Marion, anak Tjalie

Marion Bloem geeft antwoord op vragen van hoogleraar Pamela Pattynama over de mogelijke invloed van Tjalie Robinson op haar werk en over haar relatie tot Tjalie als schrijver en mens. Ook vraagt Pattynama hoe Bloem staat tegenover nostalgie en wat de motivatie bij het schrijven is bij de keuze van haar thema’s. Marion Bloem beantwoordde deze vragen terwijl ze bezig was met het schrijven van haar roman ‘Een meisje van honderd’ in mei 2011. Het gehele interview duurt ongeveer 17 min.
***
**
*

Dit bericht werd geplaatst in diversen. Bookmark de permalink .

21 Responses to Marion, anak Tjalie

  1. eppeson marawasin schreef:

    Prof. dr. Wim Willems, Hoogleraar Sociale Geschiedenis, een lezing met de titel Een land met gesloten deuren. De titel van de voordracht is ontleend aan de gelijknamige bundel verhalen en opstellen van Tjalie Robinson.

    Klik om toegang te krijgen tot Een-land-met-gesloten-deuren-2.pdf

    e.m.

  2. P.Lemon schreef:

    Rob Nieuwenhuys (1908-1999) vatte in 1972 in zijn ” Oost-Indische spiegel. Wat Nederlandse schrijvers en dichters over Indonesië hebben geschreven, vanaf de eerste jaren der compagnie tot op heden ” samen hoe vnl totok auteurs tegen de koloniale maatschappij aankeken. Anders dan bv Birney die
    in De dubieuzen (2012) enkele opzienbarende boeken van vergeten schrijvers onder de aandacht bracht. Het multiculturele leven in het voormalige Nederlands-Indië wordt daarin heel anders beschreven dan in boeken van beroemde schrijvers als Couperus en Multatuli.
    Bloem geboren en opgroeiend in ‘negri blanda’ kan fysiek niet teruggrijpen op het verre moederland en verwoordt haar verteldrang t vrij simpel:

    “Als migrantenkind van een Nederlands-Indische familie leefde ik in een vertelcultuur. Die verhalen waren als sprookjes voor mij. Veel begrippen en legenden zoals een Waringin boom kende ik niet en kwamen tot leven in mijn fantasie. Zelf hield ik ook van het vertellen van verhalen, die ik natuurlijk moest verzinnen. Ik oefende ze altijd op mijn moeder. Als die het gas van de kookplaat uitzette om naar mijn verhaal te luisteren dan wist ik dat het goed zat.
    Toen ik op jonge leeftijd Max Havelaar las vond ik dat een prachtig boek, maar hetgene dat er totaal in ontbrak waren de Indo’s, de mengbloedjes ofwel de Indische-Nederlanders. Ik besloot toen dat die een plek in de Nederlandse literatuur verdienden en dat het mijn taak was om hun prachtige verhalen en persoonlijke geschiedenissen op te schrijven.” http://garuda-blog.nl/2012/08/interview-marion-bloem/

  3. eppeson marawasin schreef:

    Als ‘buitenstaander’ is mij ook de overeenkomst opgevallen m.b.t het begrip ‘ergernissen’. Bloem verwijst naar haar kennismaking met de Max Havelaar -na al die verhalen van haar ouders, die niet veel lazen maar via de Tong Tong wel het gedachtegoed van Tjalie kenden- waarin het haar was opgevallen dat er geen Indische mensen in voorkwamen. Sowieso vind Bloem dat Indische mensen zeldzaam in de literatuur voorkomen en als dat al wel het geval is dan worden ze ‘stereotiep’ neergezet. Bloem geeft aan dat dat bij haar tot verzet leidde en dat via de verhalen van haar ouders indirect of onbewust Tjalie een inspiratiebron is geweest.

    Bloem’s uitgangspunt was ook niet ‘ik ga Indische verhalen schrijven, maar ‘ik wil schrijven, alleen maar schrijven’. En ze wilde schrijven wat ze tot nu toe nog niet gelezen had. Daarna kwam eigenlijk pas de missie ‘het onzichtbare zichtbaar te willen maken’. In het begin van de tweespraak beschrijft Bloem dat als volgt, door ‘het verhaal’ van haar ouders kon ze als het ware in ‘die foto’ kruipen uit het album en werd ook het onzichtbare zichtbaar. Haar fascinatie voor die verhalen van haar ouders en ooms en de link naar Tjalie’s verhalen in de Tong Tong hebben haar werk beïnvloed zegt Bloem.

    Bij Bloem dus ook ‘de ergernis’ dat in haar optiek ‘Indische’ op een bepaalde plek worden neergezet en niet serieus genomen, alleen de excessen worden opgepakt. Bloem geeft dan ook aan dat ze met haar boeken en verhalen in elk geval probeert recht te doen aan dat wat er óók is en genegeerd wordt. En daaronder valt ook wat nog niet verteld is van wat ‘onze’ ouders hebben meegemaakt. Om dát ook een plek te geven binnen de geschiedenis en de literatuur. Ergo, een belangrijk deel van de geschiedenis in de literatuur niet te verzwijgen.

    Bloem’s uitgangspunt daarbij is dan wel om het verhaal op meta-niveau te tillen, het verhaal universeel te maken: de veranderende mens; een veranderende bevolkingsgroep in beweging, de veranderende wereld. Was dit ook niet het uitgangspunt voor Tjalie om de naam Tong Tong te wijzigen in Moesson? De veranderende kijk op omstandigheden van de veranderende ‘Indische’!

    Hoewel Bloem aangeeft dat ze ondanks haar streven naar het universele in haar boeken en de ‘couleur locale’ van haar verhalen, ze toch een soort van rechtvaardiging voelt naar Indische mensen die zich in de geschiedenis nooit gehoord voelen en dat ze moet oppassen zich daardoor niet te laten leiden. Maar het gevoel is er wel.

    Bloem geeft ook duidelijk het verschil in startpunt tussen haar en Tjalie. Zij is een kind van deze tijd en omdat zij wezenlijk anders dan Tjalie met een schonere lei kon beginnen –want hier geboren en tweede generatie- staat zij ook anders in de wereld. Geen frustratie, geen teleurstelling. Wel de drang te willen bewijzen dat haar ouders de juiste keuze hebben gemaakt.

    e.m.

    • Loekie Lemper schreef:

      “Was dit ook niet het uitgangspunt voor Tjalie om de naam Tong Tong te wijzigen in Moesson? De veranderende kijk op omstandigheden van de veranderende ‘Indische’!”
      Antwoord : nee, dat was geen uitgangspunt. De naamsverandering vond jaren na Tjalie’s overlijden plaats om organisatorische redenen.
      De rest van uw betoog laat ik maar zitten.

      • eppeson marawasin schreef:

        Dan zal ik diens toelichting hebben bedoeld in de eerste of tweede aflevering van de Tong Tong waarom de naamswijziging van De Brug naar Tong Tong. Als er in de archieven van I4E daarover nog een topic ligt opgeslagen zal ik proberen die op te zoeken.

        Uw overige sterke argumenten kan ik helaas niet weerleggen.

        e.m.

