Compagniesdochters

compagniesdochtersCompagniesdochters     
Vrouwen en de VOC (1602-1795)
De geschiedenis van de VOC was niet alleen maar een mannenaangelegenheid. Vrouwen hebben als echtelieden, moeders, ronselaars, zielverkoopsters en avonturiersters wel degelijk een rol gespeeld in de Compagnie .

Dit bericht werd geplaatst in Boeken. Bookmark de permalink .

14 Responses to Compagniesdochters

  1. eppeson marawasin schreef:

    Met agterlatinghe van …

    [CITAAT] ‘Voor veel zeemansvrouwen moet het vertrek van de echtgenoot naar Azië zwaar geweest zijn. De mannen waren vaak jaren van huis en hun echtgenotes moesten zich lange tijd alleen zien te redden. Vaak droegen zij daarbij ook de zorg van een gezin. Het grootste deel van de gage van de man kwam pas na zijn terugkeer bij het gezin terecht en gedurende de afwezigheid van hun echtgenoot moesten veel vrouwen van een klein budget rond zien te komen. Daarbij kwam nog de onzekerheid waarin velen – soms zelfs voor altijd – achterbleven. De gebrekkige communicatie zorgde ervoor dat veel vrouwen niet eens wisten of hun man überhaupt nog in leven was.’ /………./

    1.3 De (ge)trouw(d)e vrouw
    Ongetwijfeld zijn er vrouwen geweest die in de lange periode van afwezigheid de huwelijkse trouw moeilijk vol konden houden. Vaak hadden ze jaren niets meer van hun echtgenoot vernomen en naarmate de tijd vorderde werd de twijfel over zijn eventuele terugkeer steeds groter. In de Enkhuizense kerkenraadsnotulen uit de eerste helft van de achttiende eeuw zijn verschillende voorbeelden te vinden van vrouwen die onder censuur gesteld werden omdat zij zwanger geraakt waren als gevolg van een buitenechtelijke relatie. Wanneer je onder censuur gesteld was, werd je de toegang tot het avondmaal ontzegd én – voor veel zeemansvrouwen belangrijker – kwam je niet meer in aanmerking voor armenzorg op de maandcedul. Dat dit voor veel vrouwen grote problemen kon opleveren mag duidelijk zijn. /………../ [EINDE citaat]

    ‘Bij Uijtlandigheijt Van Haar Man’ [Echtgenotes Van Voc-Zeelieden, Aangemonsterd Voor De Kamer Enkhuizen (1700-1750)] – Danielle van den Heuvel – ISBN 9 789052 601564 – Aksant Amsterdam 2005 -Bolpuntcomprijs €5,00

    Wellicht aardig boekwerkje (115 blz) voor Boxing Day …

    Selamat Pohon Terang

    e.m.

  2. Boeroeng schreef:

    http://voc-kenniscentrum.nl/themas.html#Vrouwen

    Het falen van de bevolkingspolitiek van Coen gaf mede aanleiding tot kritiek op de aanpak. Er werden zowel sociale als economische en ‘biologische’ bezwaren tegen het zenden van blanke vrouwen geuit. Zo zouden Europese vrouwen er bij hun echtgenoot steeds op aandringen te repatriëren. Daarnaast kostte hun overkomst de VOC geld. Verder werden blanke vrouwen ongeschikt geacht voor een leven in de tropische hitte. In dit verband werd niet zelden gewezen op het geringe aantal kinderen dat zij baarden.

    Tegelijkertijd werd het pleidooi voor huwelijken met Aziatische en Euraziatische vrouwen steeds sterker. Bij huwelijken met vrouwen ter plekke zou de Compagnie geen kosten hebben. Tevens zouden kinderen van gemengde afkomst beter tegen het klimaat bestand zijn en zouden de vrouwen eerder geneigd zijn in de Oost te blijven. Na 1630 drong het ook tot de Heren XVII door dat een dergelijk beleid beter was. De Portugezen hadden in hun overzeese bezittingen wat dat betreft al het voorbeeld gegeven. Compagniesdochters werden dus niet meer uitgezonden.

