De Japanse keizer Akihito en zijn vrouw Michiko hebben gesproken met Nederlandse oorlogsslachtoffers. Dat gebeurde op een receptie na afloop van het staatsbezoek van koning Willem-Alexander en koningin Máxima aan Japan.De oorlogsslachtoffers woonden in de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië, het huidige Indonesië, dat door Japan was bezet. Volgens Japanse media waren ze voor de receptie uitgenodigd. NOS Nieuws.
Telegraaf: De deelnemers aan het uitwisselingsprogramma, dat sinds 1996 werkt aan verwerking van het oorlogsleed en verzoening tussen Japanners en Nederlanders, waren speciaal uitgenodigd voor de gelegenheid. Onderdeel van het uitwisselingsprogramma zijn reizen naar Japan voor oorlogsslachtoffers.





















































For my deceased parents the main issue was back pay they booth worked for the government of the Dutch East Indies when the war started but never received a cent of back pay.
Effe een zij sprongetje en wel over het ruikertje bloemen,
dat prominent op het tafeltje staat.
En daarbij heb ik het vermoeden dat het Keizerlijk symbool
daar op tafel staat te pronken
Ik ben gaan neuzen en kwam hierop
siBo
“De Keizerlijke chrysant”
. De bloem die direct te maken heeft met de vermeende goddelijke
oorsprong van de Keizer. De chrysant symboliseert namelijk de zon en diens stralen.
Vandaag de dag beschouwen Japanners de chrysant trouwens nog steeds als teken van “lang leven en geluk”.
Henk Anthonijsz maakte een verwerkingsreis aangeboden door de Japanse Ministerie van Buitenlandse Zaken in het kader van het ‘Peace, Friendship and Exchange Program’. Zijn verslag is gepubliceerd op Java Post onder de veelzeggende titel “Eindelijk Rust” : http://javapost.nl/2013/07/03/eindelijk-rust/
citaat:……….14 Nederlanders die tijdens hun jeugd in Nederlandse Indië in Japanse interneringskampen hebben gezeten.
Dus degenen, die buiten de kampen hebben gezeten, ook wel Buitenkampers genoemd, waren DUS geen slachtoffers. Het is elke keer weer raak dat uitsluitend het slachtofferschap veelal en exclusief aan blanken in de kampen wordt toegedicht . Dat blijkt wel uit het uitnodigingsbeleid. Hoe lang moet ik die sprookjes geloven. Waarom zijn de Buitenkampers en troostmeisjes niet uitgenodigd in Japan ? Paste dat niet in het PR-beleid van het staatsbezoek?
Wanneer houdt die historische manipulatie, die verdraaiing van feiten eens op , ik dacht dat de documentaire over Buitenkampers meer informatie , dus inzicht zou geven aan Nederlanders over de Indische Nederlanders in oorlogstijd, maar dat blijkt dus ijdele hoop te zijn, mythes veranderen niet zo snel. Ik weet wel dat ook blanken in het kamp geleden hebben , geleden heeft mijn moeder en haar familie ook, maar zij klaagt noch schrijft een boek. Misschien is zij, als voorbeeldig aangepaste daarom niet uitgenodigd.
Zouden die Japanners dat geloven dat alleen de kolonialen geleden hebben , nee toch, dus ze gaan toch niet alleen aan die kolonialen excuses aanbieden. Daarbij staat en valt een blank Nederlands slachtofferschap met een Indisch slachtofferschap om geloofwaardig over te komen, een slachtoffer zonder kleur.
Waarom wordt niet de geschiedenis vanuit koloniaal maar eindelijk vanuit Indisch oogpunt bekeken waarbij de Indische Nederlanders, dus ook Nederlanders een deel van die Geschiedenis vormen. Ik persoonlijk wil geen aandacht vragen maar ik wil wel dat alle Indischen in de Japanse bezettingstijd als slachtoffers erkend worden Wat ik mis is dat van koloniale zijde een duidelijke gebaar van solidariteit getoond wordt aan de Indische Nederlanders aangaande de Japanse bezetting en de periode daarna . Hier is sprake van omgekeerde discriminatie, was het gevleugelde woord van de tekenaar van het boek “De Terugkeer”, maar hij als post-koloniaal weet niet beter.
Niet weten is geen excuus om koloniale geschiedenis te schrijven
Peter van den Broek zegt 31 oktober 2014 om 23:32 uur onder meer: “Ik wil wel dat alle Indischen in de Japanse bezettingstijd als slachtoffers erkend worden”.
Tja …. ik weet niet of alle Indischen uw goede wil op prijs zullen appreciëren. Over mij hoeft u zich in ieder geval niet te ontfermen. Ik voel mij geen slachtoffer en ik denk ook niet dat ik die status mag claimen, alhoewel ik lijfelijk op Java aanwezig was gedurende de hele bezettingstijd 1942 – 1945.
Pak Pierre
@Pak Pierre, Zo denk ik er ook over. Ik was ook lijfelijk op Java 1942-1945. Wij hebben makkelijk praten, we waren geen troostmeisjes.
Meneer De la Croix, fijn dat u zich geen slachtoffer voelt. Maar dat doet niets af aan wat de troostmeisjes hebben gevoeld en ervaren toentertijd, en de stille trauma,s die zij sedertdien meedragen.
Maar ja, zoals ik al eerder schreef (en bevestigd door meneer Vermaes): mannen kunnen daar gemakkelijk over praten, zij waren geen slachtoffer, tenzij zij door een homofiele Japanse militair flink in hun ko… zijn genaaid!.
Dus mannen, ik zou zeggen: “(be)oordeel niet over deze vrouwen. Ik spreek ook uit familie ervaring: zeer traumatisch!
Iemand schreef onder dit topic: “Ik persoonlijk wil geen aandacht vragen maar ik wil wel dat alle Indischen in de Japanse bezettingstijd als slachtoffers erkend worden”.
Ik reageerde daarop met mijn opmerking dat ik mij geen slachtoffer voelde (en dus ook niet als zodanig “erkend” hoefde te worden). “ALLE INDISCHEN”, behalve een (satoe) dus.
Wat heeft die reactie met het lot van de troostmeisjes te maken? Niets maar dan ook niets, tidak apa-apa. Waarom u die erbij haalt in uw reactie op mijn schrijven begrijp ik dus niet, mevrouw of heer Indorein.
De suggestie die ik een beetje in uw reactie proef, als zou ik deze vrouwen veroordelen of belachelijk maken werp ik ver van mij, want het is niet zo.
Pak Pierre
Sorry meneer De la Croix, ik heb u verkeerd begrepen. Excuses.
Okee, misschien heb ik mij warrig uitgedrukt. Kèn ook. Er is nu in ieder geval duidelijkheid.
Pak Pierre
“ook wel Buitenkampers genoemd, waren DUS geen slachtoffers.” Dat was in Nederland tijdens de oorlog toch ook zo? Nederlanders die waren opgepakt zijn ambtshalve slachtoffer, ‘vrije’ Nederlanders moeten hun eventueel slachtofferschap aantonen. Weer een heel formele reactie van mij, maar zo liggen de kaarten nou eenmaal. Niet voor niets gaat het bij JES om ERESCHULDEN. Nee heb je, ja kun je krijgen (misschien). En een rasindeling gaat hier al helemaal niet op. Indo’s in Japanse kampen zijn formeel ook slachtoffer, Totoks als buitenkamper niet. Mijn (Indo)broer en zus dus wel slachtoffer, ik dus niet. Over de Kenpeitai zal ik maar zwijgen.
Ach…. als jonge moeders met nog jonge kinderen waaronder een baby de bezetting alleen moest zien te overleven wanneer haar man is gesneuveld of in het krijgsgevangenkamp zit, zonder enig inkomen of banktegoeden, vind ik dat ze toch wel tot de oorlogsslachtoffers gerekend mogen worden. Geldt trouwens ook voor de (Inlandse) oma’s en tantes die gezamenlijk elkaar ondersteunden om toch nog de hongerige kindermaagjes te kunnen vullen.
En uiteraard voor de troostmeisjes en vrouwen.
Daarom vind ik dat een herdenkingssteen bij het Indisch monument op zijn plaats is en roep ik een ieder op hierover waar mogelijk op de sociale media ruchtbaarheid te geven.
Huib
Ik zit niet op sociale media Pak Huib, maar ik ondersteun je oproep van harte. Hamvraag is echter of die zal leiden tot het gewenste resultaat. Met het voorbeeld van andere “Indische zaken” voor ogen denk ik dat “we” (geen pluralis majestatis) handtekeningen kunnen verzamelen en/of petities kunnen schrijven till doomsday.
Iemand moet het voortouw nemen en beginnen te oeroesen: Richting geven aan alle goede voornemens en die met een uitgelezen groepje omzetten tot daden.