      • van den Broek schreef:

        Ik stel de bijdrage van Lumper op prijs als onze bovenschoolmeester die met opgeheven wijsvinger ons op de fouten wijst, een typisch Nederlands trekje. Deze functie zou hem sieren ware het niet dat hij zelf een beschamende en gezichtsverlieslijdende blunder maakt, de pot verwijt de ketel zo gezegd.. Ik weet niet waar hij zijn schrijven vandaan haalt, dat gebrek is bij menigeen aanwezig, maar ik heb van Robinsons biograaf begrepen (blz 524) dat na een conflict met de leiding van de Pasar Malam over het patent van de naam Tong Tong het blad verder als Moesson door het leven zou gaan. Dat is toch wat anders dan het praatje “om organisatorische redenen”. Lilian Ducelle zou zeggen: Hij snapt nul (uit “Doe maar gewoon dan doe je al Indisch genoeg” blz 138)

        Ik vind het tekend voor het benepen niveau van Lumper dat hij de reactie afsluit met. “De rest van het betoog, dat is dus wel 99,9 %, laat ik maar zitten” . Lumper heeft het dus over 0,1%, dus we zijn wel lekker substantieel bezig. Op deze manier maakt Lumper zich toch geestelijk ongeloofwaardig.?

        Ik vind dat dHr Eppeson Marawasin hierdoor ernstig tekort wordt gedaan, sterker nog de woorden van Lumper zijn een belediging voor zijn intellect en dat van de anderen. Het betoog van de Heer Eppeson Marawasin is evenwichtig , goed onderbouwd en maakt mij toch even sprakeloos van bewondering, verder haalt hij mij de woorden uit mijn mond .

        QED

        . .

      • eppeson marawasin schreef:

        @eppeson marawasin, op 15 november 2012 om 22:27 zei:
        Dan zal ik diens toelichting hebben bedoeld in de eerste of tweede aflevering van de Tong Tong waarom de naamswijziging van De Brug naar Tong Tong. Als er in de archieven van I4E daarover nog een topic ligt opgeslagen zal ik proberen die op te zoeken.@

        Hierbij, zoals toegezegd, alsnog dus.

        e.m.

  4. Surya Atmadja schreef:

    M.a.w groot verschil tussen een ervaringsdeskundige en iemand die volgens zeggen ( katanya , boeken , foto’s) iets vertellen of schrijven .

    Als si Tjalie vertel over hoe warm het was om van Mester Cornelis ( Meester C) te lopen , via Kramat , Senen , en verder richting Gunung Sahari straat .
    Hoeveel uren het duurde, en eventjes een duikje nemen in de kali(rivier) , of de verhalen over de geteks( ayo apa itu) , varen met gedebong pisang(itu dia) , of even bolossen-wegglippen als pa en moe aan het middagdoetje doen , kattekwaad uithalen .
    Toen had Batavia, ik bedoelde Djakarta nog “lege” onbebouwde plekken (periferie richting de kampung) waar je urenlang kattekwaad kunnen doen of gewoon ngelentjer (slenteren)
    Zelfs bij de periferie van Menteng en Laan Trivelli ( kamp Tjideng) .
    Je hebt nog sawahs , kuburan Tjina ( Chinese begraafplaatsen met grote mausoleums) , zie je nog geiten, karbouwen etc.
    Nu zie moderne wijken , zoals wolkenkrabbers ( Four Season hotel en vele anderen , Nederlandse ambassade etc ).
    In de tijd van si Tjali (zelfs mijn “tijd”) was het nog een kampung .

    Als ik nu terug gaat naar mijn kampung Betawi ( bijna jaarlijks) zie ik bijna niks meer .
    Ik raakt verdwaald in de nieuwe wijken van Jakarta.

  5. van den Broek schreef:

    Een antwoord mijnerzijds op de reactie lijkt op zijn plaats:

    Mijn uitgangspunt is: Mevr.Bloem geeft aan dat de band van haar met Tjalie Robinson ligt bij de mate van ERGENIS over hoe Indische Nederlanders op een bepaalde manier op een bepaalde plaats worden gezet. Ze worden te weinig serieus genomen.

    Ik zit verlegen met de reacties want ze geven allemaal een ontwijkend antwoord op bovenstaand uitgangspunt. Het lijkt of eenieder met zijn eigen gedachten op de vlucht gaat.

    @dhr Somers, Robinson gebruikt hier de figuurlijke en niet Uw letterlijke betekenis van het woord. Hij kan moeilijk zeggen: “ik heb een aselecte steekproef gehouden over een representatieve en homogene gedeelte van de Amsterdamse bevolking.Het resultaat is een bijna volmaakte dichotomie, de standaardafwijking ligt in de veiligheidsmarge van 5%. Dat begrijpt toch geen enen christenhond . Daarom familie doorsnee ……..
    Op wat U waagt te betwijfelen zou ik toch maar de documentaire “2602” bekijken, het boek “de Terugkeer” of dat persbericht van Museon op naslaan. Of wat dacht U van dat antwoord bij een TV-Quiz dat de INDONESIERS de grootste immigratiegroep na de WO2 zijn. Dat is dus de beeldvorming of zijn er andere representative niet-persoonlijke bijdrage

    @dhr Surya Atmadja. Als U geen link ziet wat schrijft Robinson dan in zijn aangehaald boeken (ik heb ongemerkt veel boeken van hem) en waar gaat zijn biograaf in de fout

    @Loekie Lumper. Als U geen verschil ziet tussen een bloemkool en een mening dan zou ik maar eens broccoli proberen.
    Ook hier mag ik in het duister tasten wat Lumper precies gelezen heeft ,hij geeft dat niet precies aan, maar wel een paar toch grappig bedoelde opmerkingen. Als Lumper het toestaat neem ik de moeite om wat te citeren.
    En ik citeer uit een brief van Robinson aan ene Wim (biografie blz 316) , over tientallen jaren leest men mijn Piekerans nuchterder……..Ergens in al deze jubeltonen en JAMMERKLACHTEN ligt meer waarheid verborgen dan in welk droog journalistiek bericht”
    En zijn biograaf (Prof Wim Willems) vraagt zich af “Wat ging er mis, waar kwam die sterke behoefte vandaan om zo ongeremd GAL (letterlijke betekenis) te spuwen? Volgens de straatslijper zelf had het te maken met de shock toestand …..”.ik doe dit voor de duidelijkheid en volledigheid, dan kan de lezer ook mijn bronnen controleren.

    @Lucky Laki
    Ik heb het over Robinson en Mevr. Bloem in Nederland .
    Apropos Robinson gebruikt in Een Land met Gesloten deuren ook plichtsmatig Indonesische woorden (de vertaling is gedaan door Ami Emanuel dus dat zit gelukkig wel goed).

    De ergenis is en blijft. Is dat een band die ons verbindt? Ik heb tenminste veel boeken van en over Robinson en van Mevrouw Bloem dus er is toch wel een band. We zijn zoals Robinson zegt toch allen tropische Nederlanders. Dat Indische en Indo gaan mij steeds meer tegestaan omdat teveel neo-kolonialen deze termen zich toeeigenen.

    Ik moet maar lezen waarom Robinson naar de VS emigreerde, dat was toch een grote stap maar ook een bevrijding, lijkt mij . Hij is teruggekeerd en ik hoop dat ik dat nooit hoef te doen, die ergenis je weet wel.

    • Jan A.Somers schreef:

      @ heer van den Broek: In het dagelijks leven heb ik te maken met de mensen om mij heen die voor mij een soort doorsnee vormen. Slechts één keer een docent op de TH-Delft (jaren 50) die ik hoorde praten over die lui uit Indië die bij de TH alle baantjes inpikten. Dus niet ik als Indo, maar als een soort Pool/Roemeen avant la lettre. 2602, Terugkeer, TV-quizzen e.d. zijn niet goed doordacht, moet alleen goed bekken. Je hebt dan te kiezen tussen held, of zielig. Meestal zielig. En bij het Museon weten ze niet beter, net zomin als in de NRC. Het is jammer dat die als smaakmakend worden beschouwd. Als ik vertel dat ik in 1946 in Nederland goed ben ontvangen en geweldig verder ben geholpen, word ik als afvallig beschouwd, nog net niet uitgestoten. Door mensen uit Indië!! Niet door de ‘doorsnee’ Nederlander. Ik ben held noch zielig. Ik laat me dan ook niet in een hoekje douwen door welke commentator dan ook.
      PS. Mijn Rotterdamse promotor was druk bezig met het Nederlandse recht in Zuid-Afrika. Na de kennismaking met mij is hij overgestapt op Indonesië.

    • Loekie Lemper schreef:

      “Ik heb tenminste veel boeken van en over Robinson”…
      Ben benieuwd hoeveel dat er dan wel zijn. Ik heb ze ook ‘allemaal’ en het zijn er bepaald niet veel.

      • The Lucky Laki schreef:

        Bestaat er een andere band tussen Loekie lemper en van den Broek behalve de onderlinge ergernis?

  6. eppeson marawasin schreef:

    Geachte heer Van den Broek, ik wil niet reageren op uw mening. Maar ik wil wel gezegd hebben dat uw stijl en woordkeus mij als muziek in de oren klinkt. Chapeau!

    e.m.

  7. van den Broek schreef:

    @Loekie Lemper geeft aan dat de link tussen Mevr. Bloem en Robinson er niet is maar verklaart niet waar de verschillen tussen die twee dan wel liggen, hij dient dat voor de goede orde wel te doen anders blijft zijn bewering (sic) in de lucht hangen.

    Bloem geeft aan dat de band van haar met Tjalie Robinson ligt bij de mate van ERGENIS over hoe Indische Nederlanders op een bepaalde manier op een bepaalde plaats worden gezet. Ze worden te weinig serieus genomen.

    Bij Mevr. Bloem is die ergenis duidelijk te lezen in haar onovertroffen boek “geen gewoon Indisch meisje”(1983) .alwaar de titel al zegt dat ze niet door de niet-tropische Nederlanders in een hokje van een gewoon en stereotype Indisch meisje wil worden gestopt. 

    Loekie Lemper kan wat over de ergenis van Robinson lezen in de zeer lezenswaardige biografie van Prof. Willem Willems maar ook in het boek Land van Gesloten Deuren (heb ik net uitgelezen) en ik citeer (blz 154)
    “Dat de doorsnee Nederlander en Indonesier nog steeds de Indo zien als een vervelende marge, die maar weggewist of geassimileerd moet worden”. Deze uitspraak is na de commotie over een lezing van Bussemaker en het persbericht van Museon nog steeds actueel.

    Ergenis van Robinson is bij uitstek te vinden in de voor mij best-seller “Piekerans van een Stratenslijper “

    Ik denk dat Mevr. Bloem nostalgie iets anders interpreteert als het simpelweg opschrijven van gedachten etc…..Zij interpreteert nostalgie meer als een smachtend verlangen naar een
    geromantiseerd land, verlangen naar terugkeren naar een Indie.

    • Jan A.Somers schreef:

      citaat: “Dat de doorsnee Nederlander en Indonesier nog steeds de Indo zien als een vervelende marge, die maar weggewist of geassimileerd moet worden”. Ik weet niet wie die doorsnee Nederlander en Indonesiër zijn, ik ben die nog niet tegengekomen. Ik waag het ook te betwijfelen of die doorsnee luitjes dat zo zien. Ik denk dat ze me niet eens zien passeren op straat. En als ik ongelijk zou hebben, dat via opiniepeilingen ik als rare vent wordt gezien, met een afwijkende tint en platte neus? Nou en! Ik heb toch mijn normale plaats in de samenleving? Zelfs gescreend door de BVD, dus geen communist. En mijn Zeeuws meisje schijnt ook tevreden te zijn met mij. Dat is toch fijn? Misschien dat ik wat ouder begin te worden, duur voor het pensioenfonds. Bij ieder kroonjaar wel een fruitmand van de gemeente.