    Aziatische en Indo-Europese vrouwen

    De overkomst van blanke vrouwen bleef dus beperkt tot de echtgenotes en dochters van de hogere rangen van het personeel, waarvoor de Heren XVII dispensatie hadden verleend. Huwelijken met Aziatische vrouwen werden nu positiever beoordeeld. Het doel was om in de nederzettingen van de VOC een loyale burgerbevolking te creëren. Onder de kolonisten waren aanvankelijk vooral de Portugees sprekende slavinnen, afkomstig uit Coromandel en Malabar, geliefd. Een huwelijk met deze slavinnen kon echter niet zomaar gesloten worden. De relaties tussen Europese mannen en Aziatische vrouwen werden gaandeweg nader gereguleerd en in 1642 opgenomen in de Statuten van Batavia. Later werden deze nog aanmerkelijk uitgebreid.

    • Surya Atmadja schreef:

      In Oud Batavia (2dln-1921 naar aanleiding van 300 jarige bestaan van Batavia) staan veel passages/info over de mixtiese samenleving .
      De Mardijkers uit Malakka ( Coromandel-de kust van India) en de hard werkende Balinese slavinnen zijn echt populair .
      Ook alle wetten/regelingen etc.

    • Jan A. Somers schreef:

      Het beleid van de VOC op Ceylon was ook gericht op plaatselijke huwelijken. Ik ben het een beetje vergeten, maar ik dacht dat dit mede was om de VOC-werknemers plaatselijk te binden. Bij dit soort zaken moet je rekening houden met beleid dat van plaats tot plaats kon verschillen. Het handelsgebied van de VOC besloeg de halve wereld met enorme etnische verschillen. Kaap de Goede Hoop is anders dan Voor-Indië, de Indische archipel, Japan of China.

  3. Boeroeng schreef:

    quote:
    De vrouwen die vermomd als man bij de VOC dienst namen hadden verschillende redenen voor hun ongebruikelijke stap. Sommige vrouwen zagen hun geliefde op een VOC-schip vertrekken en wilden niet een jaar (vaak ook langer) zonder hem achterblijven. Een reis als passagier was voor deze vrouwen echter onbetaalbaar: vermomd als matroos meereizen was dan een goedkope uitkomst.
    Daarnaast waren er de verlokkingen van een beter bestaan in de vestigingen overzee. Het verhaal ging dat vrouwen in Indië een veel beter leven zouden hebben dan in het overvolle kustgebied van Nederland. Bovendien was er in de VOC-posten overzee een grote keus aan kandidaatechtgenoten.
    einde quote
    http://www.gendergeschiedenis.nl/nl/weken/2002/week12.html

    1
    Daar was laatst een meisje loos
    Die wou gaan varen, die wou gaan varen,
    Daar was laatst een meisje loos
    Die wou gaan varen voor zeematroos.

    2
    Zij nam dienst voor zeven jaar
    Omdat zij vreesde, omdat zij vreesde,
    Zij nam dienst voor zeven jaar
    Omdat zij vreesde voor geen gevaar.

    3
    Zij nam mee haar kist aan boord
    Gelijk ook een jongen, gelijk ook een jongen,
    Zij nam mee haar kist aan boord
    Gelijk ook een jonge matroos behoort.

    4
    Zij moest klimmen in de mast,
    Maken de zeilen, maken de zeilen,
    Zij moest klimmen in de mast,
    Maken de zeilen met touwtjes vast.

    5
    Maar bij storm en tegenweer
    Sloegen de zeilen, sloegen de zeilen,
    Maar bij storm en tegenweer
    Sloegen de zeilen van boven neer.

    6
    Zij moest komen in de kajuit
    Voor een pak ransel, voor een pak ransel,
    Zij moest komen in de kajuit
    Trekken de bovenkleren uit.

    7
    Zij sprak: Kapteintje, sla mij niet,
    Ik ben een meisje, ik ben een meisje.
    Zij sprak: Kapteintje, sla mij niet,
    Ik ben een meisje, zoals gij ziet.

    8
    Eer het schip nog was aan wal
    Had ze een jonge, had ze een jonge,
    Eer het schip nog was aan wal
    Had ze een jonge matroosje al.

    9
    Zij sprak: Moeder wees niet boos,
    Ik was gaan varen, ik was gaan varen,
    Zij sprak: Moeder wees niet boos,
    Ik was gaan varen als zeematroos.

    10
    Van een die mij oprecht bemint
    Heb ik dit leven, heb ik dit leven,
    Van een die mij oprecht bemint
    Heb ik dit allerliefste kind.

    11
    Maar eer het weder Pinkster is
    Word ik zijn vrouwtje, word ik zijn vrouwtje,
    Eer het weder Pinkster is
    Word ik zijn vrouwtje, ja, gewis.

  4. Huib schreef:

    Ende despereert niet.

  5. Jan A. Somers schreef:

    Direct na de verovering van Jakatra begonnen Coens verzoeken om geld, schepen, ambachtslieden en gereedschappen, en ook om fatsoenlijke jonge vrouwen “soo U.E. geen eerlijcke getroude lieden becomen connen.” Op 26 februari 1621 werd besloten weesmeisjes te sturen die door de Compagnie “eerlyck ende wel onderhouden sullen werden”. Maar op 7 oktober 1623 schreef Carpentier dat Hollandse vrouwen niet konden aarden en ook veel te verdorven waren. Maar ook waren er bedenkingen bij het sturen van mannen gezien het verzoek van Coen “Godtvruchtige, eerwaerdige, cloecke, verstandige predicanten herwarts te senden ende geen hooveerdige, ongeschicte, onwetende idioten (…) om gelt te verdienen ende dan datelijck weder te keeren, maer om den Heere te dienen ende d’ Indianen tot het Christen gelove te bekeeren.” Al op 15 januari 1620 werd “D’exercitie van den Godtsdienst in de Malleysche tale” geregeld.

    • Pierre de la Croix schreef:

      “Vrouwen naar Jacatra” – Ary den Hertog.

      Pak Pierre

      • Surya Atmadja schreef:

        Vrouwen naar Jacatra.

        Een oogenblik ,sinjeur Voets , er is nog meer.
        Luister Onze Gouverneur-Generaal is ook niet tevreden over de vrouwen , die wij hebben gezonden.

        En weer leest de president een booze passage voor uit een der brieven.
        Onder de vrouwspersonen, die hier zijn aangekomen bevinden zich weer eenige dochters , die zich aan boord met zekere personen verloofd en misgedragen hebben .
        De misdadigsters zijn daarvoor gestraft, gelijk ook de opperkoopman en de schipper wegens het slechte toezicht

  6. sylvia Groot schreef:

    Wat zijn zielverkoopsters?

    • Boeroeng schreef:

      zielverkoopsters

      Naam van de logementhoudsters die onder de mannen die zij onderdak bood schepelingen ronselden voor de Verenigde Oost-Indische Compagnie . Daarbij is ‘ziel’ de verbastering van ceel (cedul), de schuldbekentenis die de zeeman ten behoeve van de logementhoudster ondertekende voor de genoten kost en inwoning en soms ook voor het kistje met scheepsuitrusting. Zij kon die na verloop van tijd bij de VOC verzilveren uit het loon dat de schepeling inmiddels tegoed had. Zij verkocht deze ceel echter gewoonlijk voor een veel lagere prijs aan derden door, en maakte dan nog steeds winst doordat de schepeling voor een te hoog bedrag had getekend. Er waren ook zielverkopers.

      http://www.cultureelwoordenboek.nl/index.php?lem=1950

Laat een reactie achter op Boeroeng Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *