Het Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis (NiNsee) en Historisch Nieuwsblad presenteren de Dag van het slavernijverleden op zaterdag 6 september
Wat was het aandeel van de Nederlanders in de Atlantische slavenhandel?
Waarom schafte Nederland de slavernij pas af in 1863?
Hebben de nazaten van de slachtoffers recht op herstelbetalingen?
Staat Nederland werkelijk vol met slavernijmonumenten, zoals een politicus meent?
Lees meer in deze pdf-file
Allereerst is dit West-Indisch nieuws en het programma van die dag is afgestemd op slavernij in West-Indie. Maar ook in Oost-Indie was er slavernij. In 1811 door de engelsman Thomas Stamford Raffles was al de handel in slaven beperkt maar de gehele slavernij verbieden was pas 1 januari 1860 te Indië verboden .
quote VOC-website
Gedurende de hele VOC-tijd bleef de slavernij bestaan, ondanks dat men er bedenkingen over had. Pas in 1811 toen Java onder Brits gezag stond werd een begin gemaakt met de afschaffing van de slavernij in Oost-Indi. Er kwam belasting op het houden van slaven en nieuwe slaven mochten niet meer ingevoerd worden. Toen de Nederlanders het gezag weer terug hadden werd dit voortgezet. Directe afschaffing durfde men niet aan omdat zo’n onteigenings-maatregel een schadeloosstelling betekende. Pas op 1 januari 1860 werden alle slaven vrij; de eigenaars werden desgewenst schadeloosgesteld. Overigens waren er in heel Nederlands-Indi nog maar ongeveer 4739 geregistreerde slaven die volgens deze regeling vrij kwamen. Desalniettemin was de slavernij toen nog lang niet uit Nederlands-Indi verdwenen; waar inlandse vorsten zelfbestuur hadden bleef slavernij voortbestaan en werd de slavernij pas echt rond 1900 afgeschaft.




















