Ik vind niet dat ik de man ben om aan het hele proces leiding te geven. Koerang competenties, zo gezegd. Mijn talenten – if any – liggen op ander, meer ondersteunend terrein. Die wil ik graag voor de zaak inzetten, indien daartoe geroepen en indien ik mij achter het plan van aanpak kan scharen.
Pak Pierre
Niet met mijn vrouw, indirect oorlogsslachtoffer als dochter van een moeder onder het Japanse juk in t kamp veel heeft geleden, hetgeen een zwaar stempel op de opvoeding van mijn vrouw en haar broers en zusters drukte.
Verleden en aktualiteit van het bezoek in Trouw :
o.a. :
Jan van Wagtendonk, voorzitter van de stichting Japanse Ereschulden, twijfelt echter aan de oprechtheid van al die excuses. “Het is heel makkelijk om sorry te zeggen als de kassa stijf dicht blijft”, zegt hij daags voor het vertrek van de koning naar Japan. Van Wagtendonk geeft toe dat Japan juridisch sterk staat. Er ligt het vredesverdrag van San Francisco uit 1951 waarin een schuldregeling is getroffen. Vijf jaar later kwamen de partijen in het Yoshida-Stikker Protocol een vergoeding overeen van 10 miljoen dollar. “Een fooi. Dat komt neer op 10 cent per persoon. Dat is niet serieus te nemen.”
“Japan acht de kwestie formeel en juridisch afgehandeld.” Hij wijst erop dat in 2001 77 Nederlandse vrouwen die tijdens de oorlog als troostmeisje zijn gebruikt een schadevergoeding en een persoonlijke brief met excuses hebben gekregen. “Dat was Japans geld. Wij hebben dus al meer gedaan gekregen dan Zuid-Korea.”
Toen het besluit was genomen om naar Japan te gaan, kreeg de stichting Japanse Ereschulden dat als eerste te horen van zijn voorganger Frans Timmermans. “Het lijkt inderdaad veel op een kiezel die in je schoen zit”, zegt Koenders. “We voelen hem altijd en toch lopen we door.”
http://www.trouw.nl/tr/nl/4496/Buitenland/article/detail/3779788/2014/10/31/Japan-is-er-klaar-mee-Nederland-nog-niet.dhtml
“Het is heel makkelijk om sorry te zeggen als de kassa stijf dicht blijft”
Het ligt denk ik een stuk ingewikkelder. Thomas Berger heeft nog niet zo lang terug een boek geschreven over de manier waarop Duitsland, Oostenrijk en Japan zijn omgegaan met hun oorlogsverleden en hoe en waarom al dan niet spijt is betoond. Het is een boek dat ik de leden van de Stichting Japanse Ereschulden ten zeerste aanbeveel. Het laat zien dat het voor een land – zeker niet alleen Japan, en zeker niet in de eerste plaats om financiële redenen – moeilijk is om sorry te zeggen. Misschien dat vanuit die hoek dan discutabele stereotypen van het Japanse volk en samenleving kunnen worden vermeden. Het boek: http://www.cambridge.org/us/academic/subjects/politics-international-relations/comparative-politics/war-guilt-and-world-politics-after-world-war-ii
In een interview werd Berger gevraagd of Japan (is) as unrepentant about its past as its neighbors claim. Berger antwoordde dat dit inderdaad zo is, maar hij maakt meteen een belangrijke kanttekening:
“But Japan has been far more repentant than is often credited. Prime ministers have repeatedly offered apologies for their country’s misdeeds. Japan has sponsored joint historical research with both South Korea and China. Most Japanese school textbooks deal with issues like the Nanjing massacre and the colonial oppression of Koreans in a fairly open manner. Opinion polls suggests that most Japanese feel their country did things in Asia for which the country should apologize.”
Op de vraag waarom het dan zo moeilijk is voor Japan om sorry te zeggen, antwoordt Berger:
“Apologizing is a costly business for leaders of any country, and requires the investment of a great deal of political capital. Apologies tend to be given when there is a belief that those apologies will be accepted, at least in part, and that dialogue between the two sides will be advanced. So unless there are strong reasons to do so, most leaders avoid it. (…) The problem is, in China and Korea there has been very little readiness to accept Japan’s efforts to promote reconciliation, and as a result, those efforts have tended to founder.”
Zijn Stichting JES en anderen in de Indische gemeenschap bereid om het gesprek tussen de Japanse keizer en Nederlandse oorlogsslachtoffers op zijn waarde te schatten? Het is zeker geen loos gebaar.
Het interview was met TIME en is hier te lezen: http://nation.time.com/2012/12/11/why-japan-is-still-not-sorry-enough/