    • Surya Atmadja schreef:

      van den Broek, op 14 november 2012 om 12:56 zei:

      Zij (Mevr.B)interpreteert nostalgie meer als een smachtend verlangen naar een
      geromantiseerd land, verlangen naar terugkeren naar een Indie.
      ——————————————————————————————-
      Dat is dezelfde wat Tjalie over zijn Nederlands Indie dachte.
      Verder zie ik geen link , een andere tijd, situatie .
      Tjalie heeft goede herinerringen van Nederlands Indie , dus is het begrijpelijk dat hij zelfs de nieuwe Indonesia positief bekeek in vergelijking met zijn tijdsgenoten.
      Zie zijn reactie/verhaal wat hij meemaakte toen hij omstreeks 1966 terug ging naar zijn Betawi.

    • Loekie Lemper schreef:

      Ik ben dol op zuurkool, mijn buurman ook. Betekent dat dan dat wij een band hebben? Dat wij nu onze levens kunnen en moeten vergelijken? Complete onzin.
      En de Piekerans. Die heb ik duizendmaal gelezen. Ik weet niet wat de geachte Van den Broek daarin heeft gelezen, maar als hij zegt dat hij daarin ergernissen vanT jalie vindt, dan heeft hij een andere editie gelezen dan ik!

      • The Lucky Laki schreef:

        Waar Tjalie duikt in zijn herinnering aan Indie. het land waar hij geboren en getogen is, duikt Marion Bloem in haar zwart-wit foto’s van een land dat zij nooit heeft gekend. Waar Tjalie in de kampong de taal van indie heeft gesproken, blijft Marion Bloem steken in het plichtmatig weergeven van indonesische woordjes in haar boeken. Ik zie ook geen link tussen Tjalie en Marion Bloem .

  8. Loekie Lemper schreef:

    Erg geforceerd om een schrijfster, in dit geval Marion Bloem, een link te laten leggen tussen haar en Tjalie Robinson. Behalve dat die link er gewoon niet is, elke auteur is autonoom.
    En wat betreft dat afzweren van nostalgie door Marion: is niet elke auteur bezig nostalgie te conserveren door zijn of haar gedachten, gevoelens, indrukken, waarnemingen enz. vast te leggen in een boek??

  9. van den Broek schreef:

    Een aangrijpend interview en ik wil daar concreet op ingaan.

    1) De band van Marion Bloem met Tjalie Robinson ligt bij de mate van ergenis (en dat is zwak uitgedrukt) hoe Indische Nederlanders op een bepaalde manier (door de dominante klasse) op een bepaalde plaats worden gezet. Ze worden te weinig serieus genomen (en Marion Bloem gebruikt deze zelfde woorden ook op een andere plaats in het interview. Gezien bvb het persbericht van Museon worden Indischen genegeerd. Ik herken me wel in de woorden van Bloem.

    2) ze wil niet alleen schrijven over Indischen maar op , meta-niveau praten over universele dingen van de mens. en dat vind ik typisch Indisch, het onzichtbare zichtbaar maken.

    3) en het mooiste vind ik wel dat zoals Bloem het verwoordt dat wij, tweede generatie de opdracht hebben te bewijzen dat onze ouders de juiste keus hebben gemaakt dwz repatriatie naar Nederland. Ikzelf zie het meer dat we de eerste Indische generatie zijn die zonder de ballast van de kolonialen een eigen weg, een eigen toekomst kunnen kiezen. Maar dit laatste sluit hetgeen Bloem zegt, niet uit.

  10. Shelly Lapré schreef:

    Zoals Marion verteld..prachtig, puur, duidelijk en recht uit haar hart ..over de Indische cultuur ….het onzichtbare zichtbaar maken…het verschil tussen haar en Tjali en begrip nostalgie van Indische bijeenkomsten en kumpulans…precies dat is het…zoals zij zegt

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *