 blz in het Indonesisch vertaald.De rest van het boek bestaande uit 397 blz is referentie staat als zeinde vertaald door een team van andere mensen Alhoewel in naam ook er in staat.
Dit is de scan van Jan Somers
Elisabeth Spits: ‘In VOC-tijd zouden muitende studenten zijn gekielhaald’
http://www.volkskrant.nl/dossier-4-uur-nieuwsbreak/elisabeth-spits-in-voc-tijd-zouden-muitende-studenten-zijn-gekielhaald~a3948380/
@En er was ook wel eens een meisje loos…’@
[CITAAT]
Lange tijd was de geschiedenis van de VOC een echte mannengeschiedenis. Historici beschreven mannen in het bestuur, mannen in de koloniën en mannen op de schepen. Maar was de Compagnie werkelijk zo’n mannenbolwerk? Pas de laatste jaren komt er meer aandacht voor de rol van vrouwen in en om de VOC.
In Compagniesdochters trekt een bonte stoet VOC -vrouwen voorbij, van meisjes die vermomd als man aanmonsterden – en aan boord van de schepen nogal wat riskeerden – tot de zogenaamde zielverkoopsters, die tot taak hadden bemanningsleden te werven en daar zo hun eigen manieren voor hadden. Uit alles blijkt dat deze vrouwen zeker niet passief langs de kant stonden. Integendeel, ze namen actief deel aan het reilen en zeilen van de Compagnie.
Via de levens van al deze vrouwen wordt op een anekdotische manier de vrouwelijke kant van de zeventiende- en achttiende-eeuwse VOC in kaart gebracht. Michel Ketelaars rekent in dit boek definitief af met het klassieke beeld van de VOC als een mannenbolwerk.
[EINDE citaat]
Compagniedochters – Michel Ketelaars – ISBN 9789460036903
e.m.
Ik heb wel eens een verhaal gehoord over Amsterdamse stadsgidsen die bijhielden waar er iets aan de hand was. Leuk voor de toeristen. Als er op TV weer iets te zien is over Amsterdamse zaken zie ik ook altijd het hoofdbureau van politie waar ik ooit eens mijn zoon ophaalde. Mijn ook daar studerende dochter hield altijd bij waar hij weer eens had gekraakt. Daar moest hij altijd elektriciteit/waterleidingen herstellen. Dat waren nog eens tijden!:-)
Jan Pieterszoon Coen (1587-1629, vierde gouverneur-generaal over alle bezittingen van de VOC) wilde van Batavia een Hollandse stad maken door kolonisatie van burgers uit patria, door een volksplanting (peuplering) van Nederlandse gezinnen. De Heren XVII vond, dat de Compagnie zich tot de handel moest beperken. Maar Coen zag bij gebrek aan Europeanen de kolonisatie wat hem betreft geschieden met Chinezen (‘wat natie het saude moghen wesen, maar insonderheyt Chinesen’). Hem stond een volksplanting voor ogen, waarvan de bovenlaag gevormd zou worden door ‘goede officieren ende eenige weynige aanzienlycke Nederlandsche huysgesinnen’, terwijl de midden- en onderlaag zouden bestaan uit Chinezen, andere natien en slaven. Vanaf 1612 kreeg Coen zijn Nederlandse weesmeisjes, die al snel vervangen werden door de ‘vrije vrijsters’, de compagniesdochters, echte kolonistes, sterk en onafhankelijk, met een groot aanpassings- en doorzettingsvermogen. Zij ontvangen geen loon, maar tekenden evenals de VOC-dienaren een contract voor vijf jaar in de Oost. In afwachting van een man werden de compagniesdochters ondergebracht in de Vrouwenhof. Als zij gehuwd waren, moesten zij vijftien jaar blijven en de Compagnie gaf deze vrouwen speciale toeslagen in de vorm van kleding, extra rantsoenen en huisvesting. De Compagnie bracht ook slavinnen naar Batavia. Zij werden voorbereid op een christelijk huwelijk. In 1632 werd de uitzending van compagniesdochters beeindigd en de Vrouwenhof gesloten. Het experiment (dat tien jaar duurde) werd te duur bevonden. De toekomst van de kolonie werd in handen van de Aziatische vrouw gelegd. Batavia ontbood vanuit diverse factorijen in Azie huwbare dochters, vooral Portugees-sprekende slavinnen van de kusten van Coromandel en Malabar in Zuid-India.
(Bron: Family life onder de VOC: een handelscompagnie in huwelijks- en gezinszaken. Geschreven door Carla van Wamelen, 2014)
“Het experiment (dat tien jaar duurde) werd te duur bevonden.” In Colombo vond men het daarom ook beter als de Europeanen huwden met plaatselijke vrouwen.
Boeroeng zegt:
10 april 2015 om 15:59
Het lijkt me stug dat de VOC 110 jaar verliesgevend heeft kunnen bestaan .
===============================================
Zie :http://www.geschiedenisportaal.nl/wp/2013/08/uitgaven-en-inkomsten-van-de-voc-1620-1790/
1620-1640: 33.800.000 / 46.700.000
1640-1680: 423.000.000 / 530.000.000
1680-1730: 907.300.000 / 960.200.000
1730-1780: 1.272.900.000 / 1.234.300.000
1780-1790: 187.100.000 / 111.200.000
Als je zo ziet hebben ze boekhoudkundig gezien in 1790 een tekort hebben van 76.000.000 .
Toch hebben ze een onmetelijke bezit , de Gordel van Smaragd.
En die ging geruisloos overgenomen door Koninkrijk der Nederlanden ?.
En daarna kan Nederland lekker verder profiteren.
Batig saldo:
Klik om toegang te krijgen tot article.pdf
@Pak S.A. …Nederland lekker verder profiteren”
Andere en betere? tijden.
Kom daar vandaag maar eens om….Rutte2 die nu de gewone burger ‘ aan het uitkleden is’.
***Dankzij de Indische baten kon Nederland zich lange tijd veroorloven geen
inkomstenbelasting in te stellen.
Een dergelijke belasting werd beschouwd als een ontoelaatbare
aantasting van de privé-sfeer van de burger door de overheid.
Bovendien zat aan een belasting op het inkomen nog een
andere ongewenste zijde; het zou een uitwerking hebben op
de grootte van het census-electoraat.
Het kiesrecht was namelijk sinds het begin van de negentiende
eeuw gebaseerd op drie landelijke directe belastingen
(grondbelasting,personele belasting en patentrecht)
en elke verandering daarin zou moeilijk in te schatten
wijzigingen in de omvang van het electo~raat aanbrengen
die weer zouden kunnen leiden tot politieke
verschuivingen.***
“Toch hebben ze een onmetelijke bezit , de Gordel van Smaragd.” Ja, ze hadden daar een begin gemaakt met: wat groots verricht.
“En die ging geruisloos overgenomen door Koninkrijk der Nederlanden ?” Zo geruisloos was dat nou ook weer niet. Cadeau gekregen van de Engelsen, zie het traktaat van 13 augustus 1814.
@Pak Lemon zegt: 7 april 2015 om 13:07
Een aquarium is een … eetgelegenheid.
Een mummie is een … reisgezelschap in de woestijn.@
— Dag Pak Lemon, ik denk Pak S.A. deze anekdote nog niet kende… 😉
e.m.
Eppeson marawasin zegt:
7 april 2015 om 13:35
@Pak Lemon zegt: 7 april 2015 om 13:07
Een aquarium is een … eetgelegenheid.
Een mummie is een … reisgezelschap in de woestijn.@
— Dag Pak Lemon, ik denk Pak S.A. deze anekdote nog niet kende… 😉
===============================================
Hi, hi hi hi, loetjoe dese.
Ik kan nog andere anekdotes vertellen, pertel door si Tjalie , dacht toen hij in de HBS ? zat ( Niet de Hogere Banyuwangische school) maar de echte Ha Be Es .
Of mss ook de ELS of Mulo.
Zie de Verzamelwerken Van Vincent Mahieu.
Ken je kripoet om lahen.
Klassiek is het verhaal van een Indise meprau, wil pertelen tegen een Totok menir dat haar genteng(dak) botjor (lek) is.
Nir ,kom hier , kom hier in de dapoer is lek, in zitkamer lekker ( veel lek) en in mijn slaapkamer is lekkerste .
Totok Menir een Orang Baroe , mompelen, wat wil die vrouw nou van mij ?
Wil ze mij verleiden ?
PS : Ene Rd E.S.S .S Atmadja was ook guru bij een Gupernemen HIS , getrouwd met een ( studiegenoot/bijna collega ) zoon van een Wedana.
Zelfde als haar vader Rd Kandoeroean S.Atmadja , leraar Gupernemen HIS en haar grootvader leraar HIK (katanya) . Alsmaar niet te veel de HIK krijgen dese
Ellen Henzen schreef :
1.Indonesië had in die tijd niet zonder Nederland gekund, ook al waren ze hen liever kwijt dan rijk.
2.Veel van de kolonisten waren erg hooghartig en dachten dat ze ver boven de Indonesische bevolking stonden. Dit zorgden ervoor dat de Indonesische bevolking zich minderwaardig begon te voelen
==============================================================
Ma’af dese.
1.Dat is weer zo’n zweverig verhaal, vol met halve waarheden .
In de sfeer van “Daar werd wat groots verricht”
De bewoners van Nusantara hadden hun eigen beschaving /cultuur en onderwijs voordat de Londho (Nederlanders )daar kwamen 1596 .
Of die hoger of lager staan dan de Nederlanders (bemanning van de Compagnie van Verre ) kan men zelf de buitenlandse bronnen(Chinees, Arabisch ) en Indonesische bronnen gecombineerd met Westerse wetenschappers.
De Indonesiers hebben naast hun Moslim onderwijs ook hun eigen “Wilde Scholen”.
Ken iemand (van +/-1910)kon de gewone Mulo B niet afmaken, ging naar zo’n Wilde school de Kesatriaan in Bandung.
Daardoor kon hij naar India reizen om eerst techniek te studeren , ging toch medicijnen studeren.
Zijn jongere broer kon later naar TH Bandung, zusters werden HIS leraren .
De beroemde infrastructuur werd ook aangelegd voor Nederlandse belangen , zoals de lange dodenweg Anjer-Panarukan , de aanleg van havens (Tandjung Periuk, Emma haven etc ) , bruggen, mijnen, plantages , treinverbinding etc
Denk niet dat het aangelegd is voor den gemeenen Javaan .
2. Indonesische bevolking ??
Die 50-60-70 miljoen Inheemsen ?
Weer zo’n zweverig verhaal , vol met halve waarheden ( niet echt bohong) .
Itu vergelijken van semangka(meloen) met doerian.
Zelfs inheemsen met ELS ,Mulo, AMS, HBS werden onder gewaardeerd terwijl ze gelijk of beter kunnen zijn dan de Londho .
Dat was de reden waarom ze in opstand kwamen , en merdeka willen .
Dat is baas zijn in eigen huis.
@Pak S.A. “De Indonesiers hebben naast hun Moslim onderwijs ook hun eigen “Wilde Scholen”
Wilde scholen
Nederland bleven echter westers onderwijs voor de oorspronkelijke bevolking zien als uitzondering. De bevolking drong echter aan op uitbreiding, omdat dit de enige mogelijkheid was op in sociaal en economisch opzicht vooruit te komen. Nederland kon niet aan deze vraag voldoen. Zo wilde men voorkomen dat te veel mensen beïnvloed zouden worden door nationalistische denkbeelden. Hierdoor ontstonden in de jaren 1920 de zogenaamde ‘wilde scholen’. Scholen, die niet langer gesubsidieerd werden door de Nederlandse overheid. De kwaliteit was niet altijd even goed als op de HIS of de HCS, maar deze scholen hebben vele Nederlands sprekende leerlingen voortgebracht.
Een anecdote is nooit weg ….
***De HIS, de Hollands-Inlandse School ontstond na de realisatie van de speciale scholen voor de Javaanse elite (Eerste-Klasse school) en de de Tweede-Klasse school voor andere inheemse kinderen. De HIS werd onderdeel van het Europese onderwijssysteem en was niet voor iedereen toegankelijk.
Persoonlijke herinnering uit het dagboek van mevrouw De Raadt, onderwijzeres HIS in Makassar
“Op een keer kregen we inspectie. In mijn klas knikte de inspecteur tevreden met hoofdrekenen. Hij gaf een steekproef met liggen en leggen, kennen en kunnen. Toen sloeg hij het stijlboek open. Hemeltje! Hij wees de krengenoefeningen aan. ‘Ik zal het op het bord schrijven’, stelde ik voor. ‘We hebben niet genoeg taalboekjes’. Ik schreef de beginletter van elk moeilijk woord op, hopende dat ze het zich weer zouden herinneren. Toen ik wat later door de rijen liep, sloegen de vlammen me uit maar daarna werkte de onzin op mijn lachspieren.”
Onder het Vinantien …rijden de auto’s.
Een aquarium is een … eetgelegenheid.
In een megafoon verzamelt men… oudheden en schilderijen.
Een mummie is een … reisgezelschap in de woestijn.
Een museum is een ….toeter om het geluid te versterken.
De Minister van … Fiadut regelt de geldzaken
In een sanatorium zwemmen vissen.
Het was gelukkig een begrijpende inspecteur en hij noteerde ijverig iets in zijn boekje toe ik hem vertelde wat wij al niet gedaan hadden. Ik hoopte dat die stijloefening een andere school bespaard is gebleven.
http://www.virtueelindie.nl/index.php?pagina=virtueelindie&locatie=5
“met de Princen ende Potentaten verbintenissen te maecken, ende contracten op den naem van de Staten Generael vande Vereenichde Nederlanden, oft Hooge Overheden der selver, mitsgaders aldaer eenige Forteressen ende verseeckertheden te bouwen, Gouverneurs, Volck van Oorloge, ende Officiers van Justitie, ende tot andere nootelijcke diensten, tot conservatie vande Plaetsen, onderhoudinge van goede ordeninge, Policie ende Iustitie eensamelijck tot voorderinge ende Neeringe te stellen”
=================================================
Pak Jan , bedankt .
Hoef ik niet meer te zoeken.
Dat is ook de reden waarom ik schreef dat VOC een verlengstuk is van de Staten Generaal ,
Tegenwoordig zou je een (half) Staatsbedrijf noemen(B.U.M.N)
Toen VOC failliet werd verklaart werd de inboedel/vermogen “geruisloos” over gegaan naar de Staat/koninkrijk.Een soort sterfhuis constructie ????
Tegenwoordig zou de bewindvoerder moord en brand schreeuwen, want de aandeelhouders worden benadeeld.
Nog steeds geen (half)staatsbedrijf! Zij moesten alleen kunnen besturen in de plaatsen waar zij heersten (Kaapstad, Colombo, Batavia, Ambon). Maar dat zijn publieke zaken waar toestemming voor werd gegeven. Denk ook aan tegenwoordige functies als honorair consul, BOA e.d. Dat zijn gewone burgers die zijn toegerust met publieke functies. Je kunt zoeken bij plaatselijke raden, zoals in Ambon. Dat zijn gewoon ‘middenstanders’, zoals bakker e.d., maar met een openbare functie zoals in de plaatselijke Raad van Justitie e.d. Natuurlijk moet daar toezicht op zijn. En alles wat zij doen is met specifieke volmacht, niet vanuit hun dagelijkse werk. Bij de Portugezen was het precies andersom. De Portugese expansie was een staatsaangelegenheid waar handelaren op insprongen. Dat is pas gevaarlijk, ambtenaren/militairen die met eigen zaakjes bezig zijn.
Wel volledig lezen: “dat die vande voorsz Compagnie sullen vermogen ” Gewone burgers mogen dat niet, er werd expliciet volmacht gegeven. Een BOA blijft ook gewoon burger, vrijwillige politie/brandweer ook, een ambtenaar van de burgerlijke stand (voor huwelijken!) ook.. Zij hebben alleen voor bijzondere gevallen een volmacht gekregen, sullen vermogen.
De VOC kan worden gezien als een voorloper van de huidige naamloze vennootschap vanwege de depersonalisatie, de anonimiteit, de mogelijkheid van overdracht van aandelen en de continuïteit. Het totaal bedrag aan deelnemingen bedroeg ƒ 6.424.588; Burgers uit Amsterdam spanden de kroon met ƒ 3.674.915, burgers uit Zeeland volgden met ƒ 1.300.405. De autochtone Amsterdammers brachten circa 55% binnen van het totaal, de ‘Brabanders’ (= immigranten) zorgden voor de rest. Laatstgenoemden brachten individueel wel hogere bedragen op: Isaac le Maire ƒ 85.000, Jan van der Straete en Jaques de Velaer ieder ƒ 57.000, tegenover bekende Amsterdammers als Reinier Pauw ƒ 30.000 en Gerrit Bicker ƒ 21.000. (als vergelijkingsmaatstaf, de prijs van een groot huis: ƒ 5000,–) Er waren geen aandeelhouders onder, of namens, de leden van de Staten-Generaal. Dat zou niet eens kunnen. Ook geen bestuurders en commissarissen.
Aangezien de VOC, na winstgevende beginjaren, naderhand nauwelijks winst maakte, en na 1688 alleen maar verliezen, verkochten de kleine luiden hun aandelen aan de rijke burgers. Dezen werden daarmee overigens nauwelijks rijker, maar stegen wel in aanzien en konden daardoor ook hogere regentenposten in de steden krijgen. De welvaart onder de gewone bevolking kwam daardoor niet van de VOC, maar van de moedernegotie, de haringvisserij en de kleine handelsvaart.
” ……Aangezien de VOC, na winstgevende beginjaren, naderhand nauwelijks winst maakte, en na 1688 alleen maar verliezen,….. ”
quote Jan
Dit is onwaarschijnlijk. Misschien moet er staan 1788 of 1778 ?
Nee hoor. Zie Femme Gaastra, De geschiedenis van de VOC, Walburg Pers, p. 132, tabel 18. Hierbij de twee perioden rond dat breekpunt, afgerond op 100.000
periode uitgaven inkomsten winst verlies
1681-1688 35.700.000 38.700.000 3.000.000
1689-1700 69.000.000 58.700.000 10.300.000
Denk er ook om dat bijvoorbeeld in 1795 alleen al Holland garant stond voor 90 miljoen aan verstrekte kredieten, en Zeeland voor 30 miljoen. Zijn dat geld tenslotte ook kwijt geraakt. Ik heb het nooit geteld, maar ik denk dat de VOC in zijn totaliteit nauwelijks winst heeft gemaakt. Uitgezonderd natuurlijk de grote salarissen en bonussen van de hoge heren. Wat we nu nog aan pracht en praal (zoals de grachtengordel) terugzien is geen winst geweest, maar investeringen van die hoge heren.
Het lijkt me stug dat de VOC 110 jaar verliesgevend heeft kunnen bestaan .
Maar scan de tabel 18 en stuur het me, dan zet ik het hier weg.
Ik heb het nooit gelezen hoor over 110 jaar verliesgevend doorsukkelen.
“want de aandeelhouders worden benadeeld.” Bij een faillissement staan de aandeelhouders altijd achteraan. Daarom heet dat risicodragend kapitaal. Gewoon pech gehad of stom belegd. (Belastingdienst staat vooraan!)
bokeller zegt:
5 april 2015 om 09:56
Depok
Posted on 17 juni 2013 by Indisch4ever
Opgezweept door Republikeinse voormannen trokken na de capitulatie van Japan vanuit Bantam ongeregelde benden jonge fanatieke moslim pemoeda’s het stadje binnen en eisten dat de Depokse bevolking zich achter de beginselen van Merdeka en de Republiek zou scharen. De bevolking weigerde.
=======================================================
Dat klopt.
Zie ook topic in Java Post.
In Indonesia werd ook ergens verteld ( tegenwoordig kan je bijna alles vinden)
Er waren verschillende groepen pemuda’ s actief in Depok area.
Naast Margana ( bekend als Margonda) er is een Margonda Raya straat in Depok , heb je ook Tole Iskandar die samen met 7 ex Heiho en 13 Moslim pemuda( Pemuda Islam Depok) die de Barisan Keamanan Depok oprichten.Bekend onder de naam Kelopok(Groep)21.
Het was chaos in Depok , alles wat Nederlands is (berbau Belanda) werd als vijand gezien.
Dus komen veel buitenstaanders en kampung bewoners die misbruik maken van de situatie, bekend onder de noemer GEDORAN DEPOK.
(Vrij vertaald je deur of huis werd ge-gedor , spullen werden gejat etc).
De Tole Iskandar groep (Kelompok 21 cs) hadden de slachtoffers verzameld dichtbij de Oude Station van Depok om hun te beschremen tegen de “gepeupel”(=> agar tidak menjadi korban dendam terhadap Belanda= eigen vertaling)
Ze
T.Iskandar was betrokken met de strijd tegen de Nederlanders in o.a Kalibata en Bogor .
Overleed in 1947 als 2de luitenant ( van Bataljon 8 )in Cikasintu op 25 jarige leeftijd en werd begraven in Taman Makam Pahlawan Greded Bogor.
Tole Iskandar was de oudste zoon van Raden Samidi Darmorahardjo en( Rd) Sukati binti Raden Setjodiwiryo.
PLemon zegt:
5 april 2015 om 10:48
@vschaick “wb de rekenfout…natuurlijk terecht…onvolkomenheden vd oorspronkelijke tekst moet je laten staan als je refereert…dilemma.
=======================================================
Pak Lemon, een kleine rekenfout/onvolkomenhedn is niet erg, maken wij ook weleens (saya juga/ook) .
Maar niet als er echt zaken werden verteld die niet kloppen of dat het behoort rammelt..
Zoals:
” Daar komt bij dat de meeste Nederlanders in Indonesië bij de elite (voornamelijk bestuursfuncties) hoorden en dus niet in het onderwijs werkten (1). Gevolg is dat er nog maar een klein percentage Nederlands sprekende mensen zijn in Indonesië en dat de Indonesische taal ook maar weinig invloeden heeft van de Nederlandse taal(2) “.
=======================
1.Even kijken in de R.A Nederlands Indie en de cijfers van CBS Nederlands Indie
2.Logisch dat de Bhs Indonesia de taal van de inheemsen weinig invloed had op de Bhs Belanda omdat de Nederlanders geen Bhs Indonesia kennen of leren.(Behalve de ex Indologen , toekomstige Europese Binnenlandse Bestuur) .
Zelfs de passer Maleis werd als taboe gezien bij de Nederlanders ( inclusief de Indische Nederlanders).
Zie Djalan ke Bara t/Weg tot het Westen van Kees Groeneboer KITLV= je hebt ook internet/pdf versie) .
@Pak S.A. “1.Even kijken in de R.A Nederlands Indie en de cijfers van CBS Nederlands Indie”
Was wel benieuwd wat er zich feitelijk toen afspeelde en misschien geeft de bespreking van Notermans over de literatuur van dit onderwerp in die tijd ons wat meer inzicht.
***Uit: Het onderwijs in Nederlands-Indië in de XXste eeuw
Dat de emancipatie ook in het verre oosten begon door te dringen, blijkt uit een brief d. d. 31-10-1901, waarin sprake is van onderwijs aan inlandse meisjes. Lang tevoren (1857) hadden o. m. Ursulinen jongedames uit de hoogste stand van Javanen en anderen op internaten onderricht geschonken in al die zaken, waaraan beschaafde indonesische vrouwen behoefte hadden.
Toch was de tijd in het oog van de regering nog niet rijp voor deze gelijkstelling Eerst moest de man tot meerdere ontwikkeling gebracht worden. Anders zou er ’n wanverhouding in de gezinnen ontstaan en in ’t huwelijksleven tot allertreurigste toestanden leiden ! Zelfs ’n proefneming in ’t land van Saidjah en Adinda wordt 40 jaar na de Max Havelaar door de Gouverneur Generaal afgeketst ! De verbreiding van de nederlandse taal onder de bevolking stuit daar op moeilijkheden, zodra de inheemse mensen van onze taal gebruik moeten maken. Doordat ze zich in ’t gesprek van dezelfde zinnen en woorden bedienen als wij, krijgen ze ’t gevoel niet eerbiedig te zijn. Immers in de eigen spraak, bijvoorbeeld ’t Javaans, zijn er drie onderscheidene lagen, waaruit de sprekers kunnen putten, al naar gelang ze zich richten tot lager-, gelijk of hogerstaanden. Toch wil de regering de beoefening van het nederlands stimuleren zowel op hoofden- als op kweekscholen, alsook op leergangen voor inheemsen. Voorshands remt de overheid zoveel mogelijk af vanwege de onkosten.
Er blijven voor- en tegenstanders èn in ’t verre oosten èn in ’t moederland de centen blijken ’t zwaarst te wegen ! Wel is men van hogerhand geporteerd voor onderwijs aan de dorpsbewoner (lezen, schrijven, rekenen en iets van landbouw-, veeteelt- en ambachtsonderwijs). Maar alles in hoogst eenvoudige vorm b. v. bewerking van hout en bamboe, vlechtwerk. Uit een brief van gouvernementswege (4-6-1903) blijken kinderen van Zelf bestuurders en Hoogwaardigheidsbekleders elke vorm van onderwijs te missen. Ze brengen hun tijd in ledigheid door of maken die vol met dobbelen, hanengevechten, opiumschuiven, losbandigheid, knevelarij van de dessamensen. Derhalve
moeten ze opgevoed en gevormd worden mede door hulp en bijstand van vadertje staat. Aldus geschiedt ! Biezondere aandacht vergt ’t onderwijs aan chinezen, officieel genoemd Vreemde Oosterlingen. Aangezien op hun scholen uitsluitend chinees en engels wordt onderwezen maakt de Raad van Nederlands Indië zich ongerust over eventuele gevolgen. Derhalve moet omwille van ’n groot politiek belang ’n nederlands stempel op dat onderwijs gedrukt worden. In dit verband adviseert de Raad kontakt op te nemen met het Algemeen Nederlands Verbond (’n stichting van Hippoliet Meert !). Dr. Snouck Hurgronje toont zich pro aanspraken van de ingeburgerde Chinese bevolking,’n Gunstige wind voor de« opheffing» van de oosterse bevolking waait tijdens ’t bestuur van de Gouverneur Generaal Van Heutsz, voordien krijgsman o. m.op Atjeh. Minister Fock stimuleert eveneens, aanvankelijk in weinig verheven proza !
Talrijke Javanen e. a. vragen al jaren onderricht in de nederlandse taal (blz.87). De minister v. Koloniën (1901) werkte dit tegen. Naderhand krijgen indonesische leerlingen toegang tot europese scholen, soms tot 50 %. Gevolg : algemeen peil zakt. Betere resultaten worden verkregen door een aantal lessen in ’t nederlands aan z. g. eersteklasse scholen voor inheemsen.Ook op kweekscholen voor inlandse onderwijzers krijgt het vak nederlands meer plaats. Aan de Chinese gemeenschap laat de overheid recht wedervaren door oprichting van Hollands-Chinese scholen.
De overtuiging wint veld dat gemeentescholen ’t meest geschikt zijn voor kinderen van de simpele dessaman. In 1907-8 verrijzen deze schooltjes met honderden uit de grond. Er zouden nog duizenden nodig blijken. Uit eigen middelen moeten de dorpen een en ander bekostigen. Vadertje gouvernement neemt op zich : leermiddelenverschaffing, onderwijzersopleiding, algemeen toezicht…………..
Verscheidene ministers, inzonderheid M. Charles Welter (driemaal Koloniën in Den Haag besturend), waren zich bewust van de ontzaglijke roeping,op ons landje rustend, om ’n miljoenenrijk bij de evenaar te leiden, te vormen,welvaart te brengen. Sommige Gouverneurs-Generaal hadden allure en zagen vooruit. De direkteuren van Onderwijs en Eredienst die ik persoonlijk gekend heb, waren mannen met kennis van zaken en beleidslieden wier arbeidsprestaties te prijzen vielen.
Op de tienduizenden die op de onderste sport van de ladder stonden en Saidjah en Adinda hebben onderwezen, valt nergens ’n lichtflits. Evenmin op de onderwijzers van oosters en westers gekleurde scholen.
De categorieën op wier schouders ’t onderwijsgebouw gerust heeft, komen nergens aan bod. De officiële stukken vermelden slechts zelden ’n idealist,somtijds z. g. oproerkraaiers.
Geen enkele vermelding krijgen de vakbladen van de lerarenorganisatie,van ’t Ned. Indisch Onderwijzers Genootschap, van de Christelijke Onderwijzers vereniging, van de Katholieke onderwijzers Bond, de Indonesische en Chinese Bond, hoewel deze stuk voor stuk mede ’n stempel op ’t onderwijs hebben gedrukt. Toegegeven, dit hoorde niet tot ’t bestek, uitgezet op blz.xi. Maar ’t veel vervig doek zou er stellig nog interessanter hebben uitgezien,indien de grenzen iets ruimer waren getrokken. Wellicht staat ooit ’n kennervan-land-en-volkeren-ginds op, om in ’n machtige synthese ’t complexe samen te vatten, zodanig dat hij alles recht laat wedervaren, ’n Proeve gaf in 1938 I. J. Brugmans, ’n Aanvulling schreef S. L. van der Wal. Some informationon education in Indonesia up to 1942 (second ed. The Hague 1961).
In alle bescheidenheid moge verwezen worden naar de Katholieke Encyclo1paedie voor Opvoeding en Onderwijs (‘s-Gravenhage 1952), deel II, blz.318-327, waar wij onder ’t trefwoord Indonesië ’n gecomprimeerde serie factaen data omtrent de onderwijssectoren gegeven hebben.
De uitgeverij J. B. Wolters verdient hulde voor de verzorging van ’t kloeke boekdeel.
J. NOTERMANS
http://www.persee.fr/web/revues/home/prescript/article/rbph_0035-0818_1966_num_44_4_2659
Pak Lemon,
Naast het boekje van Kees Groeneboer heb ik een andere boek over Het Nederlandsch in Ned.Indie.
Ook kijk ik naar de ervaringen van mijn eigen ouders , hun oudere zusters/broers .
Uiteraard hun studie en generatie genoten.
Moet ik toch even glimlachen als ik lees over de ethische politiek en het verheffen van de pribumi’s op een hogere niveau.
Hier heb ik over de periode vlak na 1900.
M.b.t : 1.Naderhand krijgen indonesische leerlingen (pardon !)toegang tot europese scholen, soms tot 50 %.
2.Gevolg : algemeen peil zakt.
===================================================
1.Een soort volksverlakkerij , bohong , bohong , bohong .
2. De Fransozen zeggen : “eksaktemoa”
Ze kennen toen al de zgn “positieve discriminatie” (of zoiets ? ) .
@Pak S.A. “Bohong2″”
Heb niet de indruk dat de door Notermans besproken bibliografie over het onderwijs in Ned Indië niet serieus is te nemen, als je de auteurs van gewicht , de aanpak en bronnenmateriaal bekijkt.
***Het uitgangspunt,1900, is gekozen in verband met de Troonrede van 1901, toen koningin Wilhelmina verklaarde dat Nederland ’n zedelijke roeping had te vervullen ten aanzien van de inheemse bevolking. In het bestuursbeleid zou stelselmatig
tot uitdrukking komen de zorg voor ’t economisch, sociaal en cultureel terrein, ’t Jaar 1940 is als rondgetal genomen, daar door ’t uitbreken van de tweede wereldoorlog tal van aktiviteiten op onderwijsgebied werden lamgelegd. Na de kapitulatie van Japan, dat gedurende 3 1/2 jaar op gruwzame wijze de Archipel bezet en uitgezogen had, kon slechts sprake zijn van een langzaam herstel daar vrijwel alles op barbaarse manier kapotgeslagen was.
De wellen, waaruit dr. S. L. v. d. Wal geput heeft, worden duidelijk aangegeven namelijk : ’t archief van het voormalig ministerie van koloniën (nadien geleidelijk geassimileerd door Buitenlandse Zaken) ; de archieven van Idenburg en De Waal Malefijt (beheerd door de Dr. Abraham Kuyperstichting Den Haag) ; die van Van Heutsz, van Pleyte en Van Limburg Stirum (thans in Algemeen Rijksarchief Den Haag), alsook de « Herinneringen» van Fock (in’t bezit van Dr. J. Fock, Den Haag).
Van der Wal legt in zijn vier bladzijden inleiding zakelijk verantwoording af van zijn werkmethode. Hij rangschikt zijn voordien « niet-gepubliceerd » materiaal in chronologische volgorde. Alle opgenomen bescheiden zijn gedateerd mitsgaders van nummer en vindplaats voorzien. Successievelijk passeren tal van verhalen de revue. De geduldige lezer ziet stapels ministeriële missives, brieven van Gouverneurs-Generaal aan de regering in Den Haag,vice versa ; epistula gewisseld tussen de G. G. en de dir. van het Dep. van Ond. en Eredienst, alles volgens strenge wetten van hiërarchie en stilistiek.
In verband met dit laatste valt aan te stippen dat slechts zeldzaam de warmeklank van een menselijke stem opklinkt, ’t Sterkst resoneert deze in de letteren van Dr. P. J. A. Idenburg, tijdens wiens bewind wij op Java hebben gewerkt.
Van der Wal komt de lezer tegemoet door een reeds aantekeningen over de ontwikkeling van het Onderwijs voor 1900. Begrijpelijkerwijs leunt hij hier bij aan tegen ’t boek van Dr. Izaäk Johannes Brugmans, die in 1938 zijn degelijk werk « Geschiedenis van het Onderwijs in Nederlands-Indië » bij J. B.Wolters uitgaf.
Surya Atmadja zegt:
29 augustus 2013 om 00:24
De stamvaders van de Belanda Depok waren “pribumi”.
Uit deze voorbeeld van de Belanda Depok zie je dat de oervader of moeder van de 12 slaven familie waarschijnlijk gekerstende “heidenen”zijn ( sorry zo noemen ze dat in die tijd) .
Later kregen ze doopnamen , iets Europees/Christelijks .
(Was ook gebeurt bij de Mardijkers in Batavaia e.o , Makardhika = Sanskrit van een groep mensen die vrijgesteld waren van het belasting betalen, later werd het gebruikt om de meegenomen inheemse slaven uit de regio waar de Portugezen de baas waren.
Ze gingen naar de Molukken en Malaca en na de verovering van Malaca door VOC naar Batavia waren meegenomen )
In de loop der eeuwen zullen huwelijken zijn ontstaan met de Inlanders ( “verinlandschen”) en met de Indische Nederlanders ( “verindischen “)
Had altijd gedacht dat de orang depok mengelingen waren tussen Blanken en Inheemsen. Dus indo-europeanen. Maar zoals u van u begrijp zijn de meeste orang depok gewoon orang pribumi die hun Europese achternamen te danken hebben aan hun slavenhouders.
het liedje, Depok ik houd van jou: https://www.youtube.com/watch?v=-j6uQvaVPts
In deze tekst voor de mensen die het Maleis beheersen zeggen ze ook duidelijk:
Kami ini anak Indonesia djangan kira kami ini siapa. Biar Hollands spreken maar ik melaju tulen. vertaald wij zijn Indonesiers, denk niet van wie zijn wij eigenlijk. Ook al spreken we Nederlands maar wij zijn echte maleiers of te wel echte orang pribumi(inheemsen).
Dus geen Indo-europeanen want wij zijn geen melayu tulen(echte volbloed maleiers) maar mengbloedjes.
Depok
Posted on 17 juni 2013 by Indisch4ever
Tijdens de chaotische ‘Bersiap’ periode na de Japanse capitulatie dreigde omstreeks oktober 1945 de christelijke gemeenschap in het stadje Depok geheel uitgemoord te worden door fanatieke pemoeda’s. Johan Fabricius, Hoe ik Indië terug vond, 1947
De grote christelijke gemeenschap in het stadje Depok vond zijn oorsprong in de 18de eeuw, toen de rijk geworden Franse Hugenoot Chastelein zijn slaven vrijmaakte en na zijn dood het landgoed met omliggende landerijen aan hen naliet. Voorwaarde was o.m. handhaving van de christelijke signatuur.
Opgezweept door Republikeinse voormannen trokken na de capitulatie van Japan vanuit Bantam ongeregelde benden jonge fanatieke moslim pemoeda’s het stadje binnen en eisten dat de Depokse bevolking zich achter de beginselen van Merdeka en de Republiek zou scharen. De bevolking weigerde.
Alle mannen waren gevankelijk per trein naar de gevangenis in Buitenzorg vervoerd. Huizen werden beroofd, waarbij vele moordpartijen plaatsvonden op overwegend vrouwen en kinderen.
De gemeenschap was in paniek de bossen ingevlucht.
Met bruut geweld werden ze later door de pemoeda’s bijeen gedreven en opgesloten in het plaatselijk kerk.
Dit gerucht bereikte Batavia maar de Engelse bezettingsmacht was niet in staat iets te doen aan de nijpende situatie in Depok.
Op initiatief van enkele Nederlandse oorlogscorrespondenten werd een reddingsactie ondernomen met behulp van Gurkha’s van de Engelse bezetting in Buitenzorg. De pemoeda’s werden verjaagd en de 1200 slachtoffers van het geweld geëvacueerd naar Buitenzorg en Batavia. Depok, gelegen tussen Batavia en Buitenzorg, ontsnapte in oktober 1945 aan een ware tragedie.
siBo
Natuurlijk is VOC een soort staatsbedrijf ( Indonesiers noemen het BUMN=Badan Usaha Milik Negara).
Werd vaak gezegd dat VOC de eerste “multinational”was.
In feite heeft de Nederlandse koninkrijk (Staten Generaal) behoorlijk invloed gehad , alle kapiteins koopmans van de terug gekeerde VOC schepen moeten verslag brengen brengen.
En op basis van verleende octrooi kreeg VOC carte blanche om te opereren in de den Oosten, in het bijzonder de Molukken.
Toen VOC failliet ging door corruptie , Engelse tegenwerking , hoge kosten om de Gordel van Smaragd” te pacificeren ,en te behouden ging de onmetelijke “bedrijfsvermogen” geruisloos over gegaan naar de Nederlandse staat/koninkrijk.
“Werd vaak gezegd dat VOC de eerste “multinational”was.” Ja, dat was het ook zo ongeveer. Maar een multinational is een NV, geen staatsbedrijf.
“In feite heeft de Nederlandse koninkrijk (Staten Generaal) behoorlijk invloed gehad ” Er was geen koninkrijk, maar dat is niet zo erg. Inderdaad is de stichting van de VOC uitgegaan van Oldenbarnevelt en Prins Maurits. Het ging niet goed met de oorlog tegen Spanje (/Portugal). Met het verenigen van alle private voorcompagnieën kon de onderlinge concurrentie worden beëindigd zodat samen kon worden opgetreden tegen de handel van de Portugezen in Afrika/Azië. Hierdoor zou de economische kracht van Spanje worden gebroken. Maar de handelaren wensten daarbij geen bestuurlijke inmenging van de Staten-Generaal. Het moest een handelsonderneming worden.
“alle kapiteins koopmans van de terug gekeerde VOC schepen moeten verslag brengen brengen.” Hier klopt wel iets van, maar dat is pas aan het eind van een lang verhaal. Bij handelsvestigingen met de status van exterritorialiteit, kan het zijn dat behalve eigen bestuur en jurisdictie (zie de handelsvestiging van de Schotten in Veere) ook gezorgd moet worden voor eigen bescherming (Hugo de Groot). Europese mogendheden hadden geen mogelijkheid om ter bescherming overzee een marine en landmacht te onderhouden. Dat werd overgelaten aan die handelsonderneming. Wel bij verdrag met de plaatselijke autoriteiten waarvoor de VOC ook bevoegdheid kreeg namens de Staten-Generaal verdragen te sluiten met de plaatselijke vorsten. Maar omdat dit een statelijke bevoegdheid is moet er wel door de Staten-Generaal toezicht op worden gehouden. In het octrooi is dat geregeld dat de benoemingen/ontslagen van de leidinggevende (publieke)bestuurders, rechters, OM, politie en militairen ter goedkeuring worden gemeld bij de Staten-Generaal door de terugkerende scheepkapiteins. Net als de teksten van de gesloten volkenrechtelijke verdragen. Dit is de feitelijke staatsrechtelijke onderschikking van de publieke bestuurlijke organisatie in Afrika/Azië aan de Republiek. Ongeacht de arbeidsrechtelijke verhouding van deze dienaren aan de VOC.
“En op basis van verleende octrooi kreeg VOC carte blanche om te opereren in de den Oosten, in het bijzonder de Molukken.” Helemaal niet! Handel drijven mag je overal ter wereld, daar is geen carte blanche voor nodig. Het was een octrooi, een alleenrecht, zoals we dat nog steeds in de handel/industrie kennen Vanuit de republiek mocht niemand ander dan de VOC handel drijven “beoosten de Cape de bonne Esperance, oft door de Straet van Magellanes”, Een Nederlands octrooi, dus anderen mochten dat natuurlijk wel. Het huidige internationaal octrooirecht bestond immers nog niet. Dat de Molukken korte tijd erg belangrijk waren lag niet zo zeer aan de handelsactiviteiten, maar aan de Portugese aanwezigheid daar. Bij de vredesonderhandelingen met Spanje zou het uti possidetis gelden waardoor Portugal, en daarmee Spanje, het daar voor het zeggen zou hebben. En dat was nou net niet de bedoeling van de VOC! Het ging tenslotte om een oorlog tussen de Nederlanden en Spanje/Portugal.
Pak Jan,
de Molukken was toen de belangrijkste en de “enige”plaats van de planeet aarde waar de specerijen te vinden zijn .
VOC kreeg carte blanche om verdragen te sluiten , kolonies te vestigen , de juiste tekst kan ik opzoeken.
Ehwaar dese.
De specerijen uit de Molukken waren alleen in het begin belangrijk, men wist dit van de Potugezen, en wisten niet beter. Maar naderhand waren die specerijen maar een deel van de handel, van Afrika tot Japan/China. Zie de dissertatie van Els Jacobs.
Die tekst is makkelijk te vinden, ik heb die in mijn dissertatie uitgeplozen:
De inrichting van de vereniging wordt direct gevolgd door het octrooi in artikel XXXIIII:
“wy de voorsz Compagnie geoctroyeert ende gheaccordeert [hebben], octroyeren ende accorderen mits desen, dat niemant van wat qualiteyt ofte conditie die zy, anders dan die vande voorsz Compagnie uyt dese Vereenichde Landen sal mogen varen (…) beoosten de Cape de bonne Esperance, oft door de Straet van Magellanes, op de verbeurte vande Schepen en goederen, blijvende (…) de concessien voor desen ghegeven aen eenige Compagnie, om te varen door de voorsz Straet van Magellanes, (…).”
De strafrechtelijke handhaving komt later heel summier aan de orde in artikel XLVI. De volkenrechtelijke en bestuurlijke bevoegdheden van de VOC komen direct na het octrooi aan de orde in artikel XXXV:
“Item, dat die vande voorsz Compagnie sullen vermogen beoosten de Cape van bonne Esperance, mitsgaders in ende door de engte van Magellanes, met de Princen ende Potentaten verbintenissen te maecken, ende contracten op den naem van de Staten Generael vande Vereenichde Nederlanden, oft Hooge Overheden der selver, mitsgaders aldaer eenige Forteressen ende verseeckertheden te bouwen, Gouverneurs, Volck van Oorloge, ende Officiers van Justitie, ende tot andere nootelijcke diensten, tot conservatie vande Plaetsen, onderhoudinge van goede ordeninge, Policie ende Iustitie eensamelijck tot voorderinge ende Neeringe te stellen, behoudelick dat de voorsz Gouverneurs, Officiers, Volck van Justitie, ende Volck van Oorloge, sullen Eedt van ghetrouwicheyt doen aende Staten Generael, ofte de Hooge Overigheyt voorsz, ende aende Compagnie, soo veel de Neeringe ende Trafficque aengaet, ende die sullen de voorschreve Gouverneurs ende Officiers van Justitie af stellen, by soo verre sy bevinden, dat de selve hun qualick ende ontrouwelick dragen, met dien verstande, dat syluyden de voorsz Gouverneurs oft Officiers niet en sullen beletten, herwaerts over te komen, om hare doleantien oft klachten, so sy eenige meynen te hebben, aen ons te doen, ende dat die vande Compagnie t’elcker wederkomste van de Schepen gehouden sullen wesen de Heeren Staten Generael te informeren vande Gouverneurs ende Officieren, die sy inde voorsz Plaetsen sullen hebben gestelt, omme hunne Commissie als dan geaggreëert ende geconfirmeert te worden.”
Over zo’n vestiging met een verdrag af te sluiten:
In 1611 besloten de bewindhebbers “om by forme van een secreete instructie te besoigneeren over ’t maken van een rendevous in Oost-Indiën, daar de capitalen van de Compagnie souden mogen wesen bewaart.” Nadat het niet was gelukt van de vorst van Bantam het eiland Pandjang te kopen, kreeg Pieter Both opdracht te zoeken naar een andere geschikte plek. Met het oog op de onbetrouwbaarheid van de Bantamse bestuurders werd het in artikel 23 raadzaam geacht
“metten coninck van Jacatra in naerder communicatie ende alliantie te treden, te weeten van hem te begeeren een gelegen plaets, omme tot ons contentement een fort, dienende tot een rendevous van de gantsche Indische navigatie van onse schepen aldaer te bouwen, houden ende in alle gelegentheyt te blijven besitten”.
(…)
“omme d’selve plaets sterck ende bequaem te maecken; item, dat ghij ende d’uwe in deselve alle gebiet, macht ende auctoriteyt zout hebben sonder zijn becroon; item dat een goed deel van zijne onderzaten rondom en omtrent uw fort en plaats zoude moeten komen wonen, tot commoditeit van uw onderhoud. Dat hebbende, zoude mettertijt aldaer een bequaeme stadt ende plaets van handelinge ende traficque gebouwet en aangefoct cunnen werden, tot groot proffijt van den coninck ende verseeckeringe van onse Indische navigatie”.
“VOC-man (…) beeld van de Nederlandse kolonisator” VOC was geen kolonisator. Dat laatste kwam pas in de 19e eeuw aan de orde.
@Somers; ‘VOC was geen kolonisator’. Juist wel. Een kolonie= een volksplanting/nederzetting in den vreemde. Een handelspost van buitenlanders= Nederlandse VOC in een ander land. Nederlands Indië was geen kolonie! Een gebiedsdeel. Overzeese Gebiedsdelen. Dus een bezet gebied.! Indië een kolonie?Eufemisme ten top.
@ VOC was geen kolonisator’. Juist wel.
Vanuit hedendaags perspectief heeft het woord een negatieve klank maar in een terugblik op de geschiedenis heeft het kikkerlandje in den vreemde de basis gelegd voor een nieuwe moderne natie.
***Hoeveel heeft Nederland Indonesië op een Sociaaleconomische manier beïnvloedt in de periode 1600-1945? ***
De VOC had niet als doel om de Nederlandse cultuur over te dragen, ze hadden als doel om zo veel mogelijk en zo efficiënt mogelijk te handelen. Na het faillissement van de VOC werden de koloniën overgenomen door de Nederlandse staat. De overheid had niet alleen maar economische doelen, nu het echt bij Nederland hoorde moest de Nederlandse cultuur ook overgedragen worden en moest het land economisch ook verder ontwikkeld worden, om het zo in de toekomst ook goed te laten fungeren. Vandaar dat vooral deze periode de meeste invloeden heeft achtergelaten. Naarmate Nederland zich verder ontwikkelde voelde ze zich ook steeds meer verantwoordelijk voor het welzijn van de Indonesische bevolking. Dit was richting het einde van de kolonisatie en dit heeft de meeste invloed achter gelaten op voorzieningen zoals scholen en modernere huizen. Al met al heeft Nederland een grote economische invloed achtergelaten in Indonesië, het heeft de basis gevormd van hoe het land er nu uit ziet qua economie. Hoewel de invloeden groot zijn, had ik het voor een periode van 450 jaar groter verwacht.
Sociaal gezien is de invloed die Nederland heeft gehad zelfs minimaal. De bevolking heeft ondanks het Nederlandse gezag hun eigen cultuur weten te behouden, en dat heeft meerdere redenen. Ook op sociaal gebied heeft de VOC periode weinig invloeden achtergelaten, zelfs nog minder dan op economisch gebied. Er werden kleine groepen van de bevolking bekeerd tot het Christendom, maar het overgrote deel bleef hun eigen geloof behouden. De VOC had simpelweg niet als doel om de Nederlandse cultuur over te dragen. Toen het eenmaal Nederlands-Indië werd had Nederland simpelweg niet genoeg middelen om de cultuur over te dragen. De hoeveelheid Europeanen in Indonesië destijds viel in het niets in vergelijking met de hoeveelheid Indonesiërs, daar komt bij dat er pas tegen het einde van de koloniale periode scholen ontstonden, maar ook deze scholen waren vaak niet Nederlands. Dit stond weer in betrekking tot het lage percentage Nederlanders, met niet genoeg Nederlanders in het gebied kon er ook geen Nederlands onderwijs gegeven worden. Daar komt bij dat de meeste Nederlanders in Indonesië bij de elite (voornamelijk bestuursfuncties) hoorden en dus niet in het onderwijs werkten. Gevolg is dat er nog maar een klein percentage Nederlands sprekende mensen zijn in Indonesië en dat de Indonesische taal ook maar weinig invloeden heeft van de Nederlandse taal. Er zijn wat leenwoorden waar de duidelijk ziet dat ze op de Nederlandse woorden lijken, maar dit valt bijna niet op wanneer je echt stukken tekst met elkaar vergelijkt. In Nederland zijn bijna nog meer invloeden van Indonesië te vinden, door de komst van Molukkers, die na de onafhankelijkheidsstrijd als het ware verstoten werden door Indonesië en zo in Nederland terechtkwamen. Al met al zijn de sociale invloeden dus minimaal, er is een “klein” percentage christenen die zijn oorsprong deels vind in de Nederlandse overheersing, en daarnaast is er ook nog een klein percentage mensen die vloeiend Nederlands spreken.
http://indonesiepo.weebly.com/meningen-en-conclusie.html
***
P. Lemon schrijft: had ik het voor een periode van 450 jaar groter verwacht.
————-
Rekenfout: 1945 -1602 = 343 jaar, vooruit afgerond op 350 jaar, dat is 100 jaar minder !
1.Naarmate Nederland zich verder ontwikkelde voelde ze zich ook steeds meer verantwoordelijk voor het welzijn van de Indonesische bevolking.
2.De VOC had simpelweg niet als doel om de Nederlandse cultuur over te dragen.
3. Toen het eenmaal Nederlands-Indië werd had Nederland simpelweg niet genoeg middelen om de cultuur over te dragen.
4.In Nederland zijn bijna nog meer invloeden van Indonesië te vinden, door de komst van Molukkers,
============================================================
1.O, ja ?
Zeker door de ethische politiek ?
2.Dat waren handelaren uit Amsterdamse en hun “vijanden”de Zeeuwen, aangevuld met andere steden.
3. Toen Nederland N.O.I als wingewest in bezit had, waren ze een wereldmacht , alleen was hun aanwezigheid niet echt geaccepteerd door de oorspronkelijke bewoners van N.O.I .
4. Dacht eerst dat het late 1 April grap was .
@vschaick “wb de rekenfout…natuurlijk terecht…onvolkomenheden vd oorspronkelijke tekst moet je laten staan als je refereert…dilemma. Je kunt met een noot onderaan corrigeren natuurlijk. En net als Pak S.A. z’n vraagtekens zet bij de Moluks invloed op Nederland.
De Indischen, Molukkers en de Javaanse Surinamers hebben toch gedeelte van de Indonesische cultuur overgebracht naar Nederland. Dat zie je aan de restaurants, pasars, kumpulans, pesta’s etc. Dus er zijn wel degelijk invloeden van Indonesie in Nederland te vinden. Nu ook door de stroom van de ‘nieuwe’ Indonesiers.
@Lemon. ….’basis gelegd voor een nieuwe moderne natie.’Klopt. Echter het gaat hier om de juiste/terechte betekenis van het woord kolonie, dat zeker van toepassing is op de VOC. De periode daarna heeft deze betekenis zeker niet. Gewapenderhand(!) werd het Nederlands Indië. Dus het Indië van Nederland. Nederland onder nazi Duitsland was toch ook geen kolonie van Duitsland.
Trouwens in die tijd werd alles eufemistisch benoemd; de pacificatie (= vrede brengen!) van Atjeh,Bali etc. Opstanden neerslaan heette ‘het tuchtigen’. De tochten naar opstandig gebieden; expedities. Alsof het leerzame/wetenschappelijke reizen waren.
Tot aan; de politionele acties= politie optreden toe. Voor ‘orde en rust’ vooral.
Echter de wereld opinie keek ditmaal toe. Ditmaal niet alleen die westerse mogendheden die toen dit begrip kolonie voor hun geannexeerde gebieden met elkaar hadden afgesproken(!).
@R.L. Mertens “Gewapenderhand(!) werd het Nederlands Indië. Dus het Indië van Nederland. Nederland onder nazi Duitsland was toch ook geen kolonie van Duitsland.
U doelt op de miltaire bezetting van de eilanden. Maar het KNIL bestond toch grotendeels uit ‘inheeemse’ soldaten weliswaar geleid door nederlands kader. Maar omdat ” De hoeveelheid Europeanen in Indonesië destijds in het niets viel in vergelijking met de hoeveelheid Indonesiërs,” speelden andere belangen en krachten( inheemse adel) een rol. Die zgn militaire ‘macht’ viel ook door de mand toen Japan binnenviel daarmee aantonend dat het eilandenrijk vnl onder voogdij van Nederland opereerde als toeleverancier van natuurproducten en delfstoffen. Dus altijd een kolonie was en bleef tot de javaanse intelligentsia zich vh juk bevrijdde en de boel overnam..
@Lemon. Inderdaad. Volledig mee eens. Jammer, want OPRECHT dialoog/overleg had een betere toekomst gehad. Voor beide landen. -zie; de Kadt; Een tragedie van gemiste kansen! Met groet,RM
@Lemon. Mijn reactie moet geplaatst worden onder uw respons van 7 apil-www geschiedenis.
“Na het faillissement van de VOC werden de koloniën overgenomen door de Nederlandse staat.” Zo eenvoudig is dat nu ook weer niet! Er waren geen koloniën (die waren door Engeland veroverd in de oorlog tegen Frankrijk.), en ook geen Nederlandse staat, wel een Franse vazal!
Krachtens de vrede van Amiens in 1802 zou de Bataafsche Republiek, nu door Engeland als zodanig erkend, de door Engeland in beslag genomen overzeese bezittingen, met uitzondering van Ceylon, weer terug krijgen. Deze vrede bleek echter niet meer dan een wapenstilstand te zijn geweest. In de nieuwe oorlog die in 1803 begon werd de Bataafsche Republiek door haar nieuwe bondgenoot Frankrijk meegesleept. Als gevolg hiervan werden haar bezette bezittingen nu door Engeland geacht te zijn verworven als oorlogsbuit.
Na de nederlaag van Napoleon in Rusland werden de Fransen verjaagd en de Oranjevorst teruggeroepen. Engeland bleef streven naar een sterke staat op het continent die een aanval van Frankrijk kon weerstaan, en kon dienen als geschikt bruggenhoofd om aan Oostenrijk en de zuidelijke Nederlanden tegen Frankrijk hulp te kunnen bieden. Al op 11 april 1805 werd in Sint Petersburg een geheime conventie gesloten tussen Engeland en Rusland waarbij België en Nederland werden verenigd onder het Huis van Oranje. De vereniging van Nederland en België kwam ook ter sprake bij de eerste Parijse Vrede van 31 mei 1814 in Artikel 6: ‘La Hollande placée sous la souveraineté de la maison d’Orange recevra un accroissement de territoire. (…) La Hollande recevra les pays cedés par la France entre la mer, la frontière Française de 1790 et la Meuse.’ Op het vredescongres van Wenen werd de vereniging van Nederland en België een feit, door Engeland bedoeld als buffer annex bruggenhoofd, om nieuwe bedreigingen vanaf het continent te voorkomen. De Verenigde Nederlanden leken zeer geschikt als trouwe en dankbare bondgenoot en waren niet zo groot dat zij zelf een nieuwe bedreiging voor Engeland zouden kunnen worden. Maar voor de levensvatbaarheid van zo’n klein land werd het bezit van koloniën als het meest noodwendige bestanddeel voor haar bestaan wel nodig geacht ‘to strengthen Holland, in proportion as that important portion of Europe can be rendered secure by adequate arrangements, against the power of France’.
8.1.2 Het traktaat van 13 augustus 1814.
‘The united provinces of the Netherlands, under the favour of Divine Providence, having been restored to their Independence, and having been placed by the loyalty of the Dutch people and the achievements of the Allied Powers, under the Government of the Illustrious House of Orange, – and His Britannic Majesty being desirous of entering into such arrangements with the Prince Sovereign of the United Netherlands, concerning the colonies of the said United Netherlands, which have been conquered by His Majesty’s arms during the late war, as may conduce to the prosperity of the said State (…).
Art. I. His Britannic Majesty engages to restore to the Prince Sovereign of the United Netherlands, within the terms which shall be hereafter fixed, the colonies, factories, and establishments which were possessed by Holland at the commencement of the late war, viz., on the 1st of Januarij 1803, in the seas and on the continents of (…) with the exception of (…).’
@Lemon. Het woord bezet gebied klinkt/was natuurlijk, toen al( !), negatief.
Dus werd het juist kolonie. Alsof een (vredelievend) vreemd volk zich ergens tussen de inheemsen nestelde. Om hun cultuur over te dragen?
@Lemon. Inderdaad. Het eufemistisch ‘kolonie’ benoemen van bezette gebieden ‘viel door de mand’ toen Japan Indië binnen viel. En verkreeg het woord kolonie inmiddels nu ook een negatieve klank.
@RLMertens. Volgens u was het dus bezet gebied ( dwz veroverd land en met militaire middelen be- en overheerst) en geen kolonie Maar juist Japan toonde aan dat die ‘bezetting’ eigenlijk maar ‘schijn’ was omdat de ‘vreemde legermacht’ grotendeels uit eigen inheemse soldaten bestond en numeriek bijna niets voorstelde.
De nederlandse kolonie opereerde tot de inval ook betrekkelijk vreedzaam en welvarend als een normaal land en het KNIL trad als een soort super-politie op bij onrust en opstandjes .
Maar de tijden veranderen (oprichting VN) en internationaal werd het koloniaal systeem bij het grof vuil gezet en kon de oorspronkelijke bevolking het proberen om op eigen benen te staan. Nederland sputterde even tegen en stuurde nu feitelijk een echt bezettingsleger. Maar de vele Indonesische bevolkingsgroepen werkten nu voor het eerst echt samen (nationalisme) , lieten zich niet meer uitelkaar spelen en erfden uiteindelijk ‘hun eigen ‘ al kant en klaar ingericht bestuurlijk land. Alléén jammer dat een merendeel van een bijzondere bevolkingsgroep: mengelingen en aan Nederland inheemse loyalen, de prijs vh koloniaal systeem moesten betalen en hun moederland moesten of wilden verlaten.
@Lemon. De inheemse opstandelingen hadden geen schijn van kans tegen de Kompenie, die over (zwadere vuurkracht)wapens beschikte, die de inheemsen niet bezaten. De gebieden werden zo gepacificeerd(onder het bestuur gebracht), dus bezet. Japan kwam en vaagde daarna het Nederlandse gezag weg en bezette Indië als nieuwe machthebber. Dat die Nederlandse bezetting maar schijn was zal de Inlander/nationalist mi. niet snel beamen; zie Digoel etc. Dat het ‘betrekkelijk vreedzaam’ was; zie de diverse opstanden; oa opgetekend in het Gedenkboek van Nederlandsch Indië ter gelegenheid van Kon.Wilhelmina’s 25 jarige regerings jubileum.(indertijd om aan te tonen hoe het gezag aldaar gevestigd werd!) Vooral ook aangetekend door Indonesische auteurs/historici oa.Mochtar Lubis; Land onder de Regenboog. Een land onder gezag van een vreemde machthebber, een kolonie?
@RL Mertens “Dat die Nederlandse bezetting maar schijn was zal de Inlander/nationalist mi. niet snel beamen;”
Misschien dat u in deze historische samenvatting de bredere context kunt oppakken dat een (klein) handelsland zichzelf wijsmaakte dat ze een landoppervlakte zo groot als Europa en een miljoenenbevolking kon bezitten/bezetten.
***Uit: Van Nederlands-Indië tot Indonesië ***
door Ellen Henzen
Nederland heeft zichzelf uit Indonesië laten verdrijven als gevolg van het door hun gevoerde beleid.
Indonesië werd in het begin beschouwd als een kolonie die de Nederlandse schatkist moest vullen, maar op ten duur probeerde Nederland toch ook voor de Indonesische bevolking goede dingen tot stand te brengen. Verbeteren van infrastructuur, door aanleg van verharde wegen en spoorlijnen. Ook het onderwijs is tijdens het Nederlandse gezag enorm verbeterd. Indonesië had in die tijd niet zonder Nederland gekund, ook al waren ze hen liever kwijt dan rijk.
Het Nederlandse bestuur had misschien edele, nobele doelen, maar de mensen die de doelen moesten verwezenlijken waren meer uit op hun eigen belang. Veel van de kolonisten waren erg hooghartig en dachten dat ze ver boven de Indonesische bevolking stonden. Dit zorgden ervoor dat de Indonesische bevolking zich minderwaardig begon te voelen en dat de ontevredenheid langzaam begon te groeien.
Door het onderdrukken van het nationalisme en het verbieden van die partijen werd de enige manier om hun mening te uiten over de politiek en het beleid. Hierdoor kwamen stegen spanningen tot een climax, die zich onder andere uitten in gewelddadige opstanden.
Nederland heeft veel goeds gedaan voor Indonesië, wat in eerste instantie noodzakelijk was om hun eigen belangen te verwerkelijken. Toch heeft op sommige momenten het eigen belang te veel centraal gestaan en wilden ze te veel hun eigen zin doordrijven, desnoods met geweld. Ook al had Nederland een ander beleid gevoerd dan hadden zij hoogstwaarschijnlijk hun kolonie verloren, want kolonies behoren niet meer tot deze tijd. Modern imperialisme is “uit de mode”.
Eigenlijk was Indonesië voor Nederland op het laatst een kwestie van eer. Ze haalde al lang geen winst meer uit de voormalige kolonie. Het behouden Nieuw-Guinea, het enige gebied wat ze nog “bezette”, was alleen een erezaak. Bij het verliezen van de macht in deze kolonie hebben ze veel gezichtsverlies geleden en aanzien verloren.
Na 350 jaar bezetting van Nederland werd Nederlands-Indië eindelijk “het Indonesië”, waar al jaren lang voor gestreden was.
http://www.geschiedenis.nl/index.php?bericht_id=184&go=home.showBericht
VOC= Verenigde Oplichters Club
VOC= Varende Opium Compagnie
En wat is dan uw mening over de accijnzen in Nederland? Weet u wel hoeveel belastinggeld er binnenkomt uit alcohol, en tabak? In dit kleine landje vermoed ik meer dan de Opiumregie in zo’n groot land als Indië! Gelukkig maar, dat scheelt Inkomstenbelasting. In Indië hadden de Europeanen en Inlanders hier ook geen last van. Het was een rem op de kwalijke invoerpraktijken van de Vreemde Oosterlingen. De Gouvernements-Marine had twee opiumjagers in dienst, de Arend en de Valk.
Hij had 2 kinderen bij twee Inlandse vrouwen .
Ene Maria Chastelein werd geecht bij een notaris , de andere dochter heet Catharina van Batavia.
(Selama di Depok, Chastelein juga mengawini dua wanita pribumi. Dari salah seorang istrinya lahirlah Maria Chastelein, yang diakuinya dihadapan notaris. Anaknya yang lain diberi nama Catharina van Batavia.)
http://www.soedira.com/cornelis.htm
The Blue Diamonds en de zangeres/presentatrice EliZe zijn nazaten van depok-families (Loen)
De Eerste Protestantse Ommelanden Kerk gesticht door Cornelis Chastelein onder de rook van Batavia. Een prachtig stuk Positieve Historie